Raúl’s mogelijke opvolger wil meer censuur en minder kleine ondernemers

De mogelijke opvolger van Raúl Castro, eerste vicepresident Miguel Díaz-Canel, is ervan overtuigd dat de VS, ondanks de politieke dooi, voortgaan ‘de revolutie te vernietigen.’ Canel, tevens partijsecretaris, zegt dit in een video die in februari jl. werd getoond voor kaderleden van de Cubaanse Communistische Partij tijdens een speciale conferentie. Sociale media in Cuba verspreidden maandag jongstleden fragmenten van deze video. De vicepresident verdedigde ook de censuur en pleitte voor minder kleine ondernemers.

diaz-canel-raul-castro

Raúl Castro (links) en Díaz-Canel

Hij stelde een aantal maatregelen voor om te strijden tegen ‘het Noord-Amerikaanse plan (…) dat ruimte tot beïnvloeding zoekt, probeert te infiltreren in onze communicatie- middelen, de culturele en symbolische strijd probeert te beïnvloeden en de niet-statelijke sector van de economie wil financieren en versterken en leiders in deze sector wil scholen’. Diaz-Canel ageerde ook tegen media als het Cubaans-Amerikaanse tijdschrift/On Cuba, een kritisch medium dat positief staat tegenover de revolutie maar kritische kanttekeningen plaats bij bepaalde ontwikkelingen. ‘We zullen zulke platforms sluiten en wie daar een schandaal van maakt, moet dat vooral doen. Ze zullen zeggen dat wij censuur uitoefenen maar heel de wereld censureert’. On Cuba wordt geleid door Hugo Cancio, heeft een kantoor in de VS en correspondenten in Cuba. Volgens de opvolger van Raúl Castro staat On Cuba ‘zeer agressief tegenover de Revolutie.’ Volgens Canel verbergen de onafhankelijke en internationale media ‘hun ware bedoelingen’ achter het masker van ‘een kritische houding en de vrijheid van meningsuiting.’ (…) ‘Deze media betalen onze journalisten meer dan wij hen kunnen betalen en er is een groep jonge journalisten de voor deze verleiding valt.’

Kritiek en censuur
De Cubaanse grondwet (1976) staat enkel communicatiemedia toe die in handen van de staat zijn en functioneren op basis van de socialistische staat. In de afgelopen jaren zijn daar diverse onafhankelijke nieuwe media bijgekomen, vaak gemaakt door medewerkers die hun opleiding genoten in de scholen van de Cubaanse staat, maar met een kritische blik kijken naar het proces in de Cubaanse samenleving. De overheid beschouwt deze ontwikkeling als een bedreiging en dergelijke medewerkers worden geconfronteerd met censuur.

Ambassades
Díaz-Canel onderstreepte ook dat Cuba met de VS ‘ niets te onderhandelen’ heeft. ‘In ruil voor niets moeten zij de asymmetrie (tussen beide landen) oplossen als ze relaties willen en deze willen normaliseren. Wij hoeven in ruil daarvoor niets terug te doen.’ Vervolgens beschuldigde hij enkele Europese ambassades van ‘omvangrijke gezagsondermijnende activiteiten tegen Cuba’ en hij noemde met name Duitsland, Noorwegen, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en de VS. ‘Er is een golf van plannen met gezagsondermijnende inhoud, die elke dag wordt geanalyseerd. Daar is de zaak van het Pakker/ Paquete (semi-illegaal videopakket dat in heel Cuba wekelijks tienduizenden gebruikers heeft, redactie), de illegale wifi-netwerken, de kleine ondernemingen die de jaren vijftig aanprijzen….’, aldus Díaz-Canel, die verwees naar een bedrijf dat ‘de periode van Batista verheerlijkt’ met de marketing van foto’s en affiches uit de periode van Havana ten tijde van de Republiek.’ **

click-yoanisanchez

Yoani Sánchez

Loyale oppositie
Volgens Canel, ook lid van het Politburo, zijn er twee soorten oppositiebewegingen in Cuba, namelijk: ‘de contrarevolutie van de confrontatie waaronder hij de journaliste Yoani Sánchez, directeur van de website 14ymedio schaart, opposant Antonio G. Rodiles en de Damas de Blanco. Verder is er de loyale oppositie die projecten ontwikkelt om de groeiende politieke, wetgevende en economische problemen van het land op te lossen. Deze ‘loyale oppositie’ karakteriseerde hij als ‘personen die een betoog hebben en een sociaal –democratisch taalgebruik dat goed gestructureerd is en die ‘niet direct de confrontatie zoeken met de Cubaanse revolutie.’ Hij verwees o.a. naar de websites Cuba Posible en Cuba Emprende waarvan hij zei dat ‘de mensen deze ook niet beschouwen als een project tegen de revolutie’.

cuentapropista-gesloten-wegens-verbouwing

Voorlopig worden geen vergunningen meer voor kleine zelfstandige bedrijven verstrekt. ‘Gesloten vanwege werkzaamheden’

