Geroofde wereldatlas terug in Cuba

Een zeldzaam exemplaar van een moderne atlas, die tussen 1991 en 1993 uit de Nationale Bibliotheek van het eiland verdween, is weer terug in Cuba. Van deze  atlas bestaan slechts drie kopieën op de wereld. Het Theatrum Orbis Terrarum van Abraham Ortelius werd in 1570 in Antwerpen uitgegeven. De huidige eigenaar, het Boston Athenaeum in de VS vond het een ‘een zaak van ethiek’ de wereldatlas terug te geven.

atlas-Cuba-recupera-ejemplar-historia-06042017

De directeur van de Nationale Bibliotheek van Cuba, Eduardo Torres Cuevas, neemt de atlas in ontvangst. Hij spreekt van ‘een ethisch en eervol gebaar.’ Na terugkeer in Havana sprak hij met de pers; de buitenlandse media waren voor deze persconferentie niet uitgenodigd.

Torres Cuevas zei dat het boek na de diefstal in Florida opdook en verkocht werd aan de antiquair David L. O’Neill in Boston. Tevergeefs is geprobeerd de eigendomszegels van de Nationale Bibliotheek van Cuba te verwijderen. Boston Athenaeum betaalde in 1999 een flinke prijs voor het exemplaar en daar ontdekte men ook wie de werkelijke eigenaren waren, namelijk de Bibliotheek José Martí in Havana. Het proces van teruggave duurde lang ondermeer omdat de Cubaanse bibliotheek de vermissing niet officieel bekend had gemaakt.

Speciale Periode
Hoe een zo’n waardevol voorwerp uit het Cubaans erfgoed, het land kon verlaten wijt de historicus Cuevas aan de Speciale Periode (1989-1994) toen Cuba een economische en politieke crisis doormaakte en ‘kunstdieven enkele instituten van ons land onveilig maakten,’ aldus Cuevas.

atlas-Cuba-in-de-atlas-06042017

De atlas Theatrum Orbis Terrarum wordt beschouwd als de eerste moderne atlas van de wereld, gepubliceerd in 1570 door de Vlaamse geleerde Abraham Ortelius (1527-1598) uit Antwerpen. De atlas kwam tijdens de Tweede Wereldoorlog in handen van een Cubaanse verzamelaar, die deze na zijn dood aan de Nationale Bibliotheek van Cuba schonk.

Hij zei verder dat de Cubaanse bibliotheek in deze periode ander werk had verloren (waaronder 6 miljoen boeken), maar verzekerde ‘dat alles dat in die periode verloren ging, terugkomt.’ In 2014 werd bekend dat een groot aantal kunstwerken uit het Nationale Museum voor Schone Kunsten uit Havana was gestolen, voornamelijk werk van Cubaanse kunstenaar; de Cubaanse autoriteiten publiceerden daar een overzicht van om illegale verkoop buiten Cuba te voorkomen.

Bron
* Persbureau EFE
* De Cubaanse website Cubadebate en de persconferentie van Cuevas

Nieuwe poging Cubaanse Kunstacademie te redden (2)

kunst-isa-ballet-school-design-toekomst

Zo zou het balletgedeelte van het Instituut voor Schone Kunsten er uit moeten zien.

Revolutionaire schoonheid
Hoewel de vijf uit baksteen opgetrokken scholen in Cuba zelf werden genegeerd, trokken zij internationale aandacht toen Loomis in 1999 zijn boek A Revolution of Forms publiceerde en een breed publiek kennismaakte met deze bijzondere vorm van architectuur. ‘Ze zijn anders dan alles wat je ooit hebt gezien … zowel kinetisch, als organisch een driedimensionaal complex,’ zegt Loomis. ‘Je weet niet waar je naar toeloopt en je kunt je ook niet omdraaien en omkijken om te zien waar je bent. Je bent altijd onderweg,’ zei hij. Plaatsing op de lijst van 2000 Wereldmonumenten betekende opnieuw aandacht voor de school en daardoor werd ook de aandacht van Castro weer getrokken naar de vergeten schoolgebouwen. Hij beval een complete renovatie en tussen 2007 en 2009 werden de gebouwen voor de dans- en de beeldende kunst gerestaureerd en de drie nog niet gereed zijnde gebouwen gestabiliseerd. Er kwamen weer studenten naar de twee gerenoveerde gebouwen maar verdere restauratie werd gestaakt vanwege de economische crisis. De andere andere gebouwen lagen er opnieuw verlaten bij.

