Nieuwe CubaTips met: voetbalsalsafeest, Santiago de Cuba in beeld, 293 kruisbeelden in Trinidad, foto’s, concert Ferrer, vliegen naar Havana en ander actueel en cultureel nieuws

Mis niets!

Salsa en voetbal zullen de meeste Cubanen niet gemakkelijk combineren. Maar in Utrecht wordt op 9 juni bij de aanvang van het EK-voetbal 2012 een poging tot een voetbaldansfeest gewaagd.

In juni treedt de Cubaanse zanger Pedro Luis Ferrer in Nederland op; geen salsa maar liedjes met teksten uit het dagelijks leven van de Cubanen. Ferrer is populair in Cuba hoewel het regime hem liever doodzwijgt.

Dit en nog veel meer andere zaken vindt u deze keer in onze CubaTips van vandaag, de dag, dat Raoul Castro 81 jaar oud wordt.

Inhoud:
De volledige inhuodsopgave van dit nummer:
      1. Vooraf
      2. EK-voetbal kijken en salsa dansen!
      3. Santiago de Cuba in beeld
      4. Concert Pedro Luis Ferrer
      5. Familie in Trinidad (Cuba) verzamelt 293 kruisbeelden
      6. Thomas Cook vliegt Brussel – Havana
      7. Amersfoort: foto’s Tijdloos Cuba
      8. Bergwandelen met kinderen in de Sierra Maestra
      9. Culturele Cuba-Agenda
     10. Laatste nieuws uit Cuba 

Mis niets!
Mis niets over Cuba en abonneer u (gratis) op de wekelijkse CubaTips in uw mailbox. Klik hier

Vicepresident en minister klagen over opbrengsten suikerrietoogst

De dissidente econoom en voormalige politiek-gevangene Oscar Chepe herinnert in een recente publicatie aan een uitspraak van president Raúl Castro tijdens de Conferentie van de Cubaanse Communistische Partij. Hij zei toen ‘voort te gaan zonder haast, maar ook zonder pauzes’.  Volgens Chepe is het huidige probleem dat de pauzetoets van het toetsenbord is vastgelopen. De tegenvallende economische resultaten in de eerste drie maanden van dit jaar waarover (beperkt) informatie werd verschaft door de autoriteiten, zijn nog vergroot door de tegenvallende resultaten van de suikerrietoogst, die eind mei door de autoriteiten werden bekend gemaakt. Chepe verwacht in het tweede deel van het jaar geen verbeteringen omdat dit deel van het jaar traditioneel al minder productie oplevert, met o.a de complicatie van natuurrampen als orkanen en regenstormen.

De opbrengst van de suikerrietoogst is 16% hoger dan vorig jaar maar, zoals gewoonlijk, lager dan de verwachtingen van de regering. Regeringsleden spreken van ‘matige’ en ‘onvoldoende’ resultaten. Gerekend wordt op 1,4 miljoen ton ruwe suiker, vorig jaar was dit 1,2 miljoen ton. Cuba consumeert jaarlijks 600.000 tot 700.000 ton suiker. Daarnaast is Cuba contractueel verplicht jaarlijks 400.000 ton suiker aan China te leveren. In een bijeenkomst met leiders uit de suikersector lieten vicepresident José Ramón Machado Ventura en minister Marino Murillo kritiek horen. ‘Wij hadden meer suiker kunnen produceren maar deden het niet, wij verloren terwijl we meer hadden kunnen behalen’ (…) ‘Het moet veranderen, werkelijk veranderen en de zaken moeten anders gebeuren als ze tot nu toe plaatsvonden en wij kunnen niet meer in verhaaltjes en beloften geloven,’ zei de nummer 2 van de regering, Machado Ventura, aldus de staatstelevisie. Ook minister Marino Murillo, belast met de uitvoering van de aanpassingsplannen van de regering van Raúl Castro, bekritiseerde het tekortschieten en de traagheid bij de suikerrietcentrales ondanks uitgevoerde investeringen. Op 18 mei publiceerde de partijkrant Granma nog een commentaar waarin de leiding van het Agro-industriële Suikerbedrijf Grupo Empresarial de la Agroindustria Azucarera (AZCUBA) ‘een sprong voorwaarts’ aankondigde omdat de omstandigheden ‘ideaal’ zouden zijn geweest.

