Het netwerk dat de Castro’s weefden (deel 2)

Het schaakbord is sinds 2006 steeds aan veranderingen onderhevig, het jaar waarin Fidel Castro aftrad vanwege ziekte en Raúl Castro tot 2008 tijdelijk de macht overnam. De laatste introduceerde economische veranderingen gebaseerd op zijn ervaringen met ondernemerschap van het leger. Dat voegde nieuwe elementen toe aan de machtscirkels aan de top, maar er kwamen ook oude gezichten voor terug. Raúl Castro had sinds de affaire Ochoa zijn invloed al uitgebreid van het leger naar het Ministerie van Binnenlandse Zaken. De zuiveringen daar hadden geleid tot lege plaatsen die Raúl Castro opvulde met hoge legerfunctionarissen. Dat bood hem de kans om tussen 2006 en 2008 praktische het apparaat van steun aan zijn broer te vernietigen. Niet alleen verdween de zogeheten Grupo de Apoyo del Comandante en Jefe / Steungroep ter Ondersteuning van de Opperbevelhebber. Maar ook José Luis Rodríguez García, Minister van Economische Zaken en Planning, verdween van het toneel en werd vervangen door Marino Murillo Jorge, de zogenaamde Tsaar van de hervormingen, voorheen minister van Economie en Binnenlandse Handel.

Otto-Rivero-Torres-Fidel-Castro

Otto Rivero

Maar er verdwijnen ook andere spelers zoals Otto Rivero, voorman van de massale mobilisatiecampagne Batalla de Ideas / Ideeenstrijd. Rivero kon daarbij rekenen op volledige steun van Fidel Castro die alle middelen vrijmaakte voor deze campagne. Rivero werd echter beschuldigd van ‘gebrek aan loyaliteit’ en verdween van het politiek toneel, slachtoffer van de machtstrijd in het regeringsapparaat en de Cubaanse Communistische Partij , die daarmee aan het licht kwam.

bezoek-obama-Col. Alejandro Castro21032016

Alejandro Castro Espín begroet president Obama tijdens zijn bezoek aan Cuba in maart 2016

Economische veranderingen
Van de veranderingen die door Raúl Castro zijn doorgevoerd, waren velen gericht op de ontwikkeling van een ander economisch model. Het stond diametraal tegenover het economisch model van zijn broer en sloot aan bij economische experimenten van de strijdkrachten, gecentreerd in de GAESA-groep onder leiding van Alejandro Castro Espín die tevoren chef was van Departement 50 van het Ministerie van Binnenlandse Zaken (MININT), belast met corruptiezaken en economische delicten. Het was zowel een strategische als riskante positie die hem in de gelegenheid stelde alle vertrouwelijke dossiers over de belangrijke spelers in politiek en economie in Cuba te kunnen raadplegen.

bandera-wegwijzer-vs-cubaEchte macht
Tegen deze achtergrond kunnen we ook de benoeming tot Minister van Defensie van divisiegeneraal Julio Casas Regueiro zien. Die ging gepaard met een verdere onderwerping van staatsinstellingen en een hoofdrol voor het huidige Departement van Defensie en Nationale Veiligheid met een vertegenwoordiger in elk ministerie die boven de minister staat. Dat is een controlestructuur die niet bestond tijdens de regering van Fidel Castro en die vanaf 2011 steeds zichtbaarder wordt als de eerste stappen naar normalisatie van de betrekkingen met de Verenigde Staten gezet worden. Bedenk dat Alejandro Castro Espín in november 2012 in een interview in Rusia Today al de vrijheid neemt te spreken over de mogelijkheid van een dialoog met de Verenigde Staten. In zijn eigen woorden, een dialoog ‘die er zal komen’. Het is ook een interview waarin hij, met verwijzing naar de Verenigde Staten,  een machtsschema lijkt te beschrijven dat zich al in Cuba aan het vormen was: ‘Besluiten komen van ver, van de mensen die uiteindelijk de echte macht in de VS bezitten. Dat wil zeggen, de politieke klasse en de klasse van de ondernemers zijn degenen die werkelijk de capaciteit tot beslissen hebben, uitgaande van hun economische macht,’ zegt Castro Espín.

