Suriname weigert asiel aan 16 Cubaanse migranten

President Desi Bouterse van Suriname weigert 16 Cubaanse migranten asiel te verlenen. De Cubanen raakten in Suriname nadat president Obama op 7 januari jl. een einde maakte aan het ‘droge voeten-natte voeten’ beleid.

suriname-damas-de-blanco

Enkele Cubanen met in het midden Ivoiny Moralobo Melo van de Damas de Blanco

‘Cuba is een bevriende natie. Wij verlenen geen politiek asiel aan hen die denken hier te kunnen spelen,’ aldus Bouterse die er op wees dat de groep Cubanen naar hun land zullen worden teruggestuurd. De Minister van Commercie, Industrie en Toerisme, Ferdinand Welzijn, herhaalde gisteren in de Nationale Assemblee het standpunt van Bouterse, maar zei ook dat de zaak in studie was genomen. In geen geval zal er sprake zijn van politiek asiel. De Cubanen verblijven al 7 maanden in Suriname en hopen met steun van het Rode Kruis en de VN-organisatie voor Vluchtelingen, UNHCR, een status als vluchteling te kunnen krijgen. De UNHCR helpt de Cubanen met kleding, voedsel en een dak boven het hoofd.

Damas de Blanco
Onder de Cubanen zijn twee leden van de mensenrechtengroep Damas de Blanco. ‘Onze levens en fysieke integriteit lopen in dit land gevaar,’ zeggen Ivoiny Moralobo Melo en Joisy Jaramillo, leden van de Damas de Blanco. Zij laten de redactie van de websitekrant 14ymedio, telefonisch weten angst te hebben teruggestuurd te worden naar Cuba. ‘Wij zijn leden van de oppositie, alles kan ons overkomen als we moeten terugkeren naar het regime dat we ontvluchtten’, aldus de activiste. Sinds 2 weken bezetten de Cubanen een plaats tegenover het kantoor van het Rode Kruis in Paramaribo. Van de UNHCR ontvingen ze inmiddels documenten waarin zij worden erkend als vluchtelingen. Toen ze deze papieren wilde legaliseren bij het immigratiekantoor van Suriname werden ze weggestuurd en werd gedreigd met arrestatie door de Surinaamse politie.

Vier minderjarigen
De groep telt vier minderjarigen die niet naar school kunnen gaan en geen medische zorg hebben. De namen van de Cubanen zijn: Ivoiny Moralobo Melo, 36 jaar oud, Dariana Villegas Moralobo (12), Yariana Villegas Moralobo (11), Servilio Villegas Marrero (49), Joisy Jaramillo Sánchez (37), Xadany Rosales Jaramillo (10), María Hortencia Milián Pedroso (58), José Antonio Moreira Lafita (53), Yoan Manuel Rojas Milián (33), Ailín Castro Llorens (28), Jeison Samuel Rojas Castro (6), Víctor Cuello Milián (41), Yolanda Peñalver Sáez (52), Yoesmel Rodríguez Peñalver (30), Denys Abraham Cuello Peñalver (19) en Pavel Herrera Hernández (44).

Bron
* Mario J. Pentón, Miami op de website van 14ymedio, 21 juni 2017
Link
* Gesprek met Ivoiny Moralobo Melo (Damas de Blanco) in Paramaribo

Latijns-Amerikaanse vakbonden willen vrije verkiezingen in Cuba

Vakbondsleden uit heel Latijns-Amerika hebben tijdens een bijeenkomst in Bogota de Cubaanse regering gevraagd vrije verkiezingen op het eiland te organiseren. Volgens het congres van het Democratisch Vakbonds Alternatief / Alternativa Democrática Sindical (ADS) is dat de juiste weg naar ‘het vrij functioneren van politieke partijen, vakbonden en andere maatschappelijke organisaties’, die de ‘bemoeienis van de staat beperken en de burger krachtiger maken’. Vier Cubaanse vakbondsleden kregen geen toestemming het congres te bezoeken. Vier anderen Maidolis González Blanco, Felipe Carreras, Emilio Alberto Gotardi en Yamilka Mejías geraakten vanuit Cuba wél in Bogota.

