Van loyale partijganger naar ‘contrarevolutionair element’

Gisteren trof u hier de belevenissen aan van José Ramírez Pantoja, journalist van Radio Holguín die op staande voet werd ontslagen omdat hij op zijn persoonlijke blog de volledige tekst afdrukte van een speech van de onderdirecteur van de partijkrant Granma, Karina Marron. Hij had zijn baas toestemming moeten vragen, luidde de kritiek. Er zijn steeds meer voorbeelden van medewerkers van staatsinstellingen of media van de staat, die vanwege hun kritische houding en hun wens tot discussie worden uitgeschakeld en ontslagen, vaak na een lange campagne van intimidatie, pressie en chantage door de Cubaanse geheime dienst. De ontslagen bioloog Ruiz Urquiola en biochemicus Casanella hebben hun zaak voorgelegd aan de Mensenrechtenraad in Genève en de hulp van Amnesty International ingeroepen.

logo-museo-de-disidencia-cuba

‘Dissidenten’ als Hatuey, José Marti, Fidel Castro en Oswaldo Payá sieren de website van het Museo de la Disidencia en Cuba

Een vergelijkbaar ontslag overkwam de historica Yanelys Núñez Leyva die vorige week te horen kreeg dat zij niet langer in dienst was van het tijdschrift Revolución y Cultura. Reden is haar betrokkenheid bij het project Museo de la Disidencia en Cuba / Museum van de dissidentie. Yanelys Núñez Leyva zei tegen de redactie van de website Diario de Cuba: ‘In het document dat ze me bij mijn ontslag overhandigden wordt mijn ontslag niet gerelateerd aan mijn betrokkenheid bij het kunstproject en de website Museo de la Disidencia en Cuba.
Ze verwijzen naar het ‘oneigenlijk’ gebruik van internet op mijn werkplek en wijzen ook op mijn opmerking in de openbaarheid dat mijn band met dit project geen effect heeft voor de inhoud van mijn werk bij het tijdschrift Revolución y Cultura.’ (…) ‘Ik heb me verzekerd van de steun van advocaten van het onafhankelijke kantoor Cubalex en wil een bezwaarschrift indienen bij de desbetreffende instantie.’ Het Museo de la Disidencia en Cuba wordt geleid door de kunstenaar Luis Manuel Otero Alcántara en is gebaseerd op het concept dissidentie zoals dat in het officiële woordenboek van de Spaanse taal / Diccionario de la Real Academia de la Lengua Española wordt geformuleerd. Men komt er dan ook naast elkaar een jonge Fidel Castro, de indianenvoorman Hatuey en de overleden leider van de dissidentengroepering  Movimiento Cristiano Liberación Oswaldo Payá, tegen.

omar-everleny16042016

Omar Everleny

Omar Everleny
De vooraanstaande econoom en pleitbezorger van economische hervormingen, Omar Everleny, werd begin april ontslagen bij het Centro de Estudios de la Economía Cubana van de Universiteit van Havana. Omar Everleny (56) zou zonder toestemming gesprekken hebben gevoerd met collega’s uit de VS. Everleny werd door ambassadeurs van EU-landen in Havana bij voorkeur aanbevolen als vertegenwoordiger van de hervormingsgezinde stroming in Havana. De directeur van zijn instituut Humberto Blanco beschuldigt Pérez van het voeren van overleg met buitenlandse instituten en het informeren van ‘Noord-Amerikaanse vertegenwoordigers’ over de gang van zaken op het instituut. Ook wordt hem ‘onverantwoordelijk’ en ‘nalatig’ gedrag verweten, evenals het ontvangen van fondsen voor een studie over Zuid Korea waar geen toestemming voor was gegeven. Pérez is tegen zijn ontslag in beroep gegaan. Tegen persbureau AP  zei hij: ‘Hoe is het mogelijk dat ik elk jaar als excellent werd beoordeeld en men zich nu van mij verwijdert en mij beschuldigt?’.

Ariel Ruiz Urquiola2

Ariel Ruiz Urquiola

Ruiz Urquiola
In april van dit jaar werd een tweede universiteitsprofessor ontslagen, de geneticus en biologieprofessor  Urquiola vanwege ‘veelvuldige afwezigheid op zijn werkplek’.  Hij was in dienst van het Centro de Investigaciones Marítimas / Centrum voor Maritiem Onderzoek van de Universiteit in Havana en moest verdwijnen vanwege ideologische meningsverschillen. Dat meldde de wetenschapper vorige week zelf via een video-interview waarin hij sprak van ‘machtsmisbruik’. Ruiz Urquiola zet in een interview met politiek opposant Antonio Rodiles uiteen dat hij ‘slachtoffer’ is van ‘een serie hindernissen, een proces van machtsmisbruik binnen de Universiteit van Havana en het Openbaar Ministerie van de provincie.’ Gezamenlijk hebben die zich ingespannen ‘een internationaal onderzoeksproject’ tegen te houden dat in samenwerking met de Humboldt Universiteit in Berlijn zou worden uitgevoerd. Urquiola zegt dat de problemen dateren van januari 2015 toen hij problemen kreeg met de directeur van zijn onderzoekscentrum, die moeilijkheden maakte over zijn project met een buitenlandse universiteit. Hij spreekt van ‘gefabriceerde en georkestreerde beschuldigingen’ die werden verspreid door de leiding van het centrum en andere academici. Hem wordt nu ook verweten informatie over zijn ontslag te hebben gegeven aan de redactie van de website Diario de Cuba, ‘een contrarevolutionair medium.’