Carlos-Acosta-in-Cuba-001

Carlos Acosta

Een laatste kans
Inspanningen om de restauratiewerkzaamheden te hervatten hebben sindsdien weinig succes gehad ondanks het feit dat de Cubaanse regering het gebouwencomplex uitriep tot een Nationaal Monument en het monument gekandideerd werd voor plaatsing op de werelderfgoedlijst van de UNESCO. De discussie die in 2012 ontstond nadat de balletdanser Acosta had aangeboden een danscentrum op te zetten in de balletschool, is tekenend voor de  problemen waarmee het herstel te maken heeft. Sectoren in de regering beschuldigden hem de scholen te privatiseren en de architect Garatti (zie linken) werd woedend bij de gedachte dat andere architecten erbij betrokken zouden worden.  Volgens Barbacci en Loomis is  de situatie nu verbeterd en is ook de Cubaanse regering ontvankelijker voor herstelplannen als de school internationaal een rol kan spelen en een duurzame financiële basis in de toekomst is gegarandeerd. De twist met Acosta schijnt tot het verleden te behoren.

kunst-isa-beeld-vanuit-de-lucht

Het ISA-complex vanuit de lucht

Samenwerkingsproject
De Cubaanse regering richtte begin 2015 een commissie op – met o.a. overheidsvertegenwoordigers, Loomis, Barbacci, UNESCO, de Italiaanse ambassadeur in Havana en Acosta – die in samenwerking met het Ministerie van Cultuur de restauratie moet begeleiden en plannen moet ontwikkelen voor een financieel zekere toekomst van de gebouwen. ‘Het zou prachtig zijn als de scholen uiteindelijk voldoen aan de oorspronkelijke visie van Fidel en Che, dat ze internationaal een rol kunnen spelen en dat studenten op basis van een businessplan financieel gesteund kunnen worden,’ aldus architect en auteur John Loomis. In 1961 had Fidel immers al beloofd dat ‘Cuba er zeker van kon zijn de mooiste kunstacademie ter wereld te zullen hebben.’ Maar het World Monument Fund heeft voor 2016 opnieuw besloten het complex toe te voegen aan de lijst van 2016 met bedreigd erfgoed en Barbacci zegt dat voor de schoolgebouwen voor ballet en muziek de tijd dringt want deze gebouwen staan op instorten. ‘Elk jaar opnieuw wordt de plek steeds minder architectuur en meer een romantische ruïne tot het moment dat er niets te bewaren valt,’ zegt ze.

kunst-isa-cover-boek-john-loomis

Het invloedrijke boek van John Loomis over de kunstopleidingen in Cuba

Bronnen
* Boek: A Revolution of of Forms; Cuba’s forgotten Arts Schools John Loomis
* Alma Guillermo Prieto publiceerde in 2004 Dancing with Cuba.
Linken
* New York Times 29 december 2014: Bij de dood van Ricardo Porro, 29 december 2014
* La Habana : Roberto Gottardi’s Paradise Lost at ISA
* Website Cubaencuentro, 4 november 2012: over de reddingspoging van de Cubaanse danser Carlos Acosta
* Carlos Acosta richt er de Carlos Acosta Foundation voor op
* De boze reactie van architect Garatti, Diario de Cuba, 3 juli 2012: ‘Ik moet de Balletschool herbouwen.’
* Eén van de architecten,
Vitorrio Garatti moest in 1974 Cuba verlaten op beschuldiging van spionage. In maart 2014 mocht hij het land weer bezoeken en werd hij door de officiële media welkom geheten zoals website Cubadebate, 10 maart 2014
*
Youtube 2 minuten. Over de totstandkoming van de gebouwen van de kunstopleiding met o.a. de architect Garatti.

