Cubaanse militairen nemen historische binnenstad Havana in bezit (deel 2)

Van alle toeristen die Cuba bezoeken, gaan er 55% naar de hoofdstad en 90% van hen bezoekt het historisch centrum. De inkomsten groeien reusachtig; in dit deel van de stad wordt in verhouding 10 maal zoveel aan een toerist verdiend dan in de gehele stad. ‘Het beste deel van de taart is Oud-Havana. Dat weet iedereen,’ zegt een verpleegster die werkt in een bejaardenhuis gefinancierd door het Bureau (Oficina del Historiador de La Habana) dat werd geleid door de ‘historiador’ Eusebio Leal. Deze moet een stap terugdoen ten gunste van de economische projecten van de militairen.

plaza-vieja-oud-havana

Plaza Vieja in Oud-Havana

Leal bevestigt dat het Bureau enkele financiële instrumenten behoudt, inclusief de 5% belasting die het kan opleggen voor publieke of particuliere activiteiten in de historische binnenstad. Ook de museawinkels blijven bijdragen. Ook de bijdragen van overheidsinstellingen zullen doorlopen. Het Bureau kon vooral sterk groeien in de eerste 10 jaar van deze eeuw toen Leal de boulevard Traditional Malecón (2003) en Chinatown (2005) kon toevoegen aan zijn portfolio. Toen door publicaties in de onafhankelijke media informatie bekend werd over corruptie, werden enkele bedrijven van het Bureau door andere staatsinstellingen overgenomen. Een Cubaanse econoom die anoniem wil blijven meldt dat ‘dit proces van ontkoppeling langzaam verliep hoewel de landelijke kascontrolecommissie  een grote verduisteringszaak op het spoor kwam. Maar men wilde Leal niet beschuldigen omdat hij daar niets mee te maken had en nam men hem in bescherming. Het beste leek het hem de verantwoordelijkheid van enkele bedrijven af te nemen. Leal ontkent deze zaak en zegt ‘overal waar iemand bereid is zijn ziel aan de duivel te verkopen, zullen er ook administratieve corruptieschandalen voorkomen.’

Corruptie
Maar er zijn ook andere verklaringen zoals die van Eugenio Yanez, een Cubaanse academicus die behoort tot het studiecentrum Cubanálisis. die zegt dat met deze handelwijze drie problemen zijn opgelost. ‘Ten eerste heeft Raúl Castro een pragmatischer houding en zou hij de voorkeur geven aan een gespecialiseerd management verantwoordelijk voor al dit soort zaken in Havana. Verder zijn er de berichten over de verslechterde gezondheidssituatie van Eusebio Leal en ten derde is er het probleem van serieuze corruptie bij het Bureau. De landelijke kascontrolecommissie heeft kwalijke zaken ontdekt. De oplossing lijkt dan alles over te dragen aan het leger, dat het vertrouwen heeft van Raúl.’

obama-kapper-Gilberto Valladares (Papito)

Kapper Gilberto Valladares (Papito) die met Obama sprak over kleine ondernemers

Kleine zelfstandigen
Cuentapropistas of kleine zelfstandigen in Oud Havana voelden zich beschermd door het Bureau en enkelen hebben twijfels over de transfer van het erfgoed naar het legerconglomeraat. Een van hen, Reinaldo die zich met mode bezighoudt zegt: ‘De staat promoot vooral zijn eigen restaurants, hotels en denkt dan pas aan de kleine zelfstandigen. Wat zal er nu gaan gebeuren?’ Camilo Condis, kleine zelfstandige die met de kapper Gilberto Valladares (Papito), samenwerkt – de kapper waarmee Obama sprak tijdens zijn bezoek aan Cuba – zegt dat de kleine particuliere ondernemingen in Havana hebben gefunctioneerd als de aanjagers van de lokale ontwikkeling. ‘Zonder het Bureau zou het nooit mogelijk zijn geweest datgene te doen wat we nu doen,’ verzekert hij op een bijeenkomst van het Verband vroor de Studie van de Cubaanse Economie  / Asociación para el Estudio de la Economía Cubana (ASCE).

Habaguanex-winkel

Een winkel van de keten Habaguanex

Vanaf 1 augustus ziet het Bureau (Oficina del Historiador de La Habana), dat minstens een derde van historische binnenstad van de ondergang redde, haar activiteiten teruggebracht tot kleine activiteiten als ’management van musea, promotie van culturele activiteiten en zorg voor het erfgoed,’ verzekert iemand van het cultureel Centrum Vitrina de Valonia. Niemand weet hoe vanaf  dat moment het proces van restauratie in de hoofdstad zal verlopen, maar velen vrezen dat de militairen niet weten om te gaan met de erfenis van het Bureau en meer zullen zoeken naar projecten die voor kortere termijn onmiddellijk winst opleveren zonder rekening te houden met de bewoners.

