1992: Cuba heeft een revolutie binnen de revolutie nodig (2)

Lisandro Otero (links) met Che Guevara, Jean Paul Sartre en Simone de Beauvoir

Verstikkend systeem
‘Ongetwijfeld zijn dit twee belangrijke factoren, maar dit neemt niet weg dat het op Sovjetleest geschoeide systeem in bepaalde economische sectoren verstikkend en verlammend heeft gewerkt. De rigide planeconomie heeft het particulier initiatief gesmoord, zodat men bijna geheel afhankelijk werd van de voormalige Sovjet-Unie en de andere landen uit het Oostblok. Om de economie nieuw leven in te blazen moeten er dringend maatregelen worden getroffen die de noodzakelijke privatiseringen mogelijke maken. Zo zou in de ambachtelijke sector het privé-initiatief een kans moeten krijgen, aangezien de staat ernstig tekort is geschoten op het terrein van onderhoud en reparatie van allerlei gebruiksvoorwerpen.’

Omslag van een van de boeken van Otero, getiteld ZDA, dat in de beginjaren van de revolutie verscheen,

Nieuwe inkomstenbronnen
‘Naast traditionele producten als suiker, nikkel, tabak en citrusvruchten, exporteert Cuba tegenwoordig ook farmaceutische producten, waarvan de opbrengst in 1990 die van de tabaksindustrie benaderde. Ook het toerisme neemt een belangrijke plaats in, hoewel dat een duidelijke keerzijde heeft. Meer toerisme betekent: uitbreiding van de zwarte markt en toename van het illegale geldcircuit; toename van de prostitutie; het ontstaan van toeristische reservaten waar de Cubanen zelf niet mogen komen waardoor deze zich gediscrimineerd en achtergesteld voelen. Maar afgezien van deze vervelende kanten kan het toerisme een inkomstenbron worden die zich kan meten met de suikerindustrie. De Cubaanse economie heeft zich opengesteld voor buitenlandse investeringen door de oprichting van overheidsbedrijven die samenwerken met buitenlands bedrijven, wier inbreng bestaat uit kapitaal en technologische kennis. Bovendien krijgen zij toegang tot een deel van de afzetmarkt. Met name gebeurt dit in de sectoren die door een gebrek aan grondstoffen vrijwel stilgelegd zijn. De investeerders genieten een belastingvrijstelling  en de regering geeft hun de garantie dat ze in drie tot vijf jaar hun investeringen kunnen terugverdienen. Sommigen verwachten dat deze nieuwe vormen van economische bedrijvigheid grote sociale veranderingen met zich mee zullen brengen en misschien zelfs leiden tot politieke aardverschuivingen. Het zal duidelijk zijn dat de handelsblokkade‚ de ondermijnende activiteiten van de contrarevolutionaire krachten, de buitenlandse agressie en de lastercampagnes het regime weinig speelruimte geven voor democratische hervormingen. Om redenen van binnenlandse veiligheid is men gedwongen de individuele vrijheden te beknotten.‘

Houding van VS bedreigt democratisering

Er bestaat dus een direct verband tussen de houding van de Verenigde Staten en de voortgang van het democratiseringsproces op Cuba. Hun agressieve opstelling heeft een grotere nationale verbondenheid gekweekt. Na iedere aanval op de Revolutie  – vlootmanoeuvres, het beschieten van schepen, contrarevolutionaire commando acties werden de rijen opnieuw gesloten waardoor de onderlinge meningsverschillen wegvielen en tegenstellingen verbleekten. Paradoxaal genoeg heeft iedere aanval van buitenaf de conservatieve politieke krachten in de kaart gespeeld. 1992 is een verkiezingsjaar in de Verenigde Staten en het is daarom niet erg waarschijnlijk dat Bush het risico zal nemen zijn aanhang te verspelen onder de Cubanen in Florida en de talloze Republikeinen die een agressieve politiek ten aanzien van Cuba beschouwen als een vanzelfsprekend onderdeel van het Amerikaanse buitenlandse beleid.

Landverraders
‘De regering neigt ertoe alle mensen die het ergens niet mee eens zijn of een enkel geluid van kritiek laten horen op een hoop te gooien met hen die getuigen van een landverraderlijke instelling. Als de onvrede onder de bevolking blijft toenemen. zou dit weleens een heel slechte tactiek kunnen zijn. Het risico bestaat immers, dat juist op het moment dat een dialoog en een maatschappelijke discussie opening bieden naar een verstandiger politieke koers een stroom van kritiek zal losbarsten. Als het regime datgene wat in de afgelopen jaren is bereikt, wil behouden, zal het ernst moeten maken met de hervormingen. Slaagt het daar niet in, dan zal het achterhaalde systeem blijven voortbestaan op het gevaar af dat de malaise steeds groter wordt. Nog dit jaar zal blijken of het regime deze zware beproeving zal doorstaan. Het is vijf voor twaalf, er moet verandering komen. Voor Cuba is dit het jaar van de waarheid.’

2007: Lisandro Otero bij een officiële literaire bijeenkomst met links, de toenmalige minister van Cultuur, Prieto en rechts de dichter en cultuur functionaris Fernando Retamar

De schrijver en journalist Lísandro Otero was ten tijde van de publicatie van deze tekst in april 1993, vicevoorzitter van de officiële Cubaanse Schrijvers- en Kunstenaarsbond UNEAC. De Volkskrant publiceerde de tekst op 18 april 2012 in een vertaling van Brigit Kooijman

 Bijlage
* De volledige tekst van Otero in het Nederlands

Linken

* Lijst van de vele tientallen publicaties van Lisandro Otero op de officiële website Rebelión
* Officiële site met informatie over Otero

* Laatste interview gepubliceerd januari 2008 (Rebelión)

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s