Het best bewaarde geheim van Fidel Castro (3)

Het schijnt dat er foto’s bestonden van Pablo Escobar in Nicaragua, verkregen door de CIA, aldus het boek van Germán Castro, Operación Pablo Escobar. De Colombiaanse capo bekent zijn toevlucht te hebben gezocht in Nicaragua dankzij zijn connecties met de regering van dat land. Was de sandinistische regering bij een van de operaties van het kartel van Medellín betrokken? Was er een sandinistische connectie?

Pablo Escobar, 1949 - 1993

Pablo Escobar, 1949 – 1993

De sandinistische regering wees het voorstel van Pablo Escobar af om Nicaragua te gebruiken als basis voor zijn drugshandel zoals hij eerder had gedaan tijdens de dictatuur van de Somoza’s. Maar het kan zijn dat Escobar daar nieuwe voorraden brandstof heeft opgeslagen in enkele vluchten naar de VS. Het complot van de CIA met de narcocontra’s werd ontdekt toen het Sandinistische leger een vliegtuig van het agentschap neerhaalde, geladen met wapens die voor de contra’s bestemd waren. Het was opgestegen van de militaire basis Ilopango in El Salvador.

Maar als de sandinistische regering Escobar toestond in Nicaragua nieuwe brandstof in te slaan en daar zijn toevlucht te nemen, is dat niet genoeg om te vermoeden dat het daar iets voor terugkreeg?
Het kon een contact zijn met Tomás Borge, die toen minister van Binnenlandse Zaken was. Escobar vertelde zelf aan een Colombiaanse journalist dat zijn verblijf in Nicaragua van korte duur was. En dat er geen grote akkoorden waren. En dat hij naar Colombia terugkeerde toen hij er achter kwam dat de sandinistische regering hem uit ging leveren aan de VS. Het kan zijn dat hij tijdelijk betaalde voor de opslag voor zijn vliegtuigen op weg naar de VS. Was het een zaak van Borge, ongedaan gemaakt door de Sandinistische regering? De obsessie van Reagan om de Sandinisten bij de drugshandel te betrekken maakt het erg moeilijk iets van waarheid te vinden in zoveel leugens.

In juli 1980 in Nicaragua ulio de 1980. El teniente coronel Antonio de la Guardia y el majoor Juan Perez Fornell

Luitenant-kolonel Antonio de la Guardia (links) en majoor Juan Perez Fornell in 1980 in Nicaragua

Tocororo, een van zijn bronnen onder pseudoniem, verzekert dat de ontmoeting van het Departament MC en een net van drugshandelaren uit Miami dat geïnfiltreerd was door de CIA niet toevallig was. Naar het schijnt werkten de CIA en DEA in dezelfde drugsoperaties, hoewel ze verschillende belangen hadden, en de CIA verijdelde het plan van DEA. Waarom?
Het is mogelijk dat DEA een net van drugshandelaren uit Miami gebruikte om de handel als lokaas te gebruiken voor de ambtenaren van het departement van Antonio de la Guardia en het MININT met medeweten van de CIA. De DEA die een piloot geïnfiltreerd had in het cartel van Medellín, trachtte Pablo Escobar of de gebroeders Ochoa gevangen te nemen, de leiders van die maffia. En de CIA maakte een eind aan die operatie door de geïnfiltreerde te verbranden waarbij geprobeerd werd hem te gebruiken om de sandinistische regering te beschuldigen van medeplichtigheid aan de drugshandel.

Een andere bron, Malanga, schrijft Antonio de la Guardia collaboratie met de drugshandelaren toe in ruil voor opslag voor de Latijsamerikaanse guerrillas. Als dat zo is dan zouden de twee netwerken, het ‘imperialistische’ en het ‘revolutionaire’ in Latijns-Amerika respectievelijk hun medestanders hebben bewapend, contraguerrilla en guerrilla. U heeft me echter eerder verteld dat u geen afdoende bewijzen hebt gevonden voor een dergelijke versie.
Deserteurs van de Cubaanse Veiligheidsdienst handhaven die versie van de zogenaamde collaboratie in Cuba met de drugshandel in ruil voor opslag van wapens voor Latijnsamerikaanse guerrillas. Maar er zijn geen definitieve bewijzen. Zelfs niet in de Amerikaanse beschuldigingen.

Minister Abrantes voor de rechtbank

Minister Abrantes voor de rechtbank

De Zaak 2/89 (Causa 2/89) na het proces tegen Ochoa en De la Guardia, was gericht op de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken José Abrantes, veroordeeld tot 20 jaar cel en overleden in gevangenschap aan een ‘infarct dat kon zijn uitgelokt’, zoals u vermeldt in de chronologie aan het eind van uw boek. U schrijft: ‘Mij lijkt dat alles bij Abrantes is.’
Fidel verzekert dat Abrantes niet medeplichtig was aan de drugsoperaties van Tony de la Guardia. Daarom maakte hij geen deel uit van het eerste proces en werd hij in het tweede proces veroordeeld voor nalatigheid omdat hij niet op de hoogte was van wat er zich in een departement van zijn ministerie afspeelde. Maar de echtgenote van Patricio de la Guardia verzekert dat Abrantes haar echtgenoot heeft verteld toen ze elkaar in de gevangenis ontmoetten, dat Fidel alles wist omdat Abrantes het hem meegedeeld had en dat de crisis zich voordeed toen Tony toestemming gaf voor operaties die niet door Fidel waren goedgekeurd. Een van de deserteurs van de Veiligheidsdienst beweert dat Abrantes het niet eens was met de politiek van Fidel, maar bang was dat een samenzwering de macht in Cuba aan de VS en de Cubaanse ballingen in Miami zou overdragen, die ook met hem korte metten zouden maken. Alles ligt bij Abrantes als het waar is dat hij tegelijkertijd deelnam aan de drugshandel en het onbehagen over de intriges van Fidel.

Fernando Gutiérrez Barrios Mexico begroette in 1988  Fidel Castro in Tuxupan

Fernando Gutiérrez Barrios Mexico begroet in 1988 Fidel Castro in Tuxupan

Midden in de crisis van de drugshandel werd Abrantes door Fidel Castro naar Mexico gestuurd om een ontmoeting te hebben met Fernando Gutiérrez Barrios. Wie was Gutiérrez Barrios en hoe nuttig was dat gesprek voor Fidel Castro?
Functionarissen in Washington geven toe dat Fernando Gutiérrez Barrios de gebruikelijke tussenpersoon was in de vertrouwelijke bijeenkomsten van Fidel met de overheden van de VS en Mexico. Gutiérrez Barrios leidde de vuile oorlogen van de DSF in samenwerking met de CIA. In 1989 was hij Minister van Binnenlandse Zaken in de regering van president Carlos Salinas de Gortari, iemand die ook in het drugsnetwerk zat. Gutiérrez Barrios werkte met Fidel samen om hem uit de gevangenis te krijgen toen hij in Mexico was gearresteerd tijdens het voorbereiden van de landing van de Granma in 1956. En hij kon de grote onderhandelaar worden om tegelijkertijd zowel de beschuldigingen van drugshandel tegen Fidel en die tegen de regeringen van Ronald Reagan en Miguel de la Madrid op te lossen. De presidenten van de VS en Mexico werden ook gelinkt aan het vermoorden van Camarena en Buendía. In alle gevallen werd dezelfde oplossing toegepast: er waren functionarissen van de VS, Mexico en Cuba bij betrokken, maar zonder ‘toestemming van de regeringen’.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s