Bron
* Publicatie van onderzoeksjournalist Ulises Fernández. Op de website Cubanet, 2 januari 2018

Link
Zie ook op deze Cubaweblog, 6 maart 2017: Hoe Fidel’s kroonprins Otto Rivero in ongenade viel, 6 maart 2017

Advertenties

Cuba’s communistische partij erkent ‘fouten en vertragingen’

Het Centraal Comité van de Cubaanse Communistische Partij geeft fouten toe en constateert traagheid van de hervormingen. Het Centraal Comité was twee dagen voltallig bijeen onder leiding van president Castro. Het benadrukte door te zullen gaan met de modernisering van de geleide economie van het land door meer ruimte te bieden aan de particuliere sector en aan buitenlandse investeringen. Castro (86), die op 19 april terugtreedt als president maar tot 2021 partijsecretaris blijft, zei hierover: ‘Ondanks de fouten en tekortkomingen erkend in deze voltallige vergadering, is de situatie gunstiger dan een paar jaar geleden.’

diaz-canel-raul-castro

Partijsecretaris Raúl Castro en eerste vice-president Diaz-Canel

De hervormingen werden, volgens Marino Murillo, hoofd van de hervormingscommissie van de partij, na afkondiging in 2011 snel ingevoerd. Het aantal zelfstandige ondernemers in Cuba (11,2 miljoen inwoners) is meer dan verdrievoudigd tot ongeveer 580.000 werknemers. Maar de uitvoering is in de laatste twee jaar wegens het complexe proces, fouten bij de controle, een gebrek aan financiële steun en geringe betrokkenheid van de bureaucratie, vertraagd, aldus Murillo. De partij voerde ook zelf doelbewust de hervormingen langzaam uit om ervoor te zorgen dat niemand buiten de boot zou vallen.

Verwachtingen
Het 142 leden tellende Centraal Comité besprak het gebrek aan belastingmoraal in het land en de tekortschietende boekhoudkundige kwaliteiten om serieuze economische analyses te maken, evenals de communicatieproblemen om het proces van hervormingen over te brengen. Vorig jaar bevroor de regering de afgifte van vergunningen voor belangrijke beroepen in de particuliere sector omdat zij wanpraktijken, zoals aankopen op de zwarte markt, wilde uitroeien en de regelgeving wilde verbeteren. Veel Cubanen, die grote verwachtingen hadden van de hervormingen van Castro, voelen zich gefrustreerd door de vertragingen en geloven niet langer dat Havana zich inzet voor de moderniseren van de economie. De regering kondigde eind vorig jaar af dat per persoon nog maar één vergunning voor een particuliere onderneming zou worden verstrekt waardoor de ambities van ondernemers kunnen gefrustreerd raken.

Pleno-CCPCC-enero-de-2016-580x386

Het Centraal Comité bijeen

Groothandel
Toch werd niet ingegaan op belangrijke problemen in de particuliere sector, zoals het ontbreken van een groothandelsmarkt of het ontbreken van de mogelijkheid om te importeren of te exporteren. Havana is de afgelopen jaren ook teruggekomen op hervormingen in de belangrijke agrarische sector waar onvoldoende middelen beschikbaar werden gesteld en centrale prijsvaststelling en distributie werden versterkt.

Bron
* Persbureau Reuters, Sarah Marsh, 27 maart 2018

Link
* Granma, 26 maart 2018 met een analyse van de 5e voltallige vergadering van het Centraal Comité van de PCC over ‘de actualisering van het economisch en sociaal model van Cuba.’

