Censuur op internetplatform vanwege teksten homovervolging

Een tekst over de betrokkenheid van president Raúl Castro bij de vervolging tussen 1965 en 1968 van homo’s in Cuba is door ingrijpen van de autoriteiten gecensureerd. De tekst werd  geschreven door homo-activist Jimmy Roque Martínez die deel uitmaakt van de lgbti-groepering Proyecto Arcoiris.  Arcoiris is een van de groepen die deelnemen aan het officiële blogplatform Reflejos.

arcoiris-tekst-over-raul-castro

De gewraakte tekst van de Arcoiris-activist Jimmy Roque Martínez over Raúl Castro’s betrokkenheid bij de homovervolging tussen 1965 en 1968

Reflejos stelt dat Arcoiris de normen van het platform schond en noemt de tekst ‘laster van de Revolutie.’ De tekst die al in december verscheen op de website Havana Times, eist excuses van de Cubaanse leiders en de erkenning van hun verantwoordelijkheid voor de internering destijds van homoseksuelen in straf- en werkkampen, de zogeheten Unidades Militares de Ayuda a la Población (UMAP).  Het uitblijven van deze excuses  zijn, aldus Jimmy Roque Martínez, een bewijs van de homofobie in Cuba bij de huidige leiders van het eiland. Martínez wijst erop dat behalve homoseksuelen ook dissidenten en priesters in deze stafkampen werden opgesloten. ‘Er zijn 50 jaar verstreken sinds de invoering van de UMAP-werkkampen en geen enkele leider heeft daarvoor tot nu toe excuus aangeboden’, aldus Roque die erop wijst dat de toenmalige minister van de strijdkrachten op dit moment president van het land is, namelijk Raúl Castro.

gayVivalarevolucionCuba_gays_lesbianas_transexuales1

Leve de Revolutie. LGTB

Reflejos/Weerspiegeling
In maart 2015 lanceerde Cuba met veel vertoon dit nieuwe internetplatform , Reflejos/Weerspiegeling genaamd. De initiatiefnemers kwamen uit de sfeer van de officiële jongerenclubs voor computer en elektronica (Joven Clubs de Computación y Electrónica (JCCE) onderdeel van het Ministerie van Communicatie. Het land tel 800 van dergelijke clubs. Reflejos-woordvoerder Kirenia Fagundo zei toen dat ’de enige voorwaarde is dat de bloggers de waarheid verspreiden over Cuba, zonder beledigingen, gebrek aan respect of minachting’. Verdere beperkingen zouden er niet zijn. Al in de eerste weken van het bestaan van Reflejos werd het de onafhankelijke internetkrant 14ymedio van Yoani Sánchez onmogelijk gemaakt een eigen blog te lanceren op Reflejos. Reflejos censureerde ook andere weblogs zoals La Jugada en Observatorio Crítico. Proyecto Arcoíris constateert dat dit doet herinneren aan de hoogtijdagen van de censuur in Cuba. Een medewerker wijst erop dat bijvoorbeeld allerlei evangelische groepen tientallen teksten publiceren op Reflejos ‘die openlijk in strijd zijn met het beleid van de ministeries van Gezondheid en Onderwijs, maar dat schijnt de censor niet te deren.’ De weblog van Proyecto Arcoiris kan vanaf 13 februari weer bezocht worden, maar dan zonder de gecensureerde tekst.

logoarcoirisLinken
* Internetplatform Reflejos
* Meer over Reflejos op deze Cubaweblog van 20 maart 2015
* Proyecto Arcoiris is een initiatief van onafhankelijke homo-activisten die weinig sympathie hebben voor de door Raúl Castro’s dochter Mariela op autoritaire wijze geleide  homo-emancipatiebeweging.

* Het Spaanstalige artikel van Jimmy Roque Martinez dat op 14 december op de website Havana Times verscheen. Hij herinnert in het artikel ook aan toezeggingen gedaan door Mariela Castro in 2011 – o.a. in Amsterdam –  naar een historisch onderzoek naar de strafkampen.

Cuba en de hartstocht voor het Mundial (2)

Bioscoop Yara in het centrum van Havana

Bioscoop Yara in het centrum van Havana

De meningen die ik verzamelde op al die plekken waar voetballiefhebbers bij elkaar komen, lopen nog al uiteen. ‘Ik ben voor Brazilië maar dat heeft me nog niet veel opgeleverd. Ik denk dat de grootste vijand de druk is waaronder ze moeten spelen. De geest van de Maracanazo zit nog achter hen aan en deze generatie moet de moed hebben die te verslaan. Vorig jaar wonnen ze de Confederatie Cup maar dit is niet het zelfde,’ zegt Ariel, gekleed in een shirt met de auriverde-kleuren van Brazilië in La Pelota (honkbal), een centraal gelegen bar waar, zoals de naam al zegt, de voetbalkoorts niet extreem oploopt maar die toch niet aan het WK kan ontsnappen. ‘Toen men meedeed aan de Confederatie Cup was Brazilië erg slecht.  En stonden ze zelfs op het punt de trainer te ontslaan. Toen was er niet de druk van nu. Na overwinningen zijn ze weer populair geworden en het Braziliaanse volk wil dat ze met de titel thuiskomen, niet meer en niet minder,’aldus Ariel.

Winkecentrum Carlos III

Winkelcentrum Carlos III

Favorieten van Cuba
En Reynaldo voegt er aan toe: “Mijn team is Argentinie maar die zijn ook niet goed begonnen. Dit zou de Mundial van Messi moeten zijn want Argentinië is niets zonder hem. In de eerste wedstrijd maakte hij een schitterend doelpunt maar in het algemeen waren ze lui. Ze moeten beter worden.’ Yoan loopt op ons af en hoeft zijn voorkeur niet eens te zeggen; hij is een liefhebber van Duitsland. ‘Wat moet ik nog over mijn tanks zeggen. Wij overrulen Portugal volledig met Cristiano en de rest en zijn klaar voor wat nog komt.’
‘Ik ben voor Italië. Zonder al te veel lawaai zijn ze er weer en zullen de titel wegslepen. In een vorige Mundial verloren we ook de eerste wedstrijd maar aan het einde was de beker voor ons’. Aldus enige reacties verzameld op straat waar men ook sympathisanten van Nederland en Frankrijk tegenkomt. In het algemeen zijn dit de favoriete teams in Cuba, waar men al is het van ver, ook het Mundial meebeleeft.

