Uitgeweken auteur Echevarría krijgt Cubaanse Prijs van de Kritiek

Hoogleraar, hispanist en schrijver Roberto González Echevarría (1943) is door het Cubaanse Ministerie van Cultuur onderscheiden met El Premio de la Crítica, de Cubaanse Prijs van de Literatuurkritiek 2013. Het is de eerste maal dat een Cubaan in ballingschap en woonachtig in de VS deze prijs ontvangt. Echevarría zei in een reactie dat ‘de toekenning erop wijst dat er mensen zijn die zich bewust zijn van het feit dat mijn werk de politiek overstijgt.’

Roberto González Echevarría

Roberto González Echevarría

De prijs wordt met name toegekend vanwege zijn essay Lecturas y relecturas. Estudios sobre literatura y cultura / Lezen en Herlezen. Studies over literatuur en cultuur. Het boek verscheen in 2013 in een Cubaanse uitgave bij de uitgeverij Ediciones Capiro in Santa Clara. Het was ook het eerste boek van deze vooraanstaande hispanist dat in Cuba verscheen. De prijs wordt hem op 21 oktober uitgereikt.

Cover-boek-Roberto-Gonzalez-EchevarríaHonkbal
Echevarría is ook de auteur van The Pride of Havana: a History of Cuban Beisbol (1999) waarvoor hij de Dave Mooreprijs kreeg en in 2002 een onderscheiding voor het ‘beste boek over honkbal.’

Hecehvarria en Obama in maart 2011

Hecehvarria en Obama in maart 2011

In 2011 kreeg hij uit handen van president Barack Obama samen met 10 andere vooraanstaande intellectuelen in de VS, de Nationale Prijs voor de Humaniteit. In 1977 publiceerde hij een boek over een van de bekendste Cubaanse schrijvers Alejo Carpentier, namelijk El peregrino en su patria / De pelgrim in zijn vaderland. Carpentier kreeg toen ook de kans op uitnodiging van González Echevarría een serie lezingen te geven aan de Yale-universiteit. Het boek zelf werd in Cuba nooit uitgebracht.

Orlando Benn, eigenaar van tabakshandelaar in de VS biedt Fidel castro tijdens de gesprekken over de dialoog een eigen sigaar aan. Orlando Ben behorode tot de vooraanstaande Vuabanen in ballingschap

Orlando Padron, tabakshandelaar in de VS biedt Fidel Castro (links) tijdens de gesprekken over de dialoog (1978) een eigen sigaar aan. Orlando Padron behoorde tot de vooraanstaande Cubanen in ballingschap die met de Cubaanse leiders het gesprek aangingen

Reputatie
De reputatie van Roberto González Echevarría is in Cubaanse kringen buiten Cuba niet onomstreden; men verwijt hem dat hij ondanks zijn ballingschap vanaf begin jaren zestig steeds de dialoog met de Castro-dictatuur heeft gezocht. Zo was hij vanaf 1975 redacteur van het met Fidel Castro sympathiserende tijdschrift Areito. De vervolgde schrijver Reinaldo Arenas noemde dit blad destijds ‘het officiële orgaan van de Cubaanse geheime dienst in Miami’. Vanaf 1978 was hij lid van een comité ter normalisering van de relaties tussen de VS en Cuba. In 1978 maakte hij deel uit van de zogenaamde dialooggroep van een 60-tal vooraanstaande Cubanen uit de diaspora met Fidel Castro. Die gesprekken leidden o.a. tot de vrijlating van 3.600 politieke gevangenen. Ook werd het Cubaanse emigranten toegestaan om vanaf dat moment familie in Cuba te bezoeken.

Bron
* Diario de Cuba, Café Fuerte

Leonardo Padura kan zonder Cuba niet leven en schrijven

Zittend op de binnenplaats van een schilderachtige boekwinkel annex café in Miami, glimlacht de Cubaanse schrijver Leonardo Padura terwijl hij aan een sigaret trekt. Heel zijn leven heeft zich bijna volledig afgespeeld in zo’n buurt in Havana. Nu heeft Padura binnen Cuba een bepaalde positie veroverd, namelijk die van de publieke intellectueel die hoewel kritisch, geaccepteerd wordt door de samenleving.