Economische hervormingen leveren weinig op

Vicepresident Marino Murillo, Minister van Economie en Planning, erkende vrijdag jl. dat de uitvoering van de economische hervormingen ‘meer fouten dan verdiensten’ hebben opgeleverd. Murillo, ook wel de ‘tsaar van de hervormingen’ genoemd, leidt de Permanente Commissie voor de uitvoering van de economische hervormingspolitiek. Oorzaken zijn ‘de ontoereikende opleiding’ van de personen die de ‘actualisering van het socialisme’ in de praktijk moeten brengen waardoor de effecten beperkt zijn.

marino_murillo

Marino Murillo, minister van Economie en Planning in Cuba

Sinds de goedkeuring van de eerste hervormingen in 2010 heeft de Cubaanse regering in totaal 100 richtlijnen of Lineamientos uitgevaardigd, die werden begeleid met trainingsprogramma’s voor personen die voor de uitvoering moesten zorgen. ‘Maar de kwaliteit is niet goed’, gaf minister Murillo toe. Hij was van 2014 tot 2016 minister van Economie en staat momenteel aan het hoofd van de Permanente Commissie voor de uitvoering van het nieuwe economische beleid, onder meer belast met het definiëren van het nieuwe Cubaanse socialistisch model. Murillo wees erop dat er op het gebied van human resources training ‘inhoudelijke fouten’ zijn geconstateerd, maar ook bij de selectie van deelnemers. Hij benadrukte het belang van nieuwe seminars om aandacht te schenken aan de nieuwe juridische normen die gelden voor beginnende kleine ondernemingen.

Pijlers
De twee fundamentele pijlers van de hervormingen om het socialisme te actualiseren zijn de nieuwe mogelijkheden voor buitenlandse investeringen en de openstelling van de particuliere sector. Voor de laatste werd een lijst opgesteld met ruim 200 beroepen die zelfstandig (cuentapropismo) mogen worden uitgeoefend. Deze sector omvat nu een half miljoen ondernemers. Maar in augustus stopte de regering met het verlenen van nieuwe vergunningen met name voor restaurants of voor de verhuur van woonruimte aan toeristen. Motief zou het voorkomen van onregelmatigheden zijn. Sindsdien wacht de sector op een nieuwe verordening, die naar verwachting restrictiever zal zijn.

Monetaire eenheid
Als positief effect van de hervormingen benadrukte Murillo dat de relatie tussen de directeuren van staatsbedrijven en de raden van bestuur beter is geworden en dat controle van de budgetten leidt tot “maximaliseren” van de productie. Een van de nog niet uitgevoerde richtlijnen is de monetaire eenmaking, die volgens Murillo een gunstiger klimaat moet scheppen voor staatsbedrijven.

lineanimentos-parlement16122010l

Parlementslid bestudeert Richtlijnen of Lineamientos

Twee munten
In Cuba functioneert de Cubaanse peso (CUP) als nationale munteenheid en de CUC, de convertibele deviezenpeso (de CUC heeft de waarde van één dollar en is 24 CUP’s waard). Deze dubbele munteenheid werd in de jaren negentig van de vorige eeuw ingevoerd, heeft tot ernstige macro-economische problemen geleid en tot twee levensstandaarden. De meeste Cubanen krijgen hun salaris in de nationale munteenheid betaald, CUP’s en kopen daarmee hun basisproducten. Het gemiddelde salaris is ongeveer 672 Cubaanse peso’s, dat is ongeveer 28 dollar. Al sinds 2013 hebben de autoriteiten de eenmaking van de twee munten aangekondigd zonder een precieze datum aan te geven, hoewel het bestaan ervan, volgens verschillende analisten ook een van de belangrijkste obstakels voor buitenlandse investeringen is. In zijn slottoespraak voor de laatste voltallige vergadering van het parlement in december 2017 benadrukte Raúl Castro dat het einde van de dubbele munt ‘niet langer kan worden uitgesteld’ en dat dit het ‘meest beslissende proces’ is om de hervormingen voort te zetten die tijdens zijn ambtstermijn werden ingevoerd.

