Fidel’s uniformpet in reuzeformaat

Een 30 kilo wegende replica van de olijfgroene uniformpet die Fidel Castro ooit droeg, is vanuit Buenos Aires per vliegtuig naar Havana gevlogen. De gigantische uniformpet werd gemaakt door de Cubaanse kunstenaar Hector Gutierrez en is geschilderd door een Argentijn in samenwerking met een groep metaalarbeiders uit de stad Carmen de Areco.

pet-uniform-fidel-castro

De pet ter ere van de overleden president is anderhalve meter lang en 50 centimeter hoog.

De uniformpet van Fidel Castro, die zaterdag aanstaande een jaar geleden op 90-jarige leeftijd overleed, is anderhalve meter lang en 50 centimeter hoog. Het initiatief voor het metalen kunstwerk kwam van Unión de Residentes Cubanos en Argentina / Unie van Cubaanse Residenten in Argentinië en de Movimiento Argentino de Solidaridad con la Isla / Argentijnse Beweging van Solidariteit met het Eiland. De makers zouden willen dat de uniformpet wordt meergevoerd op de komende viering van de Eerste Mei volgend jaar. Daarna zou de pet in een caravan door het land worden gevoerd tot ze aankomt op de begraafplaats van Santa Ifigenia, in Santiago de Cuba, waar de as van Castro rust. De autoriteiten hebben nog niet besloten of deze pelgrimstocht ook daadwerkelijk zal plaatsvinden omdat het in Cuba bij wet verboden is straten of openbare monumenten de naam van Fidel Castro te geven. Ook monumenten, bustes, standbeelden en andere vormen van eerbetoon mogen zijn naam niet dragen. Op zijn sterfdag, 25 november a.s., begint wel een negen dagen durend eerbetoon aan de voormalige leider van Cuba.

Bron
* 14ymedio, 20 november 2017

Amerikaanse landbouw lonkt naar Cubaanse markt

In 2002 leidde de toenmalige gouverneur Jesse Ventura een handelsmissie naar Cuba kort nadat de regels voor export naar dit land waren versoepeld. Landbouwer Lawrence Sukalski herinnert zich nog goed hoe hij in 2002 in de haven van Havana stond om getuige te zijn van de levering van het eerste Amerikaanse graan sinds 40 jaar. Sukalski, die tarwe en sojabonen kweekt in Minnesota, zegt blij te zijn opnieuw de Cubaanse bevolking te kunnen helpen aan voedsel nu de VS de relatie met Cuba wil verbeteren.

Jesse Ventura, gouverneur van Minnestoa, bneezocht Cuba in 2002 aan het hoofd van een landbowudelegatie

Jesse Ventura, gouverneur van Minnesota, bezocht Cuba in 2002 aan het hoofd van een landbouwdelegatie

De agribusiness en de boeren in Minnesota verwachten een boom in de export; tot nu toe werd vooral voedsel naar het eiland verkocht, maar de komende jaren gaan de deuren wijd open. ‘Graan en sojabonen zijn onze core-business en dat zijn ook de top importitems voor Cuba,’ zegt Su Ye, hoofd economische zaken van het Ministerie van Landbouw in Minnesota. Ye zegt dat Minnesota in 2012 voor 26 miljoen dollar naar Cuba exporteerde en voor 2013 rekent op 20 miljoen dollar. Cargill was een van de eerste Amerikaanse bedrijven dat voedsel naar Cuba exporteerde nadat een nieuwe wet dat in 2001 mogelijk maakte. Maar er waren beperkingen. Cubaanse importeurs moesten contant betalen of beschikken over een kredietbrief op naam van een derde land want Amerikaanse banken mochten vanwege het embargo, deze transacties niet financieren. Die beperkingen zullen nu worden opgeheven, maar een bedrijf als Cargill is ervan overtuigd dat er meer nodig is zoals de opheffing van het gehele embargo. Ye verwacht dat dergelijke maatregelen kunnen leiden tot nog eens 20 miljoen dollar aan voedselexport uit Minnesota.

fidel-castro-probeeert-amerikaanse-rijst-havana-beurs 2002

Fidel Castro proefde in 2002 op de beurs van Havana de Amerikaanse rijst

Landbouw Coalitie voor Cuba
Cargill en nog 25 andere bedrijven presenteren deze week de U.S. Agriculture Coalition for Cuba waar het afgelopen jaar al flink aan gewerkt is en die moet leiden tot een duurzame marktrelatie voor voedsel en landbouwproducten voor Cuba. De Amerikaanse onderminister van Landbouw, Tom Vilsack, zei vorige maand dat verbetering van de relatie kan leiden tot grotere verkopen van Amerikaanse landbouwproducten aan Cuba. Dave Torgerson, uitvoerend directeur van de tarweproducenten, Minnesota Association of Wheat Growers, wijst erop dat Cuba een van de grootste graanmarkten in de Cariben is. Hij verwelkomt de opening van de Cubaanse markt en wijst op het voordeel van de korte aanvoerlijnen tussen Cuba en de VS.