vakbond-bogotao-ads-over-cuba

Latijns-Amerikaanse vakbondsleden in Bogota bijeen

De bijeenkomst van het Alternativa Democrática Sindical de las Américas (ADS), was ook de oprichtings bijeenkomst van deze nieuwe onafhankelijke vakbondsgroepering. Latijns-Amerika kende al een continentale vakbondsgroepering Vakbondsconfederatie voor de Amerika’s / Confederación Sindical de las América (CSA), genoemd. De oprichters van de nieuwe organisatie ADS, waaronder Julio Roberto Gómez, de leider van de grootste vakcentrale van Colombia CGT, achten deze ‘te weinig onafhankelijk’ tegenover de regeringen van Venezuela, Brazilië, Ecuador, Bolivia, Nicaragua, Chili en Argentinië’. Op het congres waren ook enkele vertegenwoordigers van de vrije vakbeweging Coalición Sindical Independiente de Cuba / Onafhankelijke Vakbondscoalitie van Cuba (CSIC) aanwezig. Naast vrije verkiezingen wordt ook aangedrongen op ‘intrekking van de huidige Arbeidswet en vervanging door een wet tot stand gekomen door raadpleging van sociale organisaties en in overeenstemming met de internationale arbeidsnormen.’ Ook wordt ruimte geëist voor de legalisering van het werk van vakbonden en ‘het vastleggen van het stakingsrecht en op vrije collectieve onderhandelingen.’

logo-alternativa-adsMissie Cuba
Ook wordt de Internationale Arbeidsorganisatie (OIT) gevraagd een missie te sturen naar Cuba ‘om de situatie van de vakbondsvrijheid en andere fundamentele rechten te onderzoeken.’ In deze resolutie wijzen de Latijns-Amerikanen vakbondsmensen op de actuele situatie in het land dat onderworpen is aan ‘een één-partijdictatuur’, waar sprake is van tekorten en ongelijkheid, repressie van de zijde van het regime tegen de politieke oppositie en de ontmaskering van de ‘mythes van het regime’ op het gebied van de opvoeding, gezondheidszorg en sport.’ De nieuwe regionale groepering Alternativa Democrática Sindical de las Américas (ADS) omvat 30 vakorganisaties uit 15 landen waaronder Chili, Panamá, Colombia, Brazilië, Puerto Rico en Mexico*. De Alternativa Democratica Social (ADS) wil ‘een vrijheidslievend antwoord zijn’ op de regeringen die het model van Fidel Castro en Hugo Chávez in Latijns-Amerika volgen. De organisatie ontstond in april 2016 in Brazilië toen tijdens een congres van de reeds bestaande continentale organisatie CSA een groep vakbonden uit protest het congres verlieten. De CSA weigert op dit moment de nieuwe organisatie te erkennen. Internationaal maakt de CSA deel uit van het Internationaal Verbond van Vakverenigingen IVV. De Nederlandse vakcentrales CNV en FNV zijn bij deze wereldorganisatie met hoofdzetel in Brussel, aangesloten.

Bron
* Diario de Cuba, 2 mei 2017
clat-nederland-affiche-vrijheid-arbeidersbeweging-sjarel
Noot

* Het congres van de ADS (16 tot 20 april 2017) in Bogota werd bijgewoond door 400 afgevaardigden. Naast de CGT van Colombia waren dat de Fuerza Sindical de Brasil; de Confederación Revolucionaria de Obreros y Campesinos (CROC) en de Central de Trabajadores de México (CTM), beiden uit Mexico; uit Venezuela de Confederación de Trabajadores de Venezuela en de Central Autónoma de Trabajadores. Ook waren aanwezig de Peruaanse Confederación de Trabajadores del Perú; de Central Nacional de Trabajadores van Paraguay; de Unión Nacional de Trabajadores Chile; de Central General Autónoma de Trabajadores uit Panamá; de Confederación de Trabajadores del Ecuador; de Central Puertorriqueña de Trabajadores uit Puerto Rico, de Confederación de Trabajadores de Honduras; de Central Autónoma de Trabajadores uit Chili en de Federación de Trabajadores van Aruba. Vanuit Cuba namen leden van de Coalición Sindical Independiente de Cuba / Onafhankelijke Vakbondscoalitie van Cuba (CSIC) deel. Een groot deel van deze bonden maakte voorheen deel uit van de in 2006 ontbonden onafhankelijke Latijns-Amerikaanse Arbeiderscentrale CLAT.

