De Zwarte Lente, de onderdrukking die vrucht droeg

Het was vroeg in de ochtend toen de politie arriveerde bij de deur van de eerste van de politieke tegenstanders die op 18 maart 2003 werden gearresteerd. Tijdens deze operatie werden 75 (vakbonds) activisten en onafhankelijke journalisten veroordeeld tot lange gevangenisstraffen op basis van de wet Ley Mordaza, die nog steeds van kracht is. De website 14ymedio publiceerde een commentaar.

primavera-negra-protestbord

Protestposter tegen de Zwarte Lente.

Het hebben van een typemachine, het melden van een schending van de mensenrechten via een telefoonlijn, het uitgeven van een onafhankelijk tijdschrift, het verzamelen van handtekeningen of simpelweg een interview geven aan buitenlandse media, waren de ‘bewijzen’ die de autoriteiten gebruikten om de gearresteerden in staat van beschuldiging te stellen. Het ontbrak niet aan verhalen van ontmaskerde mollen, informanten die hun eigen hachje spaarden door tegen hun collega’s te getuigen, noch aan excessen van de politie tegen de families van de gedetineerden. De lange nacht van repressie daalde over het hele eiland. De Zwarte Lente heeft in grote mate bepaald wat er de afgelopen vijftien jaar in de Cubaanse burgermaatschappij is gebeurd. De angst om in een kerker te belanden bracht veel burgers ertoe om af te zien van het uiten van een mening, en ballingschap was uiteindelijk het lot van een groot deel van degenen die in die kerkers hadden geleden. Het was een harde klap voor de dissidenten.

oscarchepewordtafgevoerd2003

De econoom en journalist Oscar Chepe was één van de Groep van 75. Hier wordt hij bij zijn woning afgevoerd door de geheime dienst.

Nieuwe ontwikkelingen
Dit kritieke punt heeft echter ook geleid tot het ontstaan en de ontwikkeling van nieuwe groepen, tendensen en fenomenen die buiten de officiële controle vallen. Vijftien jaar na die poging om de oppositie uit te schakelen, zien we een proces van diversificatie en uitbreiding van de kritieke sector, samen met een grotere internationale solidariteit met de politieke opponenten. De activisten van vandaag, schatplichtig aan die 75 gevangenen, hebben de thema’s waar zij aandacht voor vragen verbreed, van groepen die rechten eisen voor de LGBTI-gemeenschap tot verenigingen die grotere sociale ruimten voor mensen met een handicap nastreven. Het eiland is een broeinest van onafhankelijke plannen en ideeën.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Protest in mei 2003 voor de Cubaanse ambassade in Den Haag, o.a. georganiseerd door CNV, Glasnost in Cuba, NVJ en Pax.

Journalistiek
De journalisten die in maart 2003 werden gearresteerd zijn ook onmisbare voorbeelden voor de generatie verslaggevers die de onafhankelijke media van nu voeden. Ondanks alle pogingen om elke journalist buiten de controle van de Cubaanse Communistische Partij, het leven onmogelijk te maken, is er sprake geweest van een informatie-explosie, deels dankzij nieuwe technologieën. De datum die werd uitgekozen om een einde maken aan wat er nog over was van het Cubaanse burgeractivisme, herinneren we ons vandaag als een historische datum die een nieuw begin markeerde. Toen de regering van Fidel Castro in maart 2003 uit was op de uitroeiing van de dissidentenbeweging, was dat in feite het begin van de rebellie, van maatschappelijk non-conformisme en van inspiratie voor hen die besloten nieuwe media te creëren buiten de officiële pers om.

Bron
* Website 14ymedio, 18 maart 2018

De Cubaanse economie in 2013 en de perspectieven voor 2014 (1)

Toen de Cubaanse ministerraad op 19 en 20 december jl. bijeenkwam, viel dit samen met de bijeenkomst van de Nationale Assemblee. De leden werden geïnformeerd over de stand van  zaken rond de uitvoering van het Plan de la Economía in 2013 en namen de plannen voor 2014 aan, evenals de conceptbegroting. Ook werden zij geïnformeerd over de uitvoering van de zogeheten Economische en Sociale Richtlijnen voor de partij en de revolutie. Deze richtlijnen vormen de basis van de hervormingsplannen, die president Raúl Castro sinds 2008 uitvoert. De kritische econome Miriam Leiva gaat op de website Cubaencuentro in op de uitkomsten van deze bijeenkomsten en constateert dat veel cijfers en verwachtingen verborgen blijven. Wel is duidelijk dat ondanks de geringere deviezeninkomsten van Cuba, de dollartransacties uit de VS (meestal van familieleden van Cubanen) groeien. En daarover werd gezwegen tijdens deze officiele gebeurtenissen in Havana.

President Raúl Castro en vie-president Diaz Canel tijdens de assemblee op 21 december 2013

President Raúl Castro en vie-president Diaz Canel tijdens de assemblee op 21 december 2013

Over 2013 meldt de vice-voorzitter van de Raad van Ministers, Adel Yzquierdo, dat de groei van het Bruto Intern Product niet 3,6% betrof zoals eerder voorspeld, maar 2,7%, vanwege de gedaalde deviezeninkomsten en het tekort schieten van de industrie-  en de bouwsector. Maar hij constateert ook dat in de meeste sectoren sprake was van groei alhoewel hij geen verdere cijfers verstrekt over de groei in deze sectoren waardoor een analyse van de economische processen moeilijk wordt.

Daling deviezeninkomsten
Een verklaring voor de geringere inkomsten aan buitenlandse deviezen kan niet gezocht worden in de dollartransacties uit de VS (in totaal worden die voor 2013 geschat op meer dan 2 miljard dollar), noch in de groeiende stroom van bezoekende Cubanen, Cubaanse-Amerikanen en Noord-Amerikanen. Ook niet in de nieuwe zending van ongeveer 7.000 artsen naar Brazilië en andere landen en het handhaven van eenzelfde aantal artsen in Venezuela. Deze artsen en verpleegsters vormen een enorme inkomstenbron aan deviezen. Wellicht hangen de geringere inkomsten samen met de problemen rond de olie en bijproducten die Havana in Venezuela aankoopt en doorverkoopt op de wereldmarkt.

Miriam Leiva en Oscar Chepe waren bijna 40 jaar samen

Miriam Leiva en Oscar Chepe waren bijna 40 jaar samen

Productiviteit
Wat 2014 betreft wordt de groei van het Bruto Intern Product van 2,2% toegeschreven aan de toename van de doelmatigheid in de economie en het lokaliseren van productiemiddelen naar sectoren die meer export opleveren en de mogelijkheid investeringen te financieren. De onvoorziene daling van de prijzen voor nikkel en suiker worden van kanttekeningen voorzien. In het geval van de suikersector is er sprake van een lichte verbetering in de laatste 2 jaar; voor de suikeroogst 2013-2014 verwacht men een groei van 17,5% vergeleken met de vorige. Die stijging komt neer op 1,8 miljoen ton waarvan 1 miljoen voor de export is bestemd. Het is alarmerend dat de industriële sector verder geen prioriteit lijkt te zijn hoewel deze in staat zou kunnen zijn de export te doen groeien en de dure import te compenseren. Ondanks het feit dat het productieniveau van deze sector 50% lager ligt dan in 1989, wordt voor 2014 een minimale groei voorzien vanwege beperkte financiële middelen. Dit is nogal een contrast met de pleidooien van president Raúl Castro tijdens dezelfde bijeenkomst voor diversificatie van de productie voor de interne consumptie en de export.

