Schrijver Leonardo Padura: Geen handige rakker of opportunist

De Cubaanse verteller, essayist en journalist Leonardo Padura (Mantilla, 1955) zal in oktober in Oviedo uit handen van koning Felipe VI de Prijs der Letteren Prinses van Asturias 2015 in ontvangst nemen. De auteur van de sagen van detective Mario Conde zal een diploma, een sculptuur van Joan Miró, het wapenschild van de Stichting Prinses van Asturias en 50.000 euro’s ontvangen. Hij werd op 26 juni j.l. telefonisch geïnterviewd door de website Diario de Cuba. Citaat: ‘Het regiem heeft me nergens mee geholpen, het weinige dat ik heb, heb ik aan mijn boeken te danken’, aldus de winnaar van de Prijs der Letteren Prinses van Asturias die er soms van wordt beschuldigd vrij kritiekloos tegenover het regime te staan.

leonardo-padura‘Meer dan alle onderscheidingen en financiële bijdragen die ik ontving, is mijn voldoening gebaseerd op de erkenning die de Cubaanse literatuur ontvangt. Ik weet niet wie me heeft voorgedragen, het is geen wedstrijd waarbij iemand een werk presenteert en al dan niet kan winnen: hier beslist een comité van 21 personen wie de erkenning zal krijgen. Ik benadruk dat het een beloning voor de cultuur van mijn land is’, becommentarieerde de auteur van de succesvolle historische roman Ketters, gepubliceerd door Tusquets in 2013 vanuit Havana.

En Nederlandse vertaling van Padura's roman verscheen in 1995 met de tiel Maskers

Een Nederlandse vertaling van Padura’s roman verscheen in 1995 met de titel Maskers

Men zegt dat u een handige opportunist bent die zich vakkundig in de ruimten van de Cubaanse kunst beweegt, zigzaggend langs de grenzen van wat het castrisme toestaat om dit aan de wereld te laten zien als voorbeeld van tolerantie. Wat vindt u daarvan?
Leonardo Padura: Ik ben slechts een schrijver die dagelijks meer dan 10 uur werkt. Literatuur schrijven geeft veel verwarring, ik ben nooit overtuigd van wat ik doe. Het weinige dat ik heb dank ik aan mijn boeken. Het regiem heeft me niets gegeven. Maar het kan me niet veel schelen als de meningen over mij politiek getint zijn. Geen opportunist en geen handige rakker. Ik heb nauwelijks contact met de culturele autoriteiten in Cuba. In 2012 kreeg ik de Nationale Literatuurprijs en mij werd daarvoor niets gevraagd. Dat zou ik niet geaccepteerd hebben. Wij Cubanen hebben niet geleerd tolerant te zijn. Ik verdedig de vrijheid dat iedereen het recht moet hebben zijn ideeën te uiten en ik respecteer de ander die niet zo denkt als ik. De politieke polarisatie heeft ons nogal onverdraagzaam gemaakt. Er is een kwaal die ons achtervolgt: wij accepteren niet het succes van de buurman. Toen ik in de jaren ’90 Mario Bauzá (Afro-Cubaanse jazzvirtuoos die in 1993 in de VS overleed, red.) in New York interviewde, zei hij iets heel betekenisvols: ‘Ik heb Chano Pozo aangeraden Cuba te verlaten, de congaspeler met heel veel vijanden in Havana, in de religieuze Afrocubaanse kringen door zijn virtuositeit als vertolker; de afgunst was overal om hem heen. Zijn succes werd Chano nooit vergeven.’ Ik woon in Cuba want ik schrijf over Cuba. Mijn bekendste personage Mario Conde (de politiedetective in de misdaadromans van Padura, red) zou niet in een andere omgeving kunnen vertoeven dan die van de nachten en omgeving van Havana.