Crisis Venezuela dwingt tot ingrijpende bezuinigingen in 2018

De Cubaanse partijkant Granma kondigde vrijdag j.l. voor 2018 nieuwe bezuinigingen aan na twee jaar van inkrimping van diverse budgetten. Oorzaak is de crisis bij de socialistische bondgenoot Venezuela.

honger-hambre-venezuela-april2017.jpgm

Honger in Venezuela

Cuba verminderde vorig jaar op drastische wijze haar importen en bracht ook het gebruik van olie en elektriciteit terug. Voor de eerste maal in bijna een kwart eeuw maakte het eiland een recessie door. ‘Uitgangspunt (van het plan voor 2018) is het terugbrengen van de uitgaven voor productie en diensten op een lager niveau dan in 2017 door meer efficiëntie en door een daling van het kostenniveau,’ aldus een citaat uit een brief van de Minister van Economische Zaken, Ricardo Cabrisas, aan zijn collega-ministers. Begin 2014 heeft Venezuela de levering van gesubsidieerde olie aan Cuba ten gevolge van de daling van de olieprijs op de wereldmarkt verminderd. Ook de betalingen van Venezuela voor diensten verleend door Cubaans medisch personeel is verlaagd. Ook andere olieproducerende landen als Angola en Algerije hebben op dit moment te weinig financiële ruimte om voor de diensten van Cuba te betalen.

eerste-mei-2016-minsap

Onze Kracht is de Eenheid. Onder dit motto nemen Cubaanse burgers vandaag deel aan de Eerste Mei. Op Facebook Cubadebate is de viering vanaf 13.15 uur Nederlandse tijd, te volgen.

Betalingsproblemen                         
De boom in het toerisme is onvoldoende om aan de behoefte aan harde valuta te voldoen. Cuba publiceert geen actuele cijfers over schulden, betalingsbalansproblemen en andere geldstromen. President Raúl Castro gaf een jaar geleden al toe dat het land slecht bij kas zat en moeite had leveranciers te betalen. Hij dankte hen voor hun geduld. Hij zei in december 2016 tijdens een zitting van het parlement dat de economische groei met 1% was afgenomen terwijl de drie voorafgaande jaren sprake was van een groei van 3%. Deze maand kwamen al storingen voor bij de gastoevoer en de levering van consumptieartikelen was dit jaar wisselend. Diplomaten en buitenlandse ondernemers zeggen dat partners in joint-venture-bedrijven met moeite hun winsten kunnen overmaken omdat de staatsbanken over te weinig cash beschikken. Granma schreef dan ook: ‘Het moet worden benadrukt dat het plan voor 2018 objectief moet zijn en aangepast aan de inkomstenbronnen waar het land over beschikt.’

Bron
* Marc Frank, persbureau Reuters, 28 april 2018

Link
* Partijkrant Granma over de Ministerraad en het Plan 2018, 27 april 2018

Noot
* De economische relaties met Venezuela zijn voor Cuba van levensbelang. Volgens de econoom Carmelo Mesa-Lago is 21% van het Bruto Intern Product van het eiland er afhankelijk van. De subsidie van Caracas aan Havana bedroeg jaarlijks 10 miljard dollar o.a. in de vorm van goedkope olie. Die steun is volgens diverse bronnen teruggebracht tot 7 miljard dollar. Een even grote steunpilaar voor Cuba zijn de dollarovermakingen, pakketten en reizen vanuit de VS. In 2016 ging het om 7 miljard dollar. Het maakt de afhankelijkheid van de Cubaanse economie van het buitenland nog groter. Het eigen productieapparaat (suiker, tabak, nikkel en geneesmiddelen) levert jaarlijks 4 miljard dollar op. Het toerisme zorgt voor 1 miljard dollar aan inkomsten. Een verder instorten van het Chavisme in Venezuela heeft ook gevolgen voor de energiesector. Tot voor kort ontving Cuba 36 miljoen vaten olie jaarlijks, dat is 61% van de nationale consumptie. Nu is dat gedaald tot 19,3 miljoen vaten. Een deel van de Venezolaanse olie wordt na verwerking in de raffinaderij van Cienfuegos doorverkocht en levert het land jaarlijks 720 miljoen dollar op.