Noot
* Miriam Leiva is journaliste en woonachtig in Havana. Zij is de echtgenote van de dit jaar overleden Oscar Chepe. Chepe was een bekende dissidente econoom en ook lid van de groep van politieke gevangenen Groep van 75. Op de website van Cubanet staat een interview over Miriam’s  leven (‘de psychische martelingen  waren intens en permanent, men wilde onze hersenen uitwissen’) als mensenrechtenactivist. Oscar Chepe overleed op 23 september 2013 in een ziekenhuis in Madrid. Miriam keerde op 1 december met de as van haar man naar Havana terug.
Op 30 december publiceerde Miriam Leiva een nieuwe bijdrage over de Cubaanse economie op de website Cubanet getiteld: Dollartransacties  familieleden houden Cubaanse economie gaande.

Verzoener, econoom en dissident Oscar Chepe overleden

Vanochtend overleed in een Madrileens ziekenhuis de Cubaanse dissidente econoom Oscar Espinosa Chepe (1940 – 2013). Chepe was ooit Cubaans diplomaat in dienst van de Castro’s. Hij studeerde economie aan de Universiteit van Havana. In de jaren zestig was hij werkzaam bij het Landhervormingsinstituut (INRA), bij het Cubaans Centraal Planbureau en van 1965 tot 1968 was hij lid van de Economische Adviesgroep van Eerste Minister Fidel Castro.

Oscar Chepe en Miriam Leiva

Oscar Chepe en Miriam Leiva

Chepe: ‘In 1968 werd ik naar het platteland gestuurd om in de landbouw te werken. Reden was dat ik op het werk had duidelijk gemaakt van mening te verschillen over enkele economische kwesties in het land.’ Hij was daarna 14 jaar werkzaam  op de Cubaanse ambassade in Belgrado en was daar verantwoordelijk voor de samenwerking tussen Cuba en de Comeconlanden. In 1984 keerde hij naar Cuba terug, maar kwam steeds vaker in botsing met het regime. In Oost Europa leerde hij ook zijn echtgenote Miriam Leiva kennen die daar werkzaam was als Cubaans diplomate. In 1996 verloren beiden hun baan en werd Oscar tijdens een verhoor door de politieke politie ‘contrarevolutionair’ genoemd.

Oscar Chepe en Kees van Kortenhof

Oscar Chepe en Kees van Kortenhof

Kees van Kortenhof (voorzitter van Glasnost in Cuba) sprak hem veelvuldig tijdens zijn bezoeken aan Cuba en stelde het volgende artikel samen naar aanleiding van Chepe’s dood.

Chepe: ‘Tussen 1984 en 1987 was ik economisch adviseur in de Cubaanse ambassade van Joegoslavië. Daar leerde ik nieuwe socialistische economische theorieën kennen van mannen als Lieberman, Havemann, Medwejew en Luckacs. Oost-Europa was volop in beweging, de perestrojka en glasnost kwamen op en Gorbachov was inmiddels premier van de Sovjet Unie geworden. Toen ik in 1987 na een vakantie in Cuba naar Joegoslavië wilde terugkeren, werd me dat verboden’. In 1992 werd het eerste politiek proces tegen Chepe gevoerd en werd hij bestempeld als ’een contrarevolutionair sujet.’ Vier jaar later verloor hij zijn job en publiceerde vervolgens een aantal artikelen over de Cubaanse economie in de onafhankelijke pers en op diverse websites. In 2003 verscheen in Spanje zijn boek Crónica de un desastre / Kroniek van een Ramp en later Cuba, revolución o involución (2007) en in 2011 Cambios en Cuba: pocos, limitados y tardíos / Veranderingen in Cuba: weinig, klein en te laat. Ook had hij een programma op Radio Marti Charlando con Chepe / Spreken met Chepe.

Maart 2013: Oscar Chepe wordt weggevoerd door de geheime politie

Maart 2003: Oscar Chepe wordt weggevoerd door de geheime politie

Groep van 75
Op 19 maart 2003 was Oscar Chepe een van de 75 dissidenten die gevangen werden
genomen. Tijdens een proces een maand later werd hij ervan beschuldigd ‘activiteiten tegen de integriteit en de soevereiniteit van de Staat’ te hebben ondernomen.’ Hij zou geld van de Amerikaanse regering hebben geaccepteerd en er zouden 13.600 dollar in een van de zakken van zijn jas zijn gevonden. Chepe werd tot 20 jaar gevangenisstraf veroordeeld. Zijn vrouw, de onafhankelijk journaliste Miriam Leiva, zei dat hij daar 40 kilo aan gewicht was verloren en dat hij gevangen zat in een cel zonder ramen en zonder stromend water. Miriam werd actief in de beweging van de Damas de Blanco, die de vrijlating van hun gearresteerde familieleden wilde; de vrouwen woonden elke zondag de mis bij in de kerk van Santa Rita in Havana. Op 29 november 2004 werd Oscar Chepe na een gevangenschap van 19 maanden, samen met de dichter-journalist Raúl Rivero vrijgelaten. Gezondheidsredenen speelden daarbij een belangrijke rol.

9095.2.3626.2 001Veranderingen
Oscar Chepe was aanvankelijk gematigd optimistisch over de veranderingen die Raúl Castro wilde invoeren: ‘Raúl heeft natuurlijk niet de status van iemand als Fidel die een soort mythe is geworden. Maar we moeten het met Raúl doen. Hij is pragmatischer en minder ideologisch bezeten als zijn broer. Kijk naar de toespraak van Raúl op 26 juli vorig jaar. Hij sprak over de ramp in de landbouw. Hij wenst andere relaties met de VS. Inmiddels zit ėėn van de beste Cubaanse diplomaten Jorge Bolaños in de VS. Hij benoemt dingen die wij vanuit de oppositie ook steeds hebben gezegd.’  Chepe zette toen echter ook al een kanttekening: ‘Elk juridisch kader voor deze versoepelingen ontbreekt en dat betekent dat de hoopvolle signalen ook ieder moment weer gesmoord kunnen worden.’

Cuba aan de afgrond
In 2012 en dit jaar waarschuwde hij Raúl Castro voor het maken van nieuwe fouten en sprak zich uit voor de snellere uitvoering van de maatregelen. ‘Deze regering wekt de indruk dat het land verandert, maar het land bevindt zich op de rand van de afgrond.’ Hij verwees daarbij naar de afhankelijkheid van Cuba van het olierijke Venezuela. Dat land voorziet Cuba jaarlijks van 10 miljard dollar en dat is een aanzienlijk deel van de begroting die 61 miljard omvat. Hij geselde de Cubaanse regering omdat zij zich onvoldoende inspande de signalen van de nieuwe president Obama te beantwoorden vooral op het gebied van het reizen en hij was geschokt door de gevangenneming van de Amerikaanse burger Alan Gross in Havana.

