Cuba’s sociale dienstplicht maakt jongeren rechteloos

Rigo, Suandy en Alberto komen elke ochtend bijeen in de wijk Capdevila in Havana. Zij hebben de opdracht om de broedplaatsen van de Aedes Aegypte-mug te zoeken, de verspreider van de dengue of knokkelkoorts. Nauwelijks 17 jaar oud, maken ze deel uit van het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT), het onbewapende Jongeren Arbeidsleger, een onderdeel van het Cubaanse leger.

ejt-militair-defile

Defilé van EJT’ ers; in tegenstelling tot de rest van het Cubaanse leger FAR, dragen zij geen groen maar een lichtbruin uniform.

Het EJT werd in augustus 1973 door Raúl Castro opgericht en duizenden jongeren onder de 20 jaar namen de laatste 40 jaar aan de activiteiten deel. Zij werken voornamelijk in de landbouw, bij de bouw van woningen en de reparaties van spoorwegrails. De zware werkomstandigheden en de magere beloningen worden tijdens discussies over de nieuwe grondwet die nu overal in het land plaatsvinden, fors bekritiseerd. ‘Mijn zoon werkt elke dag meer dan acht uur lang op het land. De groente en ander voedsel worden vervolgens op de markt van de EJT verkocht tegen een veel hogere prijs dan hij en zijn metgezellen krijgen voor zoveel werk,’ klaagde Xiomara, een inwoner van de gemeente Boyeros, vorige week op een vergadering over de hervorming van de grondwet. De kwaliteit van de producten op de boerenmarkten die door de EJT worden beheerd, is echter achteruitgegaan ten gunste van markten van particulieren of die coöperatief worden beheerd. De prijzen mogen daar dan wat lager zijn dan hun concurrenten, de kwaliteit van de waren van de EJT-markten staat onder kritiek van de consumenten.

markt-ejt-calle-Vedado

De markt van het EJT aan Calle 17 en K in Vedado, Havana

Ongeschoold
‘Het zijn niet-gespecialiseerde arbeidskrachten en dat blijkt niet alleen uit de teruglopende kwaliteit van de producten, maar ook uit het letsel dat de EJT’-ers oplopen als ze op het veld of aan de spoorlijn moeten werken,’ voegt Xiomara eraan toe, terwijl een man achter de voorzitterstafel elke zin nauwkeurig opschrijft. Jongeren die hun middelbare school afmaken en een plaats op de universiteit krijgen, hoeven maar 1 jaar sociale dienstplicht te vervullen in het leger en worden ondergebracht in het EJT waar ze een korte militaire training krijgen. Daarna worden ze ondergebracht in de locaties van de EJT, de meesten zonder slaapzalen. Ze kunnen ’s-middags weer naar huis en kunnen daar slapen. De EJT-ers worden echter wel beschouwd als actieve militairen en tijdens hun diensttijd worden zij onderworpen aan de militaire commandostructuur.

ejt

Mannelijke leden van het EJT.

Dwangarbeid
‘Hoewel ik blij ben dat mijn zoon geen pistool hoeft te dragen, ben ik van mening dat de nieuwe grondwet de ingelijfde jongeren meer en ander werk moet bieden, bijvoorbeeld sociaal werk als ze daar goed in zijn,’ zegt Xiomaro. Haar standpunt wordt gesteund door verschillende bewoners met opgroeiende kinderen, die betreuren dat de EJT is veranderd in ‘een lucratieve zaak waar jonge mensen onder afschuwelijke omstandigheden hard werken en salarissen ontvangen die niets voorstellen,’ aldus een andere deelnemer aan de bijeenkomst. ‘Ze hoeven in ieder geval niet meer als soldaat naar Angola, maar het werk wat ze doen is deze jongeren onwaardig. Ze verdienen 15 CUC (convertibele peso’s – ongeveer 15 dollar) per maand, hooguit 20 dollar,’ merkt een buurtbewoner op. ‘Wat gebeurt er met het geld dat op de EJT-markten binnenkomt?’ Het leger geeft geen informatie over de inkomsten en publiceert zelden iets over de opbrengsten van het werk van hun dienstplichtigen.

‘Vrijwillig’
In 2009 werden duizenden jonge mensen uit de EJT ingezet bij de reparatie en het onderhoud van spoorlijnen. Vrijwillige en geschoolde arbeiders zijn er voor dit werk niet te vinden omdat er onder moeilijke omstandigheden gewerkt moet worden. Aan de rand van Bayamo, in het Sakenaff-kamp, was Ruadny een van de vele jongeren die voor het eerst in zijn leven ‘een pikhouweel en schop in handen kregen geduwd om een stuk spoorweg te verbeteren. Ik was nog geen 18 toen ze me naar die eenheid stuurden en de waarheid is dat ik na een week liever naar een militair kamp was gegaan.’ Ruadny verdiende er ruim 500 Cubaanse peso’s per maand, minder dan $25. ‘Ik ben een muzikant. Gitaar spelen is het mooiste om te doen, maar na de EJT waren mijn handen zo toegetakeld dat dit niet meer ging,’ treurt hij.

ejt- Servicio Militar Voluntario Femenino

Het EJT kent ook een vrouwenafdeling: Servicio Militar Voluntario Femenino.