Mundial-Cuba_bavariabarBron
* Dit artikel van Ronal Quiñones verscheen op 18 juni op de website Havana Times
Link
* Op de website van de digitale krant 14ymedio verscheen gisteren een artikel ‘Fútbol a lo cubano’ over voetbalsport in de provinciestad Ciego de Ávila en geschreven door Leoncio Coello.

Slechter onderwijs en nog duurdere cadeaus voor de onderwijzers

Daisy Valera (22) is afgestudeerd in nucleaire chemie en woont in Havana. Zij levert regelmatig bijdragen aan de tweetalige website Havana Times, de site die zichzelf omschrijft als ‘open minded writing from Cuba’.  Op 21 december schreef zij: Slechter onderwijs én duurdere cadeaus, over de gewoonte Cubaanse leerkrachten eenmaal per jaar een cadeau te geven.

Leerlingen in het voortgezet onderwijs

Leerlingen in het voortgezet onderwijs

Steeds op 22 december wordt de Dag van de Cubaanse Onderwijzer gevierd en het einde in 1961 van de Alfabetiseringscampagne herdacht. Het is een problematisch moment voor de portemonnee van veel Cubaanse gezinnen. Het geven van cadeaus aan leraren is een ritueel geworden waarbij de kloof in koopkracht tussen Cubanen zichtbaar wordt. Zelfs het schooluniform houdt die ongelijkheid niet langer verborgen. Voor veel leerlingen is het een traumatisch moment. Zelf herinner ik me de moeite die mijn moeder moest doen om in 1997 enkele kleine flesjes parfum cadeau te kunnen doen.


Gratis onderwijs: een versleten vaatdoek

De leus over het gratis onderwijs en de hoge kwaliteit ervan, waar de Cubaanse autoriteiten tot vervelens toe over opgeven, is een versleten vaatdoek geworden. De meest optimistische voorspellingen over een mogelijk verbetering van het onderwijs, spreken over een periode van vijf jaar. Op dit moment zijn er 3.069 leraren uit andere provincies werkzaam in de 13 wijken van de hoofdstad; maar dat zijn er te weinig om de tekorten aan docenten in basis en voortgezet onderwijs in Havana op te vangen. In de discussie over de richtlijnen van het congres van de Cubaanse Communistische Partij (2011) werden 21.000 opvattingen genoteerd met kritiek over het kwaliteitsverlies in het onderwijs. Het zou nog tot eind 2012 duren voordat ministers dit op televisie in het programma Mesa Redonda  zouden toegeven. [2] De conclusie van deze schuchtere ‘verantwoording’ luidde dat men erkende dat de maatregelen die de afgelopen 10 jaar in het onderwijs waren genomen ter verbetering, hadden gefaald.

Patio-de-la-primaria-Miguel-EnriquebasisschoolTypen onderwijzers
De zogeheten professores emergentes (leraren zonder enige pedagogische vorming) en de professores generales integrales (die juist een groot aantal vakgebieden zouden moeten bestrijken), bewijzen zonder meer dat de leiders van ministeries gefaald hebben en veel meer hebben gelet op de ideologisch-politieke vorming van de aanstaande leerkrachten. Kijk bijvoorbeeld naar de veranderingen in het hoger onderwijs die nodig zijn; de stijging van het aantal ingeschreven studenten voor richtingen die te maken hebben met de toekomstige koers van de economie of die waar de landbouw behoefte aan heeft. Wij hebben te maken met een hervorming van het onderwijs, die bedacht wordt in geklimatiseerde kantoren. Met oplossingen die ons herinneren aan 1961, het Jaar van de Opvoeding / Año de la Educación en de doelstellingen van de beroemde campagne van die tijd: ‘de bevolking onderdeel doen uitmaken van de productie door een betere culturele en technische scholing’ (3). Het gevolg van deze crisis is dat het grootste deel van de bevolking zich gedwongen ziet terug te vallen op een nutteloos gebaar: voor slechter onderwijs, nog duurdere cadeaus. Dat zou wel eens het voorportaal kunnen zijn van de acceptatie van de  privatisering van de belangrijkste onderwijsvormen in Cuba.

Deelnemers aan de alfabetiseringscampagne van 1961 f

Deelnemers aan de alfabetiseringscampagne van 1961

Noten
[1] Todo pasa por el maestro/ Alles voor de onderwijzer, Margarita Barrios in Juventud Rebelde, 13/12/2013

[2] Información sobre el resultado del debate de los lineamientos de la política económica y social del Partido y la Revolución, VI. Política Social, pág. 24, mayo 2011.

[3] Handboek alfabetiseringscampagne Manual Alfabeticemos, pág. 5, 1961.

Noot
Op de website Diario de Cuba werd gisteren een artikel geplaatst over hetzelfde thema met de titel: ‘Ouders zoeken hun heil bij particuliere huiswerkhulp’.  Ook kerken zijn actief in het bijspijkeren van Cubaanse studenten zoals het Centro La Salle in de wijk 10 de Octubre. Ook worden er cursussen gegeven die beter aansluiten bij de privatiseringstendenzen in de Cubaanse samenleving. Bijlessen worden gegeven door zogeheten repasadores, een beroep dat voor het particulier initiatief door de communistische regering is vrijgegeven, samen met nog 200 andere beroepen.
Moeder Raiza Martínez, moeder van een 13-jarige puber: ‘Ik het het gehad met de school. Leraren beheersen zelf de stof niet of kunnen het niet overbrengen. Ik moet wel de hulp inroepen van een repasador. In mijn tijd was het zo niet. De openbare school gaf goed onderwijs, aldus de 48-jarige Martínez.