Kleine ondernemers
Vervolgens bekritiseerde de gedoodverfde opvolger van Raúl Castro ook de particuliere ondernemerssector waar de internationale media ‘zoveel ophef over maken’. (….) ’Vandaag houdt iedereen je voor dat de kleine ondernemer of cuentapropista (…) de succesvolle man in Cuba is,’ aldus een klagende Díaz Canel. ‘Het is de bedoeling het succes te bevorderen van de kleine en middelgrote ondernemers want zij willen de niet-statelijke sector veranderen in een sector van oppositie tegen de revolutie,’ merkte hij op. Deze maand kondigde de regering nieuwe regelingen voor de particuliere sector waarbij de uitgave van vergunningen voor particuliere restaurants en de verhuur van woningen aan toeristen tijdelijk werd opgeschort. De particuliere sector reageerde geërgerd op deze maatregel; de sector telt nu een half miljoen arbeiders.

chucho-del-chucho

Chucho del Chucho

Bron
* Diario de Cuba, Mario J. Pentón, 22 augustus 2017
Linken
* Kort Spaanstalig fragment van Diaz-Canel 1 minuut
*Diaz Canel moet maar directeur van de UCI worden’, (opleiding van computer- en internetdeskundigen in Havana waar o.a. de sociale media worden gedetecteerd). Collage (Spaanstalig) van Chucho del Chucho, 6 minuten.
* Opposant Antonio Rodiles reageert (Spaanstalig) op het ‘neo-castrisme’ van Diaz-Canel inclusief veel meer citaten van Canel. Een product van de oppositiebeweging Estado del Sats, 14 minuten.
** Op 21 juli 2017 publiceerde deze Cubaweblog een artikel getiteld ‘Havana, de hoofdstad van de nostalgie’. In deze tekst meldt de onafhankelijke journaliste Miriam Celaya de verkoop uit nostalgische motieven van oude ansichtkaarten van Cuba, zonder overigens maar eenmaal de naam van Batista te noemen.

Advertenties

Fidel Castro: over humor en vergetelheid

De man die tijdens zijn leven voorwerp was van duizenden grappen over zijn dood, speelt nu hij een half jaar dood is, in de Cubaanse volkshumor geen rol meer. Journalist en blogger Yoani Sánchez beschrijft deze teloorgang.

fidel-castro-oud2

Fidel Castro

Tientallen jaren zijn de Cubanen gebombardeerd met officiële propaganda waarin de vermeende genialiteit van Fidel Castro werd beschreven. In die lofzangen was hij niet alleen een vader, maar ook een strateeg, pedagoog, boer en veefokker en had hij een visionaire geest naast veel andere uitmuntende karakteristieken. Maar dat prototype van een patriarch, wetenschapper en Messias had ook zijn ‘kwetsbare kanten’. Met de tijd, begrepen velen dat de Máximo Líder niet zo overweldigend was als zij ons wilden laten geloven. Hij had ook kapitale tekortkomingen: een volledig ontbreken van zelfkritiek, nooit het debat willen voeren en ook kon hij niet omgaan met ironie of humor, de moeilijkste en optimale schaal van de menselijke intelligentie.

Mea culpa
Ondanks de slechte adviezen en besluiten die hij nam, stierf Castro zonder dat er een excuus over zijn lippen kwam in tegenstelling tot iemand die zegt: ‘Fouten maken is menselijk, ze corrigeren is wijsheid’. Mijn generatie wachtte tevergeefs op de excuses voor de deelname van scholieren aan de werkkampen op het platteland en andere pedagogische experimenten. Zoals we wachten op een mea culpa vanwege de slachtoffers van de Quinquenio Gris (de jaren van censuur, redactie), de stalinistische zuiveringen of de straf- en werkkampen als de UMAPS, Unidades de Ayuda a la Producción.

Goed geïnformeerd
Controverses rond de Comandante en Jefe kwamen niet voor. Hij meed heftige kritiek en bereidde zichzelf voor met geselecteerd cijfermateriaal en strooide dat vervolgens uit over de verbaasde buitenlandse journalisten en menigten op het Plein van de Revolutie. Hij hoorde hen graag zeggen: ‘Wat een goed geïnformeerde man!’ Hij was in werkelijkheid slechts een heerser die toegang had tot de informatie waarover zijn burgers niet konden beschikken.