Nieuwe poging Cubaanse Kunstacademie te redden (1)

Op initiatief van Fidel Castro en Che Guevara werd in 1961 besloten aan de westrand van Havana op het terrein van de voormalige Country Club de Nationale Hogeschool voor de Kunsten / Instituto Superior de Arte (ISA) te bouwen om kansarmen in Cuba een kunstzinnige vorming te bieden. Fidel schakelde Roberto Gottardi en Vittorio Garatti in, twee Italiaanse architecten  en  de recent overleden Cubaans Ricardo Porro om een serie gebouwen te ontwerpen voor de diverse kunstvormen. Nu 50 jaar later dreigen enkele gebouwen, toonbeelden van revolutionaire architectuur, door verwaarlozing te bezwijken. De UNESCO, de Cubaanse autoriteiten, balletvirtuoos Carlos Acosta  en Italië lijken nu toch eensgezind om dat rampscenario te voorkomen. 

isa-instituto-superior-de-aate-isa

Instituto Superior de Arte, het deel dat hersteld is

‘De gebouwen zijn karakteristieke monumenten van het modernisme en de meest opmerkelijke voorbeelden van nieuwe architectuur die de Cubaanse revolutie voortbracht,’ zegt Norma Barbacci, architecte van het World Monuments Fund, dat betrokken is bij inspanningen de gebouwen te behouden. Er werden in het verleden eerder pogingen ondernomen door de Cubaanse autoriteiten en externe partijen om de slangachtige constructies van baksteen met koepels van terracotta te behouden maar tot nu toe tevergeefs. De Cubaanse balletdanser Carlos Acosta slaagde daar tot nu toe ook niet in. De tijd dringt. Het complex staat genoemd op de World Monuments Watchlist van 2016 met 50 andere gebouwen ter wereld die dreigen ten onder te gaan: twee van de vijf gebouwen van ISA dreigen in te storten. Externe partijen, waaronder de Italiaanse regering, hopen dat de Cubaanse autoriteiten er eindelijk in slagen een duurzame manier te vinden om dit historisch erfgoed te bewaren.

isa-balletschool-in-aanbouw-victor-garatti

De balletafdeling van ISA in opbouw

De Havana Country Club was een exclusieve golfclub die Fidel Castro en Che Guevara in 1961 bezochten, toen ze na afloop van een partijtje aan de bar zaten en mojito’s dronken. Volgens de auteur Loomis, die een boek schreef over de geschiedenis van het complex , waren ze betoverd door de schoonheid ervan en zo ontstond het idee dat er een kunstacademie moest komen. Vervolgens gaf Fidel Castro in 1961 drie architecten – de Cubaan Ricardo Porro en de Italianen Vittorio Garatti en Roberto Gottardi – de opdracht een Nationale Hogeschool voor de Kunsten te bouwen om Cubanen te onderwijzen in ballet, moderne dans, kunst, muziek en drama. Loomis: ‘De architecten waren allemaal erg jong, ze waren erg idealistisch, zeer communistisch, ze voelden zich betrokken bij de bouw van een nieuw Utopia en meenden dat de toekomst aan hen was.’

kunst-isa-classics-the-national-art-schools-of-cuba-ricardo-porro-vittorio-garatti-robert-gattardi-muziekschool

De vervallen muziekafdeling van het ISA

Bourgeoisinvloeden
De bouwwerkzaamheden begonnen onmiddellijk. Porro ontwierp de scholen voor architectuur en moderne dans, Garatti die voor ballet** en muziek en Gottardi het gebouw voor dramatische vorming. De bouw begon vlak voor de inval van de Varkensbaai (1961) maar werd voor de rakettencrisis stopgezet. Aanvankelijk kon de bouw rekenen op de steun van Fidel Castro. Maar de nauwere banden van Cuba met de Sovjet-Unie leidden tot een voorkeur voor de standaard architectuur uit de Sovjet-Unie en de drie architecten werden beschuldigd ‘egocentrische en culturele bourgeoisaristocraten’ te zijn. De kritiek op het elitaire en extravagante karakter van het gebouw kwam o.a. van de Minister van Bouw, de 26-jarige Osmany Cienfuegos, ex-guerrilla leider en in tegenstelling tot zijn broer Camilo Cienfuegos, een stalinist in zijn opvattingen.

golffidelraul-2

Fidel (rechts) en Che op de Country Club (1962)