Herstructurering
De suikeroogst 2011-2012 vond plaats op een moment van herstructurering van de sector waarbij het Ministerie van Suikerzaken werd opgeheven en vervangen door de staatsonderneming AZCUBA. Die verandering zou moeten leiden tot meer doelmatigheid, nieuwe technologieën en meer export waardoor de investeringen zich zouden hebben terugbetaald. Men rekende op een verhoging van de productie met 20% na de bescheiden verbetering in 2011 en de schokkende achteruitgang in 2010 toen de suikerproductie sinds 105 jaar nog nooit zo laag was geweest.

Bron
* Cubaencuentro, Diario de Cuba

Noot
*
  In een Spaanstalig artikel ‘Sterft de Cubaanse suikerriet uit? ‘gaat Dimes Castellano op de website Diario de Cuba dieper in op de crisis in de Cubaanse suikersector. Hij geeft ook cijfers over de afgelopen 117 jaar. In 1985 bedroeg de suikerrietoogst 1,4 miljoen ton; in 1919 steeg dit cijfer tot 4 miljoen; in 1925 was het 5,3 miljoen ton en in 1952 werd 7,2 miljoen ton geoogst. Na een enorme krachtsinspanning steeg dit cijfer in 1970 tot 8,5 miljoen ton om in 1999 weer terug te vallen tot 3,8 miljoen ton. In 2001 werd divisiegeneraal

Minister Ulises Rosales del Toro

Ulises Rosales del Toro tot Minister van Suikerzaken benoemd en hij voorspelde een snelle verbetering die in hetzelfde jaar al moest leiden tot 5 miljoen ton. Hij kondigde het project Reestructuración de la Industria Azucarera / Herstructurering van de Suikerindustrie aan dat tot een groter rendement moest leiden en waarbij  elke 100 ton suikerriet 11 ton suiker moest opbrengen. Het tweede project werd Álvaro Reynoso genoemd en was bedoeld om het rendement per hectare te verhogen tot 54 ton (het gemiddelde wereldwijd is 63 ton volgens de FAO). De resultaten spreken voor zich; in 2000 – 2001 werd 3,5 miljoen ton suikerriet geoogst, in 2001- 2002 2,2 miljoen ton, in 2002 – 2003 2,1  miljoen toen, in 2003 – 2004 2,52 miljoen ton, in 2004 – 2005 1,3 miljoen ton en het cijfer van 2005 – 2006 is niet voorhanden. Pas in 2008 – 2009 was er weer sprake van een lichte stijging tot 1,4 miljoen ton suikerriet.

Fernando Flores ‘Bloedbad’ Ibarra in Chili overleden

De voormalig openbare aanklager in Cuba, Fernando Flores Ibarra, is op 24 mei jl. op 82-jarige leeftijd in Chili overleden. Hij gaf in de eerste jaren van de Cubaanse revolutie opdracht tot een honderdtal fusillades en droeg daarom de bijnaam Charco de Sangre of Bloedbad. Hij woonde al 15 jaar in Santiago de Chile, samen met zijn tweede vrouw, een Chileense arts. Er zijn sterke aanwijzingen dat hij zakelijke relaties onderhield met Max Marambio, die hij in een interview met het Chileense tijdschrijft La Tercera ook verdedigde.

Tussen 1959 en 1963 was Flores openbaar aanklager van de zogeheten Revolutionaire Tribunalen, later werd hij benoemd tot ambassadeur in Polen, Joegoslavië, Ecuador, Frankrijk en Zweden. De bijnaam Bloedbad kreeg hij in 1961 na de inval in de Varkensbaai door Cubaanse ballingen. Tijdens korte processen werden tientallen huurlingen ter dood veroordeeld. In deze periode veranderde hij van een verlegen man in een persoon, die beschuldigden beledigde en ook hun familieleden bedreigde met de gang naar de beklaagdenbank, aldus een rapport van de Inter-Amerikaanse Commissie van de Mensenrechten uit 1963. Op 3 mei 2001 publiceerde de Chileense krant La Tercera een zeldzaam interview met Flores Ibarra als reactie op het boek Nuestros años verde olivo van de Chileense schrijver Roberto Ampuero, die met zijn dochter Margaritha trouwde. Ampuero tekent hem in zijn boek als ambassadeur Cienfuegos, die op het punt staat hem het hoofd af te hakken omdat hij zijn dochter benadert.