Bron
* Diverse persbureaus

Raúl Castro bevestigt ‘socialistisch karakter’ Cubaans regime

President Raúl Castro bevestigde donderdag tijdens de zitting van de Nationale Assemblee ‘het socialistisch karakter’ van de revolutie en ‘de rol van de Partij als leidende kracht van samenleving en Staat’. Castro sloot de buitengewone zitting van de assemblee af waar aanvullingen en aanpassingen werden besproken van het zogeheten Conceptualización del modelo económico y social, het economisch ontwikkelingsplan tot 2030 evenals 9 nieuwe Lineamientos / Richtlijnen voor 2016-2021. Deze documenten werden op het 7e partijcongres vorig jaar aangenomen en worden gezien als de leidraad voor de hervormingen die Castro invoerde.

asamblea-nacional-raul-castro-juni2017

Raúl Castro voert het woord in de Asamblea Nacional

Raúl Castro benadrukte ‘het open en democratisch debat’ dat eerder over deze documenten had plaatsgevonden en waar ‘1,6 miljoen Cubanen’ aan deelnamen, de meesten militanten van de communistische partij PCC en de jongerenorganisatie UJC plus de overige massaorganisaties die door de Cubaanse regering worden gecontroleerd. Hij zei dat nu ‘kan worden voortgegaan’ en alles ‘veranderd kan worden wat veranderd moet worden’. Hij voegde er wel aan toe ‘met de snelheid die ruimte biedt voor consensus en het vermogen de zaken goed te doen’ om ‘grote fouten te vermijden’. De Nationale Assemblee is ondergeschikt aan de besluitvorming in de partij. Vicepresident Miguel Díaz-Canel benadrukte dit woensdag toen hij zei dat ‘alles wat hier wordt aangenomen als aanbeveling door de hoogste instanties van de Partij op waarde zal worden geschat.’

Rijkdom
Vicepresident Marino Murillo benadrukte dat ‘de concentratie van eigendom en rijkdom niet zal worden toegestaan’ ook wanneer ‘vormen van particuliere bedrijfsvoering worden ingevoerd.’ Deze cumulatie van rijkdom doet zich bijvoorbeeld voor bij een consortium als Grupo de Administración Empresarial S.A. (GAESA), geleid door het Cubaans leger en door de autoriteiten aangeduid als een staatsbedrijf.

maduro-raul-1mei2015

Presidenten Nicolás Maduro en Raúl Castro

Unanieme steun
Ook dit keer ging de Nationale Assemblee unaniem akkoord met alle voorstellen die de leiders voorlegden. Unaniem was ook de solidariteitsverklaring met de Venezolaanse bondgenoot Nicolás Maduro. Raúl Castro riep op ‘de agressie aan te klagen en tegen te houden waaronder ons broedervolk lijdt.’ (…) ‘Imperialistische belangen willen het recht op zelfbeschikking van dit volk ontnemen.’ De schuld voor de ruim 60 doden en vele gewonden in de straten van Caracas legde Raúl Castro bij de protesterende Venezolanen ‘die uit zijn op een staatsgreep’ en hij verwees naar ‘beelden van neergestoken jongeren en zij die levend werden verbrand.’ Ook sprak het parlement zijn steun uit aan de afgezette Braziliaanse president Dilma Rouseff, de Partido de los Trabajadores en de ‘historische leider’ Luiz Inacio Lula Da Silva. Zij worden beschuldigd van corruptie en financiële manipulatie; Raúl Castro noemde hen slachtoffers van ‘vervolging’. In juli aanstaande komt de Asamblea Nacional del Poder Popular opnieuw bijeen.

Noten
* Gesproken tekst plus video van interventie van Raul Castro op 1 juni 2017
* De teksten van de resoluties over de twee partijdocumenten: Conceptualización del Modelo Económico y Social Cubano de Desarrollo Socialista en het Plan Nacional de Desarrollo Económico y Social hasta 2030 Conceptualización-Modelo-Economico-Social-Cubano-Desarrollo-Socialista.pdf

Waarom buitenlandse investeringen in Cuba niet functioneren?