Cubaanse media onmachtig de crisis in Venezuela te verklaren

De Cubaanse regering is in groeiende mate bezorgd over het toenemende isolement waar de Venezolaanse regering van Nicolás Maduro in terecht is gekomen. Eind maart nam het Venezolaanse Hooggerechtshof alle grondwettelijke bevoegdheden van de Nationale Assamblee, het parlement, over. De Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) vergeleek de stap met een coup tegen zichzelf. Peru riep zijn ambassadeur in Caracas terug uit protest tegen wat het land omschreef ‘een schaamteloze breuk met de democratische orde’. Ook Chili, dat in tegenstelling tot de meeste Zuid-Amerikaanse landen een linkse president heeft die terughoudend is met kritiek op Maduro, heeft zijn ambassadeur terug geroepen voor overleg. Mexico riep Venezuela op ‘de democratische orde te herstellen’. Ook Brazilië, Argentinië, Colombia, Panama, Guatemala en Canada spraken hun bezorgdheid uit. Een dag later draaide het hooggerechtshof in Venezuela het besluit om het parlement buiten spel te zetten, weer terug. Ook president Maduro drong daar toen op aan. Het onheil was toen echter al geschied.

maduro-raul-castro-havana

Maduro en Castro in Havana

De gecontroleerde media in Cuba kunnen met moeite het dreigende isolement van Venezuela in Latijns-Amerika uitleggen. Het land was immers, zeker onder Maduro’s voorganger Hugo Chávez samen met Cuba, de fakkeldrager van de revolutie in dit continent. Het dagblad Juventud Rebelde, publiceerde op 6 april een ooggetuigeverslag van een medewerker in Caracas. Zij beschrijft zich te bevinden in een land zo rijk aan natuurlijke grondstoffen dat nu lijdt onder de consequenties van ‘een economische oorlogvoering en zijn trouwe bondgenoot de media.’ En de journaliste stelt zich de vraag hoe het mogelijk is dat Venezuela schietschijf is geworden in een oorlog op leven en dood.

venezuela-jeugd-bolivariana

Steun voor Maduro van de Bolivariaanse jeugdbeweging in Venezuela

Verdeling van machten
Eerst moet worden uitgelegd dat deze ‘oorlog op leven en dood’ niet gericht is tegen Venezuela maar tegen het regime. Vervolgens moeten de arrestaties van politieke tegenstanders verklaard worden en de weigering om de kalender van de verkiezingen te accepteren, die de meerderheid van de Venezolanen wilde. Daarmee stuitte president Maduro op een van de fundamenten van de rechtstaat: de verdeling van de machten. De chavistische autoriteiten hebben door het onmogelijk maken van wetgevende arbeid van de Nationale Assemblee, een genadeslag toegebracht aan de scheiding der machten zoals die bestaat in elke staat die zich democratisch noemt. En zulk gedrag leidt onherroepelijk tot de vijandschap van een overgroot deel van de naties in Latijns Amerika, verbonden in de Organisatie van Amerikaanse Staten / Organización de Estados Americanos (OEA).

assambleanacional

Nationale Assemblee in Cuba

Geen scheiding der machten
Voor het regime in Cuba heeft de scheiding van de machten geen enkele betekenis. Daar lopen de wetgevende activiteiten en uitvoerende taken door elkaar heen en worden in dezelfde ruimte van de Asamblea Nacional del Poder Popular even gemakkelijk door de regering als door de volksvertegenwoordigers uitgeoefend. En wat de rechterlijke macht betreft, bezit in elk geval de allergrootste meerderheid een lidmaatschapskaart van de regerende communistische partij, de enige partij die is toegestaan.

