Hoe Che ‘de koning van de suiker’ zijn rijkdom afnam

Julio Lobo (1898) was tot 1958 de rijkste mens van Cuba. Hij werd ‘de koning van de suiker’ genoemd en bezat 14 suikercentrales. BBC Mundo beschrijft hoe Che Guevara in oktober 1960 Lobo’s rijkdom in beslag nam. In de jaren vijftig werd zijn bezit op 2 miljard dollar geschat.

lobo-julio-suikermagnaat

Julio Lobo

Die nacht van de 11e oktober 1960 reed er een zwarte Chrysler door de straten van Havana. In de auto zat Julio Lobo, de rijkste man van Cuba die nog niet besefte dat hij naar een bijeenkomst ging die de rest van zijn leven zou bepalen. De Chrysler parkeerde tegenover de kantoren van de Nationale Bank van Cuba. Lobo die enigszins kreupel liep, betrad het gebouw waar de nieuwe president-directeur van de Nationale Bank, Ernesto ‘Che’ Guevara, sinds enkele maanden zetelde. Lobo was te middernacht door Che opgeroepen voor spoedoverleg. Ze zaten tegenover elkaar aan een tafel vol stapels papieren in een dichte wolk sigarenrook. Aan de ene kant de sobere communist met zijn baret, de kopie van de Nieuwe Mens, aan de andere kant het symbool van de bourgeoisie van het eiland, het ultieme symbool van het Cubaans kapitalisme. ‘Het was een uniek moment; daar ontmoette het Cuba van vóór en na 1959 elkaar en men kon zien dat het uur van de waarheid had geslagen,’ aldus John Paul Rathbone, auteur van De suikerkoning van Havana: de opkomst en ondergang van Julio Lobo, Cuba’s laatste tycoon.

cover-sugarking0of-havanaHet Volk
Guevara hield het kort. Hij nodigde Lobo uit de suikersector in de nieuwe regering te leiden in ruil voor zijn bezittingen. Hij zei hem ook dat er in de nieuwe samenleving geen ruimte meer was voor het kapitalisme en nodigde hem uit zijn kant te kiezen. Lobo zou in zijn villa kunnen blijven wonen en het vruchtgebruik kunnen krijgen van de Tinguaro, een van zijn 14 suikercentrales en zijn meest geliefde. De andere 13 centrales, pakhuizen, raffinaderijen, de radiostudio’s, de bank, de rederij, de luchtvaart -maatschappij, verzekeringen en de oliemaatschappij zouden overgaan in handen van het Volk of de Revolutie. Lobo reageerde niet ter plekke en vroeg om enkele dagen bedenktijd. De volgende ochtend, toen hij op zijn kantoor kwam, vroeg hij zijn secretaresse om hem te helpen bij het zoeken naar enkele belangrijke documenten, die nu nog steeds in handen zijn van zijn nakomelingen in Florida. ‘Dit is het einde,’ zei hij. Twee dagen later zat hij in een vliegtuig dat hem naar de VS bracht en keek uit over zijn geboorteland, ‘het eiland waar hij het meest van hield’.

suikerrietplantage

Suikerrietplantage

De bloei
Lobo was als 2-jarige in Cuba aangekomen, afkomstig uit Caracas, waar hij in 1898 werd geboren. Zijn familie, Sefardische joden, had zich daar gevestigd na een lange reis van Nederland via Spanje naar Portugal en Curaçao. ‘Vader verkreeg een fortuin in Cuba en Julio wordt, net als bijna alle kinderen van rijke mensen, naar de Verenigde Staten gestuurd om te studeren. Dan gaat hij terug naar Cuba en begint hij aan de bouw van zijn suikerrijk,’ zegt Rathbone. In zijn boek Cuba, The Pursuit of Freedom, schat historicus Hugh Thomas dat Lobo in 1958 bijna 405.000 hectare van het land in Cuba beheerste. Hij controleert het grootste deel van de in cultuur gebrachte suikerrietvelden in Cuba. De suikercentrales van Lobo leverden 4 van de 6 miljoen ton suiker die het land jaarlijks produceerde. ‘Cuba en suiker waren in die tijd het equivalent van Saoedi-Arabië en olie nu. Vanuit Havana werden de suikerprijzen op de wereldmarkt gecontroleerd. En achter die prijzen zat Julio Lobo,’ voegt Rathbone toe. Met de inkomsten uit suiker breidde Lobo’s ‘imperium’ zich uit tot het bankwezen, de scheepvaart en de luchtvaart. Volgens zijn biograaf, was een van zijn doelen om het Amerikaans kapitaal van het eiland te verdrijven. ‘Lobo verdiende zijn fortuin in Cuba en investeerde het in Cuba. Hij kocht veel suikermolens van Amerikanen omdat hij geloofde dat de Cubanen de controle over het land moesten hebben,’ zegt Rathbone. ‘Het is een aspect uit zijn leven dat wijst op nationale trots en vaderlandsliefde onder een bepaald deel van de Cubaanse bourgeoisie op het eiland. Dit in tegenstelling tot de clichés die er  bestaan over de bourgeoisie en de Cubanen voor de revolutie,’ zegt de schrijver.