Leonardo PaduraPadura is geboren in Mantilla, is er opgevoed en getrouwd en hij schreef er zijn detectiveromans die hem internationale faam bezorgden. Hij woont nog steeds in het huis van zijn jeugd en zit graag op een bankje, tegenover een nieuwe snoepwinkel die pas is geopend en luistert naar het gepraat van de klanten. Zijn buren noemen hem ‘de beroemde schrijver.’ ‘Maar ik ben gelukkig,’ zegt hij, ‘want zij kennen me ook nog als de zoon van mijn vader en moeder.’ Padura heeft in Cuba een plek veroverd die maar weinig schrijvers na de revolutie wisten te bereiken, namelijk die van een publieke intellectueel die geaccepteerd wordt door de Cubaanse samenleving en ook nog kritisch is. Hij is nu op het hoogtepunt van zijn litteraire carrière en is op tournee in de VS waar hij Miami, New York en Chicago bezoekt. Zijn veelgeprezen laatste roman De man die van honden hield is er vertaald en uitgegeven bij Farrar, Straus and Giroux.

Misdaadromans
‘Ik denk dat het Amerikaanse publiek geboeid is door zijn detective romans,’ aldus Ana Mario Dopico, hoogleraar in de vergelijkende literatuurwetenschappen aan de Universiteit van New York. ‘Hij zorgt voor een frisse wind want lezen over Cuba is vaak erg politiek en getekend door de Koude Oorlog.’ Hoofdfiguur in de detectives van Padura is Mario Conde, een aan lager wal geraakte politiedetective, die misdaden moet oplossen in de onderbuik van de post Cubaanse-Sovjetsamenleving. Zijn onderzoek leggen de tegenstrijdigheden en de tekortkomingen van een revolutie in neergang bloot, maar de romans van Padura zijn nooit openlijk politiek. Padura benadrukt herhaaldelijk dat hij zich met geen politieke beweging, noch met de staat of met dissidenten identificeert. Hij ziet zichzelf als een kroniekschrijver van het Cubaanse leven. ‘Als mijn werk één positief effect heeft, is het wel de houding van onafhankelijkheid,’ zegt hij. ‘Een standpunt innemen, ruimte pakken die vrij is van politieke voorkeuren.’

Ketters is de titel van een van de laatste boeken van Padura dat niet in Cuba verscheen

Ketters is de titel van een van de laatste boeken van Padura. Het verscheen niet in Cuba.

Van na de Revolutie
Padura is in 1955 geboren en maakt deel uit van de generatie die geen of nauwelijks herinneringen heeft aan het Cuba van voor de revolutie van Fidel in 1959. Hij groeide op toen het eiland al profiteerde van de steun van de Sovjet-Unie en begon zijn literaire carrière tijdens de zogeheten Speciale Periode, de jaren die volgden na de breuk met de Sovjet Unie. Zijn vier misdaadromans met Mario Conde werden in de jaren negentig gepubliceerd op een moment dat er een beperkte tolerantie bestond voor kritiek in de kunst. Padura geeft toe dat de situatie daarvoor dramatisch anders was. Schrijvers als Reinaldo Arenas die het communistische regime veroordeelden, werden gevangen gezet en hun werk was niet of nauwelijks in Cuba te vinden. Nu is er meer ruimte voor de lichte kritische toon van schrijvers als Padura, Wendy Guerra of Pedro Juan Gutierrez, maar vrijheid blijft een vaag en kwetsbaar begrip. ‘Cuba is een land dat wordt geregeerd door een partij, en die partij heeft een socialistisch keurmerk en vaak worden uitingen van individuele expressie niet begrepen omdat zij als agressie tegen de partij, de staat, de regelgeving, die ook de natie vertegenwoordigen,’ zegt Padura.