Hij saboteerde de aanvoer van materialen en arbeidskrachten en de financiering van het project werd gedeeltelijk gestaakt. De ‘decadentie’ bij de bouw van de kunstacademie  stoorde de gestaalde kaders en bovendien hadden de architecten verkondigd sensualiteit (vanuit de lucht leken de daken van de gebouwen op vrouwenborsten) en Cubanidad na te streven bij hun creatie. Dat laatste betekende o.a. dat gebruik werd gemaakt van Afro-Cubaanse elementen waar op dat moment een taboe op berustte in Cuba. Dergelijke concepten in Cuba werden verfoeid want de revolutie was immers proletarisch, internationalistisch en tegenstander van welke vorm van decadentie dan ook. In 1965 stopte de regering alle werkzaamheden, verklaarde de school voor geopend hoewel enkel de gebouwen van Porro voor dans en architectuur klaar waren en vielen de andere drie gebouwen ten prooi aan de elementen en verwaarlozing. Porro werd bedreigd en was in zijn eigen woning niet veilig; in 1966 ging hij in Parijs in ballingschap. Garatti verliet het land het land in 1974 nadat hij was gearresteerd, beschuldigd van spionage en enkel Gottardi bleef op het eiland. ‘Het was een harde tijd voor de architecten en erg wreed, ‘ aldus Loomis.

Linken
* De Engelstalige Wikipedea met een uitvoerige geschiedenis van ISA
* Reportage van CNN (1 minuut) over de stand van de gebouwen nu: The final fight to save Cuba’s art schools, 2 juni 2016 
* World Monuments Watchlist 2016
Noten
** Vittorio Garatti werkte met de Koningin van het Cubaans ballet, Alicia Alonso samen bij het ontwerp voor de balletschool en dit gebouw werd ook afgemaakt. Maar de eerste dag dat Alicia Alonso de school bezocht voor haar eerste lessen, zei ze: ‘Ik vind het niet goed’ en zij wandelde weg om nooit meer naar de plek terug te keren. Aanvankelijk was het de bedoeling geweest één groot gebouw neer te zetten voor diverse disciplines. Later ontstond het idee om 5 scholen te bouwen; voor beeldende kunsten ( architect Ricardo Porro), moderne dans (Ricardo Porro), ballet (Vittorio Garatti), muziek (Vittorio Garatti) en dramatische vorming ( Roberto Gottardi). 

Amir Valle, de ‘rotte appel’ die verwijderd moest worden

De website The Real Cuba sprak in 2016 uitvoerig met Valle o.a. over de journalistiek in Cuba, de censuur, zijn verbanning en de hereniging van hem en zijn gezin in Duitsland.

 

amir-valle-5

Amir Valle

Hoe was het om op te groeien in het Cuba van de jaren zeventig?
Valle: ‘Veel mensen zagen Cuba als een baken voor de vrijheid en hoop in een tijd dat de wereld leek in te storten. Vooral onder jonge mensen bestond dit ideaal. De propaganda van de revolutie leerde ons dat wij een nieuw type mens zouden worden. Fidel Castro en Che Guevara spraken over de Nieuwe Mens. Ik zag de donkere zijden van de revolutie ook niet omdat mijn ouders de idealen van de revolutie aanhingen. Mijn vader is nog steeds trots op het feit dat hij de zaak van de revolutie diende. Maar hij zei dat hij had gestreden voor de mogelijkheid te doen waarin ik geloofde, ook als het met zijn eigen opvattingen botste. Die woorden betekenden veel voor mij. Mijn proces van ontgoocheling met de revolutie begon toen ik journalistiek begon te studeren. Ik merkte dat er grenzen waren die ik gedwongen moest volgen en dat er onderwerpen waren waar ik als journalist niet over mocht schrijven. Dat opende mijn ogen.’

cover-amir-valle-censorship-in-cuba

Gagged Words / Palabras Amordazadas is de titel van een boek van de vooraanstaande Cubaanse schrijver Amir Valle (1967) de historie van de Cubaanse censuur en aandacht voor de subtielere censuur van nu. De Eva Tas Foundation biedt het boekwerkje (130 pgs) kosteloos aan voor de bezoekers van deze Cubaweblog. Stuur een mail naar glasnostincuba@upcmail.nl en vergeet niet uw naam en adres in te vullen. Laat ook weten of u een exemplaar van de Spaanse of Engelstalige boek wilt ontvangen.