Omslag van Padura's boek waarin Trotzki een rol speelt

Omslag van Padura’s boek waarin Trotski een rol speelt

Hoe werd door de Cubaanse autoriteiten ‘De man die van honden hield’ ontvangen?
 Achterdochtig. Ik kreeg er de Kritiekprijs voor. De meest kritische roman die het best voor mij de Cubaanse realiteit weergeeft. De roman van mijn leven, is onopgemerkt voorbijgegaan. Een tijd geleden werd de film Terugkeer naar Ithaca, gebaseerd op dat boek van de Franse regisseur Laurent Cantet, gecensureerd in de programmering van het Filmfestival in Havana. Maanden later zagen ze zich verplicht hem toch te vertonen. Vanzelfsprekend valt bij veel stalinisten in de koepel van de Cubaanse macht die reconstructie van het leven van Trotski en Mercader in De man die van honden hield niet in de smaak.

Drie visies, drie literaire ruimtes: de sage van Mario Conde, De roman van mijn leven en de kritieke punten in de geschiedenis (De man die van honden hield en Ketters).  Waar voelt Padura zich het best bij thuis?
Het zijn drie manieren om mijn obsessies weer te geven, mijn manier om Cuba en de echo’s van de recente geschiedenis over de gevoeligheden van de Cubaanse situatie te overdenken. Ik blijf bij De roman van mijn leven, misschien wel mijn meest hartverscheurende en autobiografische boek waarin ik een revisie doe van het morele verval van mijn generatie en haar frustraties, minieme overwinningen en mislukkingen. Het is een roman die niet het geluk heeft gehad van De man die van honden hield, in meer dan 10 talen vertaald, verfilmd en goed ontvangen door de critici. Ik beweeg me in het narratieve, het interview en het essay. Ik zou zeggen dat Conde erg populair is. De roman van mijn leven is meer persoonlijk en mijn strooptochten in historische thema’s worden in Europa goed ontvangen. Ik keer vaak terug naar Mario Conde, hij wacht altijd op me ondanks mijn uitstapjes naar andere gebieden, ik houd van zijn trouw en ik blijf hem exploiteren: hij heeft veel van mij weg in zijn melancholie en zijn teleurstellingen. In Mexico circuleert Wat zou moeten gebeuren, de verhalen die eindelijk in een bundel verzameld zijn. Er zit een nostalgische lading in. Krijgers die terugkeren uit Angola, eenzamen op zoek naar genegenheid, dansafspraken en steeds dat niet mis te verstane aroma van Havana.

cover-la-novela-de-mi-vida-paduraJa, ik bundel voor het eerst mijn verhalen. Ik ben niet zo’n goede verteller. Steeds als ik op het idee van een verhaal kom, komt het al opzetten in de vorm van een roman van 300 pagina’s. Laten we zeggen dat ze een soort persoonlijke bloemlezing zijn: ik reviseerde al die losse verhalen in tijdschriften en andere publicaties en gaf ze aan mijn uitgever na een strenge selectie. Ze vormen samen een blik op erg persoonlijke momenten van een Cuba dat erg veranderd is. De muziek gaat alle kanten op in die bladen, vooral de bolero en zijn droevige akkoorden waarin het gebroken hart, verraad en verdriet het thema vormen. Ik ben blij dat ze in Mexico circuleren waar ik erg trouwe lezers heb.

Bent u in Mexico op de Internationale Boekenbeurs van Guadalajara in 2015?
Zeker. Ik houd erg van tequila, Mexicaans eten en van mijn vrienden. Ik zal de verhalenbundel presenteren en er exemplaren signeren. Ik ga er landgenoten ontmoeten die daar geworteld zijn. Ik bewonder de Mexicaanse literatuur en kan niet ophouden die gigant Juan Rulfo te lezen.

Wat vindt u van de veranderingen op het eiland?
Sommige zijn cosmetisch. Maar de vrijheid om te reizen is een kardinale verandering van een verbod dat de Cubanen gedurende meer dan 50 jaar in hun territorium gevangen hield. De toegang tot winkelcentra en het kunnen kopen van artikelen die vroeger ondenkbaar waren; een abonnement voor een mobieltje te kunnen aanschaffen; de opening, zij het nog miniem, naar de hervorming van de privé-handel. Er is ook een kloof ontstaan: er zijn heel rijke en heel arme mensen. Wij zijn niet meer zo gelijk: de Cubaanse burgermaatschappij is dynamischer. cover-padura-the-man-who-loved-dogsWe moeten zien of het regiem in staat is zich om te vormen bij de internationale uitdagingen die het het hoofd zal moeten bieden in de onderhandelingen met de VS en toetreding tot de Organisatie van Amerikaanse Staten OAS. De voornaamste uitdaging voor de Cubaanse burgermaatschappij is respect voor de mensenrechten te verwerven die zo vaak door het regiem zijn geschonden.