Ook In Nederland werd actie gevoerd voor de vrijlating van Oscar Chepe en zijn 74 opgesloten collega. Hier een beeld van de demonstratie voor de Cubaanse ambassade in Den Haah in maart 1994

Ook In Nederland werd actie gevoerd voor de vrijlating van Oscar Chepe en zijn 74 opgesloten collega’s. Hier een beeld van de demonstratie voor de Cubaanse ambassade in Den Haag in maart 1994

Openhartig en direct
Oscar en Miriam waren open en direct; niet iedereen zowel in Havana als Miami, kon daarmee overweg. Drie jaar geleden noemde hij de hardliners in beide steden ‘de Taliban’. Dat kan de reden zijn dat beiden niet vaak werden genoemd in de kringen van de supporters van het Amerikaans embargo. Over de Cubaans-Amerikaanse Republikein Mario Díaz-Balart en zijn hardliners politiek, zei Oscar: ‘Als wij de politieke maatregelen van de hard-liners tegenover Cuba in Oost-Europa zouden hebben gevolgd, zouden we nog een Berlijnse Muur en zou de Bende van Vier in China nog steeds aan de macht zijn.’ Oscar Chepe was ervan overtuigd dat steun voor het Amerikaanse embargo de Cubanen in Miami de gijzelaar maakte van hun droom ooit terug te keren naar het Cuba van Batista in de jaren vijftig en hij verwierp hun kritiek op de leiding van de katholieke kerk in Cuba die via gesprekken en dialoog de vrijlating van politieke gevangen mede had mogelijk gemaakt.

Bloedige afloop
Houdt u rekening met een bloedig scenario?
Chepe: ‘Als het project van Raúl mislukt, valt dat niet uit te sluiten. Als de veranderingen uitblijven, groeit de frustratie. De keus is tussen hervormingen of chaos.’ (…) ‘Ik heb jarenlang geloofd in het paradijs van het socialisme, Cuba’. Vanwege die droom moest hij onder dictator Batista twee jaar lang dwangarbeid verrichten. De latere president van Cuba, Dorticos, was toen zijn advocaat. De machthebbers veranderden na 1959 van naam, maar gevangenissen bleven een vast onderdeel van het leven van Oscar Chepe. Oscar was een man van verzoening, die iedereen moest omvatten en hij bepleitte samenwerking tussen alle Cubanen die de gezinnen zou verenigen en die ‘een einde zou maken aan de animositeit in ons land die sinds 10 maart 1952 bestaat.’ *

Oscar Chepe in mei 2013

Oscar Chepe in mei 2013 in Madrid

Linken
Time Magazine publiceerde in juli een artikel ‘Terwijl het communisme zich hervormt, neemt het kapitalisme langzaam de roerend goedmarkt over’. Oscar Chepe komt in dit artikel ook aan het woord.

*  Op 18 april 2013 sprak Óscar Espinosa Chepe tijdens een bijeenkomst van de Fundación Hispano Cubana (Madrid) over de situatie in Cuba. Een maand eerder was hij in Spanje aangekomen samen met zijn vrouw Miriam Leiva voor een medische behandeling. Deel 1  (11 minuten) is evenals de overige delen op Youtube te zien.
* In gesprek met Oscar Chepe (Vimeofilm 12 minuten)

* Herdenkingsartikel vandaag op de website Diario de Cuba.

Noot
* Op 10 maart 1952 pleegde legerofficier Batista een staatsgreep, deze keer tegen president Socarras. De staatsgreep had plaats 3 maanden voor de verkiezingen, die hij zou verliezen, en ongeveer 20 jaar na zijn eerste staatsgreep. Voor die verkiezingen had zich een jonge advocaat, Fidel Castro, opgegeven, weliswaar niet voor de presidentsverkiezing maar voor een andere functie. De regering Batista werd door de VS goedgekeurd, kort hierop kondigde Batista, hoewel hij trouw had beloofd aan de Cubaanse grondwet, aan dat sommige rechten tijdelijk ingetrokken zouden worden en verbood eveneens het recht op staken.

Cuba start met groothandelsbedrijven

Cuba heeft de deur geopend voor de vorming van groothandelsbedrijven die de snel groeiende groep van particuliere ondernemers moeten voorzien van koopwaar. Het is de eerste maal dat een particulier bedrijf voedsel, non-food en andere producten kan verhandelen en verkopen aan de zelfstandige kleine ondernemers. Voorlopig is het initiatief beperkt tot de provincie Isla de Juventud.

marktparticulierhavanaHet gaat, aldus het staatsblad Gaceta Oficial, om een onderneming op het eiland Isla de Juventud, opgericht door het Ministerie van Binnenlandse Handel. Het bedrijf kan handel drijven met staatsinstellingen en ‘niet-statelijke vormen van beheer”, aldus de staatscourant. Het is niet duidelijk wanneer het initiatief van start gaat en wanneer het zal worden uitgebreid tot andere provincies in Cuba. De ontwikkeling van een groothandelssector is een van de belangrijkste wensen van de snel groeiende groep kleine ondernemers in Cuba.

Verdere commercialisering
Het gaat om het bedrijf Empresa Comercializadora Mayorista de Productos Alimenticios, Industriales y Otros Bienes de Consumo, ontstaan na de fusie van twee staatsbedrijven op Isla de Juventud, een eiland met 87.000 inwoners. Het nieuwe bedrijf moet de groothandel in voedsel, non-food en andere consumptiegoederen ‘commercialiseren ’en die handel kan zowel plaatsvinden in nationale peso’s of de sterkere convertibele peso’s, de twee valuta die Cuba kent. In 20101 publiceerde de Cubaanse regering een lijst met bijna 180 activiteiten die door zelfstandige ondernemers konden worden uitgevoerd. ’Tot nu toe hebben ruim 400.000 mensen van deze nieuwe en zelfstandige vorm van werkgelegenheid gebruik gemaakt. Deze kleine ondernemers mogen ook werknemers in dienst nemen, maar moesten hun voorraden tot nu toe betrekken uit de slecht voorziene staatsondernemingen of kopen van andere particulieren. Ook werden veel goederen ingevoerd door Cubaanse emigranten die hun familie in Cuba opzochten. President Raúl Castro zei in december in de Nationale Vergadering dat ‘de reorganisatie en de ontwikkeling van een groothandelsmarkt’ een van de belangrijkste uitdagingen voor zijn regering was.

Link
Euronews met een Spaanstalige film (10 minuten) over de groei van het particuliere ondernemersdom in Cuba en de twijfels over de traagheid van de veranderingen, o.a. met econoom Oscar Chepe en de mensenrechtenjurist Maria Lopez Baez.

Oscar Chepe: Naar een normalisering van de relaties met de Europese Unie

De veranderingen in Cuba betekenen niet het einde van het totalitarisme, maar wel dat door groeiende interne en internationale druk, het regime enige ruimte toestaat die langzaam maar zeker groeit. Aldus de voormalige politieke gevangene en econoom Oscar Chepe die positief reageert op de nieuwe stap van de Europese Unie om te streven naar een akkoord met Havana, ‘zonder op dit moment de Common Position los te laten, evenmin als de eis tot meer vrijheid en economische ruimte voor de Cubanen.’ Chepe’s  tekst werd op 28 november gepubliceerd op de website Cubaencuentro

Oscar Chepe voor El Morro in Havana

Oscar Chepe voor El Morro in Havana

De Common Position van de Europese Unie is op 2 december 16 jaar oud. Het was een initiatief van de Spaanse regering, toen zowel als nu geleid door de Partido Popular. 16 jaar is lang genoeg om de effecten van een beleid vast te stellen en aan te passen aan nieuwe werkelijkheden. Misschien dat de Europese Unie juist daarom op 19 november overeenkwam in de toekomst een proces van onderhandelingen te starten dat kan leiden tot een samenwerkingsovereenkomst met de Cubaanse regering. Paragraaf 4 van de Common Positon voorziet mogelijke aanpassingen van de politiek tegenover Cuba.

europeseunievlaggenAanpassen Common Position
Citaat: Naarmate de  Cubaanse autoriteiten vorderingen maken op weg naar democratie, zal de Europese Unie haar steun aan dat proces verlenen en het  passende gebruik van de haar daartoe ter beschikking staande middelen bestuderen, met inbegrip van
–           de intensivering van een constructieve, resultaatgerichte politieke dialoog tussen de EU en Cuba,
–           de intensivering van de samenwerking, inzonderheid de economische samenwerking,
–          de verdieping van de dialoog met de Cubaanse autoriteiten, via de passende  instanties, teneinde na te gaan wat de verdere mogelijkheden zijn voor de toekomstige onderhandelingen over een samenwerkingsovereenkomst met Cuba op basis van de desbetreffende conclusies van de Raad van Madrid en die van Florence.