musei-napoleonico-havana

Museo Napoleonico in Havana

Nieuw fortuin
Na zijn vlucht naar New-York verkreeg Lobo nieuw kapitaal op Wall Street, maar binnen vijf jaar raakte hij opnieuw bijna alles kwijt. Hij besloot vervolgens naar Spanje te gaan. Hij was een bewonderaar van generaal Francisco Franco en had al eerder financieel bijgedragen aan zijn strijd tegen de Republikeinen. Hij zou echter ook geld geven aan de rebellen die Fidel Castro leidde in de Sierra Maestra. Met zijn rijkdommen financierde hij ook het Museo Napoleónico in Havana met grootste verzameling memorabilia over Napoleon buiten Frankrijk. Lobo stierf op 20 januari 1983 in Madrid. Volgens Ratbone had hij minder verdriet over het verlies van zijn suikerraffinaderijen en andere rijkdommen, maar was het vooral het verlies van de schilderijen van Bartolomé Esteban Murillo, Diego Rivera, Da Vinci en Salvador Dalí die hem pijn deden. Die had de staat na zijn vertrek uit Cuba  geconfisqueerd.

Bron
* BBC News Mundo, 10 november 2018

Link
* Boekbespreking van The Sugar King of Havana: The Rise and Fall of Julio Lobo, Cuba’s Last Tycoon by John Paul Rathbone, Amercias Quarterly, Lente 2011

Advertenties

Prijzen stijgen, maar salarisverhogingen blijven uit

Het salaris is voor Cubanen op dit moment het grootste probleem. Raúl Castro erkende dit al in 2006 en Ulises Guilarte de Nacimiento, secretaris-generaal van de vakcentrale CTC, blijft de werknemers tot vandaag om geduld vragen. Volgens het Nationaal Bureau voor de Statistiek (ONEI) bedroeg het gemiddelde maandsalaris in 2017 740 peso’s of 26,50 dollar. In de onderwijssector was het 549 peso’s’ of 19,46 dollar en in de gezondheidszorg 833 peso’s of 25,84 dollar. Uit studies – o.a. Cambios en Cuba 2010 van Oscar Espinosa Chepe – blijkt dat de koopkracht van een maandsalaris tussen 1989 en 2009 aanzienlijk daalde als gevolg van de geaccumuleerde inflatie. De waardedaling bedroeg 74% ten opzichte van 1989. Ook de nominale loonsverhogingen hebben de koopkracht verre van gecompenseerd.

pesos-kassaLage lonen verslechteren de kwaliteit van het leven en ontmoedigen werk en productie, bevorderen de instabiliteit op de arbeidsmarkt, leiden tot diefstal, corruptie, de trek van het platteland naar de steden en de emigratie. Terwijl de regeringen van Cuba en de Verenigde Staten elkaar bij de VN bestreden vanwege het economisch embargo van de VS, schreven vele duizenden Cubanen zich in voor de visaloterij van de Amerikaanse ambassade in Havana. Uises Guilarte de Nacimiento, secretaris-generaal van de staatsvakcentrale CTC, lanceerde eind oktober in Santiago de Cuba oplossingen voor de salarisproblemen. Maar daarvan is niets terug te vinden in de teksten die aan het 21ste Congres van de CTC, te houden in 2019, zijn voorgelegd. Guilarte, ook lid van het Politbureau van de Cubaanse Communistische Partij, herhaalde zijn argumenten op de Provinciale Conferentie van de CTC in Pinar del Río begin november. Leden van de CTC hebben tijdens bijeenkomsten van de bond tussen juni en oktober in bedrijven en tijdens bijeenkomsten op provinciaal en gemeentelijk niveau, herhaaldelijk aangedrongen op verbetering van de salarissen. Het onderwerp kwam ook aan de orde tijdens de vergaderingen die nu in het hele land plaatsvinden om de nieuwe grondwet van de Republiek Cuba te bespreken.