Link
* Overzicht van de politieromans van Padura
Engelstalig interview met Padura, 14 oktober 2014 – Leonardo Padura Fuentes is de schrijver van een tiental romans die in 18 talen werden gepubliceerd. Zijn roman De man die hield van de honden (2009) werd een bestseller, maar is niet in het Nederlands vertaald. Padura  woont en schrijft in Cuba.

Leonardo Padura kan zonder Cuba niet leven en schrijven

Zittend op de binnenplaats van een schilderachtige boekwinkel annex café in Miami, glimlacht de Cubaanse schrijver Leonardo Padura terwijl hij aan een sigaret trekt. Heel zijn leven heeft zich bijna volledig afgespeeld in zo’n buurt in Havana. Nu heeft Padura binnen Cuba een bepaalde positie veroverd, namelijk die van de publieke intellectueel die hoewel kritisch, geaccepteerd wordt door de samenleving.

Leonardo PaduraPadura is geboren in Mantilla, is er opgevoed en getrouwd en hij schreef er zijn detectiveromans die hem internationale faam bezorgden. Hij woont nog steeds in het huis van zijn jeugd en zit graag op een bankje, tegenover een nieuwe snoepwinkel die pas is geopend en luistert naar het gepraat van de klanten. Zijn buren noemen hem ‘de beroemde schrijver.’ ‘Maar ik ben gelukkig,’ zegt hij, ‘want zij kennen me ook nog als de zoon van mijn vader en moeder.’ Padura heeft in Cuba een plek veroverd die maar weinig schrijvers na de revolutie wisten te bereiken, namelijk die van een publieke intellectueel die geaccepteerd wordt door de Cubaanse samenleving en ook nog kritisch is. Hij is nu op het hoogtepunt van zijn litteraire carrière en is op tournee in de VS waar hij Miami, New York en Chicago bezoekt. Zijn veelgeprezen laatste roman De man die van honden hield is er vertaald en uitgegeven bij Farrar, Straus and Giroux.

Misdaadromans
‘Ik denk dat het Amerikaanse publiek geboeid is door zijn detective romans,’ aldus Ana Mario Dopico, hoogleraar in de vergelijkende literatuurwetenschappen aan de Universiteit van New York. ‘Hij zorgt voor een frisse wind want lezen over Cuba is vaak erg politiek en getekend door de Koude Oorlog.’ Hoofdfiguur in de detectives van Padura is Mario Conde, een aan lager wal geraakte politiedetective, die misdaden moet oplossen in de onderbuik van de post Cubaanse-Sovjetsamenleving. Zijn onderzoek leggen de tegenstrijdigheden en de tekortkomingen van een revolutie in neergang bloot, maar de romans van Padura zijn nooit openlijk politiek. Padura benadrukt herhaaldelijk dat hij zich met geen politieke beweging, noch met de staat of met dissidenten identificeert. Hij ziet zichzelf als een kroniekschrijver van het Cubaanse leven. ‘Als mijn werk één positief effect heeft, is het wel de houding van onafhankelijkheid,’ zegt hij. ‘Een standpunt innemen, ruimte pakken die vrij is van politieke voorkeuren.’

Ketters is de titel van een van de laatste boeken van Padura dat niet in Cuba verscheen

Ketters is de titel van een van de laatste boeken van Padura. Het verscheen niet in Cuba.