Fusillade in de eerste jaren van de revolutie

Honderdtal executies
In het interview beschuldigt Flores Ibarra  Ampuero te eenzijdig te zijn in zijn boek, maar hij lijkt niet geschokt te zijn door het gebruik van zijn bijnaam Bloedbad en hij geeft toe dat het mogelijk is geweest dat hij een honderdtal mensen ter dood heeft veroordeeld. ‘Ik heb ze niet geteld, maar ik heb er nooit spijt van gehad. Deze doden hebben nooit mijn slaap verstoord, ik heb er nooit een minuut korter door geslapen, zelfs geen siësta. Weet u waarom? De kindersterfte in mijn land is slechts 7 per 1.000 inwoners. Dat betekent dat we met de revolutie het leven hebben gered van honderdduizenden kinderen. Wij hebben ook mensen gefusilleerd, maar daar heb ik nooit over opgeschept,’ zegt hij vervolgens tegen de Chileens journalist. In 1971 maakte Flores deel uit van de delegatie uit Cuba die naar Santiago de Chili ging om het bezoek van Fidel Castro in november van dat jaar tijdens de regering van Salvador Allende,  voor te bereiden. Als ambassadeur in Joegoslavië (1972-1980) droeg hij sterk bij aan de toenadering tussen Fidel Castro en president Josef Broz Tito op de Zesde Top van Niet Gebonden Landen in 1979. Flores gaf in het interview ook toe dat zijn land links-extremistische groepen in Chili trainde en financierde tijdens de voormalige militaire regering van Pinochet. Hij noemde o.a. het Patriottische Front Manuel Rodriguez, een extreem-linkse groep die verantwoordelijk was voor een aantal high-profile moorden in Chili in de jaren 1970 en 1980, waaronder een aanslag op het leven van de militaire dictator generaal Augusto Pinochet.

Beschuldigd van spionage
In de jaren tachtig was hij korte tijd ambassadeur in Ecuador, ondermeer omdat de regering in Quito hem verdacht van betrokkenheid bij spionage en de financiering van guerrillagroeperingen in Zuid-Amerika. Flores Ibarra ontkende dit hoewel zijn nauwe banden met het Cubaanse geheime dienst bekend waren. In 1994 trok hij zich terug uit de buitenlandse dienst. De oud- openbare aanklager gaf in het interview met Tercera toe dat hij de mening van dictator Augusto Pinochet deelde dat het ontbreken van fundamentele vrijheden wordt gerechtvaardigd door het argument dat ‘wij in oorlog zijn’. Hij ontkende dat hij investeringen had in Chili en zei er niet over te denken zich in het land te vestigen. Kort daarna werd bekend dat de oud-functionaris uit Cuba een reisbureau leidde Rumbos Cuba in Santiago de Chile. In dit bedrijf was zijn neef Fernando Roberto Ampuero Flores de manager.

Boek over Fidel
De uitspraken van Flores Ibarra kregen in 2001 in Chili veel aandacht. Ook kwamen er acties op gang van mensenrechtengroepen die hem wilden vervolgen. De Stichting voor Mensenrechten in Cuba / Fundación para los Derechos Humanos en Cuba en de Internationale Vereniging voor Rechtvaardigheid en Vrijheid, vertegenwoordigd door Jorge Masetti in Parijs, begonnen een actie en verzamelde getuigenissen van 40 van Flores’ slachtoffers en hun familieleden maar die activiteit leidde niet tot resultaat want ongeveer een maand later verdween Flores Ibarra uit Chili. In 2004 publiceerde hij zijn boek getiteld Yo fui enemigo de Fidel / Ik was de vijand van Fidel waarin hij vertelde over een twist die hij met Fidel Castro had op de Universiteit van Havana waar beiden eind jaren vijftig rechten studeerden en over twee aanslagen tegen Castro’s leven in de periode van de jaren zestig. Kortgeleden keerde hij terug naar Chili en overleed er afgelopen week. Flores Ibarra zei dat hij leefde van het pensioen dat hij in Cuba kreeg en het salaris van zijn vrouw Margarita Madan Rey, die arts is. De Cubaanse media hebben zijn dood niet gemeld.

Marambio was ooit een van de lijfwachten van president Salavador Allende. Hij vluchtte na de staatsgreep in 1973 naar Cuba en zou daar een economische sleutelrol achter de schermen speelde. Hij werd wel de ‘agent 007 van Fidel Castro’ genoemd. Op dit moment woont hij in Chili en procedeert tegen de Cubaanse regering.