Keizer zonder kleren
Castro verdronk in die urenlange toespraken, die de schijn hadden van een gezonde politieke discussie en een constructieve aanzet om het land te verbeteren. Wij moesten hem toejuichen of klappen maar nooit tegenspreken. Hij week nooit van de schijnwerpers, bang dat we ons zouden realiseren dat de keizer geen kleren droeg en de guerrillero niet het minste benul had waarover hij sprak. Alle keren wanneer de overleden leider zich bewoog op het terrein van de polemiek, liep dit slecht af. Als hij deze uitnemende sport gelijkend op de schermkunst, beoefende, werd hij in de eerste helft al uitgeschakeld. Zijn manier om met deze nederlagen om te gaan was de tegenstander te overweldigen met lange toespraken of zijn trouwe volgelingen oproepen de reputatie van zijn tegenstander te vernietigen. Hij was middelmatig als een gladiator van het woord.

fidel-en-el-inferno
Fidel in de hel, 3 minuten

Pepito
Grappen waren niet zijn sterkste kant. Hoewel Castro een hoofdrol speelde in grappen en grollen, gaf hij zelf nooit in zijn leven blijk van gevoel voor humor. In een land waar altijd wel een grap bij de hand is om het ijs te breken, was hij in het keurslijf van zijn militaire tenue en met zijn gezwollen taalgebruik een voortdurend doelwit van spotternij. Zijn dood heeft dat gebrek aan charmante scherts nog eens benadrukt. De man die tijdens zijn leven doelwit van duizenden grappen over zijn dood en zijn veronderstelde aankomst bij de hel was, speelt nu een half jaar na zijn dood zelfs in de volkse humor geen rol van betekenis meer. Zelfs Pepito, de eeuwige hoofdfiguur in onze grappen, noemt de overledene nergens. Het lot van iemand over wie men zich geen grap meer herinnert, is triest. Armzalig degene die nooit zei ‘ik heb me vergist’, die nooit het genot smaakte om met argumenten de strijd met een tegenstander te beslechten en die zelfs de smaak van de humor niet proefde.

Bron
* Yoani Sánchez, website Generación Y, 3 juli 2017

Cuba censureert ‘democratie’ en ‘hongerstaking’ in sms-berichten

Het Cubaanse Telecommunicatiebedrijf / Empresa de Telecomunicaciónes de Cuba S. A (Etecsa) censureert sms-berichten, aldus de kritische website 14ymedio. De werking van een filter werd bij toeval ontdekt toen gebruikers afgelopen weken merkten dat hen Sms-berichten in rekening werden gebracht die nooit de geadresseerden bereikten. Berichten met termen als derechos humanos/mensenrechten, huelga de hambre/hongerstaking, José Daniel Ferrer (naam van een bekende dissident) en de naam van een kritisch tijdschrift als Convivencia worden geblokkeerd.

A Cuban flag flies at the Palace of the Revolution in Havana

Cubaanse vlag op Plein van de Revolutie

De schrijvers van het artikel, Yoani Sánchez en Reinaldo Escobar, schrijven dat het filter niet alleen in Havana maar in alle delen van het land functioneert en dat niet alleen dissidenten maar ook personen die geen enkele binding hebben met de kritische beweging in Cuba, worden getroffen. Een Cubaan die vrienden of familie een feliz convivencia / een gelukkig samenzijn wenst, kan al getroffen worden door het filter. In het contract dat een gebruiker sluit met het bedrijf Cubacel (het mobiele net van Etecsa), wordt vastgelegd dat de dienstverlening wordt beëindigd wanneer er sprake is van ‘gebruik gericht tegen de moraal, de openbare orde, de staatsveiligheid of ter ondersteuning van strafbare activiteiten.’ Maar de klant is nooit gewaarschuwd dat zijn boodschappen gefilterd worden als hij verwijst naar opposanten of ongemakkelijke begrippen voor het officialisme als ‘mensenrechten’ of kritische blogs zoals Generación Y. De censuur wordt blijkbaar niet toegepast in Sms-berichten die naar het buitenland worden verzonden, misschien omdat deze aan de dure kant zijn, namelijk 1 CUC voor 160 karakters en men klachten van gebruikers wilde voorkomen. Sms’en die vanuit het buitenland naar Cuba worden verzonden, vallen wel onder de censuur.

Klacht
Arnulfo Marrero, tweede chef van de vestiging van Etecsa in straat 19 y B in de buurt Vedado, is verbaasd als hij vorige week in zijn kantoor wordt geconfronteerd met een klacht over de censuur. Hij reageert: ‘Wij hebben daar niets mee te maken, u moet zich wenden tot het Ministerie van Communicatie (Micom)’. Cuba heeft de VS er regelmatig van beschuldigd telecommunicatie te gebruiken om het bewind te ondermijnen en schildert bloggers als Yoani Sánchez af als ‘huurlingen die met Washington samenwerken’. Persbureau Reuters nam de proef op de som en verzond zonder succes boodschappen met de woorden  democratie, mensenrechten en Yoani Sánchez. Op de gebruikerstelefoon verscheen wel het woord verzonden. Boodschappen die het Spaanse woord voor protest bevatten, kwamen wel bij de ontvangers terecht.

mobiel-meisje

Cuba verwijst graag naar ‘de nieuwe Mens’ die de Cubaanse revolutie zou hebben voortgebracht maar die is blijkbaar niet bestand tegen termen als Damas de Blanco, dictadura, elecciones libres, 14ymedio, Yoani Sánchez, José Daniel Ferrer en Unpacu. Die woorden zijn verboden.