raul-castro-jimenez-INDER-2007

Raúl Castro

Discipline
In zijn toespraak van 26 juli 2007 zei Raúl Castro, toen nog eerste vicepresident en tijdelijk vervanger van de zieke Fidel Castro: ‘We zijn ons er evenzeer van bewust dat, temidden van de extreme objectieve moeilijkheden waarmee we te maken hebben, de lonen nog steeds duidelijk onvoldoende zijn om aan alle behoeften te voldoen. Dat betekent dat het praktisch onmogelijk is om het socialistisch principe te waarborgen dat ieder bijdraagt naar zijn vermogen en verdient vanwege zijn arbeid. Daardoor komt ongedisciplineerd gedrag aan de oppervlakte dat moeilijk uit te roeien is, ook wanneer de objectieve redenen ervan al lang  zijn verdwenen.’ De fundamentele maatregelen die Raúl Castro op 24 februari 2008 aankondigde toen hij werd benoemd tot voorzitter van de Staatsraad en de Raad van Ministers, waren ‘de afschaffing van absurde verboden, de geleidelijke en voorzichtige herwaardering van de peso (de afschaffing van de dubbele munteenheid), het herstel van de koopkracht en van de relatie tussen de inkomsten van iemand en het werk dat men er legaal voor doet. Om traumatische effecten te voorkomen, moet elke wijziging van de dubbele munteenheid gepaard gaan met een integrale aanpak, waarbij onder meer rekening wordt gehouden met het salarissysteem, de prijzen bij de detailhandel, de miljoenen subsidies die er momenteel voor iedere Cubaan bestaan voor ontelbare diensten en producten zoals die worden verstrekt via de rantsoenering of libreta. Gezien de huidige toestand van onze economie zijn deze subsidies irrationeel en onhoudbaar,’ aldus Castro.

Wisselkoersen
Na zoveel jaren, aldus de secretaris-generaal van de CTC, ‘ligt de oplossing in de uitvoering van een algemene hervorming van het salaris, die wordt bepaald door drie variabelen: het oplossen van de monetaire en wisselkoersverschillen, het waarborgen van een basispakket van goederen en diensten, het vaststellen van een minimaal pakket voor het levensonderhoud op basis van een landelijk vastgesteld minimumloon.’ Guilarte deed een beroep op het vertrouwen van de werknemers bij ‘de oplossing van dit probleem, dat voor ons nog steeds een prioriteit is om op de kortst mogelijke termijn op te lossen.’ De mogelijke afschaffing van de dubbele valuta (CUC’s en nationale peso’s) werd al in 2012 aangekondigd bij de presentatie van de Lineamientos of Richtlijnen.  Rodrigo Malmierca, Minister van Buitenlandse Handel en Investeringen, zei eind oktober dat hij denkt dat het binnenkort zal gebeuren, maar dat het besluit is uitgesteld omdat de maatregelen om de negatieve effecten op de economie te verlichten worden geëvalueerd: ‘Ik spreek niet over dit jaar. Het is een complexe kwestie omdat we niets willen doen dat onze bedrijven en de bevolking schade berokkent,’ aldus de minister.

te-koop-se-vende-casaKleine zelfstandigen
De autoriteiten frustreren het werk van de kleine zelfstandigen. Velen van hen behoren tot de honderdduizend arbeiders die bij staatsbedrijven zijn ontslagen. Hun werk als kleine zelfstandigen is een welkome aanvulling op de macro-economie, leidt tot verhoging van de belastingopbrengsten en verhogen daardoor de kwaliteit van het leven van veel Cubanen. De verstrekking van nieuwe vergunningen voor deze succesvolle activiteiten is sinds 2017 afgeremd en de accumulatie van rijkdom is nog steeds verboden. Dit heeft geleid tot het vertrek van ondernemers naar buurlanden waar ze met hun spaargeld nieuwe bedrijven opzetten. Verwacht wordt dat in december de verstrekking van vergunningen voor kleine ondernemers weer wordt hervat. Maar de interesse om een klein bedrijf op te zetten is verminderd door alle geboden en controles, de daling van het aantal toeristen uit de VS en de dwingende overmacht van staatsbedrijven in de toeristensector.