In 2007 – nadat de Revolutie 48 jaar aan de macht was –  waren door inefficiëntie de stukken land in handen van de staat, veranderd in velden waar de marabu of het oprukkend onkruid, welig tierde. Ondertussen stegen de voedselprijzen op de wereldmarkt. President Raúl Castro stelde toen voor ‘alles te veranderen dat veranderd moest worden.’ Vijf jaar later, in mei 2013 erkende de vicepresident van de Staatsraad, Marino Murillo Jorge dat ‘de maatregelen die tientallen jaren waren getroffen bij de bewerking van de grond, niet hadden geleid tot de noodzakelijke stijging van de productie.’ In het volgende artikel beantwoordt de onafhankelijke publicist Dimas Castellanos de vraag waarom buitenlandse investeringen in Cuba niet functioneren.

computerfabriek-diaz-canel

Vice-president Diaz Canel (blauw overhemd) bezoekt een fabriek waar computers worden geproduceerd.

Die inefficiëntie wordt zichtbaar in het Bruto Intern Product, dat de afgelopen jaren daalde tot 1% in het eerste kwartaal van 2016 en aan het einde van dat jaar tot 0,9%. Dat wil zeggen dat Cuba 2017 binnengaat in recessie en met een negatieve groei. Het is daarom noodzakelijk de behoefte aan buitenlandse investeringen hoog op de agenda te zetten. Geen land kan daaraan ontsnappen, zeker een onderontwikkeld land dat in een staat van crisis verkeert. In 1982 kwam het Decreet Wet nr. 50 / Decreto-Ley No. 50 voor buitenlandse investeringen uit, op een moment dat de torenhoge subsidies vanuit de Sovjet Unie nog maakten dat Cuba zich een vijandige houding tegenover investeerders uit andere delen van de wereld kon permitteren. De klap kwam met het verdwijnen van de Sovjet Unie in de jaren negentig. Toen werd in 1995 Wet 77 gepresenteerd vol inperkingen, het ontbreken van garanties en een slechte houding tegenover investeerders. Daarom verlieten meer dan de helft van de 400 joint ventures (bedrijven met aandelen van de Cubaans staat en buitenlandse investeerders, redactie) in 2002 het land weer. Tot maart 2014 moest worden gewacht tot deze wet werd vervangen door Wet 118 op de Buitenlandse Investeringen. Die wet moest de desinteresse bij investeerders wegnemen en was o.a. gericht op het aantrekken van buitenlandse investeringen voor de vrijhaven en containerhaven van Mariel. Maar hoewel Ley 118 flexibeler is dan zijn voorgangers, blijven spectaculaire resultaten uit. Volgens de Cubaanse autoriteiten zelf heeft het land een groei nodig van het Bruto Intern Product van 5 tot 7%. Om die te bereiken is een groei van de investeringen nodig met 25%, dat betekent een jaarlijkse omvang ter waarde van tussen de 2 en 2½ miljard dollar.

cuentapropista-brood-straat

Ruim 200 beroepen kunnen in Cuba als kleine zelfstandige worden uitgeoefend zoals hier de verkoop van brood op straat.

Obstakels
De enige manier om dit doel in de huidige omstandigheden te bereiken, is de invoering van de volgende maatregelen:
1- Cubanen zowel op het eiland als daarbuiten in staat stellen op te treden als investeerders.
2- Erkenning van de maatschappelijke rol van eigendom en particulier bezit. Het concept verwerpen waarbij het juridische of natuurlijke personen niet is toegestaan eigendommen te vergaren. Daardoor wordt belemmerd dat de Cubaanse burger een zelfstandige speler wordt in economische processen.
3- Cubanen toestaan elke particuliere activiteit (in de productie- en de dienstensector) te beoefenen en deze juridisch te erkennen.
4- Investeerders wettige garanties bieden waardoor bij een conflict of dispuut met de Cubaanse communistische partij een gerechtelijke instantie optreedt die niet onderworpen is aan de Partij of de Staat. Nu treedt de regering zowel als rechter als als partij op.
5- In volle vrijheid personeel kunnen aanstellen.
6- Een einde maken aan het duale monetaire systeem en de verschillen in de wisselkoersen. Dat is een voorwaarde voor het functioneren van een interne markt die investeringen stimuleert.
7- Erkenning van het recht op vereniging waardoor lid worden van en het oprichten van vakbonden mogelijke wordt. Dit is een principe neergelegd in Conventie 87 van de Internationale Organisatie van de Arbeid (ILO) en door Cuba onderschreven. Dit principe wordt ook erkend in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, waar Cuba bij de totstandkoming ervan in 1948 een vooraanstaande rol speelde en de beide internationale VN-pacten voor burger- en politiek rechten en de economische, sociale en culturele rechten, door Cuba ondertekend maar nooit geratificeerd. Dit zijn de obstakels – de historische botsingen met investeerders, de schulden aan crediteuren – en die  vormen de hoofdoorzaak van de geringe buitenlandse investeringen en niet het Amerikaans embargo, inmiddels versoepeld door president Barack Obama.