Genre
Dat hij succesvol de grenzen heeft verkend heeft wellicht ook te maken met het genre van zijn werk. De misdaadroman onthult verborgen werelden van vrienden die verraad plegen, van onbetrouwbare autoriteiten en het is een genre dat de auteur toestaat ‘over politiek te spreken zonder politiek te bedrijven,’ aldus Dopico. Maar hoewel hij op dit moment zonder problemen in Cuba wordt gepubliceerd, vindt hij in de officiële media veel minder weerklank dat die schrijvers die veel minder indringend over het leven in Cuba schrijven,’ aldus Ted Henken, een professor aan het Baruch College.

De man die van honden hield, in de Amerikaanse versie. Trotski, de medehoofdrolspeler van de Russische revolutie van 1917 werd in 1940  in opdracht van Stalin door Ramon Mercader in Mexico Stad vermoord. De hoofdpersoon in Padura’s roman heeft in 1977 een ontmoeting met Ramon Mercader, die dan in de Cubaanse hoofdstad is aangekomen om er vanwege kanker zijn laatste dagen door te maken. (De moordenaar van Trotski, Mercader ontvluchtte in de jaren zeventig daadwerkelijk de Sovjet Unie en zou in Havana aan kanker overlijden, redactie)

De omslag van de Amerikaanse versie van De man die van honden hield. Trotski, de medehoofdrolspeler van de Russische revolutie van 1917 werd in 1940 in opdracht van Stalin door Ramon Mercader in Mexico Stad vermoord. De hoofdpersoon in Padura’s roman heeft in 1977 een ontmoeting met Ramon Mercader, die dan in de Cubaanse hoofdstad is aangekomen om er vanwege kanker zijn laatste dagen door te maken. (De moordenaar van Trotski, Mercader ontvluchtte in de jaren zeventig daadwerkelijk de Sovjet Unie en zou in Havana aan kanker overlijden, redactie)

Politieke ondervragingen
‘Padura kan een boek publiceren zoals De man die van honden hield, maar dat boek zal niet besproken worden in de kranten of op radio en televisie,’ aldus Henken. Tegelijkertijd kan Padura genoemd worden en de nationale literatuurprijs winnen, zoals hij vorig jaar deed. De man die van honden hield mengt het verhaal over Leon Trotsky, zijn moordenaar Ramon Mercader en een uitgetelde Cubaanse auteur die Mercader’s pad kruist. Onlangs publiceerde Padura in Spanje ook een boek met de titel Ketters, dat handelt over het thema van de individuele vrijheid. De zachtsprekende grijsbebaarde Padura  zegt dat zijn vrienden hem moesten overtuigen een reis door de VS te maken omdat hij bevreesd was in politieke verhoren terecht te komen. Maar op de eerste avond in Miami werden alleen vragen over zijn werk gesteld. Hier blijven of ergens anders buiten Cuba is voor hem geen optie. Hij zegt dat hij de buurt in Mantilla waar zijn vader, grootouders en zelfs achtergrootouders woonden, nodig heeft: ‘Ik moet dicht op de werkelijkheid leven om de polsslag te voelen van hoe Cubanen leven,’ aldus Padura.

Bron
* Christine Armario, Associated Press, februari 2014
Linken
* Deze weblog (29 november 2013): Een roman schrijven op Cuba is een ramp
* Havana Times:  Leon Trotsky, Padura and Me

Dochter Raúl Castro weigert vragen over Damas de Blanco te beantwoorden

Mariela Castro, directeur van het Cubaanse Centro Nacional de Educación Sexual (Cenesex), heeft na afloop van haar lezing in de Zuiderkerk in Amsterdam geweigerd vragen te beantwoorden over de onafhankelijke homobeweging Observatorio Cubano de los Derechos LGTB in haar land en over de mensenrechtengroepering Damas de Blanco. Een in Nederland woonachtige Cubaanse vrouw,  die Mariela na afloop van de bijeenkomst de vraag stelde waarom de Damas de Blanco niet ook de mogelijkheid hebben om Nederland te bezoeken en in Europa rond te reizen, kreeg slechts een Cubaanse krachtterm naar het hoofd geslingerd.