Hoe lang tolereren we de corruptie in Cuba nog? (1)

Toen ik tussen april en juni 2010 twee artikelen schreef over corruptie (Corruptie; de ware contrarevolutie en Het geheim van de heilige Drie Eenheid: corruptie, bureaucratie en contrarevolutie) waren er ontelbare mensen die mij aanspraken en vroegen waarom ik me in die materie verdiepte en dat ik de vijand zo in de kaart speelde door publiekelijk over een zaak te spreken die de Partij nu juist met de uiterste discretie wilde behandelen, aldus Esteban Morales in een recent artikel op de website Havana Times over de verspreiding van corruptie in Cuba. Hij vraagt zich o.a. af of er personen in de top van de Cubaanse samenleving zijn, die belang hebben bij de huidige geheimzinnigheid.

Esteban Morales Dominguez

Esteban Morales Dominguez

Morales werd in 2010 uit de Cubaanse Communistische Partij (PCC) gestoten vanwege een artikel over corruptie in de hogere regionen van de Cubaanse machthebbers. Morales schreef toen o.a. dat niet de dissidenten de contrarevolutie vertegenwoordigden, maar ‘dat de ware contrarevolutie de corruptie is.’ Morales is econoom, politicoloog en schrijver, o.a. over racisme in Cuba. Hij mocht een jaar later weer toe treden tot de gelederen van de partij. Hier volgt zijn recente tekst.

In die tijd schonk – laten we het ‘de officiële pers’ noemen – nog geen aandacht aan dit thema. Drie jaar later is dat nog net zo. Soms worden korte berichten geplaatst omdat men niet aan publicatie kan ontsnappen. Desondanks weten de mensen wat er gaande is omdat – zoals mijn grootmoeder altijd zei – ‘er geen geheimen onder de zon zijn’. Dat geldt zeker voor een wereld die afhankelijk is van telecommunicatie en glasvezelkabel, waar de alternatieve pers, de weblogs, e-mailberichten en internet over het algemeen, systematisch verslag doen van alles dat de officiële pers niet publiceert. Ik verbaas me erover dat onze pers, ondanks de aandacht die de regering schenkt aan het fenomeen van corruptie, hier niets over publiceert. Slechts bij één gelegenheid, enige tijd geleden werden enkele zaken genoemd met de naam van de verdachten en de straffen die zij ontvingen.

Woningen aan het havenfront van Havana

Woningen aan het havenfront van Havana

Discretie ongewenst
Wij weten nu dat honderden mensen in afwachting zijn van een rechtzaak wegens verdenkingen van corruptie. Het heeft zelfs geleid tot een raciale wijziging van de gevangenispopulatie (meer blanken en minder zwarte Cubanen, redactie), maar we krijgen geen informatie over hoe de processen verlopen, laat staan dat we de namen van beschuldigden horen. Waarom blijven deze processen verborgen achter een wal van discretie? En wie profiteren daarvan? Ik geloof niet dat het een zaak van discretie is (dat is ook zinloos op een moment dat de situatie een publiek geheim is geworden) en dat de houding van onze pers aanleiding geeft tot zekere vermoedens en verdenkingen. Kan het zijn dat, ondanks de kritiek van Raúl Castro zelf, er iemand op een bepaald niveau in de macht belang heeft de zaak geheim te houden?

Een complex netwerk
Het is natuurlijk interessant vanuit Barcelona te horen dat de corruptie in Cuba zo gedegen onder handen wordt genomen. (Bedoeld worden de artikelen van Castro-sympathisanten en groepen in Barcelona die uitvoerig opgeven over de anti-corruptiecampagne). Wij zouden echter graag willen weten wie dan wel die vrienden van hen op ons eiland zijn. Kortgeleden werd ook op internationaal niveau de strijd tegen corruptie in Cuba geprezen. Wij moeten ons daardoor niet in slaap laten sussen. We hebben nog een lange weg te gaan voordat we welgemeend kunnen zeggen dat we de corruptie onder controle hebben.

Omvangrijk netwerk
De wijze waarop corrupte medewerkers in de overheid bekennen goederen en grondstoffen van de Staat gemakkelijk en ongestraft, ontvreemd te hebben, suggereert een sfeer van chaos en complexiteit, dat tot angst aanleiding geeft. Er wordt het bestaan van een administratieve bureaucratie zichtbaar waarvan de ambtenaren met groot gemak omgekocht kunnen worden of gecorrumpeerd. Het toont ook aan dat we met mechanismes te maken hebben die al langere tijd bestaan en waar verschillende mensen bij zijn betrokken, een waarlijk netwerk dat niet ontmanteld kan worden tot het moment dat personen daar binnendringen die geen deel uitmaken van het netwerk en de keten van corruptie kunnen breken. Het feit dat dit mechanisme van corruptie bestaat heeft zonder twijfel te maken met het grote belang van smeergelden voor deze overheidsdienaren. Als ze worden ontmaskerd, zijn de verliezen aanzienlijk en praktisch niet te herstellen en de morele schade maakt van de betreffende persoon een non-persoon.

Het winkelcentrum Carlos III in Havana

Het winkelcentrum Carlos III in Havana

Iedereen betrokken
In het algemeen moet je zeggen dat niemand gespaard blijft want iedereen is er op de een of andere manier bij betrokken. Zij die er indirect van profiteren, zij die wachten op een kans er van te profiteren en zij die op de hoogte waren om te profiteren, maar onvoldoende autoriteit en morele overtuigingskracht hadden om er een einde aan te maken.

Link
YouTube met beelden winkelcentrum Carlos III, 1 minuut

Noot
* Esteban Morales schreef dit artikel op 16 december 2013. Op  de site Havana Times is de tekst zowel in het Spaans als het Engels te lezen.

