Cuba: socialisme, privé-eigendom en rijkdom

Het Cubaanse parlement heeft uiteindelijk een van de fundamenten uit de hervormingen van president Raúl Castro en zijn regering, met enige aarzeling goedgekeurd. De officiële erkenning van het particulier eigendom en de mogelijke opeenhoping van rijkdom leiden bij veel volksvertegenwoordigers tot wantrouwen. Zij vrezen de accumulatie van rijkdom die zou kunnen leiden tot de sociale ongelijkheid, die de rest van Latijns-Amerika kent, aldus de journalist Fernando Ravsberg op de website Cartas desde Cuba.

congreso7-7mo Congreso del PCC, 2016 Baliño, Mella y Fidel

Er bestaat veel wantrouwen in het parlement, de partij en in de samenleving als geheel over de erkenning van het particulier eigendom als productiemiddel.

Maar economen overtuigen hen dat zonder de accumulatie van kapitaal, particuliere ondernemingen zich niet op grote schaal kunnen ontwikkelen. Zakenlieden moeten kunnen herinvesteren, zij moeten kunnen rekenen op fondsen en bij verliezen een beroep kunnen doen op belastingvoordelen en persoonlijke financiële stimulansen. Dan bereiken we een punt waarop de sociale ongelijkheid onvermijdelijk groter wordt maar de nationale economie kan niet langer gereguleerd worden door socialistische leuzen als ‘ieder naar zijn vermogen, en ieder naar zijn behoeften.’ Dat gaat niet meer op en dit beginsel speelt in Cuba in de dagelijkse praktijk geen rol meer. Sinds in de jaren negentig de werkelijke waarde van het maandsalaris verloren ging, lijkt het meer op het beginsel ‘ieder naar gelang zijn of haar sluwheid en ieders slimheid’.

Ongelijkheid sinds jaren 90
Ook de meritocratie (waarbij de sociaaleconomische positie van elk individu is gebaseerd op zijn of haar verdiensten) en waarbij zij die buitensporig voldeden aan hun revolutionaire plichten een beter leven hadden dan de rest van de Cubanen, wordt onder de bevolking minder geaccepteerd. Het probleem is dat dit een erfelijk verschijnsel is geworden en vandaag genieten hun kinderen van deze privileges, hoewel zij er zelf politiek niet aan bijdroegen. Ongelijkheid is niet het resultaat van ‘de actualisering van het model’, zoals Raúl Castro de hervormingen noemt die hij invoerde. De ongelijkheid nam al toe in de jaren negentig onder invloed van diverse factoren zoals de dollartransacties uit de VS, de dollarisatie, de opening van de nationale economie voor buitenlandse investeerders, toerisme en de kinderen van de elite die volwassen zijn geworden.
straat-veel-mensenOnder- en bovenwereld
De hervormingen trachten op de een of andere manier ‘een land te legaliseren’ dat al bestaat. Een land met zelfstandige ondernemers, onzichtbare zakenlieden van kleine en middelgrote bedrijven of de zogenaamde Cubaanse managers van buitenlandse bedrijven, die in feite de eigenlijke eigenaren van het bedrijf zijn. Met deze veranderingen (de erkenning door het parlement van het particulier eigendom, redactie) zal deze semi-illegale wereld geïntegreerd worden in de nationale economie en komt er een einde aan het sinds vele jaren opereren aan de zijlijn. Dit fundament kan leiden tot een betere verdeling van de rijkdom omdat de overheid in staat wordt gesteld belasting te heffen aan mensen die nooit belasting betaalden.

Nieuwe dilemma’s
Natuurlijk ontstaan er nieuwe dilemma’s. Dat gebeurt altijd wanneer je de stagnatie achter je laat en vooruit begint te komen. Er zijn economen die menen dat wanneer je de kleine zelfstandige ondernemers niet in de gelegenheid stelt een zekere rijkdom te verwerven, zij nooit in staat zullen zijn ondernemers worden. Zonder het verwerven van kapitaal, zijn de enigen die eigenaren van kleine en middelgrote ondernemers kunnen worden, zij die geld uit het buitenland krijgen of er in zijn geslaagd kapitaal te verzamelen gedurende de periode van het socialisme. Een beduidend deel van hen is corrupt en/of misdadiger. Hoe dan ook, de concentratie van rijkdom zal leiden tot grotere sociale verschillen tussen Cubanen en in een arm land kan dat er toe leiden dat een kleine groep mensen het grootste deel van de taart voor zichzelf houden en anderen er niet eens van kunnen proeven.

paladar-en-varadero2

Paladar in Varadero: De kleine zelfstandigen zullen nooit echte ondernemers worden als zij belemmerd worden in de verwerving van kapitaal.

Meer details nodig
De waarheid is dat er veel geregeld moet worden. Hoeveel medewerkers kan een gemiddeld bedrijf in dienst nemen? Wat zijn de grenzen aan het verzamelen van rijkdom? Welke mechanismes gebruikt de regering om de rijkdom te herverdelen? Hoe garandeert de regering dat er gelijke kansen voor Cubanen zijn in deze maatschappij? De termen ‘particulier bedrijfsleven’ of ‘accumulatie van rijkdom’ kunnen enkele mensen schrik aanjagen en anderen juist aanmoedigen, maar zolang de details ontbreken, hebben we het over abstracties. En het zijn de details die het toekomstig sociaaleconomisch model van het land bepalen.

Bron
* Fernando Ravsberg, website Cartas desde Cuba, 8 juni 2017
Met ruim 60 reacties in het Spaans.