Overname marktaandeel
Kanttekeningen worden geplaatst bij de mogelijkheid om markten te heroveren op rivalen in Zuid-Amerika en Azië. Landbouwspecialist William Messina (Florida) wijst erop dat Cuba in 2014 voor 300 miljoen dollar aan landbouwproducten uit de VS invoerde, het laagste cijfer in de afgelopen tien jaar en dat is vooral te wijten aan het agressievere optreden van andere landen, die meer krediet en financieringsmogelijkheden boden; Argentinië en Brazilië spelen daarbij een hoofdrol. Brazilië vooral door de investering van ongeveer 680 miljoen dollar in het havenproject van Mariel. Messina wijst ook op investeringen van dit land in de suikersector. Cuba importeerde tot 2009 veel rijst uit de VS, maar die importstroom is al enkele jaren vervangen door de goedkopere rijst uit Thailand en Vietnam. De voorzitter van de boerenbond in Minnesota, Doug Peterson, onderschat dit element niet maar hij wijst ook op het voordeel voor de Amerikaanse landbouw vergeleken met andere sectoren van het bedrijfsleven. ‘Er hebben al heel veel landbouwmissies plaatsgevonden in het verleden naar Cuba. Het fundament voor veel meer handel in de landbouw is al gelegd.’ Voormalig gouverneur Jesse Ventura leidde in 2002 een van die missies, een jaar nadat de regels voor verkoop van voedsel en landbouwproducten waren versoepeld en Cuba vervolgens graan, sojabonen, tarwe en kip in de VS kon aankochten. In 2008 was er sprake van een topjaar met een export ter waarde van $700 miljoen dollar, maar dat cijfer is de afgelopen jaren teruggelopen tot de helft.

In de provincie camaguey hielpen Vietnamese deskundigen bij de verbouw van rijst

In de provincie Camaguey hielpen Vietnamese deskundigen bij de verbouw van rijst

Klein, arm land
Su Ye tempert de opwinding rond de mogelijkheden in de toekomst. Cuba is immers een klein land met nog geen 11,3 miljoen mensen, ongeveer tweemaal de bevolking van Minnesota: ‘En het is een arm land met geringe koopkracht. Het is een potentiële markt, maar de omvang is bescheiden.’ En ze wijst erop dat in 2008, het topjaar van de handel met Cuba de waarde ervan 30 miljoen dollar bedroeg, vergeleken met de 700 miljoen dollar naar Mexico in hetzelfde jaar. ‘Het is een bescheiden markt. Maar ze is belangrijk en dichtbij waardoor het ook een natuurlijk markt voor ons is,’ aldus Su Ye van het Ministerie van Landbouw.

Bron
* Star Tribune, 4 januari 2015 door Tom Meersman en Mike Hughlett (enigszins ingekort)
Link
*
Karin Engels over de perspectieven voor de rijstexport van de VS, 18 december 2014

Martin Guevara: In de schaduw van een mythe

che-guevara-plazaMartin Guevara werd in 1963 in Argentinië geboren. Zijn familie verliet Argentinië vijf jaar na de dood van Che Guevara (1967) en emigreerde naar Cuba. Martin was toen 10 jaar. Hij bleek het temperament en de politieke opvattingen van zijn oom, de mythisch El ‘Che’ niet te delen en rebelleerde, wat leidde tot veel problemen voor hem en zijn familieleden. In 1988 verliet hij Cuba definitief, maar mocht enkele keren terugkeren om zijn zoon, zijn moeder en andere leden van de familie te ontmoeten. De neef van ‘Che’ Guevara mocht echter niet langer in Cuba wonen. De laatste 17 jaar woont hij met zijn vrouw en een jongere zoon in Spanje.
Binnenkort verschijnt zijn boek In de schaduw van een mythe (in het Engels en het Spaans). Guevara heeft een weblog onder zijn eigen naam en publiceerde o.a. het volgende relaas over zijn werkzaamheden in Cuba toen hij in 1986 terugkeerde: buitenlandse tijdschriften selecteren voor de leiders van de revolutie.

