Over Informatie Cuba

Deze blog bevat dagelijks actueel nieuws uit en over Cuba en wordt verzorgd door de Stichting Glasnost in Cuba. De Stichting is opgericht in 1989 (juridisch op 18 april 1990) en steunt de vreedzame mensenrechtenbeweging in Cuba. Het e-mail-magazine 'CubaTips' verschijnt wekelijks en is een aanvulling op deze Cuba-weblog. Nadere contactgegevens: Stichting Glasnost in Cuba, Sint Willibrordusstraat 52, 1073 VC Amsterdam, tel. 06 10 80 83 33 of 020 679 02 89; Banknummer: NL45 INGB 0006 1317 44 van Stichting Glasnost in Cuba; E-mail: glasnostincuba@upcmail.nl , Weblog: https://informatiecuba.wordpress.com

Cubaanse militairen nemen historische binnenstad Havana in bezit (2)

Van alle toeristen die Cuba bezoeken, gaan er 55% naar de hoofdstad en 90% van hen bezoekt het historisch centrum. De inkomsten groeien reusachtig; in dit deel van de stad wordt in verhouding 10 maal zoveel aan een toerist verdient dan in de gehele stad. ‘Het beste deel van de taart is Oud-Havana. Dat weet iedereen,’ zegt een verpleegster die werkt in een bejaardenhuis gefinancierd door het Bureau (Oficina del Historiador de La Habana) dat werd geleid door de ‘historiador’ Eusebio Leal. Deze moet een stap terugdoen ten gunste van de economische projecten van de militairen.

plaza-vieja-oud-havana

Plaza Vieja in Oud-Havana

Leal bevestigt dat het Bureau enkele financiële instrumenten behoudt, inclusief de 5% belasting die het kan opleggen voor publieke of particuliere activiteiten in de historische binnenstad. Ook de museawinkels blijven bijdragen. Ook de bijdragen van overheidsinstellingen zullen doorlopen. Het Bureau kon vooral sterk groeien in de eerste 10 jaar van deze eeuw toen Leal de boulevard Traditional Malecón (2003) en Chinatown (2005) kon toevoegen aan zijn portfolio. Toen door publicaties in de onafhankelijke media informatie bekend werd over corruptie, werden enkele bedrijven van het Bureau door andere staatsinstellingen overgenomen. Een Cubaanse econoom die anoniem wil blijven meldt dat ‘dit proces van ontkoppeling langzaam verliep hoe wel de landelijke kascontrolecommissie  een grote verduisteringszaak op het spoor kwam. Maar men wilde Leal niet beschuldigen omdat hij daar niets mee te maken had en nam men hem in bescherming. Het beste leek het hem de verantwoordelijkheid van enkele bedrijven af te nemen. Leal ontkent deze zaak en zegt ‘overal waar iemand bereid is zijn ziel aan de duivel te verkopen, zullen er ook administratieve corruptieschandalen voorkomen.’

Corruptie
Maar er zijn ook andere verklaringen zoals die van Eugenio Yanez, een Cubaanse academicus die behoort tot het studiecentrum Cubanálisis,  die zegt dat met deze handelwijze drie problemen zijn opgelost. ‘Ten eerste heeft Raúl Castro een pragmatischer houding en zou hij de voorkeur geven aan een gespecialiseerd management verantwoordelijk voor al dit soort zaken in Havana. Verder zijn er de berichten over de verslechterde gezondheidssituatie van Eusebio Leal en ten derde is er het probleem van serieuze corruptie bij het Bureau. De landelijke kascontrolecommissie heeft kwalijke zaken ontdekt. De oplossing lijkt dan alles over te dragen aan het leger, dat het vertrouwen heeft van Raúl.’

obama-kapper-Gilberto Valladares (Papito)

Kapper Gilberto Valladares (Papito) die met Obama sprak over kleine ondernemers

Kleine zelfstandigen
Cuentapropistas of kleine zelfstandigen in Oud Havana voelden zich beschermd door het Bureau en enkelen hebben twijfels over de transfer van het erfgoed naar het legerconglomeraat. Een van hen, Reinaldo die zich met mode bezighoudt zegt: ‘De staat promoot vooral zijn eigen restaurants, hotels en denkt dan pas aan de kleine zelfstandigen. Wat zal er nu gaan gebeuren?’ Camilo Condis, kleine zelfstandige die met de kapper Gilberto Valladares (Papito), samenwerkt – de kapper waarmee Obama sprak tijdens zijn bezoek aan Cuba – zegt dat de kleine particuliere ondernemingen in Havana hebben gefunctioneerd als de aanjagers van de lokale ontwikkeling. ‘Zonder het Bureau zou het nooit mogelijk zijn geweest datgene te doen wat we nu doen,’ verzekert hij op een bijeenkomst van het Verband vroor de Studie van de Cubaanse Economie  / Asociación para el Estudio de la Economía Cubana (ASCE).