Groei
Het bruto binnenlands product (BBP) groeit in 2018 met 1%, hoewel de doelstellingen van de sectoren toerisme, suiker en mijnbouw niet zullen worden gehaald, aldus Alejandro Gil, hoofd economie en planning, tijdens de vergadering van de Raad van Ministers op 30 oktober, voorgezeten door president Díaz-Canel voordat deze Rusland, China, Noord-Korea, Vietnam en Laos bezocht. In 2019 zal het gebrek aan liquide middelen en de inkrimping van de importen blijven bestaan. Dat kan de industrie treffen met als gevolg tekorten aan grondstoffen en reserveonderdelen, met als gevolg contractbreuk, de onmogelijkheid van extra prestatiebeloningen en het ontslag van werknemers. De loonhervorming zou opnieuw kunnen worden uitgesteld.

Bron

miriam-leiva-achtergrond-havana

Miriam Leiva

Miriam Leiva (1947), website Cubanet, 10 november 2018
Leiva is sinds 1995 onafhankelijk freelance journalist. Vicevoorzitter van het Manuel Márquez Sterling Verband van Journalisten, medeoprichter in maart 2003 van de Damas de Blanco. Daarvoor was zij diplomaat, gastdocent aan het Hoger Instituut voor Internationale Betrekkingen. Ook werkte zij als ambtenaar bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, waar zij in 1992 werd ontslagen. Ze heeft een blog Reconciliacion Cubana.

Pensioenen verhoogd met 1½ dollar per maand

Voor de eerste keer in 10 jaar worden de minimumpensioenen in Cuba verhoogd van 200 nationale peso’s of 7½ dollar naar 242 peso’s of 9 dollar per maand. Ook de maatschappelijke bijstand wordt verhoogd tot 70 nationale peso’s of 3 dollar. De maatregel wordt in november van kracht. Een woordvoerder van het Ministerie van Arbeid en Sociale Zekerheid deelde mee dat de regering werkt aan plannen het salarisgebouw te hervormen waarbij niemand ‘in de kou zal staan’ en zal optreden tegen de kloof die er bestaat tussen de geringe koopkracht en de dure producten op markten.

ouderenmanenvrouwopstraatDe verhoging geldt voor 445.748 gepensioneerden en 157.791 personen met een minimaal inkomen. Ze kost de schatkist 313 miljoen nationale peso’s. De sociologe Elaine Acosta wijst erop dat sinds Raúl Castro in 2011 op het 6e partijcongres zijn zogeheten Richtlijnen of Lineamientos bekend maakte, de subsidies speciaal voor kwetsbare groepen zoals gepensioneerden, zijn afgeschaft. Zo is het aantal producten dat Cubanen op basis van hun libreta/bonnenboekje kunnen krijgen, in de loop van de jaren steeds kleiner  geworden. Acosta, geboren in Cuba maar woonachtig in Miami, denkt dat de Staat de zorg voor ouderen wil overdragen aan de gezinnen die ook niet de middelen hebben om dit probleem op te lossen. ‘Aan de ene kant zeggen de autoriteiten dat zij de problemen van de vergrijzing willen aanpakken en aan de andere kant verdwijnen er subsidies en bezuinigen ze op de sociale bijstand. Dat is een probleem,’ zegt zij. Cuba is het meest vergrijsde land van Latijns-Amerika met 20,1% van de bevolking ouder dan 60 jaar. Samen met het lage geboortecijfer ziet de regering zich geplaatst voor de uitdaging dat een steeds kleiner worden groep werkenden een groeiend aantal gepensioneerden moet ondersteunen.

pensionadaReacties
Guillermina Laso, een oud-medewerkster van een textielfabriek in Cienfuegos, noemt de verhoging ‘een slechte grap’. (…) ‘Na zoveel jaren hard werken voor deze Revolutie, verhogen ze ons pensioen met 42 peso’s. Dat betekent helemaal niets’, protesteert zij. Ángela Iglesias, een gepensioneerde uit Sancti Spíritus, merkt op dat de verhoging nauwelijks genoeg is voor ‘een fles olijfolie en een pakje met 10 worstjes.’ Hoe durven ze deze verhoging bekend te maken alsof die iets is waar we dankbaar voor moeten zijn? Wij hebben jarenlang gewerkt en wat we krijgen is nauwelijks voldoende om van te leven.’ De econoom Carmelo Mesa-Lago heeft berekend dat na het verdwijnen van de subsidies uit de Sovjet Unie de koopkracht van gepensioneerden nu nog geen 16% is van hun koopkracht in 1989. En Elaine Acosta merkt op dat ‘de verhoging van de pensioenen plaatsvindt op een moment dat de inkomensverschillen in Cuba groter worden. In Cuba groeit de kloof tussen degenen die meer verdienen en daardoor makkelijker toegang hebben tot consumptieartikelen en dat deel van de bevolking dat niet kan voorzien in de eerste levensbehoeften.’

