Hulp slachtoffers Irma complex (deel 2)

Verschillende organisaties in de Verenigde Staten voeren campagnes om geld in te zamelen voor de Cubanen die door de orkaan Irma zijn getroffen. Zonder goedkeuring van de overheid zullen Amerikaanse organisaties echter niet in staat zijn grote hoeveelheden voedsel te verzenden. Bij vorige natuurrampen weigerden de Cubaanse autoriteiten die toestemming soms.

mulashabana2De Cuban American National Foundation (CANF) zocht daarom contact met groepen uit de civil society in Matanzas, ten oosten van Havana. Pepe Hernández, voorzitter van de Foundation, concludeert dat men op dit moment vooral voedsel nodig heeft. Hij wil daarom op korte termijn gebruik maken van pakketdiensten en zogeheten mulas / lastdieren, personen die worden ingehuurd om de eerste levensbehoeften te brengen op plaatsen waar de grootste nood is. Deze mulas krijgen hun retourticket retour en leveren dan 50 kilo aan voedsel af. Hernández zegt dat de Foundation ook naar andere manieren zoekt om hulp te verlenen. Zo zou zij de transferkosten van dollarovermakingen naar Cuba via een van de 450 kantoren van Western Union in Cuba, willen betalen. Iedere Cubaan, ook zij die niet verbonden zijn met de oppositie, kunnen in aanmerkingen komen voor deze noodhulp. Elk gezin zou 100 dollar kunnen krijgen. Ook wil de Foundation een fonds oprichten om hulp te bieden aan Cubanen die hun huis moeten opknappen. De eerste 60 huizen zijn al aangewezen voor renovatie; voor elk huis is 1.200 dollar beschikbaar. Tot nu toe heeft de regering dit programma nog niets in de weg gelegd.

orkaan-irma-casa destruida en Júcaro tras el paso del huracán Irma

De Cubaanse autoriteiten zijn begonnen met de verkoop tegen lage prijzen van matrassen en fornuizen, zoals hier in het plaatsje Júcaro, een van de zwaar getroffen dorpen in de provincie Ciego de Ávila. Ook zijn in Júcaro en Punta Alegre winkels geopend waar bouwmaterialen ‘tegen lage prijzen’ kunnen worden ingekocht. De staat betaalt 50% van de kosten van de bouwmaterialen.

Hulp via de kerken
Bij de orkaan Matthew in 2015 zou de katholieke kerk met vliegtuigen hulp uit Miami binnenvliegen voor de inwoners van de oostelijke provincie Guantánamo. De Cubaanse autoriteiten gaven daar toen geen toestemming voor.  Ook hulp afkomstig van Catholic Relief Services uit Baltimore werd niet binnengelaten. Aartsbisschop Thomas Wenski van Miami zou later een cheque overhandigen aan de bisschop van Guantánamo, maar wegens tekorten in de staatswinkels en bevoorradingsproblemen zou die hulp uiteindelijk toch in het buitenland worden aangekocht. Op dit moment zamelt het aartsbisdom van Miami geld in en geeft hulp via de kerkelijke hulporganisatie Caritas die ook in Cuba een groot netwerk heeft en enigszins onafhankelijk van de Cubaanse staat kan opereren. Wensky wil zelf naar Cuba gaan en wel op 30 september wanneer hij de bisschopswijding van de nieuwe bisschop van Ciego de Avila bijwoont. Wensky: ‘Hoewel de mensen in Florida ook lijden onder de gevolgen van de orkaan Irma, bestaat er een grote vrijgevigheid voor de Cubaanse bevolking en heerst er een geest van solidariteit’. Hij hoopt dat de houding van de Cubaanse autoriteiten dit keer gewijzigd zal zijn en de hulp ditmaal wordt geaccepteerd.

orkaan-irma-herstel-havana

Herstelwerkzaamheden in Havana

Andere aanpak
Twee organisaties in de VS kiezen voor een andere benadering.  CubaOne Foundation, gevestigd in Miami, en Give2Cuba gevestigd in Seattle, zamelen via crowdfunding geld in en zetten daar jonge vrijwilligers voor in. Zij willen vooral hulp bieden in de provincies Ciego de Avila, Sancti Spíritus en Santa Clara, de provincies die het zwaarst door de orkaan zijn getroffen. CubaOne organiseerde al eerder reizen voor jonge Cubaanse-Amerikanen om het eiland te leren kennen en Give2Cuba gaf humanitaire hulp aan Baracoa, dat in 2016 zwaar getroffen werd door de orkaan Matthew. Volgens Giancarlo Sopo, medeoprichter van CubaOne, vallen de bezoeken in de categorie people-to-people bezoeken die de Amerikaanse autoriteiten toestaan. CubaOne heeft zich  aangesloten bij de 3:05 Cafecito-campagne in Miami. Deze actie wil via hulporganisatie Caritas voedsel, medicijnen en andere benodigdheden naar Cuba sturen. ‘Onze gemeenschap geeft om het Cubaanse volk,’ zegt Sopo, ‘en we zullen er alles aan doen om het te steunen in deze moeilijke tijd.’