Habaguanex-winkel

Een winkel van de keten Habaguanex

Vanaf 1 augustus ziet het Bureau (Oficina del Historiador de La Habana), dat minstens een derde van historische binnenstad van de ondergang redde, haar activiteiten teruggebracht tot kleine activiteiten als ’management van musea, promotie van culturele activiteiten en zorg voor het erfgoed,’ verzekert iemand van het cultureel Centrum Vitrina de Valonia. Niemand weet hoe vanaf  dat moment het proces van restauratie in de hoofdstad zal verlopen maar velen vrezen dat de militairen niet weten om te gaan met de erfenis van het Bureau en meer zullen zoeken naar projecten die voor kortere termijn onmiddellijk winst opleveren zonder rekening te houden met de bewoners.

Bron
* Website 14ymedio, Luz Escobar en Mario J. Penton, Havana / Miami, 16 augustus 2016
Link
* Kaart met hotels, restaurants en café’s in Oud-Havana in bezit van het Bureau

 

Cubaanse militairen nemen historische binnenstad in bezit (deel 1)

‘Ziet u dat kantoor? Nog geen 10 jaar geleden was het een plek met stilstaand stinkend water, ratten en vuilnis. Wanneer mensen de poort doorliepen, liepen ze het risico een stuk van een balkon op hun hoofd te krijgen. Nu zijn er woningen dankzij Eusebio’, roept Mirna geëmotioneerd. Na haar dank uitgesproken te hebben aan het Oficina del Historiador de la Ciudad de La Habana / Bureau voor de Historie van de Binnenstad in Havana omdat dit voor haar huis zorgde, bekent de 68-jarige vrouw ook bezorgd te zijn over de toekomst van dit bureau, geleid door de Historiador / historisch manager Eusebio Leal omdat dit historisch stadsdeel stukje voor beetje in handen van de militairen terecht komt.

P1040999cubareisoktober2011 (8)

Deel van de oude binnenstad

Hoewel er nooit een officieel besluit werd genomen of de Cubaanse pers er melding van maakte, is het geen geheim dat veel bedrijven behorende bij het Bureau van de Historiador zijn overgenomen door de Cubaanse strijdkrachten.*  Historisch manager van de oude binnenstad Eusebio Leal Spengler, heeft de overdracht aan de Grupo de Administración Empresarial (GAE), een conglomeraat dat deel uitmaakt van het leger, bevestigd. In een email aan de kritische internetkrant 14ymedio laat hij weten, ‘dat deze niet zijn overgedragen aan de strijdkrachten maar aan de GAE-groep, een ontwikkelingsmaatschappij met capaciteit tot investeren en met prestige waarbij het Bureau voor de Historie van de Binnenstad / Oficina del Historiador de rol blijft spelen van adviseur bij de conservering van werken en ook bij nieuwe projecten.’ Hij voegt er aan toe dat de situatie in het Bureau voor de Historie van de Binnenstad kalm is omdat ‘het werk zich nu uitbreidt tot het veilig stellen van het erfgoed van steden in heel Cuba’. Maar hij spreekt ook zijn spijt uit dat ‘op een moment dat er meer dan ooit respect nodig is voor de kwaliteit van leven, middelmatige en armen van geest, schade toebrengen aan de velen die in de afgelopen jaren gewerkt hebben aan de redding van het historisch erfgoed, in Cuba of op welke plek ter wereld dan ook.’

eusebio-leal,jpg

Historiador Eusebio Leal

Ondernemingsvrijheid
Het Bureau van de Historie van Havana werd in de jaren dertig opgericht. In 1967 en na de dood van de eerste Historiador / Historisch manager Emilio Roig de Leuchsenring, werd Eusebio Leal hoofd van dit project dat door de jaren groeide in omvang en inkomen, maar ook in autonomie. In de jaren negentig kreeg het Bureau bij decreet de vrijheid tot het nemen van economische initiatieven. De regering gaf Leal toestemming een eigen bedrijfsstructuur op te zetten – een zeldzaam gebaar van decentralisatie – met de mogelijkheid sociaal te herinvesteren en tot de restauratie van gebouwen. Het instituut voor het bewaren en opknappen van het historisch centrum van Havana, dat werd uitgeroepen tot werelderfgoed van de UNESCO, viel rechtstreeks onder de Staatsraad geleid door de Cubaanse president met een speciale juridische status en kon ondermeer vrij importeren en exporteren.