Rijstoogst in Cooperativo Camilo

Rijstoogst in Cooperativo Camilo

Veranderingen
Ik heb sinds de afkondiging  van de Common Position in 1996, kritiek geleverd op de onvoldoende inspanningen van de zijde van de Cubaanse regering om de crisis in Cuba af te wenden. Maar het is ongetwijfeld waar dat de economische, politieke en sociale ontwikkelingen in dit land sinds de komst van generaal Raúl Castro als president, zijn gewijzigd. Op dit moment floreert het particulier initiatief, hoewel sterk in de greep van de overheidscontrole en ondanks tientallen beperkingen die de groei van de handel afremmen. Op dit moment zijn er 400.000 mensen actief als eigen baas of cuentapropista en hebben 172.000 boeren land in bruikleen gekregen, aldus officiële cijfers. Er is sprake van een groeiende stroom van particuliere ondernemers, die in de komende maanden enkel groter zal worden als de overheid allerlei staatsrestaurants zal afstoten en er ook coöperaties worden opgericht buiten de landbouwsector. Dan zou de particuliere sector in Cuba meer dan een miljoen mensen te werk stellen. Die staan met hun gezinnen nog wel onder sterke staatscontrole van allerlei soort, maar de economische vrijheid zullen ze aan den lijve ondervinden waardoor ook andere individuele initiatieven mogelijk worden.

Politiek veranderingen
Ook hebben zich veranderingen op politiek terrein voorgedaan. In de eerste plaats is de mentaliteit van het volk veranderd, vooral bij de jongeren. De meesten zijn belast door jaren van zware offers en met bedrog, en zij begrijpen dat het model mislukt is. De volkssectoren, die de basis waren voor de steun van het  regime, zijn zeer getroffen door het beleid van economische aanpassingen dat de regering afkondigde en waar geen enkele compensatie tegenover stond voor de negatieve aspecten. Het beeld wordt nog gecompliceerder door de groeiende ongelijkheid. Die bestond in de vorm van de privileges die sommigen kregen door politiek clientelisme en corruptie. En daarnaast groeien de verschillen doordat de inkomsten van de particuliere ondernemingen toenemen. Ondanks de hoge belastingen, de beperkingen en de beperkte groep van beroepen die vrij mogen worden beoefend. De inkomsten van hen die in de private sector van de samenleving werken, zijn hoger dan de salarissen die de overheid uitbetaalt aan haar werknemers in staatsdienst. Voeg daar ook nog de stijgende inflatie bij en het ontbreken van proportionele verbeteringen van salarissen en pensioen en de vormen van ongelijkheid zijn compleet.

Che Guevara torst 'de nieuwe Mens' (cartoon van Garrincha)

Che Guevara torst ‘de Nieuwe Mens’ en heeft ‘hulp nodig’.  (cartoon van Garrincha)

Nieuwe oppositie
Op dit moment zoeken prominente schrijvers, economen, academici, kunstenaars, musici, songwriters en andere intellectuelen naar ruimte om hun visie op de nationale werkelijkheid kenbaar te maken. Tegelijkertijd zijn er andere sectoren in de samenleving die met onafhankelijke publicaties van vaak hoge kwaliteit, deelnemen aan de debatcultuur. Ook is er de groei van de vreedzame dissidentie, speciaal de bloggers en jonge professionals, die ondanks de repressie onverstoord doorgaan met hun zoektocht naar democratie en mensenrechten. Men bespeurt zelfs veranderingen onder Cubanen  die in het buitenland wonen, vaak gestimuleerd door de jongere generatie die een breder blikveld heeft. De verkiezingen in de VS op 6 november, leidden in Florida tot een groei van de steun aan president Obama en aan zijn beleid van toenadering tot het Cubaanse volk. Daar wijst ook de verkiezing van een Democraat, Joe Garcia, tot volksvertegenwoordiger op.

Eind totalitarisme?
Het is duidelijk dat de genoemde veranderingen niet het einde betekenen van het totalitarisme in Cuba, maar wel dat vanwege de interne en de internationale druk het regime instemt met een zekere ruimte, die ook langzaam groeit. Parallel daaraan zijn veel dogma’s en extremiteiten uit de periode van Fidel Castro verdwenen. Bijna alle officials van de historische leider zijn van het politiek toneel verdwenen, de slag om de ideeën (Batalla de Ideas: een soort terugkerende massamobilisatie door demonstraties en

Cubaans propagandamateriaal ter ondersteuning van de inmiddels opgeheven Batalla de Ideas

Cubaans propagandamateriaal ter ondersteuning van de inmiddels opgeheven Batalla de Ideas

debatten in Cubaanse steden, redactie) zijn van de baan en we zien soms televisieprogramma waar artiesten, al dan niet subtiel, blijk geven van kritiek op de situatie. Cuba bevindt zich in een complexe fase van haar bestaan met veel  tegenstrijdigheden, maakt ontoereikende hervormingen door, langzaam en zigzaggend, misschien deels door de spanningen en strijd aan de top tussen reformisten en conservatieven. Maar het systeem verliest ongetwijfeld terrein. Het particulier initiatief zal aan belang winnen ondanks de vele beperkingen. Ook als de regering de absurde regelingen in stand houdt die de groei van ondernemingen afremmen, zullen de tegenstellingen in de samenleving groeien. Wetsvertredingen en toenemende corruptie die nu al hoog is, zullen er door worden uitgelokt.

Bruggen bouwen
In dit complexe scenario moet degene die pretendeert Cuba te helpen bij de overgang naar de democratie niet de uitsluiting bevorderen, maar juist bruggen bouwen naar het Cubaanse volk op alle terreinen, zoals zij dat in Oost-Europa deden. Bovendien heeft de EU belangrijke democratische geloofsbrieven. De EU was een belangrijke factor bij de veranderingen in de zogeheten socialistische landen en recent bij de bevordering van de democratie in het Midden-Oosten. In Cuba is haar steun aan de bevolking en de democratie al jaren bekend. Internationaal staat de EU voor verdediging van de mensenrechten en wekte met acties van solidariteit voor Cuba, de woede van het regime. We vergeten de grote waarde van de EU niet na de golf van repressie tijden de Zwarte Lente in 2003 en de uitreiking van de Sacharowprijs tot driemaal toe, aan Cubaanse persoonlijkheden en organisatie door het Europees Parlement. Daarom moet het initiatief van de Europese Unie, waarbij de Common Position, noch de eis voor economische openheid en vrijheden voor de Cubanen worden losgelaten, (zolang de gesprekken over een samenwerkingsakkoord met Cuba gaande zijn), positief worden verwelkomd. De onderhandelingen zullen niet gemakkelijk zijn want de meest reactionaire en intolerante fractie van het regime zal ongetwijfeld barrières willen opwerpen.