Verboden lectuur voor Cuba’s élite

Martín-Guevara-met-zoon-londen

Martín Guevara met zijn zoon in Londen

Ik mocht in 1986 naar Cuba terugkeren. Mij werd verteld dat ik niet mocht studeren, maar moest werken. Ik had uitgebreide kennis wat betreft boeken en rum en ze gaven me – willekeurig, naar het schijnt – een baantje bij uitgeverij Ediciónes Cubanas. Daar was het mijn taak de tijdschriften en kranten in ontvangst te nemen en te distribueren die bestemd waren voor de hoge partijleden, van Fidel Castro via het Centraal Comité tot alle leden van het Politburo. Ik was verbaasd over het grote aantal roddelbladen dat ik bij de pakketten moest doen die aan de hoogste ambtenaren werden toegezonden. Fidel kreeg enkel medische tijdschriften uit de VS. In die tijd was hij oprecht in dat onderwerp geïnteresseerd en volgde hij onderzoeken alsof hij een arts was. Er is altijd een wijd verbreide gewoonte geweest alle bekwaamheden van Fidel te overdrijven (en er wat bij te verzinnen), maar de beweringen dat hij een echte studiebol was zijn waar. Wanneer hij ook maar tijd had, was hij ofwel aan het lezen of iemand vragen aan het stellen aangaande een onderwerp dat hem interesseerde. Als zijn gesprekspartners Cubanen waren en de pech hadden te werken op een terrein dat zijn bijzondere interesse had, dan wisten ze dat hij hen urenlang allerlei vragen zou stellen, en dat, natuurlijk, zonder toe te staan dat hém een vraag werd gesteld. Nee, híj alleen was aan het woord, alleen hij had ergens een mening over, en alleen die van hém deed er toe. Zo was Fidel.

Leden van het rebellenleger van Fidel Castro voor het toenmalige Hilton Hotel. Fidel Castro gebruikte destijds de bovenste etage. familie

Leden van het rebellenleger van Fidel Castro voor het toenmalige Hilton Hotel. Fidel Castro gebruikte destijds de bovenste etage voor zijn familie

Roddelbladen
Vele anderen van het Politburo kregen echter tijdschriften als Hola, uit Spanje, en Paris Match. Ik had hier geen problemen mee, zelfs niet als de tijdschriften voor hen bestemd waren en niet voor hun echtgenotes, zoals het afdelingshoofd me vertelde in zijn pogingen mij te indoctrineren. Ik ging er van uit dat de mensen wel in staat waren te lezen wat ze leuk vinden. Wat ik niet goed door had is dat de rest van de bevolking toegang tot dit soort riooljournalistiek moest worden ontzegd en dat die moest gedemoniseerd en aangevallen worden als een ideologisch werktuig van het kapitalisme. Op mensen neer kijken als idioten, lomperiken en niet toegerust voor het materiaal dat de elite las en leuk vond was een van de constante attitudes van het revolutionaire leiderschap. Thuis konden de kinderen van hooggeplaatste militaire officieren of ministers films kijken als Rambo of die van Chuck Norris (in die tijd de meest gezochte), terwijl ze niet te zien waren in de bioscopen of op de televisie en ze bestempeld werden als ‘imperialistische rotzooi’ en ‘vervalsing van de werkelijkheid.’ Zij waren er echter van overtuigd dat hun gezinnen (en zij zelf) op een hoger niveau stonden en zo dergelijk materiaal veilig tot zich konden nemen. Dit was zo’n beetje de situatie toen reizen naar het buitenland in beeld kwam. In werkelijkheid was het niemand anders dan leden van de partij toegestaan te reizen, met uitzondering van atleten en wat wetenschappers (onder streng toezicht).

