Miguel Díaz-Canel gekozen tot president van Cuba

Hij volgt Raúl Castro op, die na tien jaar presidentschap terugtreedt. De machtswisseling wordt gezien als historisch, aangezien Cuba al sinds de revolutie in 1959 onder leiding stond van de gebroeders Castro – eerst Fidel, en later Raúl. Met 57-jarige Díaz-Canel komt een nieuwe generatie aan de macht. Vicepresident werd de met zijn 72 jaar aanzienlijk minder jonge Salvador Valdés Mesa. Edwin Koopman schreef erover in Trouw van 19 april 2018.

CUBA-LA HABANA-DESFILE POR EL PRIMERO DE MAYO

Díaz-Canel (korte mouwen) tijdens Eén Meiviering (2016)

De keus voor Díaz-Canel is geen verrassing. Hij was al vicepresident en vertegenwoordigde Cuba in het verleden al regelmatig in het buitenland. De Cubaanse Communistische Partij koos met hem voor zekerheid en continuïteit. Dertig jaar lang draait hij al mee in de molens van de macht, waarvan een aantal als minister van onderwijs en de afgelopen vijf jaar als eerste vicepresident. Al die tijd bleef hij onomstreden en keurig in de pas lopen met de communistische doctrine, wat in Cuba geen sinecure is. Een lange stoet kroonpretendenten viel de afgelopen decennia van de ene op de andere dag uit de gratie.

Benaderbaar
Het nieuwe staatshoofd is afkomstig uit de provincie Villa Clara, waar hij als elektrotechnisch ingenieur bij de universiteit werkte. Later werd hij actief binnen de Communistische Partij. Díaz-Canel staat bekend als gemakkelijk benaderbaar, relaxed, een goede luisteraar, wars van conflicten en ongecompliceerd. Als jonge partijfunctionaris luisterde hij naar rockmuziek en fietste hij liever in korte broek naar het partijkantoor dan in de dienst-Lada die de partij hem aanbood. Ook bij de parlementsverkiezingen vorige maand sloot hij nog netjes aan in de rij en schroomde niet met gewone Cubanen een praatje te maken.

Bron
* Edwin Koopman in Trouw van 19 april 2018

Linken
* Marjolein Van De Water in de Volkskrant, 18 april 2018
De nieuwe president van Cuba is een vriendelijke overlever zonder vijanden in de partij. Miguel Díaz-Canel volgt de Castro-dynastie op. Al in 2013 was Miguel Díaz-Canel (57) de gedoodverfde opvolger van Raúl Castro. De piepjonge vice-president opereert efficiënt tussen de hoogbejaarde ex-guerrillero’s zonder vijanden te maken.
RTL-Z: Hoe staat Cuba er economisch voor, video 3 minuten
* Persbureau EFE, 18 april 2018: Díaz-Canel, Raúl Castro’s Disciplined Pupil Who Will Pilot Post-Castroism

Advertenties

Verkiezingen zonder verrassingen

Afgelopen zondag kozen de Cubanen de afgevaardigden die de nieuwe Nationale Assemblee zullen vormen. Zij zijn belast met de verkiezing van een nieuwe president op 19 april aanstaande. Dat is ook het moment waarop Raúl Castro zijn functie als president (van de Staatsraad of Consejo de Estado) neerlegt. De verkiezingen worden door de regering van Cuba gezien als een mechanisme ter verdediging van socialisme en revolutie, die ‘bedreigd worden’ door de Verenigde Staten.

Diaz-Canel-Cuesta-plus-vrouw-rij-11maart2018

De eerste vice-president van Cuba, Miguel Díaz-Canel en zijn echtgenote Lis Cuesta in de rij voor het stembureau

De eerste vicepresident van het eiland, Miguel Díaz-Canel, benadrukte dat de Cubanen stemmen om hun steun te betuigen aan de revolutie, die ‘wordt aangevallen en bedreigd’ door de Verenigde Staten, die de afgelopen maanden maatregelen hebben goedgekeurd ‘die miljoenen Cubanen beledigen en benadelen’. Diaz-Canel, die waarschijnlijk de volgende president zal zijn, bracht zijn stem uit in zijn woonplaats Santa Clara in aanwezigheid van tientallen nationale en internationale media. Canel is ook kandidaat voor het parlement of Nationale Assemblee. Diaz-Canel stond samen met zijn vrouw ongeveer 20 minuten in de rij; hij begroette en sprak ondertussen met andere kiezers uit zijn stad. Tussen 1994 en 2003 was Canel secretaris-generaal van de partij in Santa Clara en populair onder de bevolking.