Wat voor druk wordt er op Cubaanse journalisten uitgeoefend?
Valle: ‘Het eerste dat je wordt verteld als je journalistiek studeert, is dat je een ideologische soldaat van de revolutie bent. Als je je diploma hebt behaald word je bij diverse media geplaatst die elk hun eigen ‘niet te verbreken richtlijnen’ heeft. Deze richtlijnen bepalen wat wel of niet gezegd kan worden, wie je mag interviewen en welke onderwerpen belangrijk zijn om te behandelen. De richtlijnen worden gedicteerd door het Departement voor de Ideologie, onderdeel van het Centraal Comité van de Cubaanse Communistische Partij. Een goede journalist zoekt naar wegen om de werkelijkheid te beschrijven maar vaak willen journalisten geen risico lopen en bedrijven oppervlakkige journalistiek. Ik heb bekwame vrienden die besloten daarom hun beroep op te geven en nu werken zij als taxichauffeurs omdat zij zich niet wilden onderwerpen.’

U werkte mee aan het script van Estela Bravo die in 2001 de documentaire maakte Fidel, het niet vertelde verhaal. Wat leerde die ervaring u?
Valle: ‘Dat was een kantelmoment voor mij. Bij de productie ervan had ik toegang tot heel veel foto – en filmmateriaal van Fidel Castro, dat ik nog nooit had gezien. De stijl van leven waarmee ik door die privébeelden werd geconfronteerd, leek op niets op de wijze waarop de rest van de bevolking leefde. De mate van luxe schokte mij. Foto’s van hem en zijn gezin deden me eerder denken aan een Arabische sjeik en een oliemiljonair dan aan een revolutionaire leider, die het volk iedere dag om nog meer offers vraagt. Lange tijd dacht ik – zoals veel Cubanen – , als Fidel nou maar zou weten wat er allemaal op het eiland fout ging, dat dan deze kwalijke kant van de revolutie zou verdwijnen. Ik dacht dat het probleem bij personen van het middenkader van de partij lag die hun werk niet goed uitvoerden. Maar bij het maken van deze documentaire ontdekte ik dat Fidel al lang op de hoogte was en dat hij evenzeer verantwoordelijk was voor de ineenstorting van het systeem’.

cover-havana-babilonia-francia-amir-valleUw onderzoeksroman Habana Babilonia is een bestseller op de zwarte markt in Cuba. Waarom schreef u het?
Valle: ‘Dat was een van de momenten waar ik erg trots op ben omdat ik met dat boek bekend werd bij alle Cubanen en niet langer alleen bij de culturele elite. Het boek kostte me vijf jaar onderzoek in de wereld van de prostitutie. Ik leverde de tekst in voor de Latijns-Amerikaanse Literatuurprijs van de Casa de las Américas en toen die voorbij was ging ik mijn exemplaren bij deze uitgeverij ophalen. Maar er ontbrak een exemplaar. Later verscheen de tekst van het boek op het Cubaanse intranet en werd er een succes. Ook mijn contactinformatie werd gepubliceerd en ik werd overstelpt door mails, brieven en telefoontjes van mensen die mijn boek clandestien lazen. De populariteit van het boek nam nog toe toen Fidel Castro de inhoud kritiseerde en zei dat het boek een niet-bestaande werkelijkheid in Cuba beschreef.’