grondwet-Guaimaro-10 april 1869

De grondwet van Guáimaro was een wettekst opgesteld door jonge stedelijke rebellen uit het Cubaans verzet tegen de Spaanse machthebbers tijdens de Tienjaren Oorlog tussen 1869 tot 1878. De wet was een reactie op de alleenmacht van Carlos Manuel de Céspedes, eigenaar van suikerrietplantages die op 10 oktober 1868 in de provincie Oriente de onafhankelijkheid van Cuba had uitgeroepen. Hij zou, aldus zijn jonge rivalen in de strijd om de onafhankelijkheid, zijn grondgebied leiden als ‘een Spaanse koloniale gouverneur’. De jonge rebellen vormden hun eigen Revolutionair Comité en verwierpen het conservatisme van Céspedes en zijn claim op het leiderschap. Zij kwamen bijeen in Guáimaro, provincie Camagüey. Een van hun leiders was de jonge radicale advocaat Ignacio Agramonte. Hij zei: ‘Wij, Camagüeyanen zijn vastbesloten niet afhankelijk te willen zijn van welk type dictatorschap dan ook, noch het voetspoor te willen volgen van de eerste autoriteit van het departement Oriente’. (bedoeld wordt De Céspedes, redactie). Het Revolutionair Comité kondigde ook aan dat in de gebieden die zij controleerde ‘de militaire macht onderworpen is aan de burgerlijke macht en dat de autoriteit van de laatste ingeperkt wordt door de Rechten van de Mens.’

Grondwet van Guáimaro
Juist deze maand op 10 april 1869 is het 148 jaar geleden dat de strijders voor de Cubaanse onafhankelijkheid bijeenkwamen in het plaatsje Guáimaro (provincie Camagüey) om de eerste grondwet van de Republiek op te stellen. Een Magna Charta waarin de scheiding der machten werd vastgelegd als basis voor de regering. En in 1873 bleek dat dit functioneerde met het terugtreden van president Carlos Manuel de Céspedes op instigatie van het Huis van Afgevaardigden. (zie ook kader) De officiële media hebben de gewoonte bij de herdenking van deze gebeurtenis te wijzen op het feit dat Carlos Manuel de Céspedes slachtoffer werd van verraad of een staatsgreep. Men verzwijgt echter te melden dat het handelen van de Kamer van Afgevaardigden een reactie was op zeker dictatoriale trekken van de president. Het optreden van de Kamer van Afgevaardigden was in overeenstemming met de geest van de liberaal-democratische opvattingen van de mannen die in 1868 de jungle introkken. Die geest lag ten grondslag aan onze nationaliteit. Deze houding karakteriseerde ons lang voordat de ideeën van socialisten of marxisten ontstonden.

luis-almagro-oas

Luis Almagro

Verzwijgen
Het gezichtspunt van de naar Caracas gestuurde journaliste van Juventud Rebelde past precies in het frame dat het Cubaans regime rond de situatie in Venezuela maakte. Volgens die invalshoek is alles niet meer dan een obsessie van de secretaris-generaal van de OAS, Luis Almagro die de orders van Washington uitvoert om de Bolivariaanse revolutie te vernietigen. Die aanpak om alles weer te geven in zwart-witte tinten en niet de nuances te zien, vernietigt de geloofwaardigheid van de officiële pers. Deze media verwijzen bijvoorbeeld naar ‘een groep van landen die een minderheidspositie innemen’ in een verwijzing naar de landen in de regio die de bijna-staatsgreep in het vaderland van Simon Bolívar durfden te bekritiseren. Tevergeefs moeten de lezers van de partijkant Granma of Juventud Rebelde zoeken naar de namen van die landen die deel uitmaken van ‘die groep van landen met een minderheidspositie.’ Hoe zouden zij anders de Cubaanse lezers moeten uitleggen dat ook een linkse regering, zoals de democratisch linkse regering van Chili en in niets onderworpen aan Washington, zich aansloot bij de eisen van de OAS tegen de regering van Maduro?.

Bron
* Orlando Freire Santana op de website Diario de Cuba, 10 april 2017

Link
* In De Wereld Morgen van 7 april verscheen een analyse van de ‘Diplomatieke oorlog in Latijns-Amerika’. De auteur Guido De Schrijver schaart zich volledig aan de zijde van president Maduro en verdedigt de harde vervolging van leden van de oppositie in Venezuela. Hij spreekt niet over de scheiding der machten, maar over ‘de clash der machten’.

