Cubaanse ambassadeur botst met Wall Street Journal

José Ramón Cabañas Rodríguez, Cubaans ambassadeur in de VS, heeft vanwege een commentaar in The Wall Street Journal, een boze brief gestuurd aan deze Amerikaanse krant. Hij waarschuwt dat zij die ‘de dissidentenbusiness’ in Cuba willen bevorderen, geen enkel succes zullen hebben.

ambassadeur-cabanas-17092015

José Ramón Cabañas

De brief is een reactie op een commentaar dat de Wall Street Journal publiceerde, getiteld Cuba gets a Castro convertible, en gewijd was aan de nieuwe president van Cuba, Miguel Díaz Canel. Ambassadeur Cabañas Rodríguez protesteert tegen de ‘corporatieve pers’ van het land die zich altijd zou hebben gekeerd tegen een vrij Cuba. Eerst in de 19e eeuw toen de Spanjaarden de macht hadden, later ‘door steun te verlenen aan corrupte lokale politici die de invasie toejuichten, eerst militair en vervolgens economisch, en middels de Amerikaanse bedrijven in de eerste helft van de 20ste eeuw’ en vervolgens ‘door onverzoenlijk de Cubaanse revolutie sinds 1959 te demoniseren.’

Embargo
De ambassadeur schrijft verbaasd te zijn over ‘de smerige taal in het commentaar’ die wordt gebruikt als men verwijst naar Cuba. ‘Het is een typisch voorbeeld van hen die geen argumenten hebben,’ benadrukt hij. Cabañas Rodríguez herinnert er aan dat ‘er op dit moment nog steeds een financieel, economisch en commercieel embargo bestaat dat de bedoeling heeft de bevolking van honger te doen omkomen. Maar de blokkade van de informatie is verminderd. Amerikanen reizen massaal naar Cuba en 75% van hen kiezen

Cespedescarlosmanuel (2)

Carlos Manuel de Céspedes

voor een betere relatie met ons land,’ aldus de ambassadeur.

Onafhankelijkheid
In de brief laat de ambassadeur de namen passeren van Carlos Manuel de Céspedes, José Martí, Antonio Maceo, Julio Antonio Mella, Ernesto Guevara en Fidel Castro, die hij omschrijft als proindependentistas / voorstanders van de onafhankelijkheid en herinnert er aan dat de geschiedenis hen zal herinneren, in tegenstelling tot de anexionistas (Cubanen die annexatie met de VS voorstaan, redactie). De ambassadeur adviseert de krant, voor Cuba opnieuw te bekritiseren of welk ander land in de Cariben of Latijns-Amerika, eerst eens in de spiegel te kijken.’

Rampzalig
In het commentaar van de Wall Street Journal (23 april 2018) onderstreept de krant dat de verandering van president in Cuba een kwestie van een naamsverandering is en niets vergeleken met de vrijheid van het volk. De krant herinnert aan de loyaliteit van Miguel Díaz-Canel aan de communistische partij met aan het hoofd Raúl Castro, die algemeen-secretaris blijft. ‘Als de heer Díaz-Canel zijn werk en zijn privileges wil behouden, verschijnen de mensenrechten niet op de agenda.’ Na aandacht geschonken te hebben aan de meest relevante positiebepalingen van de historische leiders van de Revolutie, vergelijkt de krant Diaz-Canel met Fidel Castro en Hugo Chávez in hun eerste jaren, bereid om zich met een vriendelijk gezicht te presenteren aan de buitenwereld om investeringen aan te trekken. ‘Nu is het geld van de schurkenfamilie in Havana op. De belangrijkste bronnen van deviezen zijn artsen en verpleegkundigen die in armoede leven, terwijl Cuba hen verhuurt aan landen over de hele wereld. Maar zelfs deze miljardenhandel in mensen is niet genoeg om de rampzalige Cubaanse economie te ondersteunen’, zegt de redactie. **

damasd28kerklog

Damas de Blanco

Handel in dissidenten
Men merkt ook op dat het nieuwe beleid van Trump ten aanzien van Cuba niet zo effectief is als het gebrek aan vertrouwen bij de investeerders. De Wall Street Journal constateert dat de economische vrijheid van de Cubanen niet is gegroeid en dat als gevolg daarvan de armoede voortduurt. Dat zal niet veranderen zolang de familie Castro aan de macht blijft. De tekst eindigt met een lofzang op de mensenrechtengroep Damas de Blanco. Dat zal de Cubaanse diplomaat ook niet zijn bevallen omdat hij zoals hij zelf schrijft ‘de bevordering van de handel in dissidentie’, veroordeelt.

Bron
* 14ymedio, Havana, 7 mei 2018

NB
* De volledige teksten van het commentaar en de reactie van de Cubaanse ambassadeur staan helaas niet op de site van de WSJ.
** 
 Deze week werd bekend dat de Zuidafrikaanse regering heeft besloten het aantal medisch studenten dat het land sinds 1996 naar Cuba stuurt, binnen drie jaar sterk te verminderen. Volgens een lid van de oppositiepartij Democratische Alliantie wil men op deze uitgavenpost bezuinigen. Een doktersopleiding in Zuid-Afrika kost het land 120.000  dollar, 53.000 dollar minder dan in Cuba.