U werd niet het land uitgegooid, maar kreeg een verbod om na een reis door Europa, weer terug te keren naar Cuba.
Valle: ‘Ik zeg altijd niet verbannen te zijn, maar ik kreeg een verbod het land binnen te komen. Ik ontdekte via vrienden van mij op het eiland dat de toenmalige Minister van Culuur, Abel Prieto, nu een adviseur van Raúl Castro, mij ‘een rotte appel’ noemde en dat rotte appels verwijderd moesten worden voor zij de rest aanstaken. Omdat ik inmiddels in Cuba bekendheid genoot, zou een arrestatie tot een schandaal hebben geleid. Dus gaven ze mij in oktober 2005 toestemming om mijn laatste boek in Spanje te presenteren. Toen ik terug wilde vliegen, werd mij verteld dat ik dat recht had verloren. Ik heb een jaar lang geprobeerd mijn recht op terugkeer terug te krijgen, met steun van journalisten en allerlei media zoals de BBC en het Spaanse persbureau EFE. Toen dat niet lukte, vroeg ik de Cubaanse regering mijn kinderen toestemming te geven het land te verlaten. Het antwoord was negatief. Ik besloot de hulp in te roepen van bekende journalisten en schrijvers die de revolutie steunden, maar ook mijn vriend waren, zoals Gabriel García Márquez en José Saramago. Ik legde hen de toestand ooit en zei hen dat ik een internationaal schandaal zou veroorzaken onder intellectuelen als ik mijn kinderen niet terugkreeg. Dank zij de directe druk van Gabriel Garcia Márquez kwam mijn zoon Cuba uit.

amir-valle-left to the right-writers Jorge Félix Rodríguez, Ladislao Aguado and Amir Valle with his wife Berta. On the day when the Magazine OtroLunes was created

Amir Valle en zijn vrouw (rechts) zijn o.a. werkzaam voor de website Revista Hispanoamericana de Cultura  Links de Cubaanse auteurs Jorge Félix Rodríguez en Ladislao Aguado

Gaat u terug naar Cuba?
Valle: ‘Vijf jaar na mijn verbanning, stuurde de regering een vriend op mij af die bij een ambassade van Cuba in Europa werkte. Hij zei dat als ik voortaan zou zwijgen en niet langer kritiek zou uiten over het leven in Cuba en de regering, zij de mogelijkheid zouden overwegen van mijn terugkeer naar het eiland. Ik had ondertussen mijn twee kinderen bij me en mijn gezin had zich gehuisvest in Duitsland. Ik liet hen weten te oud te zijn voor dergelijke deals en dat ik zou terugkeren als ik net als  burgers van andere landen, een ticket zou kunnen kopen en het land in- en uit zou kunnen gaan zonder problemen.’
Bron
* The Real Cuba, 2 februari 2016

Noot

film-the-untold-story-estela-bravo

Fidel Castro, the untold story

* Regisseur Estela Bravo maakte in 2001 een documentaire toen Fidel Castro 40 jaar aan de macht was, getiteld Fidel, the Untold Story. Fidel komt in beeld zwemmend met zijn bodyguard, bij een bezoek aan een kinderopvang, lachend met Nelson Mandela, in gesprek met de voormalige bootvluchteling Elián González en terwijl hij zijn verjaardag viert met de Buena Vista Social Club.  Aan het woord komen de voormalige CIA-agent Phillip Agee, de bokser Muhammad Ali, de vrijheidsstrijder Angela Davis, Elián González, Nelson Mandela en de Colombiaanse schrijver Gabriel García Márquez. Fidel, the untold story 1 uur 30 minuten
Linken
* Website Amir Valle
* Website Otro Lunes

Tegendraadse geluiden in hedendaagse Cubaanse literatuur

Cuba is geen communistisch openluchtmuseum, vindt Nanne Timmer. Ze stelde een bundel samen met werk van tegendraadse en humoristische auteurs, getiteld Twaalf verhalen en een revolutie. La Isla de Cuba. Zondagmiddag geeft Nanne Timmer een lezing in Boekhandel Van Stockum in Leiden. Het Leids Universitair Weekblad Mare interviewde Timmer.

fidel-castro-bebaarde-kinderen-new york-1968

Fidel Castro ontmoette in 1968 in New York een groep bebaarde kinderen

‘De Amerikaanse dichter Allen Ginsberg werd in 1965 Cuba nog uitgezet, toen hij Che Guevara een lekkere vent noemde en informeerde naar de geaardheid van Raúl Castro’, vertelt Nanne Timmer, universitair docent Latijns-Amerikaanse literatuur. Ze verzamelde twaalf korte verhalen van jonge Cubaanse schrijvers voor de bundel Twaalf verhalen en een Revolutie. La Isla de Cuba.