Vijand VS
Diaz-Canel (57) beschuldigde op deze verkiezingsdag de administratie van Donald Trump ervan ‘Cuba te beledigen’ en de ‘retoriek van de Koude Oorlog’ te hervatten. Hij wees op de verslechtering van de bilaterale betrekkingen, de verharding van het embargo, de vermindering van het personeel op de Amerikaanse ambassade in Havana en de opschorting van consulaire werkzaamheden. ‘We worden al bijna 60 jaar voortdurend aangevallen en blijven standvastig. De geschiedenis zal ons leren wie de overwinnaars zijn, zij die volharden en wie zijn principes in standhoudt.’

Rol PCC

grafiek-leden-pcc-parlement-april2018
De website 14ymedio bracht de aanwezigheid van de partij PCC en de jongerenorganisatie UJC binnen het parlement in beeld

Meer dan acht miljoen Cubanen ontvingen een oproep om hun stem uit te brengen voor de afgevaardigden in de Nationale Vergadering van de Poder Popular / Volksmacht, die op 19 april zullen worden geïnstalleerd. Uit hun midden worden de 33 leden van de Staatsraad gekozen waaronder de president. Zondagmiddag om 17 uur hadden 6,93 miljoen mensen hun stem uitgebracht, 78,5% van de stemgerechtigden. Vanwege de regenval mochten in 41 gemeenten de stembureaus een uur later, namelijk om 19 uur sluiten. Feitelijk bestaat het kiezen uit niet meer dan instemmen met de namen van 605 kandidaten op het stemformulier, evenveel stemmen als er zetels in het parlement beschikbaar zijn. Alle kandidaten (zie grafiek hierboven) zijn op een enkele uitzondering na, lid van de Cubaanse Communistische Partij (PCC) of actief in de massaorganisaties die verbonden zijn met de partij zoals de jeugdbeweging UJC.

verkiezingen-11032018-raul-gemeente-segunda-frente

Raúl Castro bracht zijn stem uit in Segunda Frente

Raúl en Fidel
Diaz-Canel benadrukte dat de brede deelname aan dit verkiezingsproces een uiting is van de betrokkenheid van het Cubaanse volk bij ‘de historische generatie’ die het land heeft geleid ‘en de revolutie heeft gesmeed. ‘Het is een eerbetoon aan Fidel en steun voor Raúl, onze president, die midden in deze moeilijke situatie het proces heeft geleid om ons economisch en sociaal model te moderniseren,’ aldus Diaz-Canel, de nummer twee van de regering sinds 2013. De 86-jarige president Raúl Castro was de eerste die zijn stem uitbracht in de gemeente Segundo Frente, in de oostelijke provincie Santiago de Cuba, waar hij kandidaat is voor de volgende zittingsperiode. Raúl Castro blijft tot 2021 in functie als partijsecretaris en zal op die manier betrokken blijven bij de besluitvorming in het land.

Bron
* Persbureau EFE, 12 maart 2018
Linken
* Uitslagen Cubaanse verkiezingen volgens website Cubadebate met o.a. uitslagen per provincie, grafieken over de verhouding man-vrouw, zwart-wit en leeftijden.
* Hoe functioneert het Cubaanse kiessysteem? De regimevriendelijke website Cubanismo vertaalde een artikel uit de partijkrant Granma in het Nederlands.
Website Havana Times, 9 maart 2018 How is the President of Cuba chosen?