Mariela Castro

De bijeenkomst werd door ongeveer 120 belangstellenden bijgewoond:  studenten van de Universiteit van Amsterdam en het Latijns Amerika Instituut Cedla en enkele vertegenwoordigers van de vakcentrale CNV, Glasnost in Cuba en Cuba Futuro. Mariela Castro ging in een lang betoog in op de ontwikkelingen rond de seksuele opvoeding in Cuba sinds 1959 en in het bijzonder op de verbeterde positie van homo’s, lesbo’s, transseksuelen en transgenders. Zij noemde zichzelf ‘een dissidente van de leugen die het onrecht en de misdaden door de machten van de hegemonie (bedoeld wordt de VS) wil aanklagen’. Na afloop werden vragen gesteld over de positie van aidspatiënten, het socialisme en de homobevrijding en de rol van de katholieke kerk.

Geen antwoorden
Kees van Kortenhof (voorzitter van de Stichting Glasnost in Cuba) legde Mariela Castro een vraag voor over de bijzonder positie van de onafhankelijke homogroep Observatorio Cubano de los Derechos LGTB. Tot nu toe weigert Mariela Castro met deze dissidente groepering in gesprek te treden en hen te laten participeren in een historisch onderzoek naar de UMAPS (Unidades Militares de Ayuda a la Producción). In deze strafkampen moesten tussen 1965 en 1968 onder directe verantwoordelijkheid van o.a. Fidel en Raúl Castro, 25.000 voornamelijk jonge mensen, onder wie veel homoseksuelen (door het regime destijds om schreven als uitschot, parasieten en anti-socialen) dwangarbeid verrichten. Bovendien wil de Observatoriogroepering eerherstel voor de vervolgde homoseksuele schrijver Reinaldo Arenas, wiens boeken in Cuba nog steeds verboden zijn. Na een kort overleg met de aanwezige Cubaanse ambassadeur in ons land, besloot Mariela Castro deze vragen niet te beantwoorden en riep slechts: ‘Kom zelf kijken in Cuba en laat je niet manipuleren door de Noord-Amerikanen.’  Deze reactie leidde bij sommige aanwezigen tot verbazing omdat de Cubaanse voorvechter van LGBT-rechten in haar presentatie juist ‘het wederzijdse respect en de transparantie’ had benadrukt. Liduine Zumpolle (Cuba Futuro) concludeerde dat  ‘wat een dialoog had moeten worden, een puur propagandapraatje was waarbij Mariela Castro als excuus moet dienen voor de harde dictatuur in Cuba waar haar vader aan het hoofd staat.’

De cartoonist Guama maakte een prent over Mariela’s bezoek aan de rode buurt van Amsterdam. Onderschrift: In elke rode buurt een wijkcomité

Moeders voorbeeld
Het incident rond Mariela Castro roept herinneringen op aan een vergelijkbaar incident in New York waarbij Mariela’s moeder Vilma Espín, toen voorzitter van de communistische vrouwenbond FMC, was betrokken. Zij bedreigde een journalist die haar op de roltrap in het gebouw van de Verenigde Naties vragen stelde over de behandeling van de toen gevangen zittende dissident Vladimiro Roca en de indoctrinatie op de Cubaanse scholen. ‘Nee, jongeman, wij gaan niet praten over dit soort smerigheden. Doe het niet of je verliest je baan.’  Toen ze zag dat de journalist van Univisión ook nog een microfoon bij zich had en het gesprek opnam, riep ze hem toe dit ‘onmiddellijk te wissen’ (…) ‘Geef me de opname, geef hier. Oh, nee! Je bent een contrarevolutionair’, aldus de tevergeefse bevelen van Vilma Espín die zich in het gebouw van de Verenigde Naties niet kon gedragen als de sterke vrouw van Cuba.

Linken
* Video: Gisteren bezocht Mariela Castro enkele Amsterdamse prostituees en voerde een gesprek met hen

* Mariela Castro in de Amsterdamse hoerenbuurt. Website Diario de Cuba

* AT5: dochter van dictator in Amsterdam

* Het artikel op de site van de Volkskrant Mariela zoekt dialoog in Nederland die ze in Cuba afwijst telt inmiddels 5 reacties