Bron
* Website 14ymedio, Luz Escobar en Mario J. Penton, Havana / Miami, 16 augustus 2016

Link

* Kaart met hotels, restaurants en café’s in Oud-Havana in bezit van het Bureau 

Gaat Rusland Cubaanse militairen trainen?

Kolonel-generaal Vladimir Shamanov, chef van de militaire transporten in Rusland, zei maandag in een interview met het Russische televisiekanaal Rossiya 24, dat een groep Cubaanse militairen Rusland zal bezoeken om deel te nemen aan trainingen over militaire luchtaanvallen. De ministers van Defensie van beide landen moeten nog akkoord gaan met dit plan.

militares-cuba-rusiaVolgens Shamanov hebben militaire vertegenwoordigers van beide landen de mogelijkheden besproken en moeten de ministeries van Cuba en Rusland nog toestemming geven voor de trainingen die een jaar zullen duren. Volgens deze hoge Russische militair zullen de trainingen plaatsvinden in de militaire school van Riazán, in het westen van Rusland. Vanuit Cuba zal een brigade van de Special Forces van het Cubaanse leger Fuerzas Armadas Revolucionarias de Cuba (FAR) deelnemen. Hij zei verder dat de Cubaanse partners ook geïnteresseerd zijn in militaire trainingen op Cubaans grondgebied waar Rusland dan militaire instructeurs voor levert. Wanneer het besluit wordt goedgekeurd zal dit op scherpe kritiek kunnen rekenen van de VS, die zich verzetten tegen de Russische aanwezigheid in Latijns-Amerikaanse landen en speciaal in Cuba. Cuba was lange tijd de plaats waar de botsing tussen de twee grootmachten in de Koude Oorlog zich afspeelde. Cuba was toen een militaire bondgenoot van de Sovjet-Unie.

Bron
* HispanTV, 3 augustus 2016

Geen modernisering Cubaans leger vanwege financiële situatie

De Russische deelname aan de modernisering van het Cubaanse leger wordt om financiële redenen belemmerd. Dat zegt Anatoli Punchuk, onderdirecteur-generaal van de Dienst Technische en Militaire Samenwerking in Rusland.

leger-militares-cubaIn een interview met Sputnik / RIA Novosti zegt Punchuk dat ‘Rusland bereid is actief mee te werken aan de modernisering van het Cubaans militair industrieel complex.’en hij voegt eraan toe dat men op zoek is naar mogelijkheden. Punchuk wijst op het eerste Russisch-Cubaanse seminar over technologische samenwerking op militair terrein dat in november 2015 in Havana plaatsvond. Daar werden de ambities van beide partijen op dit terrein geïnventariseerd. Daarna ontving Rusland verschillende verzoeken uit Rusland die door de desbetreffende Russische instellingen worden bestudeerd.
In februari 2016 werden aan de Cubaanse partners twee helikopters voor civiele diensten aan Cuba overgedragen; ze waren gebouwd in de helikopterfabriek van Kazan, onderdeel van de Groep Helikopters van Rusland, aldus Punchuk. Hij acht het niet waarschijnlijk dat Cuba in de toekomst nieuwe militaire helikopters zal kopen vanwege de moeilijke financiële situatie van het land. Een bron bij het militair-industrieel complex zei dat Rusland twee militaire helikopters Mi-17 aan de Cubanen had geleverd. Punchuk was in Santiago de Chili waar hij de Russische delegatie leidt op de Internationale Luchtvaartbeurs FIDAE die dinsdag begon.

Bron
* Sputnik, 31 maart 2016

Yoani Sánchez: Bonen, frijoles!!!!!

Klein en smaakvol. Zij lijken ons vanaf het bord aan te kijken en te lachen over de inspanningen die het ons kost, eraan te geraken. Zwarte bonen zijn niet alleen deel van onze traditionele keuken, zij vormen ook een effectieve graadmeter voor de kosten van levensonderhoud in Cuba. De prijsstijgingen waarmee deze lekkernij bonen het afgelopen jaar te maken kreeg, bewijzen hoe desastreus de economische politiek is, die door Raúl Castro wordt bepleit. 

bonen-zwarteToen de voormalige opperbevelhebber van het Cubaanse leger, in februari 2008 het presidentschap van het land overnam, gokten velen op het pragmatische karakter van de man. Zijn sympathisanten herinnerden ons onophoudelijk aan een van zijn uitspraken, waarin hij verzekerde: ‘Bonen zijn belangrijker dan kanonnen.’ Zij voorspelden dat onze nationale landbouw zou gaan functioneren zoals sommige boerderijen, geleid door het Ministerie van Defensie en het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT)*. Die hoop ging voorbij aan een uitspraak van José Martí, namelijk: ‘Een land wordt niet geleid zoals men een militair legerkamp commandeert.’ Het gedrag van soldaten in de loopgraven kan niet worden vergeleken met een dag in het leven van een boer.