Tegengeluid
Naast de positieve reactie van Oscar Chepe hierboven, publiceerde het International Platform van Mensenrechten in Cuba / Plataforma Internacional por los Derechos Humanos en Cuba (PIDEHC) een geheel andere opinie over de recente uitspraak van de Europese Unie. Het Platform noemt de gewijzigde positieverklaring van de EU ‘betreurenswaardig’ en constateert dat deze ‘juist op het verkeerde moment komt.’

Linken
CommonPositionNL02121996
*  
De kritiek op de EU van het pasgevormde samenwerkingsverband Plataforma Internacional por los Derechos Humanos en Cuba (PIDEHC) waar o.a. de Damas de Blanco en de mensenrechtenactivisten Elizardo Sánchez en Guillermo Fariñas bij zijn aangesloten.

Dialoog kardinaal en Damas de Blanco hersteld (1)

De mensenrechtengroepering Las Damas de Blanco heeft het ‘geloof en vertrouwen in kardinaal Ortega als bemiddelaar bij de regering van Raúl Castro behouden.’ Die conclusie trok de woordvoerder van de vrouwen, Berta Soler, na een gesprek donderdag jl. met de kardinaal van Havana, dat drie uur en 40 minuten duurde. Betrokkenen zeggen het ‘wederzijds vertrouwen’ te willen herstellen. De spanningen tussen de kardinaal en delen van de Cubaanse mensenrechtenbeweging stegen in mei, nadat de eerste tijdens een conferentie in het Centrum David Rockefeller in de VS de bezetters van een parochiekerk in Havana omschreef als ‘delinquenten en mensen van laag niveau.’ Deze uitspraak leidde tot forse uitspraken over de rol van de kerkleiding in Cuba en de houding tegenover het regime van Castro. De hardste uitval kwam van de leiding van Radio Martí in de VS, die de kardinaal ‘een lakei van het regime’ noemde en hem verweet ‘samen te spannen met het regime’.

Berta Soler herinnerde na het gesprek aan Ortega’s bemiddeling waardoor er in 2010 een einde kwam aan ‘actos de repudio’ tegen de vrouwen en later 130 politieke gevangenen werden vrijgelaten. De vrouwen hebben de kardinaal verzocht nu opnieuw te bemiddelen zodat er een einde komt aan de ‘repressie’ tegen hen en andere leden van de oppositie. ‘Het was een open dialoog en we zijn tevreden (…) De deuren van de kerk zijn nooit gesloten voor de Damas de Blanco. Wij zullen doorgaan met op de deuren van de katholieke kerk te bonzen,’ aldus  Soler. Zij herinnert ook aan de lijst met de namen van 63 politieke gevangenen die de vrouwen op 25 mei overhandigden aan de kanselier van de aartsbisschop, Ramón Sánchez Polcari. Van deze groep zijn er 59 die gevangen zitten en 15 personen die een voorwaardelijk invrijheidstelling hebben en daarom gemakkelijk opnieuw kunnen worden gearresteerd. ‘De vrijheid van de politieke gevangenen is niet in handen van de kardinaal, maar in die van de regering van Cuba. De kardinaal bezit de sleutel niet om de celdeur van welke gevangene dan ook te openen,’ aldus Soler.

Steun Ortega
Een groep wetenschappers en intellectuelen sprak zich in de Spaans/Engelstalige publicatie Progreso Semanal uit ten gunste van de kardinaal en benadrukte zijn doorslaggevende rol bij pogingen de werkelijkheid op het eiland te verbeteren. Onder de geraadpleegden bevonden zich Aurelio Alonso, onderdirecteur van het officiële tijdschrift Casas de Las Americas, Oscar Espinosa Chepe, econoom en dissident en twee Cubaanse Amerikanen Camelo Mesa-Lago, Cubaspecialist en Arturo Lopez Levy, onderzoeker van de Universiteit van Denver. Mesa-Lago roemde de pogingen van de kerkleider om de dialoog tussen Cubanen te versterken waardoor ‘ruimte wordt geschapen voor een respectvol debat binnen en buiten Cuba met diverse opvattingen, op zoek naar consensus waardoor de noodzakelijke socio-economische hervormingen mogelijk worden, die het land nodig heeft.’ Mesa-Lago wijst o.a. op een recent commentaar van het kerkelijk tijdschrift Espacio Laical waarbij er bij de regering op werd aangedrongen een einde te maken aan de belemmeringen vanuit het ideologisch apparaat van de Cubaanse Communistische Partij, die de deelname van Cubaanse academici en intellectuelen aan debatten tegenwerkt. Hij zei te hopen dat de kerk ook de deelname van politieke dissidenten in Cuba met ‘gerespecteerde en gedocumenteerde opvattingen’ zou bevorderen.

Balans positief

Maart 2003: Oscar Chepe wordt door de Cubaanse geheime dienst  in zijn woning aangehouden en afgevoerd

De ex-politieke gevangene Oscar Chepe zegt: ‘Ik denk dat de balans van het werk van de kerk positief is omdat het werk van het aartsbisdom van Havana de Cubanen samenbrengt, dient als een brug tussen de verschillende sectoren van onze samenleving en dat is goed. De oprichting van het Centrum Felix Varela, waar landgenoten met verschillende politieke opvattingen met elkaar op een verantwoorde wijze in discussie gaan, is in Cuba uniek. Ik kan me geen soortgelijke ontwikkeling bedenken en dat is werkelijk een prestatie. De bladen die de kerk uitgeeft zoals Espacio Laical en Palabra Nueva, hebben correct standpunten, leveren kritiek op de regering, op het trage proces van de veranderingen, maar ze doen het vanuit een niet-agressieve wijze. Hun opvattingen zijn altijd gebaseerd op waar gebeurde feiten, op onweerlegbare argumenten.’ (…) ‘Ik heb de solidariteit vanuit de kerk zelf ervaren toen ik gevangen zat. De enige organisatie binnen de kerk die voor ons opkwam, voor de zogeheten Groep van 75, was de katholieke kerk, die enige die de deuren opende voor onze vrouwen en onze gezinsleden als ze ons in de provinciale gevangenissen kwamen opzoeken. Zij voorzagen in overnachtingsmogelijkheden in Santiago de Cuba en elders. Het was ook de katholieke kerk die haar deuren elke zondag opende voor de Damas de Blanco / Vrouwen in het Wit in de kerk van Santa Rita in Havana.’ Chepe werd in april 2003 tijdens een proces waarbij internationale waarnemers en journalisten niet welkom waren, veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf. Hij werd in november 2004  vanwege zijn slechte gezondheid, in vrijheid gesteld.

Linken
De gewraakte uitspraken van kardinaal Ortega over de kerkbezetters
Washington Post (6 mei 2012): Kardinaal Ortega, een lakei van Raúl Castro?
Progreso Semanal is een Amerikaanse publicatie van sympathisanten van de Cubaanse revolutie in de VS; ook journalisten uit de Cubaanse officiele journalistiek werk er aan mee zoals Sexto, de columnist van Juventud Rebelde.