Bron
* Website 14ymedio, Mario J. Pentón / Luz Escobar, 31 oktober 2018

Investeerders met durf gezocht

President Díaz-Canel opende maandag jl. de 36e editie van de Internationale Beurs van Havana / Feria Internacional de La Habana (Fihav). Meer dan 60 landen zijn er vertegenwoordigd. Wie zaken doet met Cuba moet echter bereid zijn risico’s te nemen: bureaucratie, wanbetaling en rechtsonzekerheid blijven het land parten spelen bij het aantrekken van buitenlands kapitaal. Een Italiaanse ondernemer zegt: ’Nu is het nog een zeer riskante investering, maar ik hoop dat over vijf jaar alles ten goede is gekeerd.’

Diaz-Canel-Feria-Habana-Fihav-2018

President Díaz-Canel opent de Fihav 2018. De Minister van Buitenlandse Investeringen, Malmierca, staat rechts.

‘Twee-en-half-jaar zijn gepasseerd sinds ik Cuba binnenkwam en ik eindelijk kon starten met mijn werk,’ zegt de investeerder die werkzaam is in de sector schoonmaakartikelen en zaken voor de persoonlijke hygiëne. ‘Dit is geen plek voor mensen die proberen om snel zaken te doen en je moet de officiële taal heel goed beheersen’, zegt hij. Met deze nieuwe Fihav willen de autoriteiten het beeld versterken van een land dat openstaat voor buitenlands kapitaal ondanks het gecompliceerde karakter van de Cubaanse economie die voor de uitdaging staat meer buitenlandse ondernemers naar het eiland te trekken om de liquiditeitscrisis op te lossen. Na de goedkeuring van de Wet op buitenlandse investeringen van 2014 waren ondernemers zeer voorzichtig; van de 2 miljard dollar die de regering elk jaar verwachtte, was eind 2016 slechts 1,3 miljard dollar gerealiseerd. In 2017 kondigden de autoriteiten aan dat ze erin geslaagd waren om in dat fiscale jaar voor 2,3 miljard dollar aan investeringsverdragen te sluiten, maar hierover werden geen details bekend gemaakt.

Bureaucratie
De traagheid bij de goedkeuring van de investeringen belemmert de komst van cash geld. Voeg daarbij de complexe bureaucratie waarbij ‘ambtenaren van de derde of vierde categorie een rol spelen, die niets beslissen, maar veel tijd verspillen’, aldus de Italiaanse zakenman die liever anoniem blijven. De zakenman benadrukt dat de Cubanen nu voor ‘honderdduizend dollars’ bij hem in het krijt staan, maar hij blijft goederen naar Cuba exporteren in de hoop zijn geld terug te krijgen. Hij houdt het oog gericht op de toekomst.

mariel-bootje

De Marielzone en het project ZEDM

Uitverkoop
In een interview met de staatsmedia herhaalde de Cubaanse Minister van Buitenlandse Handel en Buitenlandse Investeringen, Rodrigo Malmierca Díaz, dat ‘de bescherming van de soevereiniteit bij het investeringsbeleid centraal staat. ‘We gaan het land echt niet verkopen. We gaan dit proces ontwikkelen in overeenstemming met onze wetten en ons beleid,’ waarschuwt hij.  Malmierca riep op niet te wanhopen bij de trage resultaten van de Speciale Ontwikkelingszone van Mariel (ZEDM) en wees erop dat dit project ‘is ontworpen voor de lange termijn’ en ‘een project is van 50 jaar ontwikkeling.’ Zijn uitspraken vergrootten de scepsis onder Cubanen, moe van het wachten op een opleving van de economie. De Zona Especial de Desarrollo de Mariel (ZEDM), het paradepaardje van voormalig  president Raúl Castro, heeft niet de verwachte vruchten afgeworpen. Tot nu toe telt het project investeringen uit 15 landen en zijn er 37 bedrijfsplannen goedgekeurd. Toenemende voedseltekorten, stijgende prijzen van landbouwproducten en nieuwe beperkingen voor de particuliere sector maken de interne gang van zaken op het eiland alleen maar moeilijker.