Hoe Cubanen in Venezuela worden uitgebuit

Duizenden artsen en andere beroepskrachten uit de gezondheidssector en uit de wereld van de sport werken in Venezuela en ontvangen nog geen tien procent van wat de Cubaanse overheid krijgt voor hun diensten. Vicente Morin Aguado berekende hoeveel deze deal de Cubaanse regering oplevert.

medicos-cubanos-graduados

Geslaagde Cubaanse artsen

De Cubaanse economie verkeert definitief in recessie, hoewel het officiële politieke woordenboek in Cuba dit woord niet kent. Anticiperend op een daling van het Bruto Binnenlands Product (BBP) met 0,9 procent wees superminister Marino Murillo er op 8 juli vorig jaar op dat er problemen zouden zijn die te wijten zijn aan ‘de daling van de prijs van aardolie en  nikkel, de tegenvallende suikerproductie en andere begrote inkomsten.’ Dezelfde dag erkende de Cubaanse oud-minister van Economie José Luis Rodríguez – geen banneling – op de website Cubadebate, dat de verliezen verbonden met de genoemde Cubaanse olieverkopen het afgelopen jaar meer dan 500 miljoen dollar bedroegen. Het betreft vooral oliederivaten afkomstig uit de raffinaderij van Cienfuegos. Toch vormen deze miljoenen niet meer dan de zichtbare façade van een zes keer grotere handel die in detail moet worden ontleed. Het gaat om wat wel de ‘hersenschim van het zwarte goud’ wordt genoemd.

Getuigenissen van deskundigen, samen met de stem van enkele slachtoffers, illustreren de kwestie:

carmelomesalago3

Carmelo Mesa Lago

Carmelo Mesa Lago (1934), nog werkzaam, emeritus professor aan de Universiteit van Pittsburgh en auteur van een omvangrijke bibliografie over de economie van zijn land: ‘Ik heb uitgerekend dat Venezuela voor iedere beroepskracht gemiddeld 10.600 euro per maand betaalt (127.200 per jaar), het is een verkapte financiële steun voor de Cubaanse overheid, die maar een fractie (ervan) betaalt aan haar artsen.’

En de mening van artsen en ander medisch personeel die bij terugkeer van hun internationale missie hun mening gaven en anoniem willen blijven aangezien ze in Cuba wonen:

Magdalena, sportster: ‘De uitbetaling gebeurt in de vorm van een pasje dat je in Cuba laat. Vóór je vertrekt weet je hoeveel je per jaar zult krijgen, ik kreeg bijvoorbeeld ruim 4.000 CUC per jaar (333 per maand). Dat geld komt beschikbaar bij terugkeer, met de optie om iemand anders in Cuba dit geld te laten opnemen in maandelijkse termijnen. Het voordeel van het pasje is dat je, als je spaart, bij terugkeer dertig procent korting krijgt op aankopen in deviezenwinkels (TRD).’

Ana Irma, groepsleidster: ‘In Venezuela krijg je een vergoeding voor persoonlijke onkosten: voeding, lichaamsverzorging en dergelijke, die niet toereikend is omdat deze in Bolívars tegen de officiële wisselkoers  wordt uitgekeerd. Voor wat eerst 100 Bolívars kostte betaal je nu met wat geluk 300 Bolívars, en dat geldt voor alles. De meeste medewerkers vragen dollars aan hun familie om in hun levensonderhoud te voorzien, omdat de Amerikaanse munt tegenwoordig de enige met echte waarde is.’

Alfredo, technicus in de gezondheidszorg: ‘In mijn geval was het 325 CUC per maand. In het algemeen ontvingen wij als ontwikkelingswerkers per maand tussen de 200 en 350 CUC, ter beschikking in Cuba als je aan alle vereisten voldoet, zoals discipline en een juiste politieke-ideologische instelling.’

medic0-venezuela-entre-septiembre-del-2013-e-igual-mes-del-2014-unos-700-medicos-y-sanitarios-cubanos-se-fugaron-del-pais-sudamericano