Linken
Cuba-One

* Aartsbisdom Miami

Ex-spion Fernando González voorzitter solidariteitsbeweging ICAP

De geheim agent Fernando González Llort, een van de vijf Cubaanse agenten die vanwege hun spionageactiviteiten in de VS werden veroordeeld, wordt de nieuwe vicevoorzitter van het Cubaanse Instituut van de Vriendschap met de Volkeren / Instituto Cubano de Amistad con los Pueblos (ICAP). Deze overheidsinstantie, onderdeel van het Ministerie van Binnenlandse Zaken, werd in 1960 opgericht om officiële activiteiten van internationale solidariteit te bevorderen zoals de toen bekende werkkampen waar internacionalistas meededen aan de suikerrietoogst of huizen bouwden.

nando González in Cuba met zijn moeder Magaly Llort op de achtergrond

Fernando González in Cuba met zijn moeder Magaly Llort op de achtergrond

In een persbericht van ICAP, zegt voorzitter Kenia Serrano Puig: ‘Dit nieuws geeft ons allemaal kracht; wij kennen de uitdaging van zijn gevangenschap in de VS die 16 jaar duurde en moeten nu een nieuw doel realiseren namelijk de vrijlating van Tony, Ramón en Gerardo.’ Serrano looft de persoonlijkheid van González Llort ‘vanwege zijn bescheidenheid, overtuigingskracht en koelbloedigheid; de diepgang van zijn analyses rond internationale thema’s, zijn vastbeslotenheid en discipline; zijn trouw tot elke prijs’. González Llort keerde op 28 februari naar Cuba terug na een verblijf van 17 jaar en 9 maanden in een Amerikaanse gevangenis. Bij zijn terugkeer werd hij verwelkomd door president Raúl Castro en de meeste leden van de Staatsraad en het Ministerie van Binnenlandse Zaken. González Llort was de tweede van de zogeheten Cubaanse Vijf die vrij kwam. In april 2013 overkwam René González hetzelfde. Op dit moment zitten nog drie leden van het spionage-netwerk Red Avispa/Netwerk Wesp, in Amerikaanse gevangenschap: Ramón Labañino, Gerardo

De Cubaanse Vijf zullen terugkeren!
De Cubaanse Vijf zullen terugkeren!

 

Hernández en Antonio Guerrero.Toen het spionagenetwerk in 1998 werd opgerold werden niet vijf, maar in totaal een 20-tal agenten uit Cuba aangehouden. Vier van hen werkten samen bij het onderzoek, en kregen straffen van 3,5 tot 7 jaar, anderen ontvluchtten tijdig de VS. Het duurde drie jaar voor de Cubaanse autoriteiten erkenden dat de vijf spionnen waren. Uiteindelijk bevestigde Havana hun status en zei dat de Cubanen opdracht hadden in de VS te infiltreren om gewelddadige acties van rechtse Cubaans-Amerikaanse groepen als Alpha 66, de F4 Commandos, Cuban American National Foundation en Brothers to the Rescue te voorkomen.

Linken
* ICAP
* In Nederland is de Stichting Cuba Vive sinds 1990 betrokken bij de activiteiten van ICAP. Onder leiding van Arnold van Wezel worden werkbrigades georganiseerd; het laatste verslag van zo’n reis op de website dateert van 2003.

* Fernando González dankt voor solidariteit, You Tube juni 2014, 2 minuten. 

Voetballer Yosmel De Armas wil in VS blijven

De Cubaanse voetballer Yosmel De Armas heeft in de VS asiel aangevraagd. Vorige maand bleek De Armas plotseling verdwenen tijdens een toernooi in Nashville, vlak voor de finale tegen Canada.

Zoveelste voorbeeld
De Cubaanse trainer zei toen dat De Armas ziek was en in zijn hotel was gebleven om op te knappen. Toen zijn team Nashville verliet, bleek de veelbelovende middenvelder niet aanwezig. Amerikaanse autoriteiten geven geen informatie over zijn verblijfplaats hoewel diverse personen hem in Miami zouden hebben gezien. En advocaat Alex Solomiany in Miami liet weten dat een procedure voor een asielaanvraag was gestart. Omar Lopez noemt de situatie ‘het zoveelste voorbeeld van een Cubaanse sportman die probeert een fatsoenlijk leven te leiden en de controle wil hebben over zijn eigen carrière.’ Lopez is algemeen directeur van de Cuban American National Foundation. Vier jaar geleden vroegen zeven leden van het Cubaanse nationale voetbalelftal – allen jonger dan 23 jaar – politiek asiel aan. Sinds het Caribisch en Noord-Amerikaans voetbaltoernooi in 2002 jaarlijks werd gehouden, hebben meer dan 15 Cubaanse voetballers in de VS asiel aangevraagd.