Vicepresident en minister klagen over opbrengsten suikerrietoogst

De dissidente econoom en voormalige politiek-gevangene Oscar Chepe herinnert in een recente publicatie aan een uitspraak van president Raúl Castro tijdens de Conferentie van de Cubaanse Communistische Partij. Hij zei toen ‘voort te gaan zonder haast, maar ook zonder pauzes’.  Volgens Chepe is het huidige probleem dat de pauzetoets van het toetsenbord is vastgelopen. De tegenvallende economische resultaten in de eerste drie maanden van dit jaar waarover (beperkt) informatie werd verschaft door de autoriteiten, zijn nog vergroot door de tegenvallende resultaten van de suikerrietoogst, die eind mei door de autoriteiten werden bekend gemaakt. Chepe verwacht in het tweede deel van het jaar geen verbeteringen omdat dit deel van het jaar traditioneel al minder productie oplevert, met o.a de complicatie van natuurrampen als orkanen en regenstormen.

De opbrengst van de suikerrietoogst is 16% hoger dan vorig jaar maar, zoals gewoonlijk, lager dan de verwachtingen van de regering. Regeringsleden spreken van ‘matige’ en ‘onvoldoende’ resultaten. Gerekend wordt op 1,4 miljoen ton ruwe suiker, vorig jaar was dit 1,2 miljoen ton. Cuba consumeert jaarlijks 600.000 tot 700.000 ton suiker. Daarnaast is Cuba contractueel verplicht jaarlijks 400.000 ton suiker aan China te leveren. In een bijeenkomst met leiders uit de suikersector lieten vicepresident José Ramón Machado Ventura en minister Marino Murillo kritiek horen. ‘Wij hadden meer suiker kunnen produceren maar deden het niet, wij verloren terwijl we meer hadden kunnen behalen’ (…) ‘Het moet veranderen, werkelijk veranderen en de zaken moeten anders gebeuren als ze tot nu toe plaatsvonden en wij kunnen niet meer in verhaaltjes en beloften geloven,’ zei de nummer 2 van de regering, Machado Ventura, aldus de staatstelevisie. Ook minister Marino Murillo, belast met de uitvoering van de aanpassingsplannen van de regering van Raúl Castro, bekritiseerde het tekortschieten en de traagheid bij de suikerrietcentrales ondanks uitgevoerde investeringen. Op 18 mei publiceerde de partijkrant Granma nog een commentaar waarin de leiding van het Agro-industriële Suikerbedrijf Grupo Empresarial de la Agroindustria Azucarera (AZCUBA) ‘een sprong voorwaarts’ aankondigde omdat de omstandigheden ‘ideaal’ zouden zijn geweest.

Herstructurering
De suikeroogst 2011-2012 vond plaats op een moment van herstructurering van de sector waarbij het Ministerie van Suikerzaken werd opgeheven en vervangen door de staatsonderneming AZCUBA. Die verandering zou moeten leiden tot meer doelmatigheid, nieuwe technologieën en meer export waardoor de investeringen zich zouden hebben terugbetaald. Men rekende op een verhoging van de productie met 20% na de bescheiden verbetering in 2011 en de schokkende achteruitgang in 2010 toen de suikerproductie sinds 105 jaar nog nooit zo laag was geweest.

Bron
* Cubaencuentro, Diario de Cuba

Noot
*
  In een Spaanstalig artikel ‘Sterft de Cubaanse suikerriet uit? ‘gaat Dimes Castellano op de website Diario de Cuba dieper in op de crisis in de Cubaanse suikersector. Hij geeft ook cijfers over de afgelopen 117 jaar. In 1985 bedroeg de suikerrietoogst 1,4 miljoen ton; in 1919 steeg dit cijfer tot 4 miljoen; in 1925 was het 5,3 miljoen ton en in 1952 werd 7,2 miljoen ton geoogst. Na een enorme krachtsinspanning steeg dit cijfer in 1970 tot 8,5 miljoen ton om in 1999 weer terug te vallen tot 3,8 miljoen ton. In 2001 werd divisiegeneraal

Minister Ulises Rosales del Toro

Ulises Rosales del Toro tot Minister van Suikerzaken benoemd en hij voorspelde een snelle verbetering die in hetzelfde jaar al moest leiden tot 5 miljoen ton. Hij kondigde het project Reestructuración de la Industria Azucarera / Herstructurering van de Suikerindustrie aan dat tot een groter rendement moest leiden en waarbij  elke 100 ton suikerriet 11 ton suiker moest opbrengen. Het tweede project werd Álvaro Reynoso genoemd en was bedoeld om het rendement per hectare te verhogen tot 54 ton (het gemiddelde wereldwijd is 63 ton volgens de FAO). De resultaten spreken voor zich; in 2000 – 2001 werd 3,5 miljoen ton suikerriet geoogst, in 2001- 2002 2,2 miljoen ton, in 2002 – 2003 2,1  miljoen toen, in 2003 – 2004 2,52 miljoen ton, in 2004 – 2005 1,3 miljoen ton en het cijfer van 2005 – 2006 is niet voorhanden. Pas in 2008 – 2009 was er weer sprake van een lichte stijging tot 1,4 miljoen ton suikerriet.

70 arrestaties aan vooravond pausbezoek

Afgelopen weekend zijn alleen al in Havana 50 leden van de mensenrechtengroep Damas de Blanco gearresteerd. Onder hen is de leider van de  groep, Berta Soler. De arrestaties vinden plaats een week voordat paus Benedictus XVI het land bezoekt. In heel Cuba werden 70 vrouwen aangehouden.

Dit weekend werden de massale arrestaties in 2003 herdacht waarbij 75 politieke opposanten werden aangehouden en tot lange gevangenisstraffen werden veroordeeld. De herdenking van deze Zwarte Lente leidt elk jaar in maart tot botsingen tussen de Damas de Blanco en de politie. Buiten Havana werden nog eens 20 vrouwen aangehouden. Berta Soler beschuldigde een veiligheidsofficier die zich Alejandro noemde  ‘de rechten van burgers te schenden’ want ‘mensen hebben het recht deel te nemen aan de misviering in de kerk die ze zelf uitzoeken.’

De voorbereidingen van de pausmis op het Plein van de Revolutie in Havana

Protesten
In Cuba is de afgelopen dagen een golf van protesten ontstaan naar aanleiding van het bezoek dat paus Benedictus XVI van 26 maart tot en met 28 maart brengt. Tegenstanders van het communistische bewind willen dat de paus bij de leiders van Cuba aandringt op het toestaan van meer politieke vrijheden.
Het bezoek van de paus leidde onder deze tegenstanders ook tot uiteenlopende oordelen.  Op 1 maart ontving paus Benedictus een brief van 750 Cubaanse dissidenten die hem waarschuwden dat zijn komende bezoek aan Cuba zal leiden tot grotere onderdrukking. Zij spreken de wens uit dat ‘de Heilige Geest u moge verlichten zodat u een juiste beslissing kan nemen.’ De bekendere namen uit de Cubaanse dissidentenbeweging, komt men in deze brief aan de paus niet tegen. Mensenrechtenactivisten zijn in meerderheid voorstander van het pauselijk bezoek, maar benadrukken dat de katholieke kerkleider niet mag zwijgen over de huidige onderdrukking en vervolging in het land. En dat zal gastheer Raúl Castro met alle middelen willen voorkomen.