Luz-Restaurant-barra-tomar-cafe

Café Restaurant La Luz

Complex netwerk
Bovendien kon het Bureau instellingen die niet onder haar jurisdictie vielen maar wel in deze zone gevestigd waren, een bijdrage opleggen voor herstel van gebouwen namelijk 1% van de inkomsten als ze handel dreven in de nationale munt en 5% voor bedrijven die met deviezenpeso’s of CUC’s werkten. Twintig jaar kon het Bureau een gecompliceerd netwerk van bedrijven en ondernemingen opbouwen waar toe de keten Habaguanex (o.a. winkels en hotels) behoort; reisbureau San Cristobal; het culturele magazine Opus Habana; het radiostation Havana Radio en de Bologna-uitgeverij evenals diverse websites waarop producten worden vermarkt. Het Bureau controleert ook twee onroerendgoed agentschappen van de staat, Aurea en Phoenix; een vijftigtal cafetaria’s en twintig restaurants; musea, concertzalen en winkels, een importbedrijf, een instituut voor workshops en drie bouwbedrijven, onlangs gefuseerd tot één bedrijf. In de 23 jaar van zijn bestaan heeft het Bureau meer dan 13.000 arbeidsplaatsen geschapen en nog eens enkele duizenden in toeleveringsbedrijven. Volgens onderzoeken van de Universiteit van Havana, is 60% van de 500 miljoen dollar aan productie in sociale projecten geïnvesteerd. Daarnaast ontving het bureau ook nog eens 30 miljoen dollar van uit de international samenwerking zoals UNESCO.

Bron
* Website 14ymedio, Luz Escobar en Mario J. Penton, Havana / Miami, 16 augustus 2016
Link
* Kaart met hotels, restaurants en café’s in Oud-Havana in bezit van het Bureau

Noot

fa-leonardo-andollo-valdez

Leonardo Andollo Valdés

* Hoewel geen officiële mededelingen over de overname door de militairen zijn gedaan, lekte o.a. via restaurateurs bij het Bureau begin juli uit dat Habaguanex S.A, het bedrijf opgericht door Eusebio Leal en de historische kern van Oud-Havana, waren overgedragen aan het Ministerie van de Strijdkrachten. Habaguanex S.A wordt nu geleid door divisiegeneraal Leonardo Ramón Andollo Valdés. Het besluit viel tijdens een vergadering van hoge militairen en functionarissen van de staatsveiligheidsdienst waar Leal niet bij was. Een ernstige ziekte zou de reden zijn van zijn afwezigheid. .

AT&T sluit deal met Cubaanse telecomprovider

AT&T, de op een na grootste aanbieder van mobiele telefonie in de VS, heeft een deal gesloten met de Cubaanse staatstelecomprovider ETECSA over het aanbieden van roamingdiensten in Cuba. Door de deal kunnen AT&T-klanten in het land direct naar de VS bellen. Tot nu toe moesten de telefoongesprekken tussen Cuba en de VS omgeleid worden via andere landen, wat leidt tot hogere kosten en een slechtere kwaliteit van de verbinding. Ook hoeven klanten niet meer van simkaart te wisselen voor toegang tot bijvoorbeeld sms en voicemail.

logo-at&tDe deal werd mogelijk doordat Barack Obama de relaties met Cuba opnieuw heeft aangehaald. Zo werd vorig jaar na 54 jaar de Amerikaanse ambassade in Havana heropend. Het afgelopen jaar tekenden de landen contracten voor samenwerking op het gebied van telecommunicatie, ­milieu, luchtvaart en justitie. Cuba hoopt jaarlijks voor $ 2 miljard aan buitenlandse investeringen aan te trekken. Obama bracht in maart van dit jaar als eerste Amerikaanse leider in 88 jaar ook zelf weer een bezoek aan het land. In het kielzog van Obama reisden een aantal ondernemers en bestuurders mee die een kans roken om zaken te doen. Het was voor het eerst in bijna zestig jaar dat het socialistische land zijn economie langzaam opende voor buitenlandse bedrijven.

etecsatoestelConcurrenten
In maart werd al gespeculeerd over een mogelijke deal tussen AT&T en de Cubaanse provider Empresa De Telecomunicaciones De Cuba (Etecsa). AT&T liet maandag in een verklaring weten dat het de prijzen en precieze lanceringsdatum van de roamingdiensten op een later tijdstip bekend maakt. Eerder sloten onder andere concurrenten Verizon en T-Mobile al soortgelijke overeenkomsten met Etecsa.

Bron
* Het Financieele Dagblad, 22 augustus 2016

‘Ik ben geen ex-Cubaan!’