Spanje
Expocuba, in de jaren tachtig opgericht als een etalage voor de nauwe banden met de toenmalige Sovjet-Unie, verwelkomt dit jaar 2.500 zakenlieden uit meer dan 60 landen, inclusief de president Miguel Diaz-Canel. Hij hield de openingstoespraak en sprak er met belangrijke vertegenwoordigers van delegaties zoals de Venezolaanse vicepresident Tareck El Aissami, en Yuri Borisov, vicepremier van de Russische Federatie. Spanje is het land dat het sterkst vertegenwoordigd is met 112 bedrijven, waarvan 63 in het officiële paviljoen en 29 in het paviljoen van Baskenland. Ook de pasbenoemde ambassadeur van Spanje, Juan Fernández Trigo, was aanwezig. Binnenkort komt de Spaanse president, Pedro Sánchez, naar het eiland voor een officieel bezoek.

grafiek-exportten-cuba-2011-2017

De waarde van de Cubaanse export tussen 2011 en 2017.

Cubaanse economen
De Cubaanse econoom Elías Amor, woonachtig in Spanje, is kritisch over de Fihav. ‘Als de Cubaanse economie meer wil uitvoeren, moet je de beurzen en feesten vergeten en je toeleggen op het verhogen van de productie,’ zegt hij op zijn weblog Cubaeconomía.
Elías Amor adviseert ‘beter te produceren en ook dat wat wordt geproduceerd te verkopen, de werkende bevolking te kwalificeren, nieuwe technologieën in te voeren en de zaken goed te doen en niet goedkoop’. Volgens deze specialist moet het eiland ‘de export van producten doen stijgen, wil het de grote schuldenlast op buitenlandse rekeningen corrigeren’, maar sinds 2011 is de export alleen maar gedaald en wel met 59%. Het kolossale socialistisch staatsapparaat domineert nog steeds de economie en het bestaan van twee munten schrikt veel geïnteresseerde investeerders af. Cuba is bovendien een slechte betaler van goederen en diensten uit het buitenland en buitenlandse investeerders voelen zich op het eiland onvoldoende juridisch beschermd. Voor de econoom Omar Everleny Pérez is een flexibelere wetgeving tegenover buitenlands kapitaal niet voldoende, maar is er een nieuwe mentaliteit nodig bij hen die beslissingen nemen over de economie zodat Cuba zich kan voegen in de internationale netwerken voor commercie en investeringen.

Ingezetenen
De Fihav vindt plaats tegen de achtergrond van debatten in wijken en bedrijven over de tekst van een nieuwe grondwet. Een van de hot items is het recht van Cubaanse ingezetenen om in het eigen land te kunnen investeren zoals buitenlandse bedrijven dat nu ook kunnen doen. Cubanen in en buiten het land zouden willen investeren in de industrie, het toerisme en de toeristensector.

Bron
* Website 14ymedio, 30 oktober 2018

Link

* Interview (Spaanstalig) met Rodrigo Malmierca, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkeling, website Cubadebate 28 oktober 2018

Kleine ondernemers onttrekken 2,3 miljard dollar aan economie Cuba

De nieuwe sector van kleine ondernemers in Cuba exporteerde in 2017 voor 2,39 miljard dollar naar het buitenland. Deze kapitaalvlucht kan enkel worden tegengegaan door ‘een radicale mentaliteitsverandering en wetgeving die de ontwikkeling van een particuliere sector binnen Cuba mogelijk maakt en stimuleert’, aldus een woordvoerder van de Havana Consulting Group. Cuba telt op dit moment 556.064 kleine zelfstandigen of cuentapropistas. Het bedrag van 2,39 miljard dollar is negen keer het bedrag aan buitenlands kapitaal dat in de Speciale Ontwikkelingszone van Mariel (ZDEM) wordt geïnvesteerd.

cuentapropista-markt-

Markt van cuentapropistas

Het bedrag is gelijk aan het bedrag dat volgens de Cubaanse autoriteiten nodig is om de economie van het eiland te doen opleven. Volgens de Havana Consulting Group wordt de kapitaalvlucht veroorzaakt door het ‘gebrek aan mogelijkheden’ dat zelfstandigen hebben om ‘te investeren en hun bedrijf uit te breiden’ op het eiland. Enkele oorzaken van dit fenomeen zijn het ‘ontbreken van vrij ondernemerschap, de niet-erkenning van privé-eigendom, het bestaan van de staatsmonopolies in de afgelopen 60 jaar en het gebrek aan mogelijkheden om te investeren en goederen op de markt te brengen’, aldus de Cubaanse econoom Emilio Morales, directeur van het adviesbureau.