Commotie rond Payá’s dood houdt aan (3)

Behalve de directe gevolgen voor de Zweedse en Spaanse medereizigers van Oswaldo Payá en Harlold Cepero, heeft het dodelijk ongeval waarbij beide Cubanen op 22 juli j.l. omkwamen, ook gevolgen voor de relaties van Cuba met Spanje en de Europese Unie en de communcatie tussen Europese democraten en de vreedzame oppositie in Cuba. Zolang de chauffeur Angel Carromero door de Cubaanse geheime politie wordt gevangen gehouden, speelt zijn lot een rol in de politieke relaties tussen Cuba en Spanje en dat heeft ook gevolgen voor de relaties tussen het eiland en de EU. Europa heeft nu zijn eigen Alan Gross.

Cambio / Verandering. Cartoon van Garrincha

De uitgeweken liberale politicus Alberto Montaner gaat op de website Diario de Cuba dieper in op de psychologische druk waaraan personen in handen van de Cubaanse geheime politie, bloot staan. Hij herinnert aan de zogeheten Affaire Padilla (1970) waarbij een dissidente schrijver publiekelijk ‘zelfkritiek’ uitoefende en o.a. zijn eigen vrouw beschuldigde van contrarevolutionair gedrag. Ook noemt hij Alvaro Prendes, de ex-kolonel en Held van de Revolutie die in een van Castro’s gevangeniscellen verdween en uiteindelijk in ballingschap zou sterven. Prendes zei ooit: ‘Superman, op het moment dat je in de handen valt van de Cubaanse Staatsveiligheidsdienst zul jij zelfs hardop huilen en veeg je je snot met je zwarte mantel weg.’

Fidel mompelt wat over zijn eigen tovermiddel voor alle kwalen namelijk de moringaboom en Raúl Castro klaagt over ‘al die valse toeristen die chaos en verwarring willen scheppen’, een verwijzing naar de Zweedse en Spaanse medepassagiers van Oswaldo Payá.

Steun Cubaanse democraten
Ook Montaner gelooft dat het ongeluk door de dictatuur gebruikt zal worden om de internationale steun voor de Cubaanse democratische oppositie, verder onmogelijk te maken. Zowel Carromero en Aron Modig hebben in hun officiele verklaringen excuses gemaakt voor deze hulp. Modig zei zelfs niet te weten dat de Cubaanse wet dit soort hulp verbiedt? Maar waarom vraagt Montaner zich af?
Omdat het regime van Raúl Castro wil, dat met een beroep op de zogenaamde soevereiniteit van de staat, buitenlanders worden bedreigd ’die geld, usb-sticks, informatie en vooral politieke steun bieden. Min of meer precies dat wat Europese democraten ook hun broeders en zusters aanboden tijdens de dictatuur van generaal Franco in Spanje.’ En Montaner gaat in op de vergelijkbare steun van communistische landen aan ‘de eenheidspartij van Fidel en Raul Castro’ en hij herinnert hoe de Argentijnse guerrillabeweging Montoneros Fidel ooit 60 miljoen dollar overhandigden na de ontvoering van twee ondernemers, de gebroeders Born. Montaner concludeert dat de Cubaanse regering weliswaar het recht op ‘revolutionair internationalisme’ decreteert, maar het recht op ‘democratisch internationalisme’ niet erkent. ‘Dat recht zou iedereen in de praktijk moeten brengen, die gelooft dat de vrijheid een universeel begrip is,’ aldus Montaner.

Een officiele foto van het autowrak

Politieke gevolgen
Maurice Vicent was vele jaren correspondent van de Spaanse krant El Pais in Havana tot de Cubaanse autoriteiten vorig jaar weigerden zijn accreditatie te verlengen. Hij is weinig optimistisch over het lot van zijn landgenoot Carromero. Tijdens zijn verblijf in Havana werden veelvuldig auto-ongelukken gemeld waarbij Spanjaarden waren betrokken als slachtoffer of verdachte. De voorlopige hechtenis en de procesgang kunnen maandenlang duren, waarbij de verdachte Cuba niet mag verlaten. Vicent stelt dat de Cubaanse strafwet helder is en streng; bij dood door schuld wacht de veroordeeld 1 tot 10 jaar gevangenisstraf, waarbij de Cubaanse wet bij goed gedrag een derde kan kwijtschelden. Het Spaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken adviseert daarom al enige tijd ’s nachts niet in het binnenland te rijden of slechts met een chauffeur. Vicent: ‘Als Ángel Carromero een gewone toerist was in plaats van een jeugdleider van de Partido Popular die naar Cuba reisde met politieke doeleinden, dan zou er nu waarschijnlijk geen Zaak Carromero bestaan, maar was er gewoon een zoveelste Spanjaard veroordeeld vanwege roekeloos gedrag in het verkeer. Maar Carromero was geen toerist.’

Troeven in handen
En Vicent gaat nader in op de politieke implicaties van de dood van Payá en de betrokkenheid van Carromero. Want het auto-ongeluk op de weg naar Bayamón leidt direct naar de 12e Oktober in Havana. Vicent duidt op de gewoonte van de Spaanse autoriteiten om op de nationale feestdag van 12 oktober dissidenten uit te nodigen voor de officiële receptie. De regering van Aznar begon daar in 2003 mee waardoor de relaties tussen beide landen bevroren raakten. Twee jaar laten kwamen de sociaaldemocraten aan de macht in Spanje en draaiden zij dit uitnodigingsbeleid weer terug. Wat zal er 12 oktober gebeuren als Carromero nog gevangen zit? Zal de Partido Popular dissidenten uitnodigen op de ambassade? Zal de PP beloven in de toekomst politieke avonturen van haar jeugdleiders en vertegenwoordigers binnen Cuba te voorkomen? Als deze situatie voor Carromero niet zo waar was maar meer een spelletje poker, zou je kunnen zeggen dat hij zijn tegenstander drie azen cadeau heeft gedaan. En die zijn niet bestemd voor de bestuurder!