ricardo-cabrisas-ruiz

De Cubaanse minister van Economie en Planing, Ricardo Cabrisas

De Minister van Economie en Planning, Ricardo Cabrisas, stelde op 27 december tijdens de zitting van het Cubaans parlement: ‘De buitenlandse investeringen blijven zeer laag. We zijn er niet in geslaagd dat deze een fundamentele rol spelen bij de economische ontwikkeling.’ En de voorzitter van de Staatsraad, Raúl Castro, legde uit: ‘Het is van groot belang de dynamiek van de buitenlandse investeringen te vergroten……Het is van belang eens en voor altijd de verouderde mentaliteit te overwinnen vol vooroordelen tegen de buitenlandse investeringen. Wij moeten afzien van de valse angsten voor buitenlands kapitaal.’

investeringen1397761392_ley_inversion_extranjeraNieuwe investeringswet
Wanneer de economische stagnatie slechts een halt kan worden toegeroepen door een sterke kapitaalinjectie en de uitspraak van Raúl Castro ‘dat alles veranderd moet worden dat veranderd kan worden’ meer is als retoriek, dan moet er een nieuwe wet komen of de huidige moet diepgaand worden aangepast, waarin het voorvoegsel ‘buitenlands’ verdwijnt en er vanaf heden gewoon gesproken wordt over de Wet op de Investeringen. Cuba is het enige landen in de regio waar de burgers geen recht hebben als zelfstandige individuen aan het economisch proces deel te nemen ondanks allerlei initiatieven en professionele scholing. Wanneer dit niet wordt gecorrigeerd is er sprake van een ontkenning van onze economische geschiedenis, de sociale strijd en het concept ontwikkeld door José Marti over de Republiek: ‘een staat met gelijke rechten voor iedereen in Cuba geboren waarvan velen kleine ondernemers.’ Dit verbod is schadelijk voor de natie maar ook in strijd met de huidige grondwet waarvan artikel 14 luidt: ‘de economie is gebaseerd op het socialistisch eigendom van heel het volk over de fundamentele productiemiddelen’. Tot nu toe is de bevolking uitgesloten om te participeren in het proces van investeringen en dat staat haaks op onze wet en de Westerse cultuur waar we deel van uitmaken. Een nieuwe Wet op de Investeringen zonder voorzetsel kan een belangrijk signaal zijn voor te verwachten veranderingen. Het bewijs dat, hoewel met enige vertraging, de regering bereid is ‘alles te veranderen, dat veranderd moet worden.’

Bron
* Publicist en historicus Dimas Castellanos op de website van Diario de Cuba, 10 januari 2017

Cubaanse Minister van Economische Zaken vervangen

De Cubaanse Minister van Economische Zaken, Marino Murillo (54),  is op last van president Raúl Castro vervangen door de 79-jarige Ricardo Cabrisas, vicevoorzitter van de ministerraad. Murillo maakte vorige week bekend dat de economische groei in Cuba in de eerste helft van 2016 was afgenomen van 4,7% tot 1 % als gevolg van de crisis in buurland Venezuela, de belangrijkste olieleverancier van Cuba. Hij zei voor de tweede helft van 2016 te streven naar 28% energiebesparingen in heel het land.