Cuba houdt ‘generale repetitie’ voor verkiezingen 11 maart

Cuba houdt aanstaande zondag een generale repetitie voor de verkiezingen die feitelijk een week later op 11 maart plaatsvinden. De ‘verkiezingen’ voor de afgevaardigden van de Nationale Assemblee zijn de laatste fase van de serie verkiezingsrondes die in september 2017 begonnen. Deze generale repetitie van aanstaande zondag wordt door de officiële pers dynamische test genoemd.

verkiezingen-simulacro-raul-castro

Raúl Castro brengt zijn stem uit bij een eerdere ‘generale repetitie’

Volgens Tomás Amarán Díaz, vicevoorzitter van de Comisión Electoral Nacional / Nationale Kiescommissie (CEN), zal deze dynamische test zondag aanstaande plaatsvinden tussen 7.00 uur en 12.30 uur. De repetitie is bedoeld om ‘tegenslagen’ op 11 maart aanstaande te voorkomen. De dynamische test (die ook in november in een eerdere ronde van deze verkiezingen werd uitgevoerd) bestaat uit ‘het verifiëren van alle middelen, waarborgen, personeel, media, informatica  en vervoer’. Ruim 188.000 medewerkers in het hele land zijn bij de generale repetitie betrokken. Zij ontvangen een 50-tal stembiljetten om het stemproces te simuleren, inclusief het tellen van de stemmen. Cuba telt op dit moment 92 kiesdistricten en 24.471 stembureaus waarvan er 143 speciale bureaus die zijn ingericht in busstations of ziekenhuizen.

verkiezingen-teksten-bio's-controleren
De biografische informatie van de kandidaten wordt geraadpleegd.

Zeventigers en tachtigers
Wanneer incidenten en problemen worden geconstateerd, moeten deze in de week vóór 11 maart, de dag van de verkiezingen, worden opgelost. Onder de 605 kandidaten die de Cubanen op 11 maart zullen ‘kiezen’ als volksvertegenwoordigers in de Nationale Assemblee bevinden zich opnieuw zeventigers en tachtigers uit het leger zoals generaal Raúl Castro zelf (86), de nummer twee van de Cubaanse Communistische Partij, José Ramón Machado Ventura (87), de historische commandanten van de Revolutie  Ramiro Valdés (85) en Guillermo García Frías (89) en de minister en viceminister van de Revolutionaire Strijdkrachten van Cuba (FAR), Leopoldo Cintra Frías (76) en Ramón Espinosa (78).

verkiezingen-diaz-canel

Eerste vicepresident Díaz-Canel

Diskrediet
Het verkiezingsproces dat moet uitmonden in het vertrek van Raúl Castro, begon op 26 november met de gemeenteraadsverkiezingen, waarbij het regime op verschillende manieren de verkiezing van onafhankelijke kandidaten verhinderde. Deze kregen te maken met willekeurige detenties, dagvaardingen van de politie, strafprocedures en verbaal en fysiek geweld. De Cubaanse vicepresident en meest waarschijnlijke opvolger van Raúl Castro, Miguel Díaz-Canel, zei zelf openlijk dat zijn regering ‘alles in het werk stelde om de onafhankelijke kandidaten in diskrediet te brengen’, want als zij als lid van de gemeenteraad zouden worden verkozen ‘dit een manier zou zijn om de contrarevolutie binnen onze burgermaatschappij te legitimeren’

Bron
*Diario de Cuba 8 februari 2018

Link
* Straatinterviews over de verkiezingen van 11 maart, een product van de oppositiegroepering UNPACU, 3 minuten

Castro’s zoon Alejandro zal geen president worden

Met de publikatie woensdag in de partijkrant Granma van de lijst met kandidaten voor de Nationale Vergadering is een ding duidelijk; de naam van de zoon van de huidige president Raúl Castro, Alejandro Castro Espín, staat er niet en dat betekent dat hij niet via legale weg tot president van de Republiek kan worden verkozen.

alejandro-castro-espin-coronel

Kolonel Alejandro Castro Espín, enig zoon van Raúl Castro, en feitelijk de sterke man op het Cubaans Ministerie van Binnenlandse Zaken.