Verandering
‘Aan het verhaal van Pedro de Jesús, Het portret, zie je duidelijk hoe de maatschappij sindsdien veranderd is. De auteur speelt met Ginsbergs teksten. Zulke expliciete homoseksualiteit en erotiek, gevat in taalgebruik dat ook in het Nederlands choquerend is, dat kon eerder echt niet. In de pers en in boeken over politiek gaat het steeds over het einde: als je nog naar Cuba wilt, moet je nú gaan. Alsof het nog een communistisch openluchtmuseum is. Deze verhalen laten juist een heel tegenstrijdig en divers Cuba zien, dat echt al wel in beweging is, vooral op literair en cultureel gebied.’

Onafhankelijke cultuur
Dat verhaal van Pedro de Jesús is zelfs bij een staatsuitgeverij verschenen. ‘In de bundel staan ook enkele verhalen die eerder alleen online te lezen waren. Het is echter moeilijk om in Cuba iets te doen, onafhankelijk van culturele instellingen. Belangrijker nog dan wát je zegt, is de vraag: bij wie hoor je? Schrijvers zijn aangesloten bij de nationale schrijversbond, journalisten bij de journalistenbond, enzovoorts. Dat alles zo is onderverdeeld, brengt bepaalde beleidskeuzes met zich mee. Sommige schrijvers hebben toch zelf onafhankelijke online tijdschriften opgericht.’

blogger-lizabel-monica

Schrijver en blogger Lizabel Mónica o.a. van de weblog Cuba Fake News. Deze weblog brengt ‘apocrief nieuws’ over Cuba en plaatst ook teksten van andere auteurs.

Kleine publicaties
Als je iets kritisch wil zeggen, biedt fictie natuurlijk veel mogelijkheden. ‘Vaak met humor. In het verhaal 9 en de Franse Revolutie speelt auteur Lizabel Mónica een allegorisch spel met de Cubaanse Revolutie. In plaats van bijeenkomsten met Kameraden, staan bijeenkonten centraal. Iets lichamelijks wordt zó uitvergroot, tot het net zo heroïsch en zinvol is als de Nationale Geschiedenis en de Revolutie.’

Lastig genre
Voor de vertalingen werkte Timmer samen met een aantal oud-studenten van Latijns-Amerikastudies aan de Universiteit Leiden. ‘Sommigen hebben al een carrière als gerenommeerd vertaler, anderen zijn net een paar jaar afgestudeerd. We kwamen samen om de verhalen te bespreken. Uitgeverij Marmer bleek gelukkig heel geïnteresseerd. Best bijzonder: verhalenbundels zijn al een lastig genre, en deze verhalen spelen zich af in een heel andere context. Bovendien zijn wij erg gewend aan realistische boeken en bestsellers. In Cuba is er juist ruimte voor kleinere publicaties, met meer experimentele teksten, die zich misschien niet staande zouden houden in een marktmaatschappij.’

Ironie
Wat de Cubaanse verhalen gemeen hebben, is ironie. ‘Een knipoog naar het Cubaanse verhaal van de revolutie, gecombineerd met de alledaagse werkelijkheid. Vooral de verhalen van de jongere auteurs komt veel absurditeit voor. Het verhaal ‘Vijftienduizend blikjes tonijn en niks om ze mee te openen’, van Jorge Enrique Lage, gaat bijvoorbeeld over een man die met zijn manuscript bij een uitgever aanklopt, die allang niets meer uitgeeft. In plaats daarvan heeft die zich toegelegd op smokkel van onderdelen. Onderdelen waarmee je van álles kunt maken, van een mitrailleur tot een chocoladereep.’

cover-la-isla-de-cubaBron
* De Mare, Leids Universitair Weekblad. De auteur is Marleen van Wesel

Noot
* Twaalf verhalen en een revolutie. La Isla de Cuba, samengesteld door Nanne Timmer, Uitgeverij Marmer, 208 pgs. €17,95.
*A anstaande zondag 9 april, 14.30 uur geeft de auteur een lezing in Boekhandel van Stockum in Leiden, de toegang is vrij.