De affaire Marambio
Men neemt aan dat Bloedbad ook handel dreef met Max Marambio, die hij in het interview met La Tercera verdedigde. ‘Ik bewonderde Max vanwege zijn intelligentie, zijn agressiviteit in zaken en ik geloof niet dat hij iets illegaals heeft gedaan, zeker niet in Cuba.’ In mei 2011 werd de Chileense zakenman en voormalige vertrouweling van Fidel Castro, Max Marambio Rodríguez, in Havana bij verstek tot 20 jaar gevangenisstraf veroordeeld. Ook de Cubaanse ex-minister van Voedselproductie Roca Iglesias kreeg toen twintig jaar. Marambio  werd schuldig bevonden aan ‘omkoping, fraude en vervalsing van bank- en handelsdocumenten, op langere termijn,’ aldus de partijkrant  Granma. Marambio was ingezetene van de staat Cuba en leidde het voedselbedrijf Río Zaza, met twee vestigingen in het land en een omzet van 100 miljoen dollar jaarlijks. De zaak kwam in april 2010 aan het licht na de geheimzinnige dood in een hotel in Havana van de Chileense manager van Río Zaza, de Chileen Roberto Baudrand.

Bron
* Cafe Fuerte, Ivette Leyva Martínez, Miami 29 mei 2012

Link
* Zie ook het bericht van 7 mei 2011 op de Cubaweblog over de veroordeling van Marambio. 

Koeien stelen van ‘Commandant van de Revolutie’

Zaterdag 5 mei werden minstens 3 koeien gestolen op een landerij van een van de nog in leven zijnde Commandanten van de Revolutie, Guillermo García Frías. Zijn boerderij lig ten zuidwesten van de hoofdstad. De volgende ochtend werden 3 patrouillewagen en 2 wagens van Medicina Legal (o.a. voor onderzoek naar vingerafdrukken en DNA) bij de boerderij gesignaleerd.

De Comandante van de Revolutie, Guillermo García Frías bij de presentatie van zijn boek Encuentro con la verdad / Ontmoeting met de Waarheid.

Een van de functionarissen, Alexander Bordero, liet zich ontvallen dat ‘de mensen nergens meer voor terugdeinzen. Ze stelen nu al van een commandant.’ De onderzoekers namen foto’s en video-opnamen op de plaats delict, aldus enkele buren. Hoewel meer boeren in de afgelopen periode de diefstal van hun koeien hadden gemeld, besteedde de politie daar toen geen aandacht aan. Het ontvreemden van koeien komt vaker voor in dit gebied en er staan zware straffen op. ‘Maandag 7 mei jl werd een van mijn paarden gestolen. Ik meldde dit aan de politie-eenheid en nog steeds wacht ik op een onderzoek,’ zegt Alfonso Chaviano, beter bekend als Chichi, die er aan toe voegt dat een paard in Cuba meer dan 1.000 dollar kan opbrengen.

De bloem van de moringaboom

Modelbedrijf
De coöperatie Fernando García Rosales is meer dan 400 ha groot, behoort aan het Nationaal Bedrijf voor de Bescherming van Flora en Fauna, dat door commandant García Frías wordt geleid. Ze beschikt over allerlei faciliteiten en wijdt zich met name aan de teelt van suiker en moringa (boomsoort met medicinale mogelijkheden) maar deze coöperatie legt zich vooral toe op veeteelt. Osiris, een van de dorpsbewoners die niet wil dat zijn naam wordt gepubliceerd, sprak ooit met de administrateur van de landerij, Miguel Vale: ‘Hij nam me mee voor een ritje in zijn eigen jeep en vertelde over zijn vele reizen naar Mexico en Brazilië, die vooral waren bedoeld om volbloed vee aan te kopen.’ Cubaanse burgers hebben verder geen mogelijkheden om deze investeringen en hun mogelijke winstgevendheid te controleren want alles gebeurt met instemming van Fidel Castro persoonlijk, die in januari het landgoed nog bezocht. Volgens landbouwdeskundigen levert zo’n gestolen beest 1.300 dollar op. Volgens functionarissen gaat het om volbloeddieren, die tussen de 350 en 450 kilo wegen. Tot nu toe is er geen enkele verdachte aangehouden.