dollar-che-guevaraVolgens het Spaanse dagblad El Pais is het moeilijk de betekenis van de kabinetswijzigingen van de afgelopen weken te duiden; vorige week werd al de Minister van Cultuur, Julián González, vervangen door Raúl’s adviseur, Abel Prieto en ook de minister van Hoger Onderwijs, Rodolfo Alarcón, is sinds woensdag jl. vervangen door José Saborido. Murillo werd beschouwd, samen met vicepresident Miguel Díaz-Canel (56), als  een van de belangrijkste architecten van de hervormingen die president Raúl Castro sinds 2008 tracht in te voeren. Die plannen behelzen o.a. een grotere liberalisering van de economie (meer buitenlandse investeringen, de ontwikkeling van een gemengde binnenlandse economie) die een einde moet maken aan de onderontwikkeling van het land en de stagnerende economie.

Richtlijnen
Murillo was tussen 2009 en 2011 al eens Minister van Economische Zaken en vanaf 2014 opnieuw. Hij was de belangrijkste pleitbezorger van de zogeheten Lineamientos del Partido Comunista de Cuba / De Richtlijnen van de Cubaanse Communistische Partij, die in 2011 werden aangenomen en waarop het nieuwe economische model is gebaseerd. Volgens de officiële bekendmaking zal hij bij de realisering van deze plannen een rol blijven spelen en blijft Murillo vice-voorzitter van de Raad van Ministers.

cabrisas-ricardo-min-econom-juli2016

De nieuwe Minister van Economische Zaken, Ricardo Cabrisas

Verontrustend
De daling van het Bruto Intern Product van 4,7% in 2015 tot 1 % in 2016 in de eerste helft van dit jaar deel heeft geleid tot bezuinigingsmaatregelen die tijdens de bijeenkomst van de Nationale Assemblee aan de orde werden gesteld. De Cubaanse economie lijdt ook door de daling van de wereldmarktprijzen van grondstoffen zoals suiker en nikkel. De opbrengsten uit het sterk groeiende toerisme en het overmaken van steeds meer deviezen van Cubaanse-Amerikanen lossen dit probleem niet op. Murillo liet de parlementsleden weten naast een bezuiniging op het energiegebruik ook betalingen in buitenlandse deviezen te willen beperken. Murillo: ‘Wij hebben geen liquide middelen en de oplossing kan niet zijn nog meer op krediet te kopen’, omdat daardoor Cuba’s schuldenlast nog meer zal toenemen.

Bron
* El Pais, 15 juli 2016

Link
* Op de kritische website 14ymedio stelt Reinaldo Escobar zich de vraag of  Murillo in ongenade is gevallen of uit de wind wordt gehouden.

Proces buitenlandse investeringen verloopt traag

Volgens de Cubaanse econoom en publicist Orlando Freire Santana gaat het niet goed met de buitenlandse investeringen in Cuba. Hij trekt die conclusie nadat het Cubaanse parlement in december bijeenkwam en in de besloten werkgroepen feiten naar buiten kwamen ‘die zelfs triomfalistische kringen niet konden verbergen; de buitenlandse investeringen in Cuba verlopen traag nadat anderhalf jaar geleden de Wet 118 ter bevordering van dit proces was aangenomen.’ Santana publiceerde zijn artikel op de website Diario de Cuba 

schaduweconomieCuba_The_Secret_Economy3

Vooral de schaduweconomie groeit in Cuba. Robert, die zijn achternaam niet wil geven, vult hier flessen met een thuis gemaakte frisdrank.