Castro Espín (52) werd door sommige Cubakenners en leden van de oppositie wel genoemd als opvolger van zijn vader Raúl Castro. Deze zal op 19 april zijn functie als president van de Staatsraad neerleggen. Hij blijft voorzitter van de Cubaanse Communistische Partij PCC. De lijst die in Granma werd gepubliceerd zal op 11 maart aanstaande in stemming worden gebracht; er kunnen echter geen namen aan worden toegevoegd of worden geschrapt. Volgens de Cubaanse kieswet (artikel 10) is een verkiezing als lid van de Staatraad (en dus ook president) enkel mogelijk wanneer de kandidaat eerder is verkozen als lid van de Nationale Vergadering van de Poder Popular.

diaz-canel-fabrieksbezoek

Diaz Canel (met blauwe helm) is de meest waarschijnlijke opvolger van Raúl Castro als president.

Macht
Castro Espín zal desondanks als hooggeplaatste kolonel in het Ministerie van Binnenlandse Zaken over veel macht beschikken. De enige zoon van Raúl Castro wordt gezien als een vertegenwoordiger van de harde lijn, die het beleid van zijn vader zou willen continueren. Volgens sommige waarnemers zou de huidige Eerste Vicepresident Díaz Canel een soort ‘marionetpresident’ worden in handen van Castro Espin omdat Canel de belangen van de familieclan niet bedreigt. De dochter van Raúl Castro, de seksuologe Mariela Castro Espín, staat wel vermeld op de lijst van kandidaten van het Cubaans parlement. Het Cubaans parlement telt 605 leden. De helft van hen is verkozen bij vorig jaar gehouden nationale verkiezingen, de andere helft wordt voorgedragen door de communistische massaorganisaties.

Bron
* 14ymedio, 25 januari 2018

Link
* De lijst met kandidaten in Granma, 24 januari 2018

President van Cuba treedt pas in april af

De Cubaanse president Raúl Castro (86) zal pas in april 2018 zijn ambt van staatshoofd neerleggen. Het parlement van het socialistische eiland in de Caraïben kondigde donderdag in de hoofdstad Havana aan dat het einde van de ambtstermijn van 24 februari naar 19 april verschoven is.

raul-castro-ramiro-valdes-canel

De Cubaanse president Raúl Castro (86) blijft nog twee maanden langer aan. Achter hem: Díaz-Canel (57), eerste vice-president van het land die Raúl Castro waarschijnlijk zal opvolgen. Rechts de tweede vice-president Machado Ventura (87).

Castro had al bij zijn herverkiezing in februari 2013 verklaard dat het zijn laatste ambtstermijn zou zijn. Als grond voor de verlenging van de ambtstermijn met twee maanden werden ‘buitengewone omstandigheden’ door de orkaan Irma genoemd. De wervelstorm kostte in september tien mensen het leven en richtte zware schade aan.

Fidel ziek
Castro volgde in de zomer van 2006 zijn oudere broer Fidel op, die ziek was. In 2008 en 2013 werd hij telkens voor een termijn van vijf jaar tot president verkozen.

Bron

* Persbureau Belga, 21 december 2017

The Economist: Angst voor veranderingen die nodig zijn

Volgens het Britse weekblad The Economist zitten de leiders van Cuba gevangen tussen de noodzaak van verandering en de angst ervoor. Het weekblad citeert uit een recente studie van de voormalige adviseur van Raúl Castro, die aantoont hoe zwak de economie van de Castro’s is. Hier volgt de volledige tekst.

slak-hervormingen-economistDecennialang droomden Cubaanse ballingen in Miami van de dag dat Fidel Castro zou sterven. Zij dachten dat de Cubanen dan zouden opstaan tegen de communistische dictatuur die hij had opgelegd. Maar afgelopen week, een jaar nadat de as van Fidel Castro in zijn mausoleum was bijgezet, is er sprake van een anticlimax. Zijn broer Raúl, nu 86 jaar oud, heeft sinds 2006 de leiding. Het leek een kort moment dat hij het perspectief bood op verregaande economische hervormingen. Nu hij zich voorbereidt om in februari af te treden als president van Cuba, laat hij met name stabiliteit en kalmte na. De geplande pensionering van Raúl is niet totaal. Hij zal nog drie jaar lang aanblijven als eerste secretaris van de regerende communistische partij. Het presidentschap van Cuba legt hij neer op een moment dat Cuba kampt met twee nieuwe problemen. De eerste is de gedeeltelijke omkering door Donald Trump van Barack Obama’s historische diplomatieke en commerciële opening naar het eiland, waardoor de toeristeninkomsten zullen dalen. De tweede is de nasleep van de orkaan Irma, die in september een groot deel van de noordkust en verschillende toeristische ressorts verwoestte. Dit heeft in Miami aanleiding gegeven tot speculaties dat Raúl mogelijk zal aanblijven.