Cubaanse medici in Venezuela

Uitbuiting
De mate van uitbuiting berekenen is lastig, omdat er hierover geen openbare informatie is; na raadpleging van meer dan honderd journalistieke verslagen, achtergrondartikelen en interviews met deskundigen, blijkt er geen gedocumenteerde verwijzing te bestaan naar het verdrag dat Venezuela en Cuba hebben ondertekend om de voorwaarden van de overeenkomst vast te leggen. Zelfs de slachtoffers kennen niet meer dan het sobere en verplichte contract dat zij hebben geaccepteerd onder de stilzwijgende voorwaarde van take it or leave it, en verder, let goed op de consequenties! Niettemin maakt een geduldige bestudering van verschillende bronnen een betrouwbare berekening mogelijk. Uiteenlopende publicaties, waaronder die van de Cubaanse overheid, wijzen allemaal op een dagelijkse levering van maximaal 105.000 en gemiddeld ongeveer 90.000 vaten olie over de afgelopen 13 jaar. Nu is dat teruggelopen naar 53.500 vaten olie, met als substituten stookolie, diesel en lpg, surrogaten die samen uitkomen op ongeveer 83.130 vaten, overeenkomend met gegevens van PDVSA, de de Venezolaanse staatsoliemaatschappij. Het aantal ontwikkelingswerkers per jaar was 40.000, maar dat liep terug naar ongeveer 30.000. Dit laatste cijfer vormt het uitgangspunt voor de uiteindelijke berekening van de uitbuiting.

Samenvatting:

  1. De onkostenvergoeding die de Cubanen op internationale missies ontvangen telt niet mee, omdat die niet eens voldoende is om fatsoenlijk van te leven in het huidige Venezuela.
  2. De maandelijkse betalingen in CUC bedragen omgerekend 2.400 tot 4.200 per jaar, equivalent aan Amerikaanse dollars, maar de Cubaanse beroepskracht ontvangt die in een vooral virtuele vorm, omdat het pasje wordt gebruikt om er goederen mee te betalen in de deviezenwinkels, waar het staatsmonopolie van de binnenlandse handel de prijzen bepaalt met hoge winstmarges.
  3. Het gewone salaris, in Cubaanse nationale peso’s (CUP), levert de ‘revolutionaire zendeling’ met opsparen een door de staat betaald minimuminkomen op van 300 tot 1.000 CUC per jaar, tegen de officiële wisselkoers van 25 CUP voor 1 CUC.

Iedere internationalist kost de Cubaanse overheid per jaar tussen de 3.000 en 5.000 CUC (250 tot 415 per maand) en brengt diezelfde overheid gemiddeld meer dan 100.000 dollar op. De oliedollars uit wederverkoop aan derde landen zijn een andere kwestie, die gaan direct in de kas van de Cubaanse Centrale Bank.

olieraffinaderij-cienfuegos-cuba-venezuela

De olieraffinadeij in Cienfuegos waar een deel van de Venezolaanse olie wordt verwerkt

Conclusies:
Als we uitgaan van een gemiddelde levering van 90.000 vaten olie per dag, tegen de prijs van de oliebonanza die nu voorbij is, bedroegen de inkomsten van de Cubaanse staat ruim 3 miljard dollar per jaar. Bij deling van die eerdere inkomsten door het aantal van 30.000 ontwikkelingswerkers ligt de uitkomst rond de 10.000 dollar per maand per individu, een bedrag dat overeenkomt met wat de academicus Mesa Lago hanteert voor de betaling door Venezuela aan de overheid van Cuba voor haar beroepskrachten. Het obligate applaus voor de door de Cubaanse staat uitgezonden werknemers, doet niets af aan het feit dat deze Cubanen worden geëxploiteerd. Maria Werlau, deskundige op dit gebied en promotor van het project Cubaarchive.org, preciseerde het als volgt in haar getuigenis voor de Amerikaanse Senaat: ‘Het feit dat de slachtoffers instemmen met de exploitatie is niet van belang. Het Protocol inzake Mensenhandel uit 2000, een aanvulling op de Conventie tegen Internationale Georganiseerde Misdaad, stelt dat er sprake is van mensenhandel bij misbruik van macht of bij een situatie van kwetsbaarheid, of bij het verlenen of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming te verkrijgen van een persoon die gezag heeft over een ander met als doel exploitatie.’