Martín-Guevara-als-kind- in het zwembad van Hotel Habana-Libre

Martín Guevara als kind in het zwembad van Hotel Habana Libre

Zwijgplicht
Er was een clausule in mijn contract waarin duidelijk stond dat ik niet mocht zeggen waar de tijdschriften vandaan kwamen. Ik veronderstel dat ze alleen maar mensen in dienst namen die betrouwbaar waren, aangezien de mogelijkheid om wat vergif in die tijdschriften te stoppen zo reëel was dat ik altijd het gevoel had dat er steeds een camera op mij gericht was. Ik begon hieraan te twijfelen toen ik de lange middagdutjes zag die mijn superieur hield, met zijn hoofd op zijn armen op zijn bureau, de deur van zijn kantoor nauwelijks uit voorzorg gesloten. Wellicht wist degene die mijn imaginaire camera bediende dit allemaal, net zoals iedereen wist dat de mensen op hun werk sliepen, hun werk verzaakten of hun werkplek verlieten om koffie of rum te gaan drinken in werktijd, en het was logisch dat het afdelingshoofd zich hier in het geheel niet om bekommerde. De enige die zich in dat geval geen dutje kon veroorloven zou dan de cameraman geweest zijn. Ediciónes Cubanas was gevestigd in O’Reilly in het oude stadsgedeelte. Je moest daar vroeg in de morgen naar toe (om later een dutje te doen, voorover op je bureau), want op tijd inchecken was belangrijk op alle Cubaanse werkplekken. Daarna kon je weer naar huis en weer terugkeren voor het eind van de werkdag om weer uit te checken.

Calle O'Reilly

Calle O’Reilly

Levendig Oud Havana
Die buurt was destijds een schitterende plek. Ofschoon ik Oud Havana goed kende had ik nooit eerder acht geslagen op het hectisch en levendige leven op straat. Deze straten deden me in zekere zin denken aan de Cecilia Valdes’ doorgangen in Cirilo Valverde, de mensenmassa’s, het stadsrumoer, de kleine koffiebar aan de straat, de gebakjes, krantenverkopers die luid de namen van de officiële kranten en de wekelijkse stripblaadjes Palante en Dedete verkondigden, de gesprekken van de oudere mensen die elkaar op straat tegenkwamen. De loze uren. Het feit dat ik er van hield om door Oud Havana te slenteren weerhield me er niet van op mijn hoede te zijn toen ik met mijn vriend Evelio wat borrels achterover sloeg bij mijn aankomst in Havana, na twee jaar geen druppel alcohol te hebben gedronken. Korte tijd later was ik iedere avond aan de rol en begon ik laat op mijn werk te komen, of helemaal niet. Dus toen vroeg ik een bevriende arts medische verklaringen voor me te schrijven (net zoals je op school alleen maar een doktersbriefje nodig had om je afwezigheid te rechtvaardigen). In ruil voor wat flessen rum schreef mijn vriend de dokter ‘Ik verklaar’-briefjes die ik later in zou vullen met drie verschillende ziektes die ik jaren daarvoor had geleerd om mijn afwezigheid op school te rechtvaardigen: acute keelontsteking, chronische voorhoofdsholteontsteking en een verstuikte enkel. Er was niets nieuws of origineels aan. Al mijn superieuren wisten dat het onzin was, maar ze waren er alleen maar op uit een officieel document te hebben dat hen niet in problemen zou brengen omdat ze het hadden getolereerd.

Permanent verzaken
Zij deden precies hetzelfde als ze wegreden in een bedrijfsauto op weg naar een strandpaviljoen met hun geliefden. Het had geen gevolgen. Zelfs de eerste directeur verzaakte zo zijn werk. Ik zeg niet dat ze betere excuses dan die ziektes wilden, ik zeg alleen maar dat het dezelfde procedure was. Hoe hoger je positie, hoe normaler het was je werk te verzaken om een titi (zoals jonge vrouwen destijds in de volksmond werden genoemd ) naar een strandhuis mee te nemen, samen met hun dikke buiken, een baseball cap, een geroosterd varken en een paar kratten ijskoud bier.

covermartinguevarshadowofamythLinken
* Op de website Havana Times (27 mei 2014) verscheen een interview met Martin Guevara: Leftist, Rightist or Centrist?,  gemaakt door Yusumi Rodriguez
* De weblog van Martin Guevara

Noot
* Bezoekers van de website Havana Times wijzen erop dat bladen als Hola, Vogue en Vanidades in Cuba altijd populair waren hoewel moeilijk verkrijgbaar. In 1976 kreeg hotel Habana Libre (ex-Hilton) de eerste winkel waar in Amerikaanse dollars dergelijke zaken gekocht konden worden. Binnen enkele maanden telde Havana een serie van zulke deviezenwinkels, in de eerste plaats bestemd voor ‘los pinchos’ of ministers en hun families, hoge militairen en politie en natuurlijk de oude en bebaarde helden van de Sierra Maestra. De laatsten mochten in het begin nog met Cubaans geld betalen. Bier als Bucanero, Cristal en Hatuey was destijds voor de vip’s van de partij in peso’s verkrijgbaar.