oscar-casanella-090816

Oscar Casanella

Oscar Casanella
Op 7 juni jongstleden werd de kankeronderzoeker Oscar Casanella ontslagen. Hij ging in beroep, maar deze maand werd zijn ontslag bij het Instituto Nacional de Oncología y Radiobiología (INOR) bevestigd. Casanella spreekt schande van het ontslag en wijst erop hoe hij sinds 2013 bedreigd is door diverse leden van de Cubaanse Staatsveiligheid met steun van de vice-directeur van zijn instituut, Lorenzo Anasagasti. Deze Cubaweblog maakte daar op 10 juli 2014 melding van onder de titel: Pest- en intimidatiecampagne tegen kankeronderzoeker Oscar Casanella.
Citaat:
Toen Oscar op 9 december op zijn werk verscheen in het Instituto Nacional de Oncología y Radiobiología (Hospital Oncológico), wachtte hem een verrassing. Hij doet daar onderzoekswerk naar darmkanker en werkt er onbetaald als toegevoegd docent aan de Faculteit voor Biologie. Zijn collega Pedro Wilfredo Fernández Cabezas wachtte hem op en zei hem dat als hij door zou gaan met het bijwonen van activiteiten van contrarevolutionaire groepen – ‘huurlingen, annexionisten en neoliberalen – kortom een cocktail van huiveringwekkende beschuldigingen’ – dat zeer ernstige gevolgen voor zijn werk zou hebben. Oscar antwoorden dat hij vrienden had die het oneens zijn met de regering, maar dat het geen huurlingen noch annexionistas zijn. Ook geloofde hij niet dat ze ‘neo-liberaal’ waren, maar als dat al zo zou zijn, zou dit geen rechtvaardiging zijn voor een actie tegen hen.

Gorki Aguila

Voorman Gorki Aguila van Porno Para Ricardo

Verder
Casanella wil verder gaan en zijn rechten als werknemer opeisen want ‘ik accepteer niet dat ze mijn carrière vernietigen of het mij onmogelijk maken een doctoraal in de Bioinformatica te behalen enkel en alleen omdat ik vrienden heb die politieke opposanten zijn. Casanella zoekt de oorzaak van zijn ontslag in het feit dat hij banden heeft met personen uit de politieke oppositie zoals zijn vriend Ciro Javier Díaz Penedo, lid van de rock punkband Porno para Ricardo. Hij nam ook deel aan het project van De Open Microfoon van de kunstenaar Tania Bruguera op het Plein van de Revolutie in december 2014.

Jose-Antonio-Torres-espionaje

Jose Antonio Torres

Journalist José Antonio Torres
De Cubaanse journalist José Antonio Torres werd in 2011 wegens spionage werd veroordeeld tot 14 jaar gevangenisstraf. Torres was ooit werkzaam als journalist bij de partijkrant Granma en zit nu gevangen in het Centro de Estudio y Trabajo Confianza, Mar Verde bij Santiago de Cuba. Hij werd in 2011 gearresteerd nadat hij in Granma artikelen publiceerde over mismanagement bij de aanleg van een aquaduct in Santiago en corruptie bij de aanleg van een glasvezel-kabelverbinding tussen Venezuela en Cuba. Vicepresident Ramiro Valdés was verantwoordelijk voor beide projecten. Torres stond bekend als een fanatiek verdediger van het regime. Hij werd in het verleden nadrukkelijk door president Raúl Castro geprezen. Dat gebeurde nog in juli 2010 in de partijkrant Granma naar aanleiding van de ‘kritische’ reportages over de aanleg van het aquaduct. Castro zei toen o.a. dat ‘deze geest de partijpers moet karakteriseren vanwege zijn onderzoek, zijn transparantie en zijn kritiek en zelfkritiek.’ Torres voelt zich nauw verbonden met zijn land en zei kortgeleden in een interview met 14ymedio: ‘Ik ben trouw aan mijn vaderland. Cubanen discussiëren in Miami, Washington, Madrid of Frankrijk omdat men hen niet toestaat de problemen die we hebben, te bediscussiëren in Santiago, Santa Clara, Camagüey of Havana. De regering heb ik niks te zeggen. Er is een gezegde dat luidt: fatsoenlijke mensen hoeven een regering die hen negeert, niet te accepteren.’

Link
* 9 juli 2010 Het artikel van Torres in de partijkrant Granma

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s