partij-Aniversario de la Escuela Superior del Partido Comunista. jpg

Beeld van de opleidingsschool van de partij. Links: vice-president Díaz-Canel

Partijbureaucraten en generaals
Dat lijkt niet waarschijnlijk. Raúl heeft zich in het decennium dat hij aan de macht was, vooral ingespannen om het Cubaanse communistische regime te institutionaliseren en het eigenzinnige charisma van Fidel te vervangen door ordelijk bestuur en een collectief leiderschap. Hij heeft Miguel Díaz-Canel, een 57-jarige ingenieur, voorbereid als opvolger en die nam al veel publieke taken op zich. Maar als president zal de autonomie van Díaz-Canel beperkt zijn. Hij is er slechts één uit een groep van partijbureaucraten en generaals die de werkelijke macht in Cuba heeft en die langzaam maar zeker de ‘historische generatie’ (zij die in 1959 vochten bij de overwinning) vervangt. De nieuwe generatie staat voor een zwaar dilemma. Ondanks de hulp van Venezuela die met de helft is teruggelopen, blijkt Cuba niet in staat om een groot deel van het voedsel dat het consumeert te produceren of zijn bevolking meer dan een ellendig loon te betalen. Daarom heeft Raúl de markthervormingen omarmd, zij het met veel meer terughoudendheid dan in China of Vietnam. Meer dan 500.000 Cubanen werken nu in de jonge particuliere sector van kleine en micro-ondernemingen of coöperaties.

Verlies staatscontrole
Deze hervormingen leiden echter tot ongelijkheid en een verlies van staatscontrole. Toen Obama in 2016 een bezoek bracht aan Cuba, steun bood aan ondernemers en live op televisie opriep tot vrije verkiezingen, leek het regime in paniek. Sindsdien heeft de regering enige beperkingen opgelegd aan kleine zelfstandige ondernemingen om een einde te maken aan wat Raúl ‘de illegaliteit en andere overtredingen’ noemde. Met andere woorden, de overheid wil een markteconomie zonder kapitalisten of bedrijven die floreren en groeien. Ook lijkt zij geen einde te willen maken aan het aanpakken van de dubbele wisselkoersen die de economie op belachelijke wijze verstoren.

cuentapropista-cuba-cooperativas-schonenreparatie

Een coöperatie van schoenmakers

Sterke daling BBP
Deze vertraging kan de politieke controle van het regime, de hoogste prioriteit, onaangetast laten maar gaat voorbij aan een fundamenteel probleem. Sinds de jaren tachtig heeft de Cubaanse economie steeds meer terrein verloren ten opzichte van andere Latijns-Amerikaanse landen, zoals blijkt uit een studie die vorige maand door de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank is gepubliceerd. De auteur, Pavel Vidal, was lid van Raúl’s team van hervormingsgezinde economische adviseurs en werkt nu aan de Javeriana University in Cali, Colombia. Hij had toegang tot internationaal vergelijkbare ramingen van het Bruto Binnenlands Product**  van Cuba sinds 1970. Daarbij werd rekening gehouden met de betekenis van verschillende wisselkoersen in de economie. Vidal stelt vast dat het Bruto Binnenlands Product per persoon in 2014 slechts 3,016 dollar bedroeg, amper de helft van het officieel gerapporteerde cijfer en slechts één derde van het Latijns-Amerikaanse gemiddelde. In dit cijfer zijn de waarden van gratis onderwijs, gezondheidszorg en wonen die Cubanen ontvangen, inbegrepen. Rekeninghoudend met de koopkracht bedroeg het BBP per persoon in 2014 $6.205, ofwel 35% minder dan in 1985. Vervolgens vergelijkt Vidal Cuba met tien andere Latijns-Amerikaanse landen waarvan de bevolking qua omvang vergelijkbaar is. Terwijl Cuba in 1970 het op één na rijkste land was (Uruguay stond op de eerste plaats), stond het land in 2011 (het laatste jaar waarvan gegevens beschikbaar zijn), op de zesde plaats en was ingehaald door Panama, Costa Rica, de Dominicaanse Republiek en Ecuador.