Opmerkelijk bondgenootschap tussen Fidel Castro en Jorge Videla

Terwijl Cuba op internationale fora de dictatuur van Pinochet in Chili scherp veroordeelde, bleef Havana tegelijkertijd zwijgen over de misdaden begaan door de op 17 mei jl. overleden Argentijnse dictator Jorge Videla. Een van de redenen waren de sterke banden tussen Cuba en de toenmalige Sovjet-Unie. Het volgende artikel is afkomstig van de website Cubanet en werd in 2012 gepubliceerd door de website Infobae.

Jorge Rafael Videla

Jorge Rafael Videla

Fidel Castro zou een bondgenoot worden van de Argentijnse president Videla. Dat bleek tijdens internationale fora waar Cuba zich inspande om te voorkomen dat Jorge Videla veroordeeld zou worden vanwege de massieve schending van de mensenrechten in zijn land. Publiciste Claudia Peiró herinnert er aan hoe ten tijde van de harde onderdrukking, het Cubaanse bewind via zijn vertegenwoordiger in de VN, voorkwam dat de Mensenrechtencommissie van de VN Argentinië veroordeelde en voorkwam dat een onderzoekscommissie van de VN het land bezocht. Dit gebaar – aldus Peiró – werd beloond. Dictator Videla die in Argentinië zei te strijden tegen het ‘vaderlandsloze en atheïstische marxisme’, gaf zijn vertegenwoordiger bij de VN opdracht elke veroordeling van Havana tegen te houden. Toen Rusland in 1979 Afghanistan binnen viel en bezette en de Amerikanen een graanembargo afkondigden tegen het land, sprongen de Argentijnse militairen in de bres voor deze ‘goddeloze en marxistische’ macht.

Argentinië taboe
In de toespraken van Fidel Castro ging deze voortdurend in op dictaturen in Latijns-Amerika die grensden aan Argentinië. Chili, Uruguay, Paraguay, Peru, Bolivia en Brazilië werden met naam en toenaam genoemd, maar over Argentinië werd gezwegen. De medeplichtigheid van Cuba aan het zwijgen over de misdaden van deze dictatuur was, aldus Peiró, een gevolg van de afhankelijkheid van Cuba van de toenmalige Sovjet Unie.

Martin Guevara, neef van El 'Che' en de zoon van jongste broer Juan Martin

Martin Guevara, neef van El ‘Che’ en de zoon van Che’s jongste broer Juan Martin

De publiciste van Infobae citeert Martín Guevara, een neef van Che Guevara, die vanaf zijn tiende met zijn familie in Havana woonde. Hij zegt de betrokkenheid van Fidel met Videla direct te hebben waargenomen want zo kon de Sovjet Unie aan de nodige tarwe uit Argentinië komen. Martin Guevara, zoon van Che’s jongste broer Juan Martin, heeft lang gewacht voor hij deze kritiek uitte. In 2010 publiceerde bij een artikel. ‘Vele jaren lang en uit loyaliteit aan mijn familie en misschien ook door een zeker indoctrinatie van links, deed ik afstand van mijn recht dit te vertellen,’ aldus Martin Guevara.

De verdwenenen. Wij missen hen allemaal

De verdwenen personen. Wij missen hen allemaal

Verdwijningen
De journalist Andrés Oppenheimer gaf uit de eerste hand een bewijs over deze samenwerking vanuit de Amerikaanse delegatie bij de Mensenrechtencommissie in Geneve. Hij stelt vast dat Cuba zich in 1980 en 1981 heftig verzette tegen een veroordeling van Argentinië toen president Carter daartoe een voorstel deed. Cuba vormde met anderen landen een blok om een motie van deze inhoud te blokkeren. ‘Patricia Derian was toen onder-secretaris van Mensenrechten in de regering Carter en die liet me weten ‘dat de Argentijnen en de Cubanen samenwerkten om een motie ter veroordeling van de militaire junta te blokkeren,’ aldus Oppenheimer. ‘Roberta Cohen, de assistente van Derian, nam persoonlijk deel aan de debatten in 1980 waarbij de VS zochten naar een mogelijkheid om de gedwongen verdwijningen in Argentinië expliciet te veroordelen. ‘Het waren zware onderhandelingen; de Russen en de Cubanen wilden niets ondernemen tegen Argentinië,’ aldus Cohen. ‘Uiteindelijk slaagden Cuba en Argentinië erin dat er een afgezwakte resolutie werd aangenomen waarin verdwijnigen in het algemeen werden veroordeeld zonder dat Argentinië werd genoemd.’

