Pedro Juan Gutiérrez: ‘In Cuba moeten haat en rancune worden vergeten’

De schrijver Pedro Juan Gutiérrez denkt dat Cuba door een proces van modernisering gaat waarin de dingen ‘beetje bij beetje verzacht zullen worden’, maar om vooruit te kunnen kijken acht hij het noodzakelijk dat ‘de haat en de rancune in Cuba worden vergeten’, zo bericht het Spaanse nieuwsbureau EFE.

juan-pedro-gutierrez

Juan Pedro Gutiérrez

‘We moeten de haat en de rancune vergeten. Ik denk dat we vanaf nul moeten beginnen en zeggen: van hieruit, vanuit het heden, voorwaarts. Maar als je begint met rekeningen opmaken en schulden vereffenen, verandert er nooit iets’, zegt Gutiérrez (Matanzas, 1950) in een interview met EFE bij hem thuis, in de volkswijk Centro Habana in de Cubaanse hoofdstad. Vanuit deze overtuiging noemt de auteur van Trilogía sucia de La Habana/Dirty Havana de gelijkgestemde boodschap – kijk naar de toekomst – van Barack Obama, president van de Verenigde Staten, in zijn speech tot het Cubaanse volk tijdens het historisch bezoek aan Cuba afgelopen maart, ‘trefzeker’. ‘Die boodschap is van groot belang voor de Cubanen’, zegt Pedro Juan Gutiérrez, die niettemin sceptisch is ten aanzien van politici in het algemeen, inclusief Obama, omdat het ‘allemaal stemmingmakers zijn en grote toneelspelers’.

Hoe dan ook denkt Gutiérrez dat Cuba zijn trauma’s langzaam te boven komt en hij meent dat ‘sommige veranderingen onvermijdelijk zijn’.
‘Cuba moet moderniseren en toetreden tot de wereld. Tot nu toe had ik het idee dat Havana in stand bleef als een tweede Macondo*, geïsoleerd zonder internet en zonder toegang tot internationale televisie of buitenlandse kranten’.  (…) ‘Stap-voor-stap zullen de dingen worden verzacht. Het is een natuurlijk proces van modernisering dat er, naar ik aanneem, ook toe zal leiden dat er in de politieke structuren en in de maatschappelijke bestuursvormen meer toegang tot afwijkende meningen komt’, zegt hij.

gutierrez-el-rey-de-la-habanaAndersdenkenden
De auteur van El rey de La Habana – verfilmd door de Spanjaard Agustí Villaronga – en Animal tropical verdedigt het respecteren van andermans rechten en opvattingen als de ideale manier van leven in een maatschappij: ‘het moet niet nodig zijn om iemand die anders denkt of doet slecht te behandelen’. De sfeer van ontspanning die hij nu bespeurt in Cuba, voelt hij ook wat betreft de acceptatie van zijn literaire werk in hetzelfde land waarin hij 18 jaar geleden na het internationale succes van Trilogía sucia de La Habana werd gedwongen zijn werk als journalist op te geven. ‘Het aardigste van de kwestie is dat degenen die me buiten smeten het boek niet eens hadden gelezen. Ze namen die beslissing gewoon op grond van wat er vooral in de Spaanse pers had gestaan. Ze zetten me op straat, ik bleef achter zonder werk (…) en wat ik deed was dat ik me hier in huis verschanste en me aan het schrijven zette’, herinnert hij zich. ‘Achter de wolken schijnt de zon’, verzekert hij na erop gewezen te hebben dat hij sinds die tijd 20 titels heeft gepubliceerd, vertaald in 23 talen in 26 landen.

Zeven boeken
Toen hij werd ontslagen als journalist deed hij zichzelf de belofte dat hij voor zijn dood al zijn boeken in Cuba zou uitbrengen; op het moment zijn er al zeven uitgegeven, waarvan het laatste, Diálogo con mi sombra, over het beroep van schrijver gaat. Ook zal in 2017 El nido de la serpiente in Cuba verschijnen en de kans is groot dat dat ook gebeurt met Fabian y el caos, zijn laatste roman, die al is uitgebracht door de Spaanse uitgeverij Anagramma en die autobiografisch verhaalt over zijn vriendschap in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw met een jonge homoseksuele pianist, heel anders dan hijzelf.

Dirty Havana blijft taboe
Minder geluk heeft hij gehad met Trilogía sucia de La Habana – ‘ze zeiden altijd dat de tijd nog niet rijp was’, vertelt hij lachend – en met de verfilming van El rey de La Habana, die weliswaar niet is uitgebracht in Cuba, maar waarvan volgens Gutiérrez hier wel een illegale kopie circuleert. Hij wordt gezien als een exponent van het Cubaanse ‘dirty realism’ en wordt vergeleken met auteurs als Henry Miller en Charles Bukowski, maar Gutiérrez wijst die etiketten ‘absoluut’ af en omschrijft zichzelf als een auteur met belangstelling voor ‘de menselijke kant van de dingen’, in het bijzonder voor ‘de duistere regionen’ die het mogelijk maken een totaalbeeld van een mens te geven.

centro-habana-waslijnCentro Habana
Met de wijk Centro Habana als een van zijn literaire werelden is het centrale thema van zijn werk de armoede die, zoals hij zegt, ‘altijd smerig, eschatologisch, verdorven, verpletterend en verontrustend is’. ‘Ik heb voortdurend strijd geleverd om te ontsnappen aan de absolute armoede. En geleidelijk is dat het thema van mijn werk geworden. Ik heb het niet uitgekozen, de armoede heeft mij uitgekozen’. Behalve romans heeft Pedro Juan Gutiérrez ook poëzie gepubliceerd, een genre dat hij kenmerkt als ‘de totale vrijheid’; in Spanje is net La línea oscura uitgekomen, een verzameling gedichten van de afgelopen twintig jaar.

Bron
* Persbureau EFE, 10 april 2016

Noten
* Honderd jaar eenzaamheid (1967) van García Márquez, waarin verhaald wordt over de opkomst, bloei en ondergang van Macondo, een denkbeeldig stadje in Colombia. De roman beslaat twee eeuwen en zeven generaties van een familie.
* Dirty Havana verscheen in 2002 bij uitgeverij Vassallucci in een vertaling van Nelleke Geel
* Engelstalige biografie van Pedro Juan Gutiérrez
* Boekbespreking The Guardian van Dirty Havana, 18 maart 2001

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s