Vijf procent internet
Cuba stond de mobiele telefoon pas in 2008 toe en sinds vorig jaar is ontvangst per Wifi op diverse plekken mogelijk. Websites van dissidenten en publicaties waarvan men vermoedt dat deze gesteund worden door de VS worden geblokkeerd, maar kritische kranten als El Nuevo Herald en de Spaanse krant El Pais komen wel door. Ondanks pogingen van de Obama-administratie de banden te versterken tussen Amerikaanse en Cubaanse providers lijken de autoriteiten meer geïnteresseerd in samenwerking met Rusland op het gebied van cyberveiligheid en met China als het om nieuwe communicatietechnologie gaat. Deskundigen schatten dat 25 tot 30% van de 11,2 miljoen Cubanen op de een of andere manier, vooral via Wifi, toegang heeft tot internet. Vijf procent van de bevolking heeft internet thuis en daarvoor is toestemming van de autoriteiten nodig.

Bronnen
* Het volledige artikel (3 september 2016) van Yoani Sánchez en Reinaldo Escobar op de website 14ymedio
* AD, 6 september 2016: Cubaanse overheid leest alle sms’jes.

Journalist José Antonio Torres: ‘Enkel door internationale pressie kom ik vrij’

De Cubaanse journalist José Antonio Torres die in 2011 wegens spionage werd veroordeeld tot 14 jaar gevangenisstraf, staat vandaag centraal bij initiatieven vanwege de Internationale Dag van de Persvrijheid. In een telefonisch interview met de Cubaanse internetkrant 14ymedio sprak hij o.a. over de omstandigheden waaronder hij in Cuba al 5 jaar gevangen zit. Torres was ooit werkzaam als journalist bij de partijkrant Granma en zit nu gevangen in het Centro de Estudio y Trabajo Confianza, Mar Verde bij Santiago de Cuba.

Torres werd in 2011 gearresteerd nadat hij in Granma artikelen publiceerde over mismanagement bij de aanleg van een aquaduct in Santiago en corruptie bij de aanleg van een glasvezelkabelverbinding tussen Venezuela en Cuba. Vicepresident Ramiro Valdés was verantwoordelijk voor beide projecten.

Jose-Antonio-Torres-espionaje

José Antonio Torres

14ymedio: Wist u dat uw naam op een lijst staat van journalisten die slachtoffer zijn van aanvallen op de persvrijheid?
José Antonio Torres: ‘Ik wist het niet, maar nu hoor ik ervan. Ik wil iedereen bedanken die me heeft gesteund tijdens de periode in de gevangenis waar ik nu 5 jaar en 2 maanden verblijf. Mijn naam op die lijst is een bewijs dat als de Cubaanse pers, en vooral de kritische, al het mogelijke doet tegen deze onrechtvaardigheid, er een oplossing mogelijk is. Ik dank iedereen, als mens en als journalist want wat mij en mijn familie overkwam, is onmenselijk.’

Het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken noemt uw naam ook in teksten over de Internationale Dag van de Persvrijheid. Helpt dat u of is het een complicatie?
‘Gecompliceerder dan mijn huidige situatie kan het niet worden. As journalist van de belangrijkste krant van het land, wiens werk werd omgeschreven als ‘excellent’ en waarmee ik zelfs door president Raúl Castro ben gelukgewenst, is hetgeen me overkwam onbegrijpelijk. Afwijkende opvattingen hebben in dit land is erg moeilijk, maar er zou ruimte moeten zijn voor allerlei criteria. In Cuba moeten we onze verschillen van mening oplossen.’

panama-handdruk-tafeltje-castro11042015

Panama april 2015

Hebt u moeilijke momenten in de gevangenis gehad?
‘Ik zou niet gevangen moeten zitten met personen die niet te maken hebben met mijn gedrag, met kleptomanen, smokkelaars, moordenaars en geweldplegers. Ik zou nooit met deze mensen moeten samenleven, want ik heb niks gedaan. Sinds twee maanden leef ik onder een regime van minimale strengheid en na ongeveer 45 tot 60 dagen kan ik 72 uren naar huis. Dat is al sinds april vorig jaar toen de Top van de Amerikas in Panama plaatsvond en Obama Raúl Castro ontmoette.’

Verwacht u strafvermindering?
‘Een lichtere veroordeling lijkt mij moeilijk en ik denk niet dat ze dat zullen doen. Enkel door internationale druk kan ik vrij komen. Het is juist de officiële pers, mijn collega’s die hun mond hielden. Zij hebben de sleutel tegen de intolerantie.’

logo-persvrijheid3

Internationale Dag van de Persvrijheid

Blijft u bij uw opvatting onschuldig te zijn?
‘Absoluut. Hier wordt vaak gezegd dat er geen politieke gevangenen zijn. Maar als er geen politieke gevangenen zijn in Cuba, waarom zit ik dan gevangen?’

Blijft u schrijven?
‘Ik schreef een groot artikel onder de titel Het gewicht van de hoop / El peso de la Esperanza dat ik naar media in de VS zou willen sturen. Ik schreef meer artikelen in de cel over verschillende dingen zoals de toenadering tussen de VS en Cuba, vanuit de gedachtewereld van een opgesloten journalist.’

