Is Cuba klaar voor het MKB? (deel 1)

Een tijdje geleden hadden economen al gewaarschuwd: een groot deel van de particuliere ondernemingen / cuentapropistas  in Cuba zijn de categorie van zzp’er ontstegen en zijn nu midden- en kleinbedrijven (MKB). ‘Het lijdt geen twijfel dat de huidige zzp’er naar een hoger plan is gestegen en alleen nog maar tijd nodig heeft zijn mogelijkheden te bewijzen’, aldus onderzoeker Omar Everleny Pérez Villanueva.[1] In april becommentarieerde president Raúl Castro dit thema tijdens de opening van het VIIe Partijcongres en riep op ‘niet de toevlucht te zoeken in onlogische eufemismen om de waarheid te verdoezelen.’ Een maand later ontketende de publicatie van twee  documenten van het congres – waarin expliciet het privébezit wordt erkend – een golf van verwachtingen en artikelen, alsof het Cubaanse MKB van de ene dag op de andere was opgekomen. Hoewel de juridische, sociale en  economische impact van die transformatie nog steeds ongewis is, is het debat erover in volle gang. Het debat gaat over de vraag hoe democratisch en diepgaand het zal zijn, afgezien van het vermijden van negatieve krachten uit de heersende macht die, volgens Raúl zelf, de veranderingen in het Cuba van vandaag belemmeren.

cuentapropista-cuba-cooperativas-schonenreparatieIn principe is het lastig het concept MKB te duiden. Wat als klein- en middenbedrijf wordt gezien verschilt van land tot land, de grootte van de economie en de sector. ‘Een bedrijf met 25 werknemers bijvoorbeeld, is groot in de sector huishoudelijke werkzaamheden, maar erg klein als het om een chemische of farmaceutisch bedrijf gaat’, aldus Pérez Villanueva. In elk geval wordt de grootte over het algemeen gedefinieerd in termen van drie fundamentele aspecten: het aantal werknemers, de grootte van de omzet en het volume aan goederen. Tegelijkertijd is de term uitgebreid met het erin opnemen van de micro-ondernemingen – MMKB. Het partijdocument Conceptualisering van het Cubaanse Economische en Sociale Model van de Socialistische Ontwikkeling – momenteel onderworpen aan publieke bespreking – stelt vast dat inwoners van het land, erkend als rechtspersoon, privébedrijven  op middelgrote,  kleine en microschaal, kunnen oprichten. Het document formuleert dat deze bedrijven aanvullende activiteiten op midden of lagere schaal zullen ontwikkelen die een bijdrage kunnen leveren  aan de lokale ontwikkeling en productieketens. ‘Voor mij moet het MKB onafhankelijk zijn. Ze moet geen deel uitmaken van grotere bedrijven, maar zijn autonomie behouden,’ voegt Luis Marcelo Yera van het Nationaal Instituut van Economisch Onderzoek / Instituto Nacional de Investigaciónes (INIE) er aan toe.

Cubaans karakter
Een omschrijving van het MKB voor Cuba zou moeten zijn toegesneden op de specifieke context van het eiland, zijn economisch scenario en de gewenste toekomst. Volgens de academicus Juan Valdés Paz moeten onder meer nog de volgende aspecten gespecificeerd worden:
* De juridische en administratieve vereisten waaraan het MKB zal moeten voldoen, en wat de gemeenschappelijke rechten zullen zijn.
* Van welke activiteiten ze zullen worden uitgesloten.
* Hoe het socialistisch karakter van het MKB wordt gegarandeerd.
* Wat de relatie met het Plan en de markt zal zijn.
* Hoe het MKB  met de staats- en gemengde sector wordt verbonden.

cuentapropista-granizadoVoor en Tegen
Het feit te kunnen rekenen op een rechtspersoonlijkheid verruimt – potentieel – de mogelijkheid om zaken te kunnen doen en verbindingen aan te gaan met andere spelers, en houdt een ‘volwassenwording’ in bij de financiële instellingen. Om een mogelijkheid aan  te geven, de Wet op Buitenlandse Investeringen legt vast dat Cubaanse rechtspersonen aan het buitenlands kapitaal zullen kunnen worden gekoppeld. Tot de meest algemene voordelen van het MKB behoren de diversiteit aan activiteiten die men kan verwezenlijken (bouw, dienstensector, recycling) en het creëren van werkgelegenheid, en zijn rol als aanjager van de territoriale economie. Omar Everleny Pérez merkt op dat een  groot deel van de productie van het MKB bestaat uit goedkope consumptiegoederen, in veel gevallen bestemd voor de binnenlandse markt, waardoor het gebruik van lokale grondstoffen wordt bevorderd. ‘Kleine fabrieken versterken het productieve en beroepsprofiel van de kleinere dorpen en kunnen de migratiestromen naar de stedelijke centra verminderen.’ Onderzoeker Juan Carlos Palacio Cívico [2] noemt als winst een grotere autonomie in het beheer, de directe link  tussen werk en inkomsten – wat de productiviteit bevordert- , nog afgezien van de kleinere behoefte aan kapitaal. ‘Kleine bedrijfjes hebben per definitie behoefte aan bescheiden investeringen. Die eigenschap maakt ze vooral aantrekkelijk binnen de context van de schaarste die de huidige Cubaanse economie kenmerkt.’

Bron
* Progreso Semanal: ¿Llegan las PYMES (Pequeñas y medianas empresas) a Cuba? Eileen Sosin Martínez, 27 augustus 2016

Noten
* [1] PYMES en Cuba: utopie of noodzakelijke realiteit / utopía o realidad necesaria?, Omar Everleny Pérez Villanueva. In: Miradas a la economía cubana, Análisis del sector no estatal. Editorial Caminos, Havana, 2015
* [2] Fomento de las PYMES en Cuba. Repensando la empresa estatal socialista. Juan Carlos Palacio Cívico.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s