Linken
* Alberto Montaner over ‘democratisch internationalisme'(Spaanstalig)
* Maurice Vicent over de crisis Spanje – Cuba (Spaanstalig)
*
Blogger Dariela Aquique (Havana Times (Engels):

Modig ‘speelde de Zweed’
* Blogger Sara Barderas e Isaac Risco (Havana Times – Spaans):
Spanje-Cuba minicrisis door Carromero

Noot
*   Op 30 mei en 3 mei 2011 publiceerden wij twee achtergrondartikelen over de affaire Padilla, die toen 40 jaar eerder in 1961 plaats vond.
* Deel 1
* Deel 2

Cubaanse ex-spion en journalist biedt schrijvers excuses aan (1)

De voormalige Cubaanse spion en journalist  Percy Francisco Alvarado Godoy, die afgelopen weken enkele vooraanstaande Cubaanse schrijvers beschuldigde dat hun projecten werden gefinancierd door de VS, heeft op zijn weblog excuus aangeboden. Zijn kritiek op anderen zoals de theatergroep Omni Zona Franca en de blogger Yoania Sánchez handhaaft hij. De laatste noemt hij ‘de meest gevaarlijke en ervaren contrarevolutionaire’.  

Alvaro Godoy omschrijft zichzelf als Journalist, Guatemalteeks schrijver en antiterroristisch Strijder.

Godoy publiceerde in Por Cuba, een uitgave van het Ministerie van Cultuur, een scherpe aanval op personen en instituties in Cuba. Hij schrijft nu dat ‘door een fout’ ook de politieke en ideologische positie van een ‘groep van waardevolle intellectuelen’ in twijfel is getrokken. Alvardo Godoy noemt met name auteurs als Lina de Feria, Daniel Díaz Mantilla, Reyna María Rodríguez, Desiderio Navarro en Víctor Fowler. Tegelijkertijd schrijft Godoy achter de kern van zijn artikel te blijven staat, waarschuwt hij iedereen die ‘misbruik wil maken van deze betreurenswaardige misstap’ en meldt een offensief van ‘contrarevolutionaire twitteraars’ tegen zijn persoon. De redactie van het tijdschrijft Por Cuba had  eerder zijn excuus aangeboden voor deze ‘onvergefelijke fout.’

Obama’s media-oorlog
In het tijdschrift Por Cuba (nr. 56) publiceerde Godoy een artikel, getiteld Obama centraliseert zijn media-oorlog tegen Cuba. De publicist was meer dan 20 jaar werkzaam voor de Cubaanse geheime dienst en werkte o.a. als infiltrant bij de anti-Castro organisatie Cuban American Foundation. In het artikel probeert Godoy aan te tonen dat de Amerikaanse president Obama alle gelden, bestemd voor de democratisering in Cuba centraliseert en hoe de Amerikaanse vertegenwoordiging in Havana opdracht heeft de projecten uit te voeren.  Zij zou daarbij gebruik maken van middelen als prijsuitreiking, materiele stimulansen en alternatieve programma’s bestemd voor de Cubaanse jeugd. Godoy noemt o.a. projecten als de theatergroep Omni Zona Franca en het festival  Poesía sin Fin waar auteurs als Lina de Feria, Daniel Díaz Mantilla, Reina María Rodríguez, Desiderio Navarro, Víctor Fowler aan deelnamen.

Volgens Godoy zou de essayist Victor Fowler gefinancierd worden door de Amerikaanse vertegenwoordiging in Havana. In 2010 sprak hij tijdens de Katholieke Sociale Week / Semana Social Católica.

Nog meer huurlingen
Vervolgens somt Alvarado Godoy nog meer personen en instituties op die met behulp van Amerikaans geld en instructies van de VS en Europa hun ‘verraderlijke werkzaamheden’ verrichten. Hij noemt o.a. het videoforum over de toekomst van Cuba Estado de Sats, de website Havana Times  en de Cubaanse blogger Eliecer Ávila. De laatste ging in februari 2008 publiekelijk in discussie met partijprominent Ricardo Alarcón o.a. over de beperkingen op het Cubaanse internet. Godoy rekent Eliecer Ávila tot het ‘gamma van nieuwe huurlingen, die niet in diskrediet zijn geraakt door oudere beroepsdissidenten met hun strijd om geld en de neiging een hoofdrol te willen spelen.’

Linken
De weblog van Alvardo Gody Descubriendo Verdades / De waarheid ontdekken
De website Observatorio Critico met kritische reacties van Cubaanse bezoekers die o.a. benadrukken dat de excuses van Alvaro Godoy en het tijdschrift Por Cuba halfslachtig zijn. De beweging Observatorio Critico streeft naar een socialisme met zelfbestuur en zonder de huidige bureaucratie.

Hopeloos op zoek naar Cuba

‘Niet zo lang geleden had ik een vreemde ervaring. Ik was bij de Torre de Letras (een plek voor literaire activiteiten op de top van een gebouw in Oud Havana),  waar een schrijfster een essay voorlas dat begon met …’.Ik ben in een land geboren dat niet langer bestaat….’. Zo luidt het begin van een artikel over het gevoel van verlies en van ballingschap, geschreven door Veronica Vega. Hier volgt de volledige tekst die eerder verscheen op de website van Havana Times.

Ik ging aan het feit voorbij dat zij in het voormalige Oost Duitsland geboren was, omdat ik er niet aan twijfelde dat zij het over Cuba had. Maar wat het meest bijzondere was, dat ik niet alleen die indruk had. Maar toen ik erover nadacht, besefte ik dat dit gevoel van verlies en van ballingschap dat zich vastgezet heeft in de Cubanen die het land verlaten hebben, iets is dat wij, die gebleven zijn, ook voelen. Het is het gevoel van Cuba waar we bijna in geloofden en gewoond hebben en dat ons verlaten heeft, dat met ons brak zonder dat we beseften wanneer dat gebeurde. Het is als mensen doodgaan zonder een teken van een laatste adem, zonder een laatst moment van spanning of kramp. We merken het slechts aan het langzame achteruitgaan van het lichaam, de stank en het niet meer bewegen.