Het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT) marcheert

29 november 2006: het EJT marcheert vanwege het 50-jarige bestaan van de strijdkrachten FAR en de 80ste verjaardag van Fidel Castro

Prijsstijgingen voedsel
De toespraken van Raúl Castro in de eerste jaren van zijn presidentschap tegen het oprukkende onkruid (marabu), schiepen verwachtingen, zoals zijn eerdere belofte op elke ontbijttafel van een Cubaan voor een glas melk te zorgen. De raulistas zagen in deze verklaringen een pleidooi voor groeiende productie van voedingsmiddelen en een stabilisering van de prijzen conform de werkelijkheid van de salarissen. Maar noch het een, noch het ander gebeurde. De consument heeft juist in de laatste maanden te maken met een aanzienlijke stijging van de prijzen voor landbouwproducten. Als het jaar startte met 12 tot 15 peso’s voor 1 pond zwarte bonen, eindigde het in december met een prijs tussen de 15 en 20 peso’s, het gemiddeld salaris van een dag. Het jaar 2015 eindigde zelfs met een torenhoge prijs van 30 peso’s voor een pond kikkererwten. Het gemiddelde salaris steeg slechts van 581 naar a 640 Cubaanse peso’s, ongeveer 25 dollar per maand. Het is een symbolische stijging van de koopkracht van de arbeiders die gelijk staat aan drie pond extra zwarte bonen per maand. De resultaten van Raúl Castro’s veel geprezen methoden verschillen niet veel van die van zijn broer Fidel Castro met zijn grootse landbouw- en veeteeltexperimenten.

markt-People shop at the El Egido food market in Havana, Cuba, in early December

Beeld van markt in Havana

Mislukking
Het leasen van land dat oorspronkelijk aan de staat toebehoorde, botste op de bureaucratie, de extreme controlemaatregelen en de slechte staat van het land dat aan de boeren  werd uitgereikt. El Trigal, de experimentele markt voor de groothandel, is verworden tot een opeenhoping van stalletjes, stinkende bananen en hoge prijzen. In werkelijkheid vind je gemakkelijker een appel die van duizenden kilometers ver komt dan een sinaasappel of chiromoya (Jamaica-appel) geplant in onze eigen velden. Volgend jaar zal het land voor 1,94 miljard dollar aan voedsel invoeren en niemand spreekt meer over de strijd tegen de woekerende marabu. ‘Ik moet mijn bonen verdienen,’ zegt een leraar ter rechtvaardiging van het feit dat hij na een werkdag zijn tijd besteedt aan het koken van varkensvlees met zwarte bonen en rijst (moros y cristianos) die hij illegaal verkoopt aan werknemers van een ziekenhuis. Ja, onze levens draaien, in voor- en tegenspoed, rond die heerlijke kleine bonen die we op ons bord wensen. Zij zijn, duur en lekker, de beste graadmeter van de algehele mislukking.

Bron
* Yoani Sánchez, 31 december 2015 op de website 14ymedio

Link
* De marabu rukt op. Ten strijde! Deze Cubaweblog op 3 november 2007.
* Het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT) is een paramilitaire organisatie onder commando van het Ministerie van Defensie, opgericht op 3 augustus 1973.

Cubaanse militairen gefêteerd (2)

De belangrijke maatschappelijke rol die de militairen – met name de officieren –  in de Cubaanse samenleving spelen, maakt dat zij kunnen rekenen op een serie privileges. ‘Zij leven beter dan wie ook in Cuba,’ zegt Brian Latell, een voormalige medewerker van de CIA, die in Cuba werkzaam was. Maar de lagere en middenrangen hebben juist hun levensstandaard achteruit zien gaan. Hier volgt het tweede deel van de recente reportage uit de New York Times over ‘de eerste omheinde gemeenschap in Cuba sinds de jaren vijftig.’

Een bewoner van het Project Granma in Havana werkt in zijn tuin, net buiten zijn appartement

Een bewoner van het Project Granma in Havana werkt in zijn tuin, net buiten zijn appartement

Carrièreofficieren geven nu de voorkeur aan vrienden of relaties in het buitenland of Cubanen die Miami bezoeken en terugkeren met iPhones of nieuwe kleding die in de stoffige staatswinkels onvindbaar zijn. Leden van de strijdkrachten moeten alle deviezen die zij uit het buitenland krijgen, verantwoorden en ‘niet-geautoriseerde contacten’ met buitenlanders wordt hen afgeraden. Zo wordt voor hen de weg afgesloten voor bepaalde aankopen en hebben zij geen mogelijkheid hun woningen te verbeteren of een kleine zaak te beginnen. ‘Het lijdt tot een exodus van getalenteerde mensen uit de staatssector naar de particuliere sector,’ zegt Fernando Dámaso (75), een uitgetreden kolonel die een blog bijhoudt vol kritiek op de regering. ‘De meeste militairen hebben de kwaliteit van hun leven zien achteruit gaan vergeleken met dat van een barman of iemand die een eigen zaak heeft. Zij zijn nu in het nadeel.’