Wetgeving
In het artikel klaagt Morales de recente wetgeving aan die de Cubaanse regering aankondigde om de prestaties van zelfstandigen te reguleren. Deze maatregelen zullen wanneer ze worden ingevoerd, ‘de emigratie van ondernemers en de vlucht van kapitaal naar andere markten’ versterken. Een opvallend feit is dat veel van deze Cubaanse zelfstandigen ingezetenen worden van de VS, Panama, Dominicaanse Republiek, Ecuador of Spanje, waardoor ze in staat zijn op een wettige basis een bedrijf te vestigen en over een bankrekening en startkredieten kunnen beschikken.

Geen stimulans
Na acht jaar van ‘economische hervormingen’, zegt Morales dat de effecten ervan onduidelijk zijn. ‘Het model gaat niet vooruit’, ondanks de ‘economische boom’ die de dooi in de betrekkingen met de Verenigde Staten korte tijd veroorzaakte. Volgens Morales is er ‘geen enkele maatregel ingevoerd om zelfstandige arbeid te reguleren die de particuliere sector stimuleert. Het tegendeel is waar.’

Bron
* Website 14ymedio, 23 oktober 2018

Lage salarissen jaagt arbeiders naar particulier bedrijfsleven

De secretaris-generaal van de Cubaanse staatsvakcentrale CTC meent dat de lage lonen in Cuba leiden tot een vlucht van arbeiders naar de niet-statelijke sector. Ulises Guilarte gaf toe dat het gemiddelde salaris onvoldoende is vergeleken met de hoge prijzen voor voeding- en dagelijks gebruiksartikelen. Ulises Guilarte sprak tijdens een provinciale bijeenkomst van de Central de Trabajadores de Cuba (CTC) in Santiago. In januari 2019 vindt het CTC-congres plaats. Hij benadrukte dat de lage salarissen bij staatsbedrijven de belangrijkste zorg van de werknemers van het eiland zijn en pleitte voor een salarishervorming in plaats van ‘de lapmiddelen’ die tot nu toe worden toegepast, aldus de Cubaanse staatsmedia. (Zie website Cubadebate)

ulises-guilarte-ctc

Ulises Guilarte

Het gemiddelde salaris voor een baan bij de overheid, de sector waar de meerderheid van de actieve bevolking in de planeconomie van het eiland werkzaam is, is nauwelijks 30 dollar per maand. Dat loon is volstrekt ontoereikend vergeleken met de hoge prijzen van levensmiddelen op markten. De prijzen in de detailhandel worden, volgens de vakbondsleider ook door de staat gecontroleerd. Voor Guilarte ligt de oplossing van het probleem in ‘de goedkeuring van een algemene hervorming van de salarissen’. Hij wil ook een einde maken aan het beleid van ‘lapmiddelen’ die de problematiek enkel complexer maken en tot problemen leiden in weer andere sectoren van de economie. Ulises Guilarte vroeg de werknemers om ‘nog wat langer weerstand te bieden om dit probleem op te lossen’. (…) ‘We lossen dit probleem niet op door meer papiergeld te geven aan de arbeiders. Als we dit onmiddellijk zouden doen, raken de goederen en diensten op de markt op en stijgen de prijzen weer. Met andere woorden, je hebt dan wel meer geld in handen maar de koopkracht blijft hetzelfde,’ aldus Guilarte.

Pakket primaire levensbehoeften
De door Guilarte voorgestelde loonhervorming wordt volgens hem bepaald door drie variabelen: de monetaire eenmaking van de twee bestaande valuta in Cuba, waarborgen voor een ‘basispakket van primaire levensbehoeften’ door subsidies ‘op mensen en niet op producten’ en ‘de vaststelling van een minimumloon in het land’ op basis van een ‘minimum pakket van primaire levensbehoeften.’ Hij wees er ook op dat ontoereikende lonen een negatieve invloed hebben op de samenleving, aangezien de meest gekwalificeerde werknemers ‘naar de opkomende en niet-statelijke sectoren’ (vooral het toerisme) vertrekken, terwijl anderen te lijden hebben onder ‘demotivatie’ en ‘werkapathie.’ Om deze reden vroeg hij de werknemers om ‘zich nog iets langer in te zetten om dit probleem uit de wereld te helpen’. Hij verwees ook naar de 1,7 miljoen gepensioneerden in Cuba met een gemiddeld pensioen van 280 peso’s per maand (11,2 dollar), ‘een bedrag dat met de achtergrond van de productprijzen op markten en winkels geen oplossing biedt’.

ctc-provinciale-conferentie-oktober2018

De provinciale conferentie van de CTC in Santiago de Cuba. Bijeenkomsten in andere provincies volgen. In januari 2019 vindt dan het 21ste congres van deze staatsorganisatie plaats.