Het land van beloften
Waar is het land dat zij ons beloofden toen we kinderen waren in de jaren 60, 70 of 80? Waar eindigde dit Cuba, dat nu slechts een blik van verveling oproept als je de naam al noemt bij degenen die na 1990 geboren zijn? Zij waren het hardst getroffen, zij die geloofden in een `ochtend´ waar zij niets zagen. Voor hen geen jam of compote op de centrale markt of Bulgaarse appels die iedereen kon kopen op de boerenmarkt, noch de ladingen mout, luxe brood of de snoepjes die echt je kaak braken (die niet de beste waren, maar zelfs die missen we!). Noch is er het echte Coppelia ijs. Zij ervaarden niets van de dingen uit die tijd toen het woord ´salaris´ meer was dan een paradox, een karikatuur, een symbool. De generatie van mijn zoon in de leeftijd van een teenager, heeft de schaduw van een land geërfd, dat verdween in een poging er een te zijn. Hij heeft gesloten suikerfabrieken geërfd, goedkoop geconstrueerde gebouwen, een stedelijk landschap in fragmenten ontworpen en natuur platgewalst door menselijke wisselvalligheden en experimenten.

Een voormalige bioscoop aan de Calle Reina in het centrum van Havana

Doen alsof
Voor hem zijn er scholen die nauwelijks functioneren, leraren die niet geloven in wat ze zeggen, helden wier beelden zo geretoucheerd zijn dat ze ieder in de war brengen… Doen alsof is het eerste wat je leert, terwijl een groeiend cynisme de blikken, gebaren en woorden verhardt.  Daar is het land zo goed beschreven door de schrijver Antonio Ponte in de documentaire Arte nuevo de hacer ruinas. * (De nieuwe kunst van het maken van ruines) met haar steden verwoest door een oorlog die er nooit was maar wiens verwoesting de alomtegenwoordige dreiging bewijst van een vijand waar ze ons zo voor gewaarschuwd hebben. Want dat is het bewijs: gebouwen die onder het gewicht instorten van een belofte die niet langer gestand kan blijven, een moraliteit met steeds zwakker wordende argumenten, een ´morgen´ waar niemand op hoopt en dat velen hebben vervangen door een haalbare horizon, één die uit een paspoort en een visum bestaat. Voor degenen die na de jaren 90 geboren zijn, bestaat het land niet, zij zijn er niet in geïnteresseerd. Zij willen iets tastbaars. Wat ons betreft, de bedwelmde nazaten van een spookland, wij zwerven rond en rapen de stukken op van het verleden (en de toekomst?), vreemden in onze eigen droom.

Waar naar toe zonder een vaderland
Je kunt overal geboren worden en doodgaan, maar tijdens ons leven is het tenminste wel belangrijk dat de aarde die we raken een verlengstuk is van onze identiteit. Dit geeft families en generaties die stabiel zijn, gebaseerd op culturele, sociale en spirituele waarden. Ik denk dat het Cuba dat velen van ons nog hopeloos aan het zoeken zijn, te vinden is tussen het officiële verhaal, datgene dat ligt tussen de politieke propaganda en de ansichtkaarten van de toeristen. Het is tussen onze nostalgie en het scepticisme van de jeugd met de woede, pijn, onverschilligheid en escapisme. In de menselijke ruimte die ons ontnomen is, wilde men dat we de personen die vertrokken: onze buurman, onze familie, onze vriend, vergaten.

Vermoeidheid
Cuba zit nu precies in de fase waar de vermoeidheid begint, als we beseffen dat het leven verder gaat onder het meedogenloze wiel, vertrappende ideologieën en geschillen. Een tijdje geleden zag ik een documentaire van de Russische acteur en regisseur Nikita Mikhalkov getiteld Anna. Door de ontwikkeling van zijn eigen dochter en hoe zij ieder jaar een aantal eenvoudige vragen oproept, laat de schrijver ons de ontwikkeling van een land zien. Aan het einde van de documentaire, kon het meisje, dan een jonge achttienjarige, die in Zwitserland ging studeren, toen zij naar haar vaderland werd gevraagd, niets anders doen dan huilen. Ze zegt dat het vaderland groot is, net zo groot als Rusland. Maar Mikhalkov stopt daar niet, hij stelt dezelfde vragen aan zijn jongste dochter, die nu zo oud is als Anna bij het begin van de film. Het meisje, dat niet dezelfde ervaring en pijn als Anna heeft, zegt dat het vaderland nogal klein is, zo klein dat het tussen haar twee gebalde handen past.

Onze enige vijand
Toen ik deze scene bekeek, voelde ik dat dit iets is dat we missen. Ons te bevrijden van de geconstrueerde en opgelegde grootheid, die ons verwijdert van het essentiële, onze eigen grootheid, die zit in de broosheid die we allen delen, in onze gemeenschappelijke spiritualiteit, in het algemene en oude verlangen van een rechtvaardige wereld maar zonder de uitverkorenen of de buitengesloten. De enige echte vijand die we hebben, en dat geldt voor ons allemaal, is dat we dit basisprincipe vergeten.

Bron
* Havana Times, Veronica Vega
* In 2006 maakte de Duitse filmmakers Florian Borchmeyer en Matthias Hentscher ‘De nieuwe kunst van het maken van ruïnes’. De film schoot de Cubaanse autoriteiten uiteindelijk in het verkeerde keelgat. Kort na de verschijning werd ‘Habana, Arte nuevo de hacer ruinas’ door het Cubaanse Filminstituut ICAIC op de lijst van verboden films geplaatst en kon deze niet meer worden getoond. Illegale kopieën zijn in Havana op straat voor 2 tot 3 CUC’s verkrijgbaar.

De katholieke kerk en de bestemming van Cuba (1)

Roberto Veiga González (1964) is jurist en op dit moment eindredacteur van het katholieke tijdschrift,  Espacio Lacial / Ruimte voor de Leek. Hij is ook docent aan de Carlos y San Ambrosia Seminaries in Havana, verantwoordelijke voor de Commissie Justitia et Pax in het aartsbisdom Havana en auteur van diverse essays over sociale en politieke kwesties. Hij is zeer vertrouwd met het gedachtengoed van de huidige leiders van de Cubaanse katholieke kerk en is een van de vormgevers. Veiga speelt ook een zekere rol in de wereld van de kunsten.