Voelt u zich nog trouw aan de Cubaanse regering?
‘Ik ben trouw aan mijn vaderland. Cubanen discussiëren in Miami, Washington, Madrid of Frankrijk omdat men hen niet toestaat de problemen die we hebben te discussiëren in Santiago, Santa Clara, Camagüey of Havana. De regering heb ik niks te zeggen. Er is een gezegde dat luidt: fatsoenlijke mensen hoeven een regering die hen negeert, niet te accepteren.’

Voor welke krant zou u willen werken?
(Gelach)’Misschien zou 14ymedio een goede plek zijn. In ieder geval is mij een straf opgelegd waarbij ik ook mijn bevoegdheid om in de officiele media te schrijven, verloren heb. Ik zou willen schrijven in de The New York Times, El Nuevo Herald of El País. Daar liggen mijn aspiraties.’

Zou u Cuba willen verlaten na vrijlating?
‘Hier speelt mijn leven zich af. Er is veel druk op mij uitgeoefend, maar ik zal al het mogelijke doen hier te blijven want juist binnen Cuba vindt de slag plaats.’

Linken
*
Deze Cubaweblog op 19 maart 2011: Correspondent Granma Antonio Torres aangehouden

* Website UNESCO over de Internationale Dag van de Persvrijheid
* Yoani Sánchez op 27 januari 2015 op de website 14ymedio:  El espía que nunca quiso serlo / De spion die hij nooit wilde zijn
* Wikipedia (Engels) over José Antonio Torres

Yoani Sánchez: bezoek Obama is meer symbolisch dan politiek

logo-obama-reis-cubaTer voorbereiding van het bezoek op 21 en 22 maart aanstaande van president Obama aan Cuba, treft u de komende dagen artikelen aan waarin dit historische bezoek aan het Caribisch eiland vanuit diverse gezichtspunten wordt belicht.

De eerste bijdrage is van de blogger en kritische internetjournalist Yoani Sánchez.

=========================================

el-diamante-Negro - March 19, 1887 -geboren - Jose Mendez

José de la Caridad Mendez, geboren in 1887, is een legendarisch speler uit het Cubaanse honkbal. Hij overleed op 31 oktober 1928 in Havana aan tbc. Hij had de bijnaam El Diamante Negro.

De laatste keer dat een Amerikaanse president Cuba bezocht, was het Capitool in Havana nog niet geopend, overleed de honkballer en werper El Diamante Negro (De zwarte diamant) en was mijn grootmoeder nog een klein meisje met verwarde haren en een doordringende blik. Er is niemand meer die zich deze gebeurtenissen herinnert en ons er in de ik-vorm over kan vertellen. Het bezoek van Barack Obama aan het eiland zal voor elke Cubaan een nieuwe ervaring zijn.

Reactie bevolking
Hoe zullen de mensen reageren? Met vreugde en opluchting. Hoewel er weinig is wat de president van een ander land kan doen om een land te veranderen waar wij burgers een dictatuur toestaan, zal zijn bezoek een sterke symbolische betekenis hebben. Niemand kan immers ontkennen dat de bewoner van het Witte Huis sympathieker en populairder onder Cubanen is dan de oude en niet-charismatische generaal die de macht via de bloedlijnen erfde.

Tegen het Imperium

imperialismo-no

Imperialisme NEE

Als het presidentiële vliegtuig op het eiland landt, wordt de taal van de barricaden – zo makkelijk aangeslagen gedurende meer dan een halve eeuw – een onomkeerbare stomp in het gezicht uitgedeeld. Het is niet hetzelfde wanneer we Raúl Castro en Barack Obama elkaar de hand zien schudden in Panama of deze ontmoeting meemaken op grondgebied waar het tot voor kort vol stond met officiële billboards tegen ‘het Imperium’ met spottende karikaturen van Uncle Sam. De pers van de Cubaanse Communistische Partij zal zich in allerlei bochten wringen om uit te leggen waarom er een officieel welkom plaatsvindt voor de Commander-and-Chief van de strijdkrachten van een ‘vijandelijk land.’ De meest recalcitrante militanten van de partij zullen zich verraden voelen en zij zullen blijven herhalen dat, achter een verscholen ideologie, enkel het vaste voornemen schuil gaat om de macht te behouden door middel van de typische strategieën van politieke kameleons.

Officiële toegefelijkheid
Op straat zullen de mensen deze onverwachte gebeurtenis met enthousiasme beleven. Voor zwarten en de gemengde bevolking zal de boodschap helder en direct zijn in een land waar een blanke gerontocratie de macht controleert. Wie een T-shirt of bord met het gezicht van Obama heeft zal deze dagen schitteren, profiterend van de officiële toegeeflijkheid. En Fidel Castro zal weer een beetje meer sterven in zijn bewaakte bungalow buiten Havana.