Cubaanse opostzegel eert de strijdkrachten

Cubaanse postzegel eert de strijdkrachten

Vriendjespolitiek
De nieuwe wooncomplexen worden door veel Cubanen beschouwd als een vorm van vriendjespolitiek, zeker gezien de extreme tekorten in Cuba op het gebied van bouwmaterialen. Volgens officiële cijfers is het bouwbudget voor de militaire sector sinds 2012 verdubbeld. In combinatie met het Ministerie van Binnenlandse Zaken (in Cuba vaak omschreven als een filiaal van de strijdkrachten), is het leger nu de op een na grootste bouwondernemer van het eiland. Project Granma – vernoemd naar de boot waarmee Fidel Castro vanuit Mexico naar Cuba is gevaren om de revolutie te beginnen – is een voorbeeld van de militaire woonprojecten die overal in het land worden ontwikkeld. Het project in Santiago, waar de revolutie van Castro begon, lag onder vuur van Cubanen die nog in hun krotten wonen vanwege de schade van de orkaan Sandy.

Imitatie Florida
Maar in een poging om de particuliere sector tegemoet te komen of om het leven in het buitenland te imiteren, kan het geen toeval zijn dat de kleuren en de architectuur die in het Project Granma zijn toegepast, ook in de omgeving van Santiago – door Raúl Castro vaak zijn ‘thuis’ genoemd – zijn toegepast. Het doet denken aan soortgelijke afgeschermde huizenprojecten in Florida. Bovendien is er een honkbalveld. Binnen de omheining is straatverlichting in de vorm van klassieke gaslantaarns en naast de stoep is ruimte voor auto’s en grasperken.

Het Granmaproject

Het Granma-project in Havana

Gevangenen
In een gebouw met een galerij waar de bioscoop, de markt, het theater en de kliniek zijn gepland, zegt een van de ingenieurs van het project dat binnenkort enkele duizenden mensen Granma hun ‘thuis’ kunnen noemen. Zwetend in zijn groene legeruniform, prijst hij het project en wijst op de geïmporteerde kant-en-klaar onderdelen die het werk doen vergemakkelijken en versnellen. Hij vertelt niet, wat een bewaker mij vertelde, dat de meeste arbeiders de bewoners van een bijgelegen gevangenis zijn. Diverse bewoners zeggen geraakt te zijn door het feit dat zij wonen in, zoals de voormalige directeur van Stedenbouw en Architectuur in Havana, Mario Coyula, ooit ‘de eerste omheinde gemeenschap in Cuba sinds de jaren vijftig ’ noemde. Sommigen hebben altijd in krappe woningen geleefd, samen met andere generaties uit hun familie. De steun voor Raúl Castro’s economische veranderingen lijkt hier groot onder degenen die willen spreken. ‘Het is nodig,’ zegt Rodríguez, de officier die als eerste in Granma kwam te wonen en buiten zit te roken: ‘Als je het koud hebt, doe je een jas aan; zet je een hoed op. Dat is dan verstandig.’

Ruimte voor establishment
Maar in het getouwtrek dat het Cubaanse economisch beleid de laatste twee jaar kenmerkt, heeft de regering vaak strijd gevoerd over de vraag wanneer de markt doorslaggevend is of wel de belangen verdedigd moet worden van het communistische establishment. De autoriteiten hebben bijvoorbeeld begin dit jaar hard ingegrepen in de particuliere markt voor de verkoop van kleding en andere zaken. Velen zagen daarin een poging het eigen netwerk van staatswinkels te bevoordelen. Fernando Dámaso, die 32 jaar binnen het leger werkte, zegt dat de leiders van het land tegelijkertijd economische verbeteringen willen als het Cuba handhaven zoals ze dat altijd gekend hebben. ‘Als je zaken hebt die door officieren worden geleid, zul je ter wille van de transitie, al die mensen niet zo maar op straat kunnen gooien,’ zegt hij. ‘Dit is een manier om ruimte te bieden aan de gevestigde krachten in een toekomstige Cubaanse samenleving. ‘

Linken
Weblog van ex-officier Fernando Dámaso
*  Over de bouwsector in Cuba, website Cubadebate

Bron
* New York Times, 14 februari 2014