De hopeloze guerrilla van Che in Bolivia

Het leven van drie Boliviaanse journalisten is getekend door de herinneringen die zij hebben aan de guerrillastrijd, die vijftig jaar geleden onder leiding van Ernesto ‘Che’ Guevara, in hun geboorteland Bolivia, woedde. Juan Carlos Salazar, Humberto Vacaflor en José Luis Alcázar hebben hun herinneringen uit de vergetelheid gehaald en een boek geschreven vol anekdotes en humor. In 1966 werden de drie naar de streek in Bolivia gezonden waar de strijd plaatsvond. Hun boek is getiteld: La Guerrilla que contamos: Historia íntima de una cobertura emblemática en werd in juli jl. gepresenteerd.

cover-la guerrilla que contamosHet is een tamelijk onbekend verhaal tussen de vele publikaties, die over Guevara en de guerrilla zijn geschreven, sinds sergeant Mario Terán hem 50 jaar geleden op 9 oktober 1967 executeerde in een schooltje in het dorpje La Higuera in het zuidoosten van Bolivia. De auteurs vertellen hoe dit afgelegen gebied tot centrum werd van het wereldnieuws en hoe zij erin slaagden ondanks de militaire en politieke censuur, verslag te doen van de gebeurtenissen zoals de gevechten, de uitwijzingen en de spionage door vrouwen die zich voordeden als leraren of verpleegkundigen. Alcazar, die voor het lokale agentschap Fides, het tijdschrift Presencia en Inter Press Service werkte, had op zondagavond 8 oktober 1967 de wereldprimeur van de gevangenneming van Che Guevara. Hij had de plek bereikt van de gevechtszone om Che te interviewen, maar merkte bij toeval de hinderlaag en de aanhouding van de communistische strijder op. De informatie kreeg hij van een telegrafist. De volgende dag raakte hij de hand van het lijk van Guevara aan toen deze op een brancard, bevestigd aan de sleeën van een helikopter, aankwam in Vallegrande. ‘Er ging een rilling door mij heen, een sensationele ervaring’, schrijft Alcázar, als hij zich die ervaring herinnert.

regis-debray-camiri-bolivia-arrestatie
Régis Debray (met sigaret) werd op 20 april 1967 in het Boliviaanse dorp Muyupampa gearresteerd. Hij had besloten zich bij de strijders van Guevara aan te sluiten. Op 17 november 1967 werd hij door een Boliviaanse rechtbank tot 30 jaar gevangenisstraf veroordeeld. In 1970 is hij vrijgelaten na een wereldwijde campagne en persoonlijke inspanningen om zijn vrijlating van Jean-Paul Sartre, André Malraux, generaal Charles de Gaulle en paus Paulus VI.

Fotorolletjes
Vacaflor werd tweemaal verbannen uit de militaire zone. Eén keer werd hij bedreigd met een proces en werd hij ervan beschuldigd deel uit te maken van een samenzwering om de Franse intellectueel Regis Debray vrij te krijgen. Een van de anekdotes verwijst naar een verhaal dat bijdroeg aan het redden van het leven van deze Franse intellectueel. Het leger had al aangekondigd dat Debray en twee andere buitenlanders waren gestorven. Vacaflor’s collega van Presencia Hugo Delgadillo, tevens tandarts en gevestigd in een dorpsstraat van Muyupampan, werd verrast door het passeren van drie buitenlandse gevangenen, begeleid door soldaten. Vacaflor vertelt, dat de foto’s die Delgadillo van de gevangenen waaronder Debray nam, tien dagen onderweg waren en leken te zijn verdwenen, voordat ze uiteindelijk toch La Paz bereikten en konden worden gepubliceerd. De fotorolletjes werden vervoerd door chauffeurs van militaire trucks en bereikten zo uiteindelijk EL Diario Presencia. Onbedoeld droegen ze bij aan de redding van Debray en de publicatie ervan zorgde wereldwijd voor opschudding. Volgens Salazar redde de foto het leven van Debray, maar veroordeelde het Che ter dood, want vanaf dat moment besloot het leger dat het een oorlog zonder gevangenen zou worden.

che-guevara-valle-grande-10 de octubre de 1967 por el periodista AFP- Marc Hutten

Che Guevara in Valle Grande, 10 oktober 1967. Foto van Marc Hutten (AFP)

Vijfhonderd dollar
Het was voor het locale agentschap FIDES erg moeilijk en kostbaar om iemand naar het gebied te sturen. De directeur, de Spaanse jezuïet José Gramunt, had afspraken gemaakt met het Spaanse persbureau EFE en het Duitse DPA om de reis voor Salazar te financieren. Salazar herinnert zich dat de Europese persbureaus elk het plan, om een paar dagen naar het gebied te gaan, met 500 dollar ondersteunden. Uiteindelijk bleven ze bijna een jaar. De verslaggever schreef de verhalen voor FIDES en DPA, terwijl Gramunt dat deed voor EFE. De onthullende reportages voedden de carrières van de drie redacteuren die daarna, vanwege de militaire dictatuur, bij media buiten Bolivia gingen werken.

ernesto-guevara-eerbetoon-bolivia02102017

Eerbetoon afgelopen week in Bolivia

Vragen
Vijftig jaar na de dood van Che Guevara zegt Salazar dat, ondanks dat er al veel is gepubliceerd over de legendarische guerrilla, er nog veel onduidelijkheden zijn. Wie heeft Che Guevara bijvoorbeeld verraden? Wie beval  zijn executie? Welke rol speelde de Sovjet-Unie? Welke rol speelden Fidel Castro en Cuba? Al deze vragen zullen pas worden beantwoord als alle archieven worden geopend, aldus Salazar. Het boek werd onlangs in La Paz gepresenteerd door Salazar en Vacaflor, Alcázar kon niet aanwezig zijn. De schrijver Robert Brockmann gaf commentaar en zei het boek te beschouwen is als ‘een handleiding om een ​​hopeloze guerrillastrijd te ontleden.’

Bron
* Diario de Cuba, 29 juli 2017

Advertenties