Bron
* Vicente Morin Aguado in Havana Times en Diario de Cuba, januari 2017

Cubanen blijven naar Panama komen

Ruim 300 Cubanen houden zich op dit moment schuil in kerken in de hoofdstad van Panama en in het hoofdkwartier van de hulporganisatie Caritas bivakkeren 80 Cubanen die hopen dat de regeringen in deze regio toestemming geven om via Mexico in de VS te geraken. Panama heeft ongeveer 9.000 illegale Cubaanse vluchtelingen opgenomen.

migatie-Cubanos-atraviesan-Darien-Panama-augustus 2016

Cubanen trekken door de jungle van Darien om in Panama te geraken

‘In het hoofdkwartier van Caritas hebben we ongeveer 80 Cubanen opgenomen, maar in onze parochies tellen we nog eens 300 Cubaanse burgers’, aldus Denia Manguelis, een medewerker van Caritas. De huidige situatie maakt de migratiecrisis zichtbaar die in november vorig jaar ontstond toen de Nicaraguaanse regering besloot de grenzen van het land te sluiten voor Cubanen vanwege ‘de nationale veiligheid.’ Manguelis: ‘Het is onze plicht als katholieken deze mensen op te vangen. Elke dag komen er nieuwe Cubanen, maar woensdag was er sprake van een zeer omvangrijke groep.’ De katholieke organisatie is gevestigd in de wijk Ancón in Panama-Stad en het gebouw is volgestouwd met matrassen waarop Cubanen slapen die wachten op een boodschap van de lokale autoriteiten. ‘Wij hopen dat de president van Panama (Juan Carlos Varela,) ons zal helpen om onze droom waar te maken en dat we naar de VS kunnen gaan,’ zegt Efe Odiky Hernández, die eind vorig jaar Cuba verliet toen op het eiland ‘alles bij het oude bleef’. (…) ‘De emigranten krijgen voedsel en medische hulp, want velen hebben last van huidaandoeningen en pijnlijke voeten vanwege het vele lopen,’ aldus de medewerker van Caritas.

migratie-Cubanos en un albergue de Cáritas Panamá

Cubanen in een centrum van Caritas in Panama

Groeiend aantal vluchtenden
‘Mijn vrouw is acht maanden zwanger en het is een risicovolle zwangerschap. Wij trokken door een deel van de jungle van Darién (aan de grens met Colombia), maar toen is ze ziek geworden en besloten de autoriteiten in Panama haar naar de hoofdstad te brengen. Ik bleef hier achter en we hebben elkaar enkele dagen geleden weer gezien,’ aldus Hernández. Het besluit van de Nicaraguaanse regering de grens te sluiten maakte dat eind vorig jaar ongeveer 8.000 migranten, in meerderheid Cubanen, zich ophielden in Costa Rica en Panama. Beide landen besloten toen tot het organiseren van enkele speciale vluchten naar enkele Mexicaanse steden. Maar de vlucht aan migranten stopte niet en beide landen besloten toen hun grenzen te sluiten voor illegale immigranten, eerst Costa Rica in december 2015 en later Panama op 9 mei jongstleden.

Wetswijziging?
De vlucht van Cubanen naar Midden-Amerika via landen als Brazilië, Ecuador, Guyana en Colombia was de laatste jaren al een groeiend verschijnsel maar is in omvang toegenomen na de verbetering van de relaties tussen de VS en Cuba. Veel Cubanen vrezen dat de normalisatie zal leiden tot intrekking van de zogeheten Ley de Ajuste Cubano (1966).

Bron
* Persbureau EFE
* De Amerikaanse wet Cuban Refugee Adjustment Act / Ley de Ajuste Cubano, biedt Cubanen, die het eiland ontvluchten en Amerikaanse grond aanraken automatisch een verblijfsvergunning, in tegenstelling tot vluchtelingen uit andere Latijns Amerikaanse landen. De Cubaanse regering spreekt over de Ley Asesina / Moorddadige Wet omdat zij Cubaanse burgers zou aanmoedigen onder gevaarlijke omstandigheden en illegaal het land te verlaten.

Halvering Venezolaanse olie aan Cuba

De Cubanen moeten hun consumptie van stroom en benzine aanpassen. Oorzaak hiervan is de halvering van de levering van Venezolaanse olie aan Cuba.
Olietanker-Venezuela
Cuba krijgt ruwe olie voor raffinage aangeboden tegen lage Chavez-tarieven. De staatsoliemaatschappij Petróleos de Venezuela SA (PdVSA) ontkent dat Venezuela haar olie-exporten naar Cuba definitief heeft aangepast. Wel zouden er ‘technische problemen’  zijn met de Cienfuegos raffinaderij op Cuba. Die situatie blijft zeker nog 4 maanden duren, aldus het bedrijf.
Bron en verdere informatie: Knipselkrant Curacao