Bron
* Yaremis Flores is medewerker van het weblog Jurisconsulto en schenkt aandacht aan de politiek-juridische aspecten van de Cubaanse samenleving. Jurisconsulto wil de Cubanen bewust maken van hun fundamentele rechten. Redacteur van Jurisconsulto de Cuba is Laritza Diversent, een onafhankelijk advocate die wil dat de Cubaan zijn rechten kent en zich kan verdedigen tegen de absolutie macht van de socialistische machthebbers.

Spaanse oliemaatschappij stopt met verdere proefboringen

De president-directeur van het Spaanse oliebebedrijf Repsol heeft gezegd dat het voor zijn bedrijf het verstandigste lijkt de proefboringen in Cuba stop te zetten.

De proefconcessies van Repsol en van andere maatschappijen. Repsol beet het spits af; de andere firma’s zijn nog betrokken bij proefboringen.

De mededeling komt nadat de proefboring in de Golf van Mexico zonder resultaat bleef. Antonio Brufau zei bij de presentatie van de strategieplannen van Repsol tot 2016: ‘Wij hebben geen verdere plannen. (…) De bron die we aanboorden bleek zo goed als leeg en wij zullen daar zeker geen activiteiten meer gaan ontplooien.’ De eerste bron van Repsol is in mei afgesloten en verlaten omdat er geen resultaten werden geboekt. De proefboringen waren in februari van dit jaar begonnen nadat het olieboorplatform Scarabeo 9 in de Golf van Mexico was aangekomen.

Bron
* Diverse persbureaus
Link
Zie ook Cubaweblog: Cubaanse oliewinning versus Amerikaans embargo

Uitnodiging Raúl Castro voor top Niet-Gebonden Landen Teheran

De Iraanse vicepresident Ali Saeidlo heeft gisteren een officiële uitnodiging aangeboden aan de Cubaanse leider Raúl Castro voor deelname aan de 16e Top van Niet-Gebonden Landen. Deze bijeenkomst vindt 30 en 31 augustus in Teheran plaats.

Rechts de Cubaanse vice-president Ventura, naast hem de Iraanse gast Saeidlo

Saeidlo overhandigde de uitnodiging aan de eerste vicepresident van Cuba, José Ramón Machado Ventura. In een officiële reactie spraken de landen over de ‘de excellente staat’ van de bilaterale relaties en spraken zij de wens uit ‘de vriendschapsbanden en de samenwerking tussen beide landen te versterken.’ Saeidlo is sinds maandag in Cuba voor een officieel bezoek en wordt vergezeld door  Ali Chegeny, ambassadeur van zijn land in Cuba, Kamiz Jalali, algemeen-directeur voor Noord- en Midden Amerika en de adviseur van de Iraanse vicepresident Mehrad Saraji. Van Cubaanse zijde zal de minister van Buitenlandse Zaken, Bruno Rodríguez, het bezoek begeleiden. In januari bezocht de Iraanse president Mahmud Ahmadineyad het land en ontmoette er de huidige president Raúl Castro en de voormalige leider Fidel Castro.

Bron
* Cubaencuentro

Cubaanse bisschop kritiseert ‘politiek project’ van Damas de Blanco

Berta Soler, vertegenwoordiger van de mensenrechtengroepering Damas de Blanco ‘Laura Pollán’, zei na afloop van een gesprek met de kanselier van het aartsbisdom Raúl Suárez Polcari, dat deze zich ‘niet bepaald ontvankelijk’ tegenover de Damas de Blanco opstelde. Een dag eerder hadden de Damas de Blanco met de voorzitter van het Cubaans bisschoppencollege en bisschop van Santiago, Dionisio García, gesproken. Dit gesprek werd door de mensenrechtenvertegenwoordigers als positief omschreven.

Kanselier Polcari van het aartsbidsom Havana tijdens de kruisweg Goede Vrijdag 2008

‘De dialoog met bisschop Polcari was stevig en opgewonden en hij stelde zich niet open tegenover ons op,’ aldus Berta Soler. De bisschop trok het bestaansrecht van de vrouwengroepering in twijfel als een groep ter verdediging van de mensenrechten en verweet de vrouwen ‘een politiek project’ te vormen. ‘Hij zei dat we niet alleen een beweging vormden die om vrijheid vroeg voor politieke gevangenen, maar dat wij ook een politiek doel nastreefden.’ Hij wees daarbij naar uitspraken van de Damas de Blanco over de niet gewenste aanwezigheid van Cuba bij de Top van de Amerika’s. De vrouwen hebben geprobeerd de kanselier van het aartsbisdom ervan te overtuigen dat dat geen politiek is.‘ Wij zijn verdedigers van de mensenrechten en mensenrechten zijn geen politieke zaak,’ aldus Berta Soler.