Fariñas

Verwachtingen verschillen
De winnaar van de Sacharov Prijs, Guillermo Fariñas, adviseert de paus in Cuba in elk geval de dissidenten te ontmoeten. ‘Het is de taak van de bisschop van Rome om partij te kiezen voor de slachtoffers en niet voor de daders.’ Eén dissident, de radicale Oscar Biscet, keerde zich al eerder tegen een bezoek van de paus aan Cuba. Maar de dissidente econoom en eveneens ex-politieke gevangene, Oscar Chepe, is positiever; hij hoopt dat de autoriteiten in Cuba de gelegenheid van het pausbezoek zullen aangrijpen om alle politieke gevangenen vrij te laten, inclusief de Noord-Amerikaanse ontwikkelingswerker Gross die in Cuba gevangen wordt gehouden wegen illegale activiteiten. Chepe zou wensen dat het bezoek van de paus het begin is van een politieke opening, naast de economische ontwikkelingen die in Cuba plaatsvinden. De christelijke lekenactivist Oswaldo Payá staat kritisch tegenover het pauselijk bezoek, maar wijst het niet af. Payá: ‘Cuba is een grote gevangenis en iemand die gevangen zit zal niet zeggen dat het bezoekuur voor familie en vrienden moet worden afgeschaft omdat de bewakers de gevangenen mishandelen. Dan straf je de slachtoffers tweemaal.’

Damas de Blanco
De bekende mensenrechtengroep Damas de Blanco heeft de Cubaanse kardinaal Ortega om een ontmoeting met de paus gevraagd. Vorige week spraken de vrouwen met de kardinaal, maar deze zei dat de agenda van de paus ‘zeer bezet’ was. Ook eisten de vrouwen dat er een einde moest komen aan het geweld door de politie en de geheime dienst, waarmee elke zondag opnieuw wordt verhinderd dat zij in Santiago, Holguín en Matanzas en andere provincieplaatsen een mis bijwonen. Enkel de traditionele stille tocht van de Damas de Blanco bij de Santa Rita in de hoofdstad Havana wordt meestal niet gestoord door de politie of de geheime dienst.

Schild voor vervolgden
De linkse dissident Manuel Cuesta Morúa van de beweging Nuevo País zegt dat deze paus, in tegenstelling tot zijn voorganger in 1998, in Cuba komt terwijl er – al dan niet reëel – veranderingen plaatsvinden. Volgens Cuesta heeft de kerk het meeste belang bij het bezoek van de paus omdat ‘er een zekere ruimte voor debat is ontstaan’, maar het bezoek van de paus moet ook dienen als schild ter bescherming van hen ‘die in de Cubaanse samenleving lijden onder de groeiende repressie van de Cubaanse autoriteiten. Dan is het bezoek van de paus aan Cuba positief.’

De bezetters van de kerk Caridad in Havana na een actie, die op verzoek van de leiding van de katholieke kerk na 48 uur door de politie werd beëindigd. De kerkelijke autoriteiten noemden dit een poging tot 'provocatie' in het zicht van het pausbezoek.

Kerk gebruikt
De woordvoerder van kardinaal Ortega, Orlando Márquez, liet op 2 februari via een artikel op de website van de Cubaanse bisschoppenconferentie weten dat de katholieke kerk zich bewust is van de diverse vormen van politieke pressie die in het licht van het pausbezoek, op haar kan worden uitgeoefend. Márquez: ‘Dat is een zeker risico van dit proces want bij gebrek aan andere onafhankelijke instituten, groepen of onafhankelijke partijen, kunnen sommigen de aspiratie hebben dat de kerk verandert in een katalysator voor radicale veranderingen in Cuba. (…) ‘Voor anderen zou de kerk kunnen veranderen in een natuurlijke bondgenoot van de regering’ en hij wijst erop dat het ‘belangrijkste is dat zowel voor de regering als voor de kerk het helder is dat noch het een, noch het ander aan de orde is en dat beiden de dialoog willen voortzetten,’ aldus Márquez.

Link
*  De arrestaties op zondag 18 maart bij de Santa Ritakerk in Havana (1 minuut 20)

Dissidente econoom kritiseert rapportage van VN-organisatie over Cuba (1)

De VN-organisatie UNDP heeft Cuba weer een plaats gegeven op de ranglijst van het Human Development Report voor 2011.* Vorig jaar ontbrak Cuba en stond het land vermeld op een separate lijst samen met Noord Korea, Somalië en Eritrea omdat er twijfels bestonden over het cijfermateriaal dat Cuba aan de UNDP leverde. In het Human Development Report 2011 staat Cuba op de 51ste plaats op de wereldranglijst en 5e op de lijst voor Latijns- Amerika en de Cariben, na Chili, Argentinië, Barbados en Uruguay. Het land heeft nu weer dezelfde plaats als in 2009. De UNDP-index wordt vastgesteld op basis van economische gegevens, de stand van het onderwijs, sociale zekerheid en de gezondheidszorg en enkele mensenrechten. Deskundigen zetten flinke vraagtekens bij de plaats van Cuba op deze lijst. Een van hen is de econoom en voormalig dissident Oscar Chepe die op basis van gegevens van de Cubaanse overheid zelf, concludeert dat dit beeld te rooskleurig is.  Zei de president van Cuba, Raúl Castro, niet zelf dat ‘Cuba zich op de rand van de afgrond bevindt.’ Hierna volgt Chepe’s reactie.

Straatverkoop in Calle Terzera in Havana

In de bijlage van het rapport staan de landen die ook al in eerdere jaren bovenaan stonden. In meerderheid zijn het landen die historisch een grote graad van economische ontwikkeling kennen met sociaal-vooruitstrevende projecten waarbij de participatie van de burger een grote rol speelt binnen een groeiende democratische context en respect voor de mensenrechten. Noorwegen staat op de eerste plaats met een Bruto Binnenlands Product per hoofd van de bevolking van 47.507 dollar jaarlijks en een evenwicht tussen de koopkracht en het prijsniveau. Voor Zwitserland geldt ongeveer hetzelfde. Ook als men rekening houdt met andere indicatoren die de kwaliteit van het leven in beeld brengen, staan landen als Nederland, Australië, Nieuw Zeeland en Canada hoog op de ranglijst met een grote maatschappelijke participatie en politieke correcties wanneer de krachten van de markt de noden van de meest zwakke groepen bedreigen.

Veel vragen over Cuba
Wat Cuba betreft, zijn er over het rapport van 2011 veel vragen. Cuba werd in het rapport van 2010 niet vermeld, samen met landen als Somalië en Noord-Korea. Wat de stand van de democratie betreft, behoorde die van Cuba tot de slechtste. Bij de vermelding Democratie kreeg het land een 0, als het gaat om de schending van mensenrechten stond Cuba vorig jaar, samen met Eritrea, Guinee, Oeganda en Equatoriaal Guinee bovenaan. De persvrijheid in Cuba werd omschreven als nog slechter dan die in China en Vietnam. Wat is er het afgelopen jaar in Cuba veranderd waardoor het land plotseling in de rapportage van 2011 weer wordt vermeld in de  Groep van een Hoge Menselijke Ontwikkeling met een index van 0.776 en zich daarmee op de 51ste plaats plaatst, achter Chili (44), Argentinië (45), Barbados, (47) en Uruguay (48)?