Bier uitverkocht
Cerveza-Presidente-Bier van het merk Presidente raakt uitverkocht in de cafés waar mensen luid roepen om ‘nog twee Obama’s’ en het lijdt geen twijfel dat de burgerlijke stand pas geboren Cubanen zal inschrijven met namens als Obamita de la Caridad Perez of Yurislandi Obama. Van Pepito, het kleine jochie uit de bekende mopppen, zal een serie nieuwe moppen opduiken en de souvenirverkopers op straat zullen voorwerpen verkopen met de naam van Barack Obama, door veel Cubanen ondertussen omgedoopt tot vamos en bamos (Wij gaan).

Verandering?
raul-castro-obama-twee-handenNaast de holle woorden over het enthousiasme, zal de leider van de VS Cuba niet veranderen en het is ook beter dat hij dat niet van plan is want de nationale onrechtvaardigheid is onze eigen verantwoordelijkheid. Het effect van deze reis zal echter lang aanhouden en hij zou van de gelegenheid gebruik moeten maken staande voor de microfoons, een luide en heldere boodschap over te brengen. Zijn woorden moeten gericht zijn op die jongeren die op ditzelfde moment in hun hoofden uit wanhoop al de vlotten klaarmaken waarop ze hun land ontvluchtten. Hij moet hen laten weten dat de materiële en de morele ellende die hen omringt, niet de verantwoordelijkheid van het Witte Huis is. De beste manier waarop Barack Obama een rol kan spelen in de geschiedenis van Cuba is wanneer hij duidelijk maakt dat de schuldigen van het drama dat wij beleven aan het Plein van de Revolutie in Havana wonen.

Bron
* Yoani Sánchez schreef deze column op 18 februari 2016 voor 14ymedio, de eerste kritische internetkrant in Cuba

Yoani Sánchez: Bonen, frijoles!!!!!

Klein en smaakvol. Zij lijken ons vanaf het bord aan te kijken en te lachen over de inspanningen die het ons kost, eraan te geraken. Zwarte bonen zijn niet alleen deel van onze traditionele keuken, zij vormen ook een effectieve graadmeter voor de kosten van levensonderhoud in Cuba. De prijsstijgingen waarmee deze lekkernij bonen het afgelopen jaar te maken kreeg, bewijzen hoe desastreus de economische politiek is, die door Raúl Castro wordt bepleit. 

bonen-zwarteToen de voormalige opperbevelhebber van het Cubaanse leger, in februari 2008 het presidentschap van het land overnam, gokten velen op het pragmatische karakter van de man. Zijn sympathisanten herinnerden ons onophoudelijk aan een van zijn uitspraken, waarin hij verzekerde: ‘Bonen zijn belangrijker dan kanonnen.’ Zij voorspelden dat onze nationale landbouw zou gaan functioneren zoals sommige boerderijen, geleid door het Ministerie van Defensie en het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT)*. Die hoop ging voorbij aan een uitspraak van José Martí, namelijk: ‘Een land wordt niet geleid zoals men een militair legerkamp commandeert.’ Het gedrag van soldaten in de loopgraven kan niet worden vergeleken met een dag in het leven van een boer.

Het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT) marcheert

29 november 2006: het EJT marcheert vanwege het 50-jarige bestaan van de strijdkrachten FAR en de 80ste verjaardag van Fidel Castro

Prijsstijgingen voedsel
De toespraken van Raúl Castro in de eerste jaren van zijn presidentschap tegen het oprukkende onkruid (marabu), schiepen verwachtingen, zoals zijn eerdere belofte op elke ontbijttafel van een Cubaan voor een glas melk te zorgen. De raulistas zagen in deze verklaringen een pleidooi voor groeiende productie van voedingsmiddelen en een stabilisering van de prijzen conform de werkelijkheid van de salarissen. Maar noch het een, noch het ander gebeurde. De consument heeft juist in de laatste maanden te maken met een aanzienlijke stijging van de prijzen voor landbouwproducten. Als het jaar startte met 12 tot 15 peso’s voor 1 pond zwarte bonen, eindigde het in december met een prijs tussen de 15 en 20 peso’s, het gemiddeld salaris van een dag. Het jaar 2015 eindigde zelfs met een torenhoge prijs van 30 peso’s voor een pond kikkererwten. Het gemiddelde salaris steeg slechts van 581 naar a 640 Cubaanse peso’s, ongeveer 25 dollar per maand. Het is een symbolische stijging van de koopkracht van de arbeiders die gelijk staat aan drie pond extra zwarte bonen per maand. De resultaten van Raúl Castro’s veel geprezen methoden verschillen niet veel van die van zijn broer Fidel Castro met zijn grootse landbouw- en veeteeltexperimenten.