Op het Plein van de Revolutie in Havana worden voorbereidingen getroffen voor de mis die de paus er op 27 maart zal opdragen.

Haroldo Dilla Alfonso reageerde op de website Havana Times op een essay van Roberto Veiga. Dilla is hoogleraar in de urbane sociologie en was ooit directeur van de Latijns-Amerika afdeling van het Centro de Estudios sobre América (CEA)  in Havana. Hij moest zijn functie neerleggen na een grote zuiveringsactie van dit instituut door Raúl Castro in de jaren negentig. De toenmalige militaire leider, beschreef het Centrum voor Latijns Amerika Studies als ‘een ontmoetingsplaats  van de Vijfde Colonne.’ Op dit ogenblik is hij werkzaam in de Dominicaanse Republiek. Hij kan worden beschouwd als een linkse denker, die een seculier Cuba voorstaat.

 Roberto Veiga schreef op 1 september 2011:
Cuba zal een intens proces van aanpassingen, hervormingen of veranderingen – of hoe men het ook noemen wil – moeten doormaken. Deze veranderingen moeten vergaand en ingrijpend zijn, als we het land willen redden uit de huidige situatie. De nodige veranderingen moeten zowel de vernieuwing van economische, sociale, legale en politieke structuren omvatten, als sterk gericht zijn op de bevordering van het individuele heil (via opvoeding en cultuur) en het spirituele heil van de burgers.
(…)

'Ik kom om het woord van Christus te verkondigen'
'Psst, pssst en dat van de Castro's te onderschrijven.....'


Dialoog en geen onmin
De katholieke kerk heeft een bijzondere weg om dit werk vorm te geven. Haar werkwijze omvat alle Cubanen en wil hen laten samenwerken als broeders, het niveau van verantwoordelijkheid en broederschap vergroten,  wederzijds begrip bevorderen en consensus bereiken. Die methodiek is gericht op eerlijkheid die tegelijkertijd respectvol is, voorzichtig en genereus en als er vragen bij worden gesteld dan doet zij dit op een manier die er op gericht is de andere partij te verleiden tot positieve reacties. Daartoe bevordert zij de dialoog over spirituele, morele, culturele zaken, kwesties die het gezin aangaan en zelfs politieke kwesties in algemene zin maar nooit gericht op onmin.
(…)

Roberto Veiga (derde van links) nam begin maart deel aan een forum bij gelegenheid van het verschijnen van het 40ste nummer van het literaire tijdschrift Temas, dat zich beweegt tussen de wereld van de staatskunsten en de wat onafhankelijker opererende publicaties en f kunstenaars. Een Cubaanse blogger en een activist van een dissidente zwarte bewustzijnsbeweging kregen bij deze gelegenheid van het bewakingspersoneel van het kantoor van de officiële kunstenbond ICAIC te horen dat zij niet welkom waren.
Links: de Cubaanse romanschrijver Leonardo Padura, ook de blogger Yasmín S. Portales zit achter de tafel.


Bescheiden
Als de kerk op elk terrein de dialoog bepleit, wil dat niet zeggen dat zij probeert haar opvattingen op te leggen, maar de inbreng van iedereen accepteert, met het grootste respect voor diversiteit en aanpassingen zal accepteren om een consensus te bereiken. De kerk neemt ook deel door haar bescheiden opvattingen aan te bieden en eerlijk gedrag, reflectie en een authentieke humane  opstelling te bevorderen.
(…)

Politiek is gevoelige zaak
Een belangrijke taak, die intensieve arbeid vereist is het politieke terrein. De politieke en ideologische items zijn een gevoelige zaak voor veel Cubanen. Daarom denken velen dat de ontmoeting moet plaatsvinden door wederzijdse inspanningen op minder controversiële gebieden en willen zij het politieke thema laten rusten tot een geschikter moment. Zij die zo denken hebben gelijk maar er zijn al veel aspecten waarmee een begin kan worden gemaakt. Wij zullen nooit in staat blijken de essentie van onze nationale werkelijkheid te veranderen als er geen politiek- ideologisch overeenstemming mogelijk blijft en ik denk niet dat de natie nog langer kan wachten om aan de vernieuwing van de fundamenten te beginnen. Daarom beschouw ik dit ook als een fundamentele zaak. Maar ik begrijp ook de moeilijkheden bij deze opdracht. Vooral als we niet op hetzelfde moment een verandering van mentaliteit mogelijk maken.
(…)

Foto Luis Pardo

Mensenrechten
Het punt van de mensenrechten, wat zij zijn en hoe deze te garanderen, zal het belangrijkste thema worden van welke politieke activiteit dan ook en daarbij zijn gezond verstand en patriottisme onmisbaar. Er bestaan verschillen van opvattingen onder Cubanen over dit belangrijke thema en dat verdeelt ons. En gezien de conflicten die er onder Cubanen bestaan over dit thema, is het raadzaam de huidige dynamiek terug te draaien om dit thema te regelen.
(…)

Linken
* Volledige Engelstalige tekst van Roberto Veiga González, september 2011
* Volledige Engelstalige tekst van Haroldo Dilla Alfonso
Website
* Espacio Lacial / Ruimte van Leken

Open mind bij blog Havana Times

De Spaans–Engelse website Havana Times behoort zeker niet tot de dissidente blogs, maar deze site kan ook moeilijk regimegezind worden genoemd. ‘Open minded writing from Cuba’ zegt de website over zichzelf. Vrijmoedig wordt geschreven over het racisme in Cuba, het uitblijven van veranderingen in de migratiewetgeving en de toekomst van het Cubaans voetbal. Maar ook het dreigende faillissement van de enige Cubaanse tandenborstelfabriek, een staatsbedrijf, wordt kritisch beschreven. Echter, de belangrijkste politieke leiders aan de top blijven buiten schot. Als er al schuldigen worden aangewezen voor misstanden in het land zijn dat meestal ‘de bureaucraten’. De teksten worden geschreven door correspondenten die overal in het land actief zijn; de Engelstalige teksten worden vaak door Amerikaanse-Cubanen vertaald.