Van na de Revolutie
Padura is in 1955 geboren en maakt deel uit van de generatie die geen of nauwelijks herinneringen heeft aan het Cuba van voor de revolutie van Fidel in 1959. Hij groeide op toen het eiland al profiteerde van de steun van de Sovjet-Unie en begon zijn literaire carrière tijdens de zogeheten Speciale Periode, de jaren die volgden na de breuk met de Sovjet Unie. Zijn vier misdaadromans met Mario Conde werden in de jaren negentig gepubliceerd op een moment dat er een beperkte tolerantie bestond voor kritiek in de kunst. Padura geeft toe dat de situatie daarvoor dramatisch anders was. Schrijvers als Reinaldo Arenas die het communistische regime veroordeelden, werden gevangen gezet en hun werk was niet of nauwelijks in Cuba te vinden. Nu is er meer ruimte voor de lichte kritische toon van schrijvers als Padura, Wendy Guerra of Pedro Juan Gutierrez, maar vrijheid blijft een vaag en kwetsbaar begrip. ‘Cuba is een land dat wordt geregeerd door een partij, en die partij heeft een socialistisch keurmerk en vaak worden uitingen van individuele expressie niet begrepen omdat zij als agressie tegen de partij, de staat, de regelgeving, die ook de natie vertegenwoordigen,’ zegt Padura.

Genre
Dat hij succesvol de grenzen heeft verkend heeft wellicht ook te maken met het genre van zijn werk. De misdaadroman onthult verborgen werelden van vrienden die verraad plegen, van onbetrouwbare autoriteiten en het is een genre dat de auteur toestaat ‘over politiek te spreken zonder politiek te bedrijven,’ aldus Dopico. Maar hoewel hij op dit moment zonder problemen in Cuba wordt gepubliceerd, vindt hij in de officiële media veel minder weerklank dat die schrijvers die veel minder indringend over het leven in Cuba schrijven,’ aldus Ted Henken, een professor aan het Baruch College.

De man die van honden hield, in de Amerikaanse versie. Trotski, de medehoofdrolspeler van de Russische revolutie van 1917 werd in 1940  in opdracht van Stalin door Ramon Mercader in Mexico Stad vermoord. De hoofdpersoon in Padura’s roman heeft in 1977 een ontmoeting met Ramon Mercader, die dan in de Cubaanse hoofdstad is aangekomen om er vanwege kanker zijn laatste dagen door te maken. (De moordenaar van Trotski, Mercader ontvluchtte in de jaren zeventig daadwerkelijk de Sovjet Unie en zou in Havana aan kanker overlijden, redactie)

De omslag van de Amerikaanse versie van De man die van honden hield. Trotski, de medehoofdrolspeler van de Russische revolutie van 1917 werd in 1940 in opdracht van Stalin door Ramon Mercader in Mexico Stad vermoord. De hoofdpersoon in Padura’s roman heeft in 1977 een ontmoeting met Ramon Mercader, die dan in de Cubaanse hoofdstad is aangekomen om er vanwege kanker zijn laatste dagen door te maken. (De moordenaar van Trotski, Mercader ontvluchtte in de jaren zeventig daadwerkelijk de Sovjet Unie en zou in Havana aan kanker overlijden, redactie)

Politieke ondervragingen
‘Padura kan een boek publiceren zoals De man die van honden hield, maar dat boek zal niet besproken worden in de kranten of op radio en televisie,’ aldus Henken. Tegelijkertijd kan Padura genoemd worden en de nationale literatuurprijs winnen, zoals hij vorig jaar deed. De man die van honden hield mengt het verhaal over Leon Trotsky, zijn moordenaar Ramon Mercader en een uitgetelde Cubaanse auteur die Mercader’s pad kruist. Onlangs publiceerde Padura in Spanje ook een boek met de titel Ketters, dat handelt over het thema van de individuele vrijheid. De zachtsprekende grijsbebaarde Padura  zegt dat zijn vrienden hem moesten overtuigen een reis door de VS te maken omdat hij bevreesd was in politieke verhoren terecht te komen. Maar op de eerste avond in Miami werden alleen vragen over zijn werk gesteld. Hier blijven of ergens anders buiten Cuba is voor hem geen optie. Hij zegt dat hij de buurt in Mantilla waar zijn vader, grootouders en zelfs achtergrootouders woonden, nodig heeft: ‘Ik moet dicht op de werkelijkheid leven om de polsslag te voelen van hoe Cubanen leven,’ aldus Padura.

Bron
* Christine Armario, Associated Press, februari 2014
Linken
* Deze weblog (29 november 2013): Een roman schrijven op Cuba is een ramp
* Havana Times:  Leon Trotsky, Padura and Me