Gesprek met paus
Tijdens de bijeenkomst hebben de Damas de Blanco de bemiddeling gevraagd van kardinaal Ortega voor een ontmoeting tussen hen en de paus in het Vaticaan. Soler zei dat de Damas de Blanco al sinds september om een ontmoeting vragen met kardinaal Jaime Ortega, maar ‘blijkbaar is zijn agenda erg vol want er is geen ruimte voor een ontmoeting.’ Zij benadrukte opnieuw bisschop Polcari te hebben uitgelegd waarom de Damas de Blanco ontstonden en waarom ze voortgaan. ‘Wij hebben uitgelegd dat we vreedzame en geweldloze vrouwen zijn die de vrijlating van politieke gevangenen nastreven, de verbetering van de omstandigheden in de gevangenis en die willen dat men de vereiste aandacht schenkt aan de mannen die daar zitten opgesloten en dat de mensenrechten worden gerespecteerd.’ De vrouwen hebben de kanselier van het bisdom ook gewezen op het feit dat de geheime dienst en de politie hen nog steeds belemmert zondagsmissen bij te wonen. ‘Wij worden geslagen, naar gevangenissen gesleept en ze sturen de honden op ons af,’ aldus Berta Soler.

Open houding voorzitter bisschoppenconferentie
De bisschop van Santiago de Cuba, Dionisio García had een dag eerder ook een delegatie van de Damas de Blanco ontvangen. Naast Berta Soler waren daar ook Magalys Norvis, Laura María Labrada Pollán en Odalis Sanabria bij aanwezig, die de bisschop vroegen te bemiddelen bij de vrijlating van meer dan 50 politieke gevangenen. Ook werd hem een lijst overhandigd met de namen van 60 leden van de Damas de Blanco die tijdens het bezoek van de paus waren gearresteerd. Volgens de Damas de Blanco zou deze bisschop zich open hebben opgesteld tegenover de mensenrechtengroep.

Twisten in katholieke kerk
De gesprekken tussen de mensenrechtengroep en de Cubaanse bisschoppen vonden plaats op een moment dat de tegenstellingen binnen de kerkleiding lijken te groeien. Concrete aanleiding was de uitspraak van kardinaal Jaime Ortega die een kleine groep van kerkbezetters omschreef als ‘delinquenten.’ De bezetting van een kerk in Havana vond plaats vlak voor het bezoek van de paus aan Cuba. De kardinaal deed deze uitspraken tijdens een bezoek aan de VS en haalde daarmee de woedde van de Cubaans- Amerikaanse gemeenschap op de hals. Ook in Cuba zelf leidde dit tot scherpe kritiek uit dissidentenkringen. Zij verwijten de kardinaal de hervormingen van Raul Castro zonder voorbehoud te steunen en te zwijgen over de voortgaande schendingen van mensenrechten. De dissidente leider Oswaldo Paya noemde de samensteller van het katholieke lekentijdschrift Espacio Laical,  Roberto Veiga González ‘een meeloper’. Het blad schreef vorige week dat bepaalde groeperingen in en buiten Cuba uit zouden zijn op de uitschakeling van kardinaal Jaime Ortega. Het kreeg bijval van de voorzitter van het Cubaanse parlement Alarcón, die de kardinaal ook in bescherming nam tegen ‘smerige insinuaties.’ Espacio Laical kan rekenen op de steun van de kardinaal. Binnenkort  wordt het blad onttrokken aan het katholieke lekenpastoraat en zal worden uitgegeven door het Cultureel Centrum Felix Varela, een kritisch kerkelijk centrum in Havana. De leiding komt in handen van de priester Yosvany Carvajal Sureda, tevens rector van dit centrum. Een woordvoerster van Convivencia, een tijdschrift dat volledig onafhankelijk van het kerkelijk instituut opereert, hoopt dat er door deze veranderingen weer meer ruimte komt in Espacio Lacial voor maatschappelijke problemen in Cuba boven binnenkerkelijke kwesties. Zij zet echter vraagtekens bij de benoeming van een priester tot uitgever van het blad ‘omdat dit ook meer invloed kan betekenen van de kerkleiding.’