Neem bijvoorbeeld Alfredo Fernández, die schrijft dat ‘het zoeken naar de waarheid op het eiland wel eens kan uitmonden in een illusoir avontuur.’ Zelf stelt hij de rol van de transnationale onderneming Nestlé aan de orde. Een Spaanse vriendin heeft hem geïnformeerd over de kwalijke praktijken van dit bedrijf en zij vraagt zich af hoe het mogelijk is dat zo’n onderneming de verkoop van ijs in Cuba in handen heeft. Hier volgt zijn bijdrage.

Nestlé in Cuba failliet
Enkele dagen geleden verstarde ik toen een Spaanse vriendin me vroeg ‘ hoe het mogelijk was dat een regering als de Cubaanse, die al langer dan 50 jaar luidruchtig de rechtvaardigheid predikt en wereldwijd bekend staat vanwege rechtvaardige standpuntbepalingen, toestaat dat een transnationaal bedrijf als Nestlé in Cuba activiteiten ontplooit’. Feit is dat deze multinational in melkproducten op dit moment met succes de verkoop van consumptie- ijs in deviezen beheerst.
Naar aanleiding van deze vraag, zocht ik op internet bij Google naar informatie en verkreeg zo al snel zeer uitvoerig informatie over de activiteiten van deze ondernemer in de Cubaanse ijssector. Met stijgende verbazing las ik dat dit ‘hoogverheven bedrijf’ zijn fortuin had vergaard op basis van massaontslagen, de ontginning van uitgestrekte bospercelen overal ter wereld en de ‘wurging’ van kleine producenten in melk en in de landbouw in de Amerikaan en Azië.

De bureaucraten
Ik negeerde tot nu toe deze situatie, want mijn beperkte internetmogelijkheden gevoegd bij een  nationale pers die enkele ‘ tevoren goedgekeurde thema’s’ aanroert, verhinderen dat ik de werkelijkheid over Nestlé leerde kennen. Wie keurde de komst van dit transnationale bedrijf in Cuba goed? Waarom negeren onze leiders het feit dat overal ter wereld ‘consumenten steeds vaker merken en bedrijven zoeken die betrokken zijn bij sociale thema’s en zaken als het milieu en die stemmen met hun portemonnee’ zoals de Marketinggids voor de Duurzaamheid schrijft? Hoewel ik geen bewijzen heb, vraag ik me toch af hoe groot het voordeel zal zijn geweest voor de Cubaanse bureaucraten dat Nestlé hen heeft geboden. Zij verleenden het bedrijf immers het zeldzame privilege het land binnen te komen om zonder enige concurrentie de verkoop van ijs te kunnen beheersen.Hoewel ik slechts één zwaluw ben, wil ik toch bijdragen aan een zomer en beloofde mijn Spaanse vriendin, nooit meer een product te kopen, laat staan te eten van deze inhumane transnationale onderneming totdat Nestlé failliet gaat in Cuba.

Bron
* Tekst Alfredo Fernández bij Havana Times


Over Havana Times

Ted Henken, docent aan de Universiteit van de stad New York analyseerde tijdens een bezoek aan Cuba de bloggerwereld in dit land. Zijn bevindingen bevielen de autoriteiten niet want een vervolgbezoek aan Cuba kon vorig jaar niet meer plaatsvinden. Henken schrijft dat Havana Times een experiment is van de linkse Noord-Amerikaan Circles Robinsons, die naar Cuba ging om er te werken als journalist en als vertaler voor officiële instanties, zoals de partijkrant Granma. Hij wilde de afgesloten wereld van de officiële journalistiek ombuigen en begon daarom met de tweetalige (Engels en Spaans) Havana Times, en hij omschreef zijn site als ‘kritisch maar met een open mind’. Zijn aanpak verschilt van de officiële media zonder te vervallen in harde kritiek,  noch in grenzeloze loftuitingen. Daar is een zekere onafhankelijkheid voor nodig op redactioneel en economisch gebied en – oh ironie ! – die wordt nu juist geboden aan een Yuma* als Circles,  die de portal ook financiert. De meeste medewerkers van Havana Times zijn jonge Cubanen die het socialisme steunen maar met veel kritiek op de huidige regering en die normaal gezien geen ruimte krijgen bij de institutionele media om hun kritiek te uiten. Men komt er de opvattingen tegen van liberalen die pleiten voor meer individuele rechten tot linkse opvattingen die de revolutie bekritiseren omdat ze niet voldoende links is. Onder het thema Diarios / Kranten worden korte berichten van linkse signatuur opgenomen maar ook nieuwsberichten over bloggers, die door de officiële media meestal worden gedemoniseerd. De teksten kan men kwalificeren als ‘redelijk progressief’, noch orthodox, noch rigide en kritisch tegenover de revolutie vanuit een links socialistische achtergrond.

  • Yuma is een Cubaanse slangwoord voor een Amerikaan of de VS, bijvoorbeeld in de zin ‘Ik droom van een reisje naar la Yuma’. Als je een Cubaan vraagt waar zijn zoon gebleven is, kan hij antwoorden: ‘Se fue pa’ la Yuma / Hij is naar de VS’  en als toerist op het Prado in Havana kan je worden toegeroepen: ‘¡Oye, Yuma! ¡Ven acá!/ Hé, Amerikaan, Kom hier.’ In andere Spaanssprekende landen kent men deze term niet.

Linken
* Blog La Yuma van Ted Henken
* Circles Robinsons gaf vorige jaar twee interviews. Eén aan de communistische Weekly Worker in Engeland en een aan Espacio Laical van de katholieke kerk in Cuba.