investerigen-wwelkom-garrincha

‘Welkom geliefde investeerders’. Op de deurmat: ‘Mensenrechten’ Cartoon: Garrincha

Gebrek aan investeringen
De daling van Cuba is vooral te wijten aan een gebrek aan investeringen, zegt Vidal. Maar ook de krimpende en vergrijzende bevolking spelen een rol. Hij stelt vast dat de hervormingen hebben geleid tot een bescheiden stijging van het inkomen en zelfs van de productiviteit. Ze ‘gaan in de goede richting maar zijn tekortgeschoten’, besluit hij. Voor Díaz-Canel en zijn hervormingsgezinde collega’s is de boodschap duidelijk: het versnellen van veranderingen brengt politieke risico’s met zich mee, maar deze nalaten leidt tot economische risico’s.

Bron
* The Economist, 7 december 2017

Noot
** Het Bruto Binnenlands Product is het totale inkomen van een land. Het BBP per hoofd is het gemiddelde inkomen per inwoner.

The Economist: verwarring tekent koers Cubaanse economie

Het communistische regime in Havana kan niet langer vertrouwen op de vrijgevigheid van zijn bondgenoten. Volgens een commentaar van The Economist zitten de leiders in Havana met de handen in het haar. De onvermijdelijke bureaucratie schrikt buitenlandse investeerders af en de duale economie zorgt voor een sterk overschatte valutakoers. The Economist verwacht – nu zich het proces van de opvolging van Raúl Castro afspeelt –  geen verregaande besluiten op dit terrein. Dat is slecht nieuws voor de startende groep van jonge particuliere ondernemers.

cuentapropista-fruit2Gabriel en Leo hebben weinig gemeen. Gabriel verdient 576 Cubaanse peso’s ($23) per maand als onderhoudsman in een ziekenhuis. Leo heeft een eigen onderneming met een omzet van $20.000 per maand en 11 voltijdse werknemers. Maar beiden hebben reden tot klagen. Voor Gabriel zijn het de povere middelen van bestaan die zijn salaris oplevert. In een slecht verlichte staatswinkel of bodega laat hij aan de hand van zijn rantsoeneringboekje zien waar hij als één persoon per maand recht op heeft: o.a. een zakje koffie, een halve fles bakolie en vijf kilo rijst. De artikelen kosten bijna niets (rijst is één cent per pond), maar zijn onvoldoende. Cubanen moeten de rest kopen op de vrije markt waar de rijst 20 keer zo duur is. Leo (niet zijn echte naam) heeft verschillende klachten. Cuba produceert niet de producten die hij als ondernemer nodig heeft of geeft geen toestemming deze artikelen te importeren. Hij reist twee of drie keer per maand naar het buitenland om ze toch te krijgen. Hij doet er zes tot acht uur over om zijn koffers zo in te pakken dat douanebeambten de clandestiene goederen niet kunnen spotten. ‘Het voelt alsof je cocaïne vervoert’, zegt hij.

Wantrouwen
Het vergemakkelijken van zaken voor ondernemers als Leo zou uiteindelijk ook mensen als Gabriël helpen. Er worden betere banen door gecreëerd maar de socialistische regering van Cuba ziet het niet zo. In augustus kondigde zij aan dat zij voor 24 beroepen van de lijst van 201 beroepen waarin particuliere ondernemingen zijn toegelaten, geen vergunningen meer zal verlenen. Deze tijdelijke opschorting geldt o.a. het leiden van restaurants, het verhuren van kamers aan toeristen, het repareren van elektronische apparatuur en muziekonderricht. Daardoor is het experiment van Cuba met het kapitalisme niet beëindigd. De meeste van de 600.000 cuentapropistas (zelfstandige ondernemers), waaronder restauranteigenaren, hoteliers en dergelijke, kunnen doorgaan zoals voorheen. Maar de overheid wantrouwt hen. Hun welvaart roept de jaloezie op van armere Cubanen. Hun hang naar onafhankelijkheid kan op een dag leiden tot dissident gedrag. Raúl Castro, de president van het land, is onlangs tegen cuentapropistas in het geweer gekomen en laakte de ‘illegaliteit en andere onregelmatigheden’, waaronder belastingontduiking. Hij zweeg over de dwaze belemmeringen die zulk ongewenst gedrag mogelijk maken. De overheid ‘bestrijdt rijkdom, niet de armoede,’ klaagt een ondernemer.