markt-People shop at the El Egido food market in Havana, Cuba, in early December

Beeld van markt in Havana

Mislukking
Het leasen van land dat oorspronkelijk aan de staat toebehoorde, botste op de bureaucratie, de extreme controlemaatregelen en de slechte staat van het land dat aan de boeren  werd uitgereikt. El Trigal, de experimentele markt voor de groothandel, is verworden tot een opeenhoping van stalletjes, stinkende bananen en hoge prijzen. In werkelijkheid vind je gemakkelijker een appel die van duizenden kilometers ver komt dan een sinaasappel of chiromoya (Jamaica-appel) geplant in onze eigen velden. Volgend jaar zal het land voor 1,94 miljard dollar aan voedsel invoeren en niemand spreekt meer over de strijd tegen de woekerende marabu. ‘Ik moet mijn bonen verdienen,’ zegt een leraar ter rechtvaardiging van het feit dat hij na een werkdag zijn tijd besteedt aan het koken van varkensvlees met zwarte bonen en rijst (moros y cristianos) die hij illegaal verkoopt aan werknemers van een ziekenhuis. Ja, onze levens draaien, in voor- en tegenspoed, rond die heerlijke kleine bonen die we op ons bord wensen. Zij zijn, duur en lekker, de beste graadmeter van de algehele mislukking.

Bron
* Yoani Sánchez, 31 december 2015 op de website 14ymedio

Link
* De marabu rukt op. Ten strijde! Deze Cubaweblog op 3 november 2007.
* Het Ejército Juvenil del Trabajo (EJT) is een paramilitaire organisatie onder commando van het Ministerie van Defensie, opgericht op 3 augustus 1973.

Migratiecrisis: De schuldige heeft de oplossing in handen

De Cubaanse staatsmedia wijzen eensgezind naar de VS en de wet Ley de Ajuste als hoofdoorzaken voor de huidige uittocht van Cubanen via Midden-Amerika naar de VS. De nationale televisie noemt deze wet, die het Cubanen gemakkelijk maakt om in de VS asiel te krijgen,  la Ley asesina / De Moordwet. Maar er zijn ook andere geluiden. Pedro Campos, een onafhankelijk marxist, constateert dat men niet moet verzwijgen dat er achter de uittocht een veel groter probleem schuilgaat namelijk ‘de onvrede van honderdduizenden Cubanen met de economische en politieke situatie in het land, die onveranderd is door toedoen van een regering die al een halve eeuw aan de macht is, in naam van een socialisme dat nooit heeft bestaan’.

logo-joven-blogDe opmerkelijkste kritiek komt van Roberto Peralo van de website La Joven Cuba, een verzameling blogs trouw aan Castro en de revolutie, die concludeert dat deze Ley de Ajuste wetgeving wel moet verdwijnen, maar dat ‘dit niets zal veranderen aan het fenomeen dat Cubanen blijven vertrekken.’ Joven Cuba stelt dat ‘Cubanen die in een ander land willen wonen dit onafhankelijk doen van de vraag of de omstandigheden beter of slechter zijn.’ Peralo zegt zich te onthouden van een oordeel over de wet Ley de Ajuste want, concludeert hij, als deze wet verdwijnt zullen gevluchte Cubanen in de VS net zo rechteloos worden behandeld als andere illegalen en overgeleverd zijn aan ‘de meest wrede en harde omstandigheden van het kapitalisme.’

yoani-sanchez-inwerkkamerJournalist Yoani Sánchez wijst er in haar column op de website 14ymedio op dat president Raúl Castro de emigratiestroom kan stoppen want ‘de schuldige heeft de oplossing in handen.’. Haar volledige tekst volgt hierna.

migratie-los-cubanos-ingresaron-a-costa-rica-desde-el-sabado-14-de-noviembre-de-2015-por-la-frontera-con-panama

Cubanen na hun aankomst in Costa Rica

‘Wie er 15.000 dollar voor over heeft om een mensensmokkelaar te betalen ontvlucht de armoede niet’, waren de woorden van Oliver Zamora, een officiële spreekbuis van de Cubaanse tv, die afgelopen vrijdag de situatie van de meer dan 2.000 Cubanen die op de grens tussen Costa Rica en Nicaragua vastgelopen waren, becommentarieerde. Na dagenlang geen woord aan de situatie te hebben gewijd hebben de media van de partij nu het drama van deze landgenoten willen gebruiken als speerpunt tegen het Witte Huis. Een strategie die zo vaak wordt toegepast dat deze nauwelijks nog enig effect heeft. Nu willen ze ons ervan overtuigen dat de massale uittocht niet de verantwoordelijkheid is van het land dat achtergelaten werd, maar van het land dat bereikt wil worden. Het volstaat de duizenden Cubanen aan te halen die naar andere landen gingen waar geen wet van ‘droge voeten’ bestaat. Men dient zich er rekenschap van te geven dat de verantwoordelijkheid voor de exodus die we al een halve eeuw meemaken, de schuld is van een systeem dat er niet in is geslaagd zijn burgers materiële welvaart, persoonlijke verbetering noch vrijheid te bieden…. Laat staan een toekomst.