Film Hands of Stone na 3 maanden toch vertoond

Drie maanden nadat de vertoning van de film Hands of Stone op het Filmfestival van Havana werd verboden, is deze film van de Venezolaanse filmmaker Jakubowicz over het leven van de Panamese bokser Roberto Durán, nu toch te zien in de bioscoop La Rampa in Havana.

film-hands-of-stone-Jonathan_Jakubowicz

Affiche Manos Duras in de bioscoop La Rampa in Havana

De uitsluiting van het filmfestival was een soort straf omdat regisseur Jonathan Jakubowicz destijds had opgeroepen solidariteit te tonen met de Cubaanse filmmaker Carlos Lechuga. Zijn film Santa y Andrés was getroffen door censuur en mocht niet op het Filmfestival worden vertoond. Hands of Stone circuleert echter sinds enkele weken op het eiland via het semi-illegale Het Pakket/El Paquete met een Spaanse nasynchronisatie. Nu is de film ook op groot scherm in sommige bioscopen te zien, maar de officiële pers schenkt er nauwelijks aandacht aan.

boksen-sugar-ray-roberto-duran

De echte Roberto Durán (rechts) in gevecht met de Amerikaan Sugar Ray in 1980.

Kopie
In november 2016 sprak Jakubowicz telefonisch met Lechuga over de mogelijkheid zijn film Hands of Stone van het festival terug te trekken. Na dit telefoongesprek bleken de organisatoren niet langer bereid de komst van een kopie van de film uit Caracas naar het festival te regelen. Jakubowicz: ‘De dag daarna werd de dood van Fidel Castro bekend en toen werden alle pogingen gestaakt. Ik vermoed dat ze een ongemakkelijke situatie met mij in Havana wilden voorkomen op zo’ n gevoelig moment,’ zegt hij tegen de redactie van de Cubaanse internetkrant 14ymedio. Hij is van mening dat zijn aanwezigheid in Havana en de vertoning van de film ‘hypocriet’ zouden zijn geweest. ‘Het deed me denken aan al die internationale filmmakers die zich met Hugo Chávez (de overleden president van Venezuela, redactie) lieten fotograferen op een moment dat ik werd vervolgd. Ik zou veranderen in zo’n afschuwelijke kunstenaar die de onderdrukker steunt’. De bescheiden vertoning van Hands of Stone is een kleine overwinning voor de regisseur en de Cubaanse nationale filmliefhebber, die maanden hebben moeten wachten op vertoning op groot scherm. Jakubowicz benadrukt dat ‘de Cubanen de geschiedenis van Durán nu aan den lijve ondervinden.’

Bron
* Marcelo Hernández, website 14ymedio, 30 maart 2017

Linken
* Wikipedia over Jonathan Jakubowicz, de Venezolaanse filmmaker tegen wie de toenmalige Venezolaanse president Hugo Chávez tweemaal een proces aanspande. Jakubowicz verliet daarop Venezuela.
* Engelstalig artikel over Durán, de man en zijn mythen.

Censuur op Havana Film Festival in New York

De leiding van het Havana Film Festival in New York (30 maart tot 7 april) heeft bevestigd dat de Cubaanse film Santa y Andrés geen deel zal uitmaken van de officiële competitie op het festival. De film gaat over de vervolging van homoseksuele schrijvers in Cuba. Reden zijn de ‘politieke roddels’ die rond de film ontstonden, aldus de leiding van het filmfestival.

film-santa-y-andres

Beeld uit Santa y Andrés van de Cubaanse regisseur Carlos Lechuga

De regisseur van de film Carlos Lechuga zegt dat Cubaanse functionarissen druk uitoefenden en aandrongen op censuur. Lechuga schrijft in Facebook dat ‘het me via een mistig en vreemd bericht duidelijk werd dat de Cubaanse autoriteiten hebben bewerkstelligd dat de film van het festival zou worden teruggetrokken. Op dit moment is de film uitgesloten van deelname aan de officiële competitie, vanwege de politieke lading.’ De film werd eerder in Cuba verboden en niet gepresenteerd op het Festival del Nuevo Cine Latinoamericano in december jl. hoewel het script twee jaar eerder op het zelfde festival een prijs kreeg.

Linken
* Website 18e Havana Filmfestival in New-York
* Deze Cubaweblog van 12 december 2016: Filmfestival in Havana mét censuur
* Facebook Santa y Andres
* Interview (Spaanstalig) met Carlos Lechuga op de website Diario de Cuba, 15 maart 2017: Breken of Samenwerken?
* Spaanstalig interview (2 minuten) met trailer van Santa y Andres.