De mond van Trump, het oog van Irma
De beknotting van het kapitalisme vindt plaats op een gevoelig moment voor Cuba. Raúl Castro zal in februari terugtreden als president. Dan komt er een einde aan het bijna 60 jaar autocratisch regime door hem en zijn oudere broer Fidel, die de revolutie in 1959 leidde. De volgende president zal waarschijnlijk geen eigen herinneringen meer hebben aan die gebeurtenis. De betrekkingen met de Verenigde Staten, die onder Barack Obama het economisch embargo versoepelden en de diplomatieke betrekkingen herstelden, hebben ondertussen een vervelende wending genomen. President Donald Trump is van plan het voor Amerikanen moeilijker te maken het eiland te bezoeken. Berichten over mysterieuze ‘sonische aanvallen’ op Amerikaanse diplomaten in Havana hebben de spanningen nog verder doen toenemen.

Chavez_Fidel_Raul_Castrojuli2011

Juli 2011: Fidel Castro, de Venezolaanse president Hugo Chávez en Raúl Castro

Geen mecenas
De orkaan Irma die Cuba begin september trof, doodde ten minste tien mensen, vernielde enkele van Cuba’s populairste badplaatsen en legde het elektriciteitsnetwerk een korte periode volledig plat. Nu het begrotingstekort dit jaar naar verwachting 12% van het BNP zal bedragen, heeft de regering weinig geld voor de wederopbouw. Dit zijn klappen voor een economie die al in zeer slechte vorm was. Cuba’s favoriete economische strategie – subsidies verwerven van linkse bondgenoten – heeft zijn langste tijd gehad. Venezuela, die de rol van de voormalige mecenas de Sovjet-Unie overnam, is er nog erger aan toe dan Cuba. Hun ruilhandel – Venezolaanse olie in ruil voor de diensten van Cubaanse artsen en andere professionals – krimpt. De handel tussen de twee landen is in waarde gedaald van $8,5 miljard in 2012 tot $2,2 miljard vorig jaar. Cuba heeft op de internationale markt meer brandstof moeten kopen tegen de volle prijs. Ondanks een hausse in het toerisme zijn de inkomsten uit diensten, waaronder de medische dienstverlening, sinds 2013 gedaald.

CUBA-ECONOMY-WHOLESALE-RETAILBureaucratie
Cuba wordt door een socialistisch keurslijf  belemmerd in zijn groei en produceert weinig producten die andere landen of de eigen bevolking willen kopen. De landbouw bijvoorbeeld wordt belemmerd door het ontbreken van markten voor de aankoop van grond, machines en andere productiemiddelen, door de overheid vastgestelde prijzen, die vaak onder de marktprijs liggen, en door slecht vervoer. Cuba importeert 80% van zijn voedsel. Het wordt steeds moeilijker om ervoor te betalen. In juli zei de minister van Economische Zaken, Ricardo Cabrisas, tegen de Nationale Assemblee dat door deze financiële druk in 2017 de invoer met $1,5 miljard zou verminderen. Wat er in winkels ligt, hangt vaak af van de vraag wie van Cuba’s leveranciers bereid zijn op betaling te wachten. Het BNP kromp in 2016 met 0,9%. Vanwege de orkaan Irma en de daling van de invoer wordt ook 2017 in economisch opzicht een nieuw slecht jaar. De overheid weet niet wat ze moet doen. Eén antwoord is het stimuleren van buitenlandse investeringen, maar de regering dwingt investeerders het bad van de bureaucratie te ondergaan. Meerdere ministeries moeten bij elke transactie hun handtekening zetten. Ambtenaren bepalen bijvoorbeeld zaken als het toegestane dieselgebruik voor bestelwagens en investeerders kunnen niet vrijelijk winst naar huis overmaken. Tussen maart 2014 en november 2016 trok Cuba 1,3 miljard dollar aan buitenlandse investeringen, minder dan een kwart van zijn doelstelling.