Pijnlijke antwoorden
Zamora doet het voorkomen dat hij niet weet dat de hoeveelheid geld die hij noemt, gelijkstaat aan het salaris van meer dan 60 jaar werk van een beroepsbeoefenaar die in Cuba 500 peso’s per maand verdient en voortkomt uit een wanhoopsdaad of het gevolg is van hulp van buitenaf. De meeste Cubanen die in toevluchtsoorden in Midden-Amerika zitten hebben hun hebben en houwen verkocht om zo’n gevaarlijke tocht te ondernemen, of zijn afhankelijk van geëmigreerde verwanten die de mensensmokkelaars betalen. Als ze over 15.000 dollar kunnen beschikken zou de vraag moeten zijn waarom ze die bij voorkeur willen besteden aan een gevaarlijke expeditie zonder de zekerheid aan de overzijde te geraken in plaats van iets in hun eigen land te beginnen of het geld daaraan te besteden. Het antwoord is pijnlijk en overduidelijk: omdat hier geen garanties bestaan, geen hoopvolle verwachting en omdat ze niet verwachten binnen hun levenstermijn beloften op verbetering waar te kunnen maken die net zo zijn als de horizon: iedere keer als we denken deze te kunnen aanraken, wijkt ze weer van ons af.

mariel-Embajada-Peru_CYMIMA20150403_0006_12

De uittocht van Mariel in 1980 Op 1 april 1980 ramde de chauffeur van een stadsbus het hek van de Peruaanse ambassade in Havana. De meeste inzittenden waren onwetend van de bedoeling van de chauffeur om asiel in Peru te willen vragen. De ambassade weigerde de chauffeur en de inzittenden tegen hun wens over te leveren aan de Cubaanse autoriteiten. Op 4 april besloot Fidel Castro de militairen bij de ambassade terug te trekken. De regering maakte bekend dat iedereen die het land wilde verlaten en over een visum voor een derde land beschikte, kon vertrekken. Binnen enkele uren trokken duizenden Cubanen naar het terrein van de Peruaanse ambassade. Binnen drie dagen bevonden zich 10.000 Cubanen op het terrein. Peru bood 850 van hen asiel. In de weken die volgden verlieten nog eens 100.000 Cubanen via de haven van Mariel hun land. Dat waren er veel meer dan tijdens de uittocht van Camariocas in 1965 toen meer dan 30.000 Cubanen het eiland verlieten. Op de foto een demonstratiebord van Cubanen op het Peruaanse ambassadeterrein met de tekst: ‘Wij willen geen water of voedsel, we willen weg.’

Blijven proberen
Het probleem dat is ontstaan groeit, want de sluiting van de grenzen door Nicaragua voor de doortocht van de Cubanen, ontmoedigt de achterblijvers op het eiland niet het toch te proberen. De vluchten naar Ecuador blijven Cubanen overvliegen die, in plaats van zich gefrustreerd te voelen door de gerezen moeilijkheden, in de gaten krijgen dat bij het zichtbaar worden van hun probleem ze meer beschermd zouden kunnen worden en dat ze een corridor kunnen afdwingen die hen toegang tot het Noorden garandeert. Het effect lijkt zich te herhalen dat 10.000 mensen bewoog om in 1980 de ambassade van Peru te bezetten en iets later meer dan 100.000 die via de haven van Mariel vertrokken, dezelfde migratiekoorts die 35.000 Cubanen aanzette tot de ‘crisis de balseros’ of vlottencrisis van 1994. Een natie op drift, waarvan de kinderen cyclisch de route vinden om hun geboorteland achter zich te laten.

migratie-Cubanos-esperando-en-Costa-Rica

Wachtende Cubanen in Costa Rica

Hervorming
Het is nogal opvallend dat deze situatie zich voordoet als de hervormingen van Raúl Castro hun limiet lijken te hebben bereikt en hun ondoeltreffendheid hebben aangetoond omdat zichtbare resultaten in het dagelijks leven uitblijven. Zelfs het herstel van de betrekkingen tussen Cuba en de Verenigde Staten lukt het niet de desillusie en groeiende wanhoop onder de jongeren te verzachten. De niet- openlijke, maar latente dreiging, dat de Ley de Ajuste zal worden opgeheven heeft de beslissing van degene die het land wil verlaten alleen maar versneld, maar geeft niet de doorslag om het eigen leven en dat van de kleine kinderen in gevaar te brengen bij een overtocht vol gevaren. Een korte verklaring van Raúl Castro voor de camera`s van de nationale televisie, waarin hij vertelt wat wij, miljoenen Cubanen, al tientallen jaren verwachten zou voldoende zijn om deze emigratiestroom te doen stoppen en zelfs te doen keren. Het niet uitspreken van dat slotbetoog met zelfkritiek dat de weg opent naar een ander bestuur maakt hem schuldig aan alles wat er plaatsvindt.

Link
* De tekst van Roberto Peralo op de website Joven Cuba. Ruim 60 reacties staan er onder zijn bijdrage. Veel bezoekers stemmen in met zijn artikel en met de conclusie dat met of zonder Wet Ley de Ajuste, Cubanen mogelijkheden blijven zoeken te vertrekken.