Eerste Cubaanse export in 50 jaar komt aan in VS

Voor het eerst in ruim een halve eeuw heeft een schip op legale wijze een lading vanuit Cuba verscheept naar de Verenigde Staten. Het vaartuig voer met 40 ton Cubaanse houtskool de haven van Everglades in de staat Florida binnen. De haven krijgt morgen ook bezoek van een handelsmissie uit Cuba, die verder doorreist naar de havens van Palm Beach, Houston, New Orleans en Nordfolk. Verder staat een ontmoeting met de Amerikaanse Kamer van Koophandel in New York op de agenda.

marabu-houtskool

Van marabu tot houtskool

‘Dit is het begin van een nieuw tijdperk van handel tussen de VS en Cuba’, zei directeur Scott van het bedrijf dat de lading verscheepte tegen The Miami Herald. Hij sprak van een historisch moment. De VS hanteert sinds de jaren 60 een embargo tegen Cuba. Oud-president Barack Obama heeft de handelsrestricties tegen het communistische land versoepeld. De import van bepaalde producten uit Cuba is toegestaan, mits de goederen door onafhankelijke ondernemers zijn geproduceerd.

Terugdraaien
Of er meer ladingen houtskool volgen nu Trump president is, is onduidelijk. Hij heeft gezegd dat hij de wijzigingen van zijn voorganger mogelijk weer wil terugdraaien. De nieuwe Minister van Buitenlandse Zaken, Rex Tillerson, liet weten alle decreten die Obama recent nog nam, te willen herzien.

marabu2

Gekapte marabu

Marabu
Marabu is een hardnekkig onkruid dat een deel van de braakliggende gronden in Cuba heeft overwoekerd en andere planten en gewassen verstikt. Men maakt er houtskool van dat vooral wordt gebruikt in ovens voor pizza’s en brood. Maar Amerikaanse ondernemers hopen op meer handel met Cuba en organiseren voor hun Cubaanse gasten en zakenlieden in de VS morgen een seminar, getiteld: Zaken doen met Cuba. ‘Wij hopen de export met Cuba te vergroten, maar importen zijn natuurlijk ook OK,’ aldus zakenman Jim Pyburn. Onder de Cubaanse gasten is ook Ana Teresa Igarza, algemeen-directeur van de vrijhandelszone bij Mariel.

Bronnen
* NOS en The Miami Herald

Yoani Sánchez: Bonen, frijoles!!!!!

Klein en smaakvol. Zij lijken ons vanaf het bord aan te kijken en te lachen over de inspanningen die het ons kost, eraan te geraken. Zwarte bonen zijn niet alleen deel van onze traditionele keuken, zij vormen ook een effectieve graadmeter voor de kosten van levensonderhoud in Cuba. De prijsstijgingen waarmee deze lekkernij bonen het afgelopen jaar te maken kreeg, bewijzen hoe desastreus de economische politiek is, die door Raúl Castro wordt bepleit. 

bonen-zwarteToen de voormalige opperbevelhebber van het Cubaanse leger, in februari 2008 het presidentschap van het land overnam, gokten velen op het pragmatische karakter van de man. Zijn sympathisanten herinnerden ons onophoudelijk aan een van zijn uitspraken, waarin hij verzekerde: ‘Bonen zijn belangrijker dan kanonnen.’ Zij voorspelden dat onze nationale landbouw zou gaan functioneren zoals sommige boerderijen, geleid door het Ministerie van Defensie en het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT)*. Die hoop ging voorbij aan een uitspraak van José Martí, namelijk: ‘Een land wordt niet geleid zoals men een militair legerkamp commandeert.’ Het gedrag van soldaten in de loopgraven kan niet worden vergeleken met een dag in het leven van een boer.

Het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT) marcheert

29 november 2006: het EJT marcheert vanwege het 50-jarige bestaan van de strijdkrachten FAR en de 80ste verjaardag van Fidel Castro

Prijsstijgingen voedsel
De toespraken van Raúl Castro in de eerste jaren van zijn presidentschap tegen het oprukkende onkruid (marabu), schiepen verwachtingen, zoals zijn eerdere belofte op elke ontbijttafel van een Cubaan voor een glas melk te zorgen. De raulistas zagen in deze verklaringen een pleidooi voor groeiende productie van voedingsmiddelen en een stabilisering van de prijzen conform de werkelijkheid van de salarissen. Maar noch het een, noch het ander gebeurde. De consument heeft juist in de laatste maanden te maken met een aanzienlijke stijging van de prijzen voor landbouwproducten. Als het jaar startte met 12 tot 15 peso’s voor 1 pond zwarte bonen, eindigde het in december met een prijs tussen de 15 en 20 peso’s, het gemiddeld salaris van een dag. Het jaar 2015 eindigde zelfs met een torenhoge prijs van 30 peso’s voor een pond kikkererwten. Het gemiddelde salaris steeg slechts van 581 naar a 640 Cubaanse peso’s, ongeveer 25 dollar per maand. Het is een symbolische stijging van de koopkracht van de arbeiders die gelijk staat aan drie pond extra zwarte bonen per maand. De resultaten van Raúl Castro’s veel geprezen methoden verschillen niet veel van die van zijn broer Fidel Castro met zijn grootse landbouw- en veeteeltexperimenten.

markt-People shop at the El Egido food market in Havana, Cuba, in early December

Beeld van markt in Havana

Mislukking
Het leasen van land dat oorspronkelijk aan de staat toebehoorde, botste op de bureaucratie, de extreme controlemaatregelen en de slechte staat van het land dat aan de boeren  werd uitgereikt. El Trigal, de experimentele markt voor de groothandel, is verworden tot een opeenhoping van stalletjes, stinkende bananen en hoge prijzen. In werkelijkheid vind je gemakkelijker een appel die van duizenden kilometers ver komt dan een sinaasappel of chiromoya (Jamaica-appel) geplant in onze eigen velden. Volgend jaar zal het land voor 1,94 miljard dollar aan voedsel invoeren en niemand spreekt meer over de strijd tegen de woekerende marabu. ‘Ik moet mijn bonen verdienen,’ zegt een leraar ter rechtvaardiging van het feit dat hij na een werkdag zijn tijd besteedt aan het koken van varkensvlees met zwarte bonen en rijst (moros y cristianos) die hij illegaal verkoopt aan werknemers van een ziekenhuis. Ja, onze levens draaien, in voor- en tegenspoed, rond die heerlijke kleine bonen die we op ons bord wensen. Zij zijn, duur en lekker, de beste graadmeter van de algehele mislukking.

Bron
* Yoani Sánchez, 31 december 2015 op de website 14ymedio

Link
* De marabu rukt op. Ten strijde! Deze Cubaweblog op 3 november 2007.
* Het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT) is een paramilitaire organisatie onder commando van het Ministerie van Defensie, opgericht op 3 augustus 1973.