Aan de afgrond
Zoals bekend maakte Cuba in de Speciale Periode die in 1990 begon, een enorme crisis door omdat de subsidies uit de Sovjet Unie wegvielen. Volgens officiële cijfers was het niveau van de industrie nog maar 43% van het productieniveau van 1989; de landbouw werd met een ramp geconfronteerd die Cuba er toe dwong 80% van al het voedsel in te voeren, voor een groot deel uit de VS en het vervoer raakte over de gehele linie in verval. De economie maakte een val door waarbij vanaf 1990 sprake was van een omvangrijk verlies aan kapitaal zowel in materieel als humaan opzicht. Het leidde tot enorme spanningen met de externe financiering die tot nu toe met moeite konden worden afgedekt met de ‘hulp’ uit Venezuela. President Raúl Castro heeft publiekelijk erkend dat ‘het land aan de rand van de afgrond staat.’

  • Deze ontwikkelingsindex omvat 187 landen en geeft hen een score op basis van scholing, levensverwachting en inkomen per inwoner. Vorig jaar bevatte de index slechts 169 landen. Die toename is te danken aan betere gegevens voor veel kleine eilandstaatjes. De ontwikkelingsindex maakt deel uit van het jaarlijkse rapport van het VN-Ontwikkelingsprogramma. Dat publiceert sinds 1990 elk jaar een mondiaal rapport over de menselijke ontwikkeling. Daarnaast zijn er, sinds het begin van het rapport, al veertig regionale rapporten gepubliceerd, over thema’s als vrouwenrechten in de Arabische wereld, corruptie in Azië, de behandeling van Roma en andere minderheden in Centraal-Europa en de ongelijke verdeling van rijkdom in Latijns-Amerika. Ten slotte zijn er sinds 1992 650 nationale rapporten over 140 landen verschenen.

Katholieke kerk start ‘plaatsen van dialoog’

Toen Kees van Kortenhof (Glasnost in Cuba) in oktober door Cuba reisde, gonsde het in kringen van dissidenten van de geruchten over een mogelijke bijeenkomst waaraan ex-politieke gevangenen, vooraanstaande partijleden en de communistische voorman Alfredo Guevara zouden deelnemen. Een uitzonderlijke gebeurtenis die mogelijk werd door een initiatief van de katholieke kerkleiding. De houding van kardinaal Jaime Ortega leidt bij dissidenten tot discussie. Schurkt hij niet teveel tegen de huidige machthebbers aan en vergeet hij dan de zaak van de mensenrechten? Hoe sterker de katholieke wortels bij dissidenten zijn, hoe harder soms de kritiek. De mensenrechtenactivist Oswaldo Payá deed in oktober nog een harde uitval aan het adres van de kerkbladen van kardinaal Ortega, die toch vaak een verademing zijn in het Cubaanse medialandschap van starre en onderdanige communistische publicaties. Uiteindelijk vond de academische uitwisseling vorig weekend plaats in een seminarie bij Havana.

Alfredo Guevara was een studievriend van Fidel Castro en in tegenstelling tot Fidel destijds al lid van de communistische jeugdbeweging. Guevara is geen familie van 'Che' Guevara.

Deelnemers waren de directeur van het Cubaans Filminstituut Instituto de Arte e Industria Cinematográfica (ICAIC), Alfredo Guevara, Esteban Morales, een partijman die kort geleden tijdelijk het lidmaatschap werd ontnomen vanwege zijn uitspraken over corruptie in de top en de dissidente econoom en agnost Oscar Espinosa Chepe, die in 2003 deel uitmaakte van de Groep van 75 en toen tot 28 jaar gevangenisstraf werd veroordeeld. Het is zeer zeldzaam dat een dissident, een polemische academicus en partijman plus een vooraanstaande officiële intellectueel als Alfredo Guevara, in Cuba met elkaar spreken over de toekomst en de uitdagingen waarmee men heeft te maken. Het debat werd georganiseerd door het kerkblad voor leken, Espacio Laical.  Guevara ging in op de economische veranderingen in het land, kritiseerde de bureaucratie en bepleitte diversiteit en tolerantie. Behalve kardinaal Jaime Ortega waren studenten, intellectuelen, medewerkers van het officiële instituut Centro de Estudios para la Economía Cubana, enkele Europese diplomaten en wat lokale en buitenlandse journalisten aanwezig.

Deelname ex-politieke gevangenene
Oscar Chepe, voormalig gewetensgevangene. legde Guevara een vraag voor over de beperkingen van de pers in Cuba en de wijze waarop informatie voor burgers verborgen blijft. Hij prees de initiatiefnemers van deze bijeenkomst, die hij omschreef als ‘beschaafd, zonder aanvallen, zonder absurde vooroordelen want de ideologische diversiteit in Cuba is een feit.’ Daarbij verwees hij naar de straat waar steeds vaker ‘meer opvattingen, meer kritiek van de burgers valt te beluisteren.’ In zijn antwoord zei Guevara dat er in Cuba enkele media zijn die opener zijn geworden, maar het is nog steeds nodig op een doortastende manier een einde te maken aan de geheimdoenerij, aldus Alfredo Guevara.

Tegen de bureaucratie
Esteban Morales, academicus en vooraanstaand lid van de officiële schrijversbond Union de Escritores y Artistas (UNEAC), die na enkele maanden afwezigheid weer volop mag meedoen in de Partido Comunista de Cuba (PCC),  zei dat men ‘de oorlog verklaard had’ aan de bureaucratie en de corruptie en dat Raúl Castro had bevolen een einde te maken aan het idee dat Cuba het enige land ter wereld is waar men kan leven zonder te werken. Morales waarschuwde dat ‘een grote actie’ nodig is om de mentaliteit te veranderen, niet alleen op het niveau van het volk, maar ‘ook op de hoogste niveaus’ in het land. Alfredo Guevara onderstreepte deze oproep om ‘de gewetens te alfabetiseren en een mentaliteitsverandering te bewerkstelligen die het eiland hard nodig heeft.’

Oscar Chepe, voormalig Cubaans diplomaat in Oost-Europa, econoom en dissident werd in 2003 tot 28 jaar gevangenisstraf veroordeeld vanwege zijn dissidente activiteiten. Zijn vrouw Miriam Leiva is een dissidente publiciste.

Meer ruimte voor dialoog
Voor veel aanwezigen was de bijeenkomst op 29 oktober in het Seminario San Carlos  een voorbeeld van de nieuwe rol die de katholieke kerk wil spelen, namelijk de ruimte faciliteren om een dialoog te voeren over uiteenlopende zaken met personen van verschillende achtergronden. Een dag eerder had kardinaal Ortega al op deze nieuwe relatie tussen staat en kerk gewezen en gezegd dat de dialoog die eerder leidde tot vrijlating van ruim 100 politieke gevangenen, zou worden voortgezet en ‘alle terreinen van het nationale leven’ omvatte, inclusief het proces van aanpassingen om het socialistisch model ‘te actualiseren. Het afgelopen weekend riep het tijdschrift Espacio Laical in zijn commentaar nog op tot een grotere deelname van de Cubanen aan de economische veranderingen en stelt vast dat de dialoog met de bevolking enkel plaatsvond ‘tussen elke burger en de machtscentra, zonder intensieve raadplegingen onder de leden van allerlei groepen.’ Ook dringt het blad erop aan dat iedereen de ruimte krijgt en de garantie om elk soort opmerking te kunnen maken en deze te bediscussiëren in zeer uiteenlopende fora en met medewerking van de communicatiemedia.

Link
* Commentaar Espacio Laical, oktober 2011