Inzet
Leden van het EJT vind je in Cuba overal; bij de koffie- en suikeroogst, bij opruimwerkzaamheden na orkanen, bij wegonderhoud en de bouw van kantoren voor overheidsinstellingen. Ook bij de ontsmettingsacties tegen de mug die de knokkelkoorts verspreidt, worden EJT’-ers ingezet. In 1999 riep de Internationale Arbeids Organisatie (IAO/ILO) in Genéve de Cubaanse autoriteiten op tot grotere openheid over de inzet van jonge Cubanen bij de EJT-activiteiten en jongeren de keus te laten al dan niet deel uit te maken van het EJT. Cuba zou een einde  moeten maken aan ‘het toepassen van gedwongen arbeid als methode om menskracht in te zetten voor de groei van de economie’.

Bron
* Marcelo Hernández, website 14ymedio, Havana, 26 september 2018

Yoani Sánchez: Bonen, frijoles!!!!!

Klein en smaakvol. Zij lijken ons vanaf het bord aan te kijken en te lachen over de inspanningen die het ons kost, eraan te geraken. Zwarte bonen zijn niet alleen deel van onze traditionele keuken, zij vormen ook een effectieve graadmeter voor de kosten van levensonderhoud in Cuba. De prijsstijgingen waarmee deze lekkernij bonen het afgelopen jaar te maken kreeg, bewijzen hoe desastreus de economische politiek is, die door Raúl Castro wordt bepleit. 

bonen-zwarteToen de voormalige opperbevelhebber van het Cubaanse leger, in februari 2008 het presidentschap van het land overnam, gokten velen op het pragmatische karakter van de man. Zijn sympathisanten herinnerden ons onophoudelijk aan een van zijn uitspraken, waarin hij verzekerde: ‘Bonen zijn belangrijker dan kanonnen.’ Zij voorspelden dat onze nationale landbouw zou gaan functioneren zoals sommige boerderijen, geleid door het Ministerie van Defensie en het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT)*. Die hoop ging voorbij aan een uitspraak van José Martí, namelijk: ‘Een land wordt niet geleid zoals men een militair legerkamp commandeert.’ Het gedrag van soldaten in de loopgraven kan niet worden vergeleken met een dag in het leven van een boer.

Het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT) marcheert

29 november 2006: het EJT marcheert vanwege het 50-jarige bestaan van de strijdkrachten FAR en de 80ste verjaardag van Fidel Castro

Prijsstijgingen voedsel
De toespraken van Raúl Castro in de eerste jaren van zijn presidentschap tegen het oprukkende onkruid (marabu), schiepen verwachtingen, zoals zijn eerdere belofte op elke ontbijttafel van een Cubaan voor een glas melk te zorgen. De raulistas zagen in deze verklaringen een pleidooi voor groeiende productie van voedingsmiddelen en een stabilisering van de prijzen conform de werkelijkheid van de salarissen. Maar noch het een, noch het ander gebeurde. De consument heeft juist in de laatste maanden te maken met een aanzienlijke stijging van de prijzen voor landbouwproducten. Als het jaar startte met 12 tot 15 peso’s voor 1 pond zwarte bonen, eindigde het in december met een prijs tussen de 15 en 20 peso’s, het gemiddeld salaris van een dag. Het jaar 2015 eindigde zelfs met een torenhoge prijs van 30 peso’s voor een pond kikkererwten. Het gemiddelde salaris steeg slechts van 581 naar a 640 Cubaanse peso’s, ongeveer 25 dollar per maand. Het is een symbolische stijging van de koopkracht van de arbeiders die gelijk staat aan drie pond extra zwarte bonen per maand. De resultaten van Raúl Castro’s veel geprezen methoden verschillen niet veel van die van zijn broer Fidel Castro met zijn grootse landbouw- en veeteeltexperimenten.

markt-People shop at the El Egido food market in Havana, Cuba, in early December

Beeld van markt in Havana

Mislukking
Het leasen van land dat oorspronkelijk aan de staat toebehoorde, botste op de bureaucratie, de extreme controlemaatregelen en de slechte staat van het land dat aan de boeren  werd uitgereikt. El Trigal, de experimentele markt voor de groothandel, is verworden tot een opeenhoping van stalletjes, stinkende bananen en hoge prijzen. In werkelijkheid vind je gemakkelijker een appel die van duizenden kilometers ver komt dan een sinaasappel of chiromoya (Jamaica-appel) geplant in onze eigen velden. Volgend jaar zal het land voor 1,94 miljard dollar aan voedsel invoeren en niemand spreekt meer over de strijd tegen de woekerende marabu. ‘Ik moet mijn bonen verdienen,’ zegt een leraar ter rechtvaardiging van het feit dat hij na een werkdag zijn tijd besteedt aan het koken van varkensvlees met zwarte bonen en rijst (moros y cristianos) die hij illegaal verkoopt aan werknemers van een ziekenhuis. Ja, onze levens draaien, in voor- en tegenspoed, rond die heerlijke kleine bonen die we op ons bord wensen. Zij zijn, duur en lekker, de beste graadmeter van de algehele mislukking.

Bron
* Yoani Sánchez, 31 december 2015 op de website 14ymedio

Link
* De marabu rukt op. Ten strijde! Deze Cubaweblog op 3 november 2007.
* Het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT) is een paramilitaire organisatie onder commando van het Ministerie van Defensie, opgericht op 3 augustus 1973.