Mario Firmenich was een van de belangrijkste leiders van de Montoneros die als balling in Havana verbleef. In 1990 kon hij naar Argentinie terugkeren omdat zijn straf werd kwijgescholden.

Mario Firmenich was een van de belangrijkste leiders van de gewapende beweging, de  Montoneros die als balling in Havana woonde. In 1990 kon hij naar Argentinie terugkeren omdat zijn straf werd kwijgescholden.

Angst voor precedent
Oppenheimer wijst erop dat behalve vanwege de voedselsteun van Argentinië aan de Sovjet Unie, Fidel Castro de militaire dictatuur ook steunde omdat hij vrees had voor een veroordeling voor schending van de mensenrechten door de VN. Argentinië zou een precedent kunnen vormen tegen Cuba. Op de derde plaatste steunde Argentinië Cuba op dat moment om een voorstel van de VS ten gunste van de Russiische dissident Andrei Sacharov te blokkeren. ‘Argentinië  vervierdubbelde in 1989 zijn graanverkopen aan Rusland voor een totaal van 8 miljoen ton tarwe bestemd voor de toen nog bestaande Sovjet Unie,’ licht Oppenheimer toe. Dat gebeurde allemaal terwijl Cuba tegelijkertijd onderdak verschafte aan leden van de gewapende beweging in Argentinië, de  Montoneros.

Ballingen huilden
Martín Guevara vertelt over de ontsteltenis die deze houding bij hem teweeg bracht, inclusief de uitreiking door Moskou van de Leninorde aan hoge Argentijnse militairen. Guevara: ‘Keer op keer hoorden de Argentijnse ballingen in Cuba hoe de belangrijkste leider, Fidel Castro Ruz, in zijn ellenlange toespraken nooit de fascistische en dictatoriale praktijken bekritiseerde van het Vaderland van iemand, die aldus Fidel, behoorde tot zijn beste vrienden en strijdmakkers, namelijk  Che Guevara.’ En alles voor ‘een handvol roebels,’ zegt hij. ‘Ik zag de tranen in de ogen van deze geharde mannen, militanten uit Argentijnse linkse groeperingen die toen in Cuba leefden.

Fidel Castro: Hier zijn we, Videla. Je mocht je eens alleen gaan voelen. (recente cartoon van Omar Santana)

Fidel Castro: ‘Hier zijn we, Videla. Je mocht je eens alleen gaan voelen’. (recente cartoon van Omar Santana)

Zij maakten mee hoe Cuba, in afwachting van een verklaring van de Mensenrechtencommissie van de VN, Fidel via zijn vertegenwoordigers en onder de dreiging van de Sovjet Unie, zweeg en historische medeplichtig werd aan deze schurkenstreek.’ Guevara twijfelt aan de vriendschap die tussen Fidel en Che zou hebben bestaan. ‘Toen hij moest zwijgen, las hij op het Plein van de Revolutie de afscheidsbrief van zijn vriend Guevara voor, die enkel in geval van Che’s overlijden had mogen worden voorgelezen. Toen hij moest spreken om revolutie te maken en eer te bewijzen aan zijn ex-vriend en zijn Vaderland, zweeg hij.’

Bron
* Dit artikel werd op 19 maart 2012 gepubliceerd op de website Infobae
Moises Asis reageerde op dit artikel: ‘Ik wist dit al 25 jaar. Toen ik destijds in Buenos Aires was, hoorde ik hoe een ex-communist me vertelde dat de Argentijnse communisten wanneer ze door de politie of anderen werden gearresteerd, de opdracht hadden hard te roepen dat ze lid waren van de Argentijnse Communistische Partij, dat hun aanhouding een vergissing was en dat de militairen hen dan uiteindelijk zouden vrijlaten. Dit verbaast me niet; denk aan het historische Molotov-Ribbentrop Pact dat Nazi-Duitsland en de Sovjet Unie destijds tekenden.’

Link
De weblog van Martin Guevara. De neef van ‘Che’ schreef recent op 19 mei jl. nogmaals over de betrokkenheid van Fidel Castro bij de ‘fascistische misdaden’ van de Argentijnse junta.