Een recent commentaar van de Cubaanse journalist en televisiepresentator Randy Álonso heeft binnen en buiten Cuba tot grote boosheid geleid en veel reacties op sociale media: #YoNoSoyUnExCubano /  Ik ben geen ex-Cubaan. Alonso presenteert op de Cubaanse televisie het discussieprogramma Mesa Redonda, een programma dat in 1999 begon toen het land gewikkeld was in een mediacampagne rondom de repatriatie uit de VS van de Cubaanse drenkeling Elián González; het wordt alle dagen uitgezonden behalve op zaterdag en zondag.

Orlando Ortega-atleet-rio-spanje

Orlando Ortega (rechts) heeft de Spaanse nationaliteit

De bekende televisiepersoonlijkheid Alonso stelde afgelopen week de nationaliteit van de Cubaanse atleet Orlando Ortega, die een zilveren medaille won in Rio de Janeiro en uitkwam voor het Spaanse team, ter discussie. In een uitzending van Mesa Redonda, gewijd aan de prestaties van de Cubaanse ploeg in Rio sprak hij over ‘controversiële elementen’ en wees vervolgens op ‘de ex-Cubaan Orlando Ortega die uitkomt voor Spanje en andere atleten die van het ene land naar het andere land hoppen.’ Alonso sprak over een groeiende controverse die zich zou voordoen in de internationale sportwereld en die ‘gevoed wordt door de groeiende invloed van het geld’.

randy-alonso-B-aldeanos

Zanger El B van de rapgroep Los Aldeanos (rechts) reageerde furieus op internet (5 minuten). Hij houdt Alonso (links) voor dat deze sportmensen ‘geen ex-Cubanen zijn, maar ex-slaven’ en constateert dat ‘ex-Cubanen misschien niet welkom zijn in Cuba, maar hun dollars des te meer’. De zanger die op dit moment in de VS verblijft noemt zich ‘patriot zoals José Marti en Celia Cruz.’

Beledigd
In een gesprek met de website 14ymedio zegt Milkos Danilo Sosa Molina, een jonge Cubaan die in Miami woont, zich beledigd te voelen door de worden van de televisiepresentator. ‘Niemand heeft het recht de nationaliteit van een persoon te ontkennen enkel omdt deze nit in zijn  land wil leven.’
Molina riep jongeren in het buitenland op via de hashtag #YoNoSoyExcubano te protesteren tegen ‘deze onacceptabele houding van Randy Alonso.’ (…) ‘Soms worden we als Cubanen benaderd en soms weer niet. Men wil dat wij Cubanen zijn die denken zoals zij die leven in Cuba, maar het bijzondere is dat wanneer wij Cuba willen bezoeken, we beschouwd worden als Cubanen en men een nationaal paspoort moet bezitten. En dat levert de autoriteiten honderden dollars op,’ zegt Milkos. ‘Wij willen dat er een einde komt aan deze campagne want ook Cubanen buiten Cuba houden van ons land, hoeveel wij het ideologisch met het systeem oneens zijn,’ voegt hij er aan toe.

100-procent-cubanoBron
* Mario J. Pentón, Miami, website 14ymedio op 19 augustus 2016
* Hashtag Facebook: Yo No Soy Un Ex-Cubano

 

 

Hongerstaker Fariñas verloor opnieuw bewustzijn

Guillermo Coco Fariñas is donderdagmiddag opnieuw opgenomen in het ziekenhuis van Santa Clara nadat hij het bewustzijn verloor, de derde maal sinds hij op 20 juli zijn hongerstaking begon. Fariñas wil de toezegging van het regime dat er een einde komt aan het geweld en de vervolging van de oppositie. Op dit moment is hij weer thuis.

farinas-naar-ziekenhuis-18082016

Leden van de Antitotalitaire Beweging Eenheid / Frente Antitotalitario Unidos (FANTU) vervoerden Fariñas naar het ziekenhuis Arnaldo Milián in Santa Clara

Volgens zijn moeder, Alicia Hernández werd Fariñas vocht toegediend en was hij daarna rustig en bij bewustzijn. De afgelopen dagen klaagde hij over veel pijn in zijn gewrichten en over hoofdpijn. De politieke dissident was ook niet meer in staat op te staan. Volgens zijn moeder is de gezondheid van haar zoon aanzienlijk verslechterd. Hij weigert doktershulp maar toen hij het bewustzijn verloor kon hij niet voorkomen dat personen uit zijn directe omgeving hem naar het ziekenhuis overbrachten. De andere beide keren dat hij het bewustzijn verloor en hij weer bijkwam, was het eerste verzoek om hem weer thuis te brengen.

Einde vervolging
Fariñas, winnaar van de Sacharov Prijs 2010 wil met zijn hongerstaking forceren dat de Cubaanse autoriteiten een einde maken aan het geweld en de vervolging van politieke opposanten en cuentapropistas (kleine zelfstandigen). In totaal heeft de 54-jarige Fariñas twintigmaal een hongerstaking gehouden, de laatste duurde meer dan 100 dagen. Binnen de Cubaanse oppositie bestaan twijfels over het middel van de hongerstaking en hoopt men dat Fariñas zijn strijd voor meer politieke vrijheid in het land levend kan voortzetten. Hijzelf laat zich leiden door een uitspraak van Gandhi: ‘De machthebbers negeren je eerst, dan lachen ze je uit, dan bestrijden ze en vervolgens win je.’

Van loyale partijganger naar ‘contrarevolutionair element’

Gisteren trof u hier de belevenissen aan van José Ramírez Pantoja, journalist van Radio Holguín die op staande voet werd ontslagen omdat hij op zijn persoonlijke blog de volledige tekst afdrukte van een speech van de onderdirecteur van de partijkrant Granma, Karina Marron. Hij had zijn baas toestemming moeten vragen, luidde de kritiek. Er zijn steeds meer voorbeelden van medewerkers van staatsinstellingen of media van de staat, die vanwege hun kritische houding en hun wens tot discussie worden uitgeschakeld en ontslagen, vaak na een lange campagne van intimidatie, pressie en chantage door de Cubaanse geheime dienst. De ontslagen bioloog Ruiz Urquiola en biochemicus Casanella hebben hun zaak voorgelegd aan de Mensenrechtenraad in Genève en de hulp van Amnesty International ingeroepen.

logo-museo-de-disidencia-cuba

‘Dissidenten’ als Hatuey, José Marti, Fidel Castro en Oswaldo Payá sieren de website van het Museo de la Disidencia en Cuba

Een vergelijkbaar ontslag overkwam de historica Yanelys Núñez Leyva die vorige week te horen kreeg dat zij niet langer in dienst was van het tijdschrift Revolución y Cultura. Reden is haar betrokkenheid bij het project Museo de la Disidencia en Cuba / Museum van de dissidentie. Yanelys Núñez Leyva zei tegen de redactie van de website Diario de Cuba: ‘In het document dat ze me bij mijn ontslag overhandigden wordt mijn ontslag niet gerelateerd aan mijn betrokkenheid bij het kunstproject en de website Museo de la Disidencia en Cuba.
Ze verwijzen naar het ‘oneigenlijk’ gebruik van internet op mijn werkplek en wijzen ook op mijn opmerking in de openbaarheid dat mijn band met dit project geen effect heeft voor de inhoud van mijn werk bij het tijdschrift Revolución y Cultura.’ (…) ‘Ik heb me verzekerd van de steun van advocaten van het onafhankelijke kantoor Cubalex en wil een bezwaarschrift indienen bij de desbetreffende instantie.’ Het Museo de la Disidencia en Cuba wordt geleid door de kunstenaar Luis Manuel Otero Alcántara en is gebaseerd op het concept dissidentie zoals dat in het officiële woordenboek van de Spaanse taal / Diccionario de la Real Academia de la Lengua Española wordt geformuleerd. Men komt er dan ook naast elkaar een jonge Fidel Castro, de indianenvoorman Hatuey en de overleden leider van de dissidentengroepering  Movimiento Cristiano Liberación Oswaldo Payá, tegen.

omar-everleny16042016

Omar Everleny

Omar Everleny
De vooraanstaande econoom en pleitbezorger van economische hervormingen, Omar Everleny, werd begin april ontslagen bij het Centro de Estudios de la Economía Cubana van de Universiteit van Havana. Omar Everleny (56) zou zonder toestemming gesprekken hebben gevoerd met collega’s uit de VS. Everleny werd door ambassadeurs van EU-landen in Havana bij voorkeur aanbevolen als vertegenwoordiger van de hervormingsgezinde stroming in Havana. De directeur van zijn instituut Humberto Blanco beschuldigt Pérez van het voeren van overleg met buitenlandse instituten en het informeren van ‘Noord-Amerikaanse vertegenwoordigers’ over de gang van zaken op het instituut. Ook wordt hem ‘onverantwoordelijk’ en ‘nalatig’ gedrag verweten, evenals het ontvangen van fondsen voor een studie over Zuid Korea waar geen toestemming voor was gegeven. Pérez is tegen zijn ontslag in beroep gegaan. Tegen persbureau AP  zei hij: ‘Hoe is het mogelijk dat ik elk jaar als excellent werd beoordeeld en men zich nu van mij verwijdert en mij beschuldigt?’.

Ariel Ruiz Urquiola2

Ariel Ruiz Urquiola

Ruiz Urquiola
In april van dit jaar werd een tweede universiteitsprofessor ontslagen, de geneticus en biologieprofessor  Urquiola vanwege ‘veelvuldige afwezigheid op zijn werkplek’.  Hij was in dienst van het Centro de Investigaciones Marítimas / Centrum voor Maritiem Onderzoek van de Universiteit in Havana en moest verdwijnen vanwege ideologische meningsverschillen. Dat meldde de wetenschapper vorige week zelf via een video-interview waarin hij sprak van ‘machtsmisbruik’. Ruiz Urquiola zet in een interview met politiek opposant Antonio Rodiles uiteen dat hij ‘slachtoffer’ is van ‘een serie hindernissen, een proces van machtsmisbruik binnen de Universiteit van Havana en het Openbaar Ministerie van de provincie.’ Gezamenlijk hebben die zich ingespannen ‘een internationaal onderzoeksproject’ tegen te houden dat in samenwerking met de Humboldt Universiteit in Berlijn zou worden uitgevoerd. Urquiola zegt dat de problemen dateren van januari 2015 toen hij problemen kreeg met de directeur van zijn onderzoekscentrum, die moeilijkheden maakte over zijn project met een buitenlandse universiteit. Hij spreekt van ‘gefabriceerde en georkestreerde beschuldigingen’ die werden verspreid door de leiding van het centrum en andere academici. Hem wordt nu ook verweten informatie over zijn ontslag te hebben gegeven aan de redactie van de website Diario de Cuba, ‘een contrarevolutionair medium.’

oscar-casanella-090816

Oscar Casanella

Oscar Casanella
Op 7 juni jongstleden werd de kankeronderzoeker Oscar Casanella ontslagen. Hij ging in beroep, maar deze maand werd zijn ontslag bij het Instituto Nacional de Oncología y Radiobiología (INOR) bevestigd. Casanella spreekt schande van het ontslag en wijst erop hoe hij sinds 2013 bedreigd is door diverse leden van de Cubaanse Staatsveiligheid met steun van de vice-directeur van zijn instituut, Lorenzo Anasagasti. Deze Cubaweblog maakte daar op 10 juli 2014 melding van onder de titel: Pest- en intimidatiecampagne tegen kankeronderzoeker Oscar Casanella.
Citaat:
Toen Oscar op 9 december op zijn werk verscheen in het Instituto Nacional de Oncología y Radiobiología (Hospital Oncológico), wachtte hem een verrassing. Hij doet daar onderzoekswerk naar darmkanker en werkt er onbetaald als toegevoegd docent aan de Faculteit voor Biologie. Zijn collega Pedro Wilfredo Fernández Cabezas wachtte hem op en zei hem dat als hij door zou gaan met het bijwonen van activiteiten van contrarevolutionaire groepen – ‘huurlingen, annexionisten en neoliberalen – kortom een cocktail van huiveringwekkende beschuldigingen’ – dat zeer ernstige gevolgen voor zijn werk zou hebben. Oscar antwoorden dat hij vrienden had die het oneens zijn met de regering, maar dat het geen huurlingen noch annexionistas zijn. Ook geloofde hij niet dat ze ‘neo-liberaal’ waren, maar als dat al zo zou zijn, zou dit geen rechtvaardiging zijn voor een actie tegen hen.

Gorki Aguila

Voorman Gorki Aguila van Porno Para Ricardo

Verder
Casanella wil verder gaan en zijn rechten als werknemer opeisen want ‘ik accepteer niet dat ze mijn carrière vernietigen of het mij onmogelijk maken een doctoraal in de Bioinformatica te behalen enkel en alleen omdat ik vrienden heb die politieke opposanten zijn. Casanella zoekt de oorzaak van zijn ontslag in het feit dat hij banden heeft met personen uit de politieke oppositie zoals zijn vriend Ciro Javier Díaz Penedo, lid van de rock punkband Porno para Ricardo. Hij nam ook deel aan het project van De Open Microfoon van de kunstenaar Tania Bruguera op het Plein van de Revolutie in december 2014.

Jose-Antonio-Torres-espionaje

Jose Antonio Torres

Journalist José Antonio Torres
De Cubaanse journalist José Antonio Torres werd in 2011 wegens spionage werd veroordeeld tot 14 jaar gevangenisstraf. Torres was ooit werkzaam als journalist bij de partijkrant Granma en zit nu gevangen in het Centro de Estudio y Trabajo Confianza, Mar Verde bij Santiago de Cuba. Hij werd in 2011 gearresteerd nadat hij in Granma artikelen publiceerde over mismanagement bij de aanleg van een aquaduct in Santiago en corruptie bij de aanleg van een glasvezel-kabelverbinding tussen Venezuela en Cuba. Vicepresident Ramiro Valdés was verantwoordelijk voor beide projecten. Torres stond bekend als een fanatiek verdediger van het regime. Hij werd in het verleden nadrukkelijk door president Raúl Castro geprezen. Dat gebeurde nog in juli 2010 in de partijkrant Granma naar aanleiding van de ‘kritische’ reportages over de aanleg van het aquaduct. Castro zei toen o.a. dat ‘deze geest de partijpers moet karakteriseren vanwege zijn onderzoek, zijn transparantie en zijn kritiek en zelfkritiek.’ Torres voelt zich nauw verbonden met zijn land en zei kortgeleden in een interview met 14ymedio: ‘Ik ben trouw aan mijn vaderland. Cubanen discussiëren in Miami, Washington, Madrid of Frankrijk omdat men hen niet toestaat de problemen die we hebben, te bediscussiëren in Santiago, Santa Clara, Camagüey of Havana. De regering heb ik niks te zeggen. Er is een gezegde dat luidt: fatsoenlijke mensen hoeven een regering die hen negeert, niet te accepteren.’

Link
* 9 juli 2010 Het artikel van Torres in de partijkrant Granma

Fernando Ravsberg pleit voor ontslagen journalist bij Radio Holguín

‘Deze week ontving mijn collega Jose Ramírez Pantoja te horen dat hij definitief ontslagen was bij Radio Holguín en daarom (vanwege de bestaande zwarte lijsten bij de staatsmedia) ook geen werk meer kan krijgen bij andere staatsmedia. Zijn misdaad? Op een persoonlijke blog drukte hij de volledige tekst af van een speech van de onderdirecteur van de partijkrant Granma, Karina Marron. (zie linken hieronder) Sommige fragmenten waren al verschenen in andere media van de staat. Nu hij de volledige tekst van Karina Marron publiceerde, kostte hem dat zijn werk en zal hij waarschijnlijk nooit meer ergens anders in Cuba kunnen werken,’ aldus de journalist Fernando Ravsberg van de website Cartas desde Cuba en Havana Times. Ravsberg beschrijft de activiteiten van de Cubaanse autoriteiten vaak met een zekere welwillendheid, maar dit keer liet hij die voorzichtigheid varen en laat hij José op zijn website uitvoerig aan het woord en voegt er aan toe: ‘Als de bestraffende autoriteiten hun opvattingen willen kenbaar maken, kunnen zij dit ook doen. Wij staan open om het relaas van hun kant te horen’.

george-orwell-fernando-ravsberg

Ravsberg illustreert zijn interview met José Ramirez Pantoja met een foto en een uitspraak van de schrijver George Orwell, namelijk: ‘Journalistiek is datgene publiceren dat anderen niet bevalt. Al het andere is PR.’ De boeken van de anticommunistische Orwell (o.a. Animals Farm) behoorden jarenlang tot de verboden lectuur in Cuba.

Marron deed haar uitspraken op 28 juni 2016 in juli tijdens een bijeenkomst van de officiële journalistenbond Unión de Periodistas de Cuba (UPEC). Zij waarschuwde toen voor mogelijke ‘protesten in de straten’ vanwege de vergaande bezuinigingsmaatregelen die de regering van Raúl Castro had afgekondigd en zij maakte een vergelijking met de korte maar heftige opstand in 1994 in Oud-Havana, de zogeheten Malecónazo. José Ramirez Pantoja was  aanwezig o.a. omdat hij de journalistenbond UPEC vertegenwoordigde bij zijn bedrijf Radio Holguín. Hij had er ook geen geheim van gemaakt dat hij de woorden van de spreekster opnam en ook nog de teksten van 6 andere sprekers.

Opvattingen uitwisselen
Ravsberg stelt José de vraag waarom hij de toespraak van Marron integraal wilde afdrukken?

Radio-Holguin- Ramirez-Pantoja-Holguin-Verdadecuba-Facebook

José Ramirez Pantoja, voorheen Radio Holguin

‘Toen ik zag dat ook het televisiejournaal aandacht aan de toespraak schonk en de website van de UPEC delen ervan publiceerde, leidde ik daaruit af dat de tekst publicabel was en besloot deze in zijn geheel op mijn weblog te plaatsen met de principiële bedoeling mensen in Cuba te laten weten dat journalisten in Cuba in staat zijn tot een serieus en verantwoord debat op het hoogste niveau. Ik publiceerde de tekst ook omdat ik dacht dat er daardoor een debat zou ontvlammen in lijn met het karakter van de toespraak zelf, die controversieel was en dat er verschillende opvattingen zouden worden uitgewisseld die hier zo hard nodig zijn.’

José heeft geen antwoord op de vraag wat de baas van zijn radiostation te maken heeft met de publicatie op zijn persoonlijke blog.
‘Hoe is het mogelijk dat je een manager van je mediabedrijf nodig hebt om toestemming te krijgen teksten te publiceren op je persoonlijke blog. Van wie is zo’n blog? In mijn geval claimt de leiding op mijn werk dat als een journalist teksten publiceert op zijn blog of op sociale media, hij dat doet uit naam van het medium waar hij voor werkt. Dat is een controversieel standpunt.’

Ontslag bekrachtigd
José leest ook de tekst voor waarop zijn ontslag is gebaseerd:
Citaat: ‘De collega in kwestie had de mogelijkheid deel te nemen als gast aan een conferentie op 28 juni 2016, die deel uitmaakte van een landelijke bijeenkomst van de UPEC. Hij nam de tekst op – zonder de noodzakelijke toestemming- van de woorden van journalist Karina Marron, onderdirecteur van Granma, die op haar eigen kritische wijze vragen aan de orde stelde over het functioneren van de journalistenbond UPEC, de behaalde resultaten van het afgelopen jaar, ze gaf haar persoonlijke opvatting over de informatiepolitiek van Cuba en de plichten van jonge journalisten evenals de mogelijke impact van economische maatregelen die zullen worden genomen.’ (…) ‘De persoon in kwestie schreef de tekst van Karina Marron volledig uit ondanks het feit dat hij niet de opdracht had gekregen de bijeenkomst te verslaan en publiceerde de toespraak op Facebook. Daarmee overtrad hij het informatiebeleid dat voor alle media geldt en dat vaststelt dat werk van maatschappelijk belang moet zijn en kritiek eerst moet worden goedgekeurd door de Manager van de media.’

radio-holguin-

Kantoor van Radio Holguin

De vijand
In het document dat José Ramírez Pantoja ontving van de Raad voor Arbeidsrecht /  Órgano de Justicia Laboral werd het ontslag bevestigd en werd vastgelegd dat ‘de vergadering van de UPEC beschouwd kan worden als bron van overheidsinformatie, zelfs als de nationale televisie er verslag van doet.’ Het document werd afgesloten met de kreet: ‘De vijand moet niets meer horen dan onze eigen stem van de aanval,’ een parafrase op een uitspraak van José Marti. (José Ramírez kan nog in beroep gaan bij een gemeentelijk hof voor werkgerelateerde kwesties)

fernando-ravsberg-fidel-castro-sept-1996. jpg

September 1996: Fernando Ravsberg, toen nog correspondent van de BBC, stelt Fidel Castro een vraag.

Veranderingen
Tenslotte vraagt Ravsberg wat José vindt van de Cubaanse media en wat er zou moeten veranderen?
‘Over dit onderwerp wordt veel gediscussieerd. De disciplineringsactie tegen mij is ook onderwerp van gesprek omdat deze een slechte smaak heeft achtergelaten in mijn beroepsgroep. Volgens mij hebben de Cubaanse media meer onafhankelijkheid nodig om werkelijk haar rol te kunnen spelen in onze samenleving. Cuba heeft behoefte aan minder triomfalisme en de media moeten de realiteit van ons land waarachtig in beeld brengen. Neem het aangekondigde ontslag enkele dagen terug van de Minister van Cultuur, Julian González. Hebben de media ons verteld waarom hij werd vervangen?( …) De media zijn er niet om onze leiders te volgen zodat zij ons kunnen vertellen over hun bijzondere prestaties. Cubaanse media moeten ophouden met het schetsen van rooskleurige en liefelijke vooruitzichten. Maar wie wil de situatie doormaken die ik op dit moment doormaak hoewel ik slechts een werkwijze volgde van ‘Nee, tegen de geheimzinigheid’ en ‘Wij zijn niet bang voor verschillen van meningen of tegenstellingen’. Beide uitspraken werden door Raúl Castro zelf gedaan.’

Bron
* Tekst (Engels) van Fernando Ravsberg, 17 augustus 2016:: How a Cuban journalist got the axe from a government radiostation

Linken

* Protest journalisten staatsmedia tegen censuur en vervolging op deze Cubaweblog van 4 juli 2016
* Op 7 juli 2016 meldde deze Cubaweblog de bijeenkomst waar Karina Marron haar tekst uitsprak.

* Weblog José Ramírez Pantoja