Gebrek aan durf
Geconfronteerd met een stagnerende economie en de dreiging van tekorten, probeert de regering met kracht investeerders te verleiden. Zij heeft ermee ingestemd dat voedselproducerende ondernemingen een deel van hun winsten kunnen terugboeken naar het land van vestiging. Maar alles wat verder gaat, lijkt een brug te ver voor de Cubaanse leiders. Zelfstandigen of cuentapropistas als Leo wachten vol ongeduld op de eerder toegezegde wet voor kleine en middelgrote ondernemingen. Die zou hen in staat stellen een ander type bedrijf te vormen en af te wijken van de gevestigde staatsondernemingen. Maar dat zal niet snel gebeuren, zegt Omar Everleny, een hervormingsgezinde Cubaanse econoom.

A farmer holds a wad of Cuban money at a vegetable stall at a market in central Cuba

Nationale peso’s

Valuta
Een nog veel verder gaande stap zou de hervorming van het bestaande systeem van dubbele valuta zijn. Daardoor kunnen staatsbedrijven niet concurreren, blijven de salarissen in de staatssector bitter laag en worden de prijzen in de economische sector verstoord. Cubaanse peso’s circuleren naast de convertibele peso (CUC), die ongeveer één dollar waard is. Hoewel de wisselkoers van de peso en de CUC voor individuele personen (inclusief toeristen) 24 op 1 bedraagt, is hij voor staatsbedrijven en andere overheidsinstanties één op één. Voor deze instellingen, die het grootste deel van de economie in Cuba voor hun rekening nemen, wordt de Cubaanse peso dus sterk overgewaardeerd. Dit levert een enorme subsidie op voor importeurs en straft exporteurs. Een devaluatie van de Cubaanse peso voor staatsbedrijven is noodzakelijk om de economie goed te laten functioneren. Maar het zou leiden tot faillissementen, ontslagen en een sterke inflatie. Landen die een dergelijke devaluatie proberen te realiseren, zoeken meestal hulp van buiten. Vanwege Amerikaans verzet kan Cuba echter geen lid worden van het IMF of de Wereldbank, de belangrijkste bronnen voor hulp. Het vastleggen van het valutasysteem is een ‘voorwaarde voor verdere liberalisering’, aldus Emily Morris, econoom aan het University College London.

migueldiazcaneljuli2013

Miguel Díaz-Canel

Opvolging
Het is onwaarschijnlijk dat dit nu zal gebeuren, omdat het land is gericht op de verkiezing van een nieuwe leider, de opvolger van Raúl Castro. Dit proces heeft de strijd tussen hervormers en conservatieven binnen de regering verscherpt. De strijdlust van president Trump heeft die waarschijnlijk versterkt. De meeste Cubaanse waarnemers zagen Miguel Díaz-Canel, de eerste vicepresident en de waarschijnlijke opvolger van Raúl Castro, als een liberaal naar Cubaanse maatstaven. Maar dat was vóórdat in augustus een videoband van hem openbaar werd waarin hij communistische partijleden toesprak. Díaz-Canel beschuldigt de Verenigde Staten daarin ‘de politieke en economische verovering’ van Cuba voor te bereiden en hij viel hard uit tegen de media die kritisch staan tegenover het regime. Misschien heeft hij zich alleen maar tot conservatieven gewend om zijn kansen de opvolger van Raúl Castro te worden, te vergroten. Als dit zijn ware opvattingen zijn, dan is dat slecht nieuws voor Leo en Gabriël.

Bron
* The Economist, 30 september 2017

Link
* Vice-president Díaz-Canel is van de harde lijn, zie bericht van deze Cubaweblog, 3 december 2015