Libreta
Afgelopen augustus erkende de Cubaanse president Miguel Díaz-Canel zelf dat ‘ontoereikende lonen’ een van de belangrijkste oorzaken van ‘de ontevredenheid van werknemers’ is. Het probleem voor Cubaanse werknemers om te overleven met een klein salaris van de staat ondanks de steeds stijgende prijzen van de primaire levensbehoeften – waarvan de meesten worden geïmporteerd – is een terugkerend thema tijdens de debatten over de hervorming van de grondwet die in februari 2019 via een referendum aan de Cubanen wordt voorgelegd. Gezondheid en onderwijs zijn algemeen toegankelijk en gratis in het land en via de libreta of bonnenboekje krijgen de Cubaanse burgers wat basisvoedsel van de staat. Deze vorm van rantsoenering voorzag tientallen jaren in de behoeften van de bevolking en zo kregen de Cubanen via de libreta ook ondergoed, schoenen en kinderspeelgoed. Maar het aantal producten verkrijgbaar via de libreta is door de jaren heen sterk verminderd.

Bron
* Het Spaanse persbureau EFE, 22 oktober 2018

Gesjoemel met gewicht bevroren kip (deel 1)

Vijf uur lang stond hij in de rij, maar kwam toch opgewekt weer thuis met een doos bevroren kippendijen, gekocht in het winkelcentrum Plaza Carlos III in Havana. Toen hij de doos opende, bleken er 6 stukken kip te ontbreken. De gaten waren opgevuld met stukken ijs. Zo bleef het gewicht op de verpakking hetzelfde

kip-aanbieding

Speciale aanbieding: dozen kip met 6% korting

Het gewicht van een product vervalsen is een gangbare praktijk, vooral bij winkels die de convertibele peso of CUC gebruiken. De commercialisering van de groothandel heeft dit verergerd. Voedsel wordt dan makkelijk vervangen dooor ijs, karton of plastic tot ergernis van de bedrogen klanten die teveel betalen. Deze maandag protesteerden minstens vier klanten tegen de diefstal van stukken kip, hoewel de dozen die de slagerij op de benedenverdieping van Plaza de Carlos III verkoopt, zijn dichtgeplakt. Het advies luidt: het pakket te wegen ‘voor men de zaak verlaat’, maar dat voorkomt geen fraude. ‘Het heeft geen zin om het gewicht te controleren omdat de stukken ijs er dan al in zijn gestopt en het gewicht op de doos hetzelfde is als op de weegschaal,’ klaagt Omara, een 47-jarige inwoner van Havana, die beweert minstens acht kippendijen te missen uit een doos die ze hier kocht. ‘Het gebeurt niet alleen hier, het gebeurt overal”, verzekert ze. ‘Ze vervalsen schoonmaakmiddelen door deze met water aan te lengen. Er zullen nog detectiepoortjes nodig zijn om te kunnen zien of er kip wordt gemist’, zegt Omara die vertelt dat dergelijke vervalsingen ook voorkomen bij producten die gekocht worden via internet bij Cubaanse emigranten. De afnemende economische steun van Venezuela heeft de tekorten vergroot en sommige voedingsmiddelen zijn uit de winkelschappen verdwenen of ontbreken vaak.

Personeel
‘Op de dozen staat het gewicht van de dozen met kip. Wij hebben geen tijd om de inhoud te veranderen want zodra de kip per vrachtwagen wordt aangevoerd is het voedsel al verkocht. De kip wordt nooit opgeslagen, maar direct verkocht omdat er zoveel vraag naar is’, zegt een medewerker van het winkelcentrum die vraagt anoniem te blijven. ‘Als de klant inhoud mist, dan is de kip niet hier in het winkelcentrum achterovergedrukt’. Hij geeft de schuld aan de distributiemagazijnen en mogelijk de diefstal in de haven. ‘Iedereen geeft ons de schuld, maar het probleem raakt ook ons want wij moeten naar de klachten en de beschuldigingen luisteren’, legt hij uit.

Bron
* Marcelo Hernández, website 14ymedio, 2 oktober 2018