Enkele afgevaardigden wilden slechts de minst sombere feiten noemen en verwezen naar de 37 projecten die wél werden geregeld onder de nieuwe wetgeving. Zes van deze projecten zijn gevestigd in de speciale ontwikkelingszone Mariel. Op dezelfde wijze probeerden zij optimistisch gestemd te blijven over de tweede versie van de portefeuille met mogelijkheden tot investeringen, die in oktober werd gepresenteerd. Directieleden van het Ministerie van Buitenlandse Handel en Buitenlandse Investeringen (MINCEX) bleven in hun opmerkingen meer met de voeten op de grond. Directeur-generaal Deborah Rivas Saavedra verzekerde dat men scholingsactiviteiten en technische adviezen had verstrekt aan onderhandelaars en ondernemers ter wille van de concretisering van de projecten, maar dat zij moest erkennen dat ‘het aantal projecten in verhouding met de periode die verlopen is met de aanname van de nieuwe wetgeving, gering is.’

Directeur-generaal Deborah  Rivas Saavedra  in gezelschap van de Engelse ambassadeur in Cuba

Directeur-generaal Deborah Rivas Saavedra in gezelschap van de Engelse ambassadeur in Cuba

Terug naar het verleden
Minister Rodrigo Malmierca wees op zijn beurt op ‘de mentale blokkade, het gebrek aan voorbereiding en de uiterste behoedzaamheid die verhinderen dat goede resultaten worden bereikt.’ Deze woorden van het hoofd van MINCEX onthullen het bestaan van een stroming van de harde lijn binnen de Nomenklatura van Raúl Castro, de ideologische Taliban die het binnenhalen van buitenlands kapitaal beschouwt als ‘terugkeer naar het verleden.’

Vertrouwen ontbreekt
Er is nog een element waardoor buitenlandse investeringen worden verhinderd en dat heeft te maken met de interne ontwikkelingen in Cuba zelf. Het betreft het gebrek aan vertrouwen bij potentiële investeerders uit het buitenland. En dat is logisch want niemand wil dat zijn geld gevaar loopt omdat het in het ontvangende land ontbreekt aan een helder geformuleerd concept van het economische model dat men voor ogen heeft. Zo heerst onzekerheid over wat morgen kan gebeuren in een land waar de autoriteiten zelf inbreuk kunnen maken op de wetten. Een voorbeeld van de onrust waar de Cubanen mee te maken hebben – en die logischerwijs ook hen bevangt die willen investeren – zijn de herhaalde en groeiende geruchten over het uiteindelijke einde van de dubbele munteenheid in het land, namelijk de CUC en de CUP. Die onzekerheid leidde er toe dat ontelbare Cubanen naar de CADECA-wisselkantoren renden om hun convertibele peso’s (CUC) in te wisselen voor nationale peso’s (CUP), de munt die volgens de geruchtenstroom uiteindelijk zal overleven. Tijdens de zitting van het parlement op 29 december werd door geen enkele afgevaardigde over dit thema gerept en ook de president zweeg er in zijn toespraak over.

cadecakantoor2

Wisselkantoor in Havana

Traagheid
Het trage verloop van het proces van buitenlandse investeringen is ongetwijfeld slecht nieuws voor de castristische machthebbers. De parlementariërs benadrukten tijdens debatten dat buitenlandse investeringen een fundamentele basis zijn voor de ontwikkeling van de nationale economie. Investeringen die, aldus de regering, aan drie sectoren ten goede moeten komen, namelijk het toerisme, de olie en de agro-voedselsector. Daarom drongen zowel de Minister van Economische Zaken, Marino Murillo, als Raúl Castro aan op de noodzaak tot besparingen op energie tegen de achtergrond van de veranderingen op internationaal niveau. Zelf sprak de president bij de sluiting van deze parlementszitting over de gevolgen ontstaan door de veranderingen in de relatie tussen Cuba en de Venezuela in 2015 (de nederlaag van Cuba’s bondgenoot president Maduro en zijn partij, red.)  Duidelijk is dat het castrisme buitengewoon verontrust is over de mogelijkheid te overleven zonder zijn belangrijkste externe steunpilaar.

Linken naar eerdere berichten over dit thema op deze Cubaweblog
* Havana, buitenlandse investeerders gezocht, 28 januari 2014
* Unanieme steun voor investeringswet van buitenlands kapitaal, 29 maart 2014
* Buitenlandse investeerders blijven